Boven op de berg daar woont Sinterklaas helemaal niet. Al zou je het haast denken. Het is heel warm, de appeltjes van oranje hangen bij de alom bekende schoorsteen, maar geen Sinterklaas te bekennen hoor. Samen met mevrouw Sprakeloos woon ik hier de komende vijf dagen. Geweldig. Een huisje met alle moderne voorzieningen die een mens nodig denkt te hebben bij de hand, geen buren op gehoorsafstand en slechts de honden die met elkaar door de bergen heen communiceren. En uiteraard de vogels, insecten en kikkers. Ik ben benieuwd wat we de komende uren nog aan ‘wilde dieren’ zullen tegenkomen. Naast de noodzakelijke hedendaagse voorzieningen om een flauw stukje te schrijven, voor het optimale Sinterklaasgevoel ook de appeltjes van oranje en een heuse schoorsteen dus.
Ik ben hier net en ik wil nu al niet meer weg, ik heb mijn stek gevonden. En als Sinterklaas onverhoeds toch langskomt, Spanje is immers niet zo ver weg, is hij van harte welkom. Het huis heeft nog een tweede slaapkamer met twee bedden. Dus zijn, dinges die geen knecht meer genoemd mag worden en zeker niet zwart is, maar alle kleuren kan zijn, in Portugal bijvoorbeeld blauw naar de luchten, al mag die ook hier best rood, oranje of gevlekt zijn……. nu, die medereiziger van Sinterklaas is ook gewoon welkom. Wordt vast gezellig en ze kunnen me waarschuwen als het te gezellig wordt op de berg en mijn nek echt begint te schroeien en toch zwart wordt, want dan heeft Sinterklaas toch weer een zwarte metgezel voor de komende dagen. De marketingafdeling van het Sinterklaasjournaal moet in dat geval overuren draaien.
EEN TOTAAL NIET TER ZAKE DOENDE EPILOOG
Hoewel dit geen redneck is, het heeft tegenwoordig zo’n negatieve connotatie. Je wilt het niet zijn, maar ook niet hebben. Ik heb het even gegoogeld, maar de term redneck heeft best een roerige geschiedenis en die kennis pak je boven op de berg dan zomaar weer even mee. Blijf ik wel met de vraag zitten, is mijn nek nu bruin, of roodbruin. Het is in ieder geval niet wit of blank. Maar het kan nog wel verkleuren, dus alle mensen die hierover zorgen hebben, ik zal me netjes insmeren.(Bij gelegenheid zie ik dat ik wel netjes geknipt ben.)
Tijd krijgt in de vakantie zo’n andere dimensie. Onthaasten is de bedoeling en dat lukt goed als moeder Natuur in de Algarve aan het normaliseren is. Na een relatief koude week, ongeveer zoals vorige week in Nederland, wordt de schade ingehaald. 36 graden wordt de norm voor de komende dagen, zeker een paar kilometer landinwaarts. (nu weet ik dat hele volksstammen checken of dat waar is, want als we op vakantie zijn wordt de temperatuur ter plekke altijd overdreven en in het land dat je achterlaat is het veel kouder) Nu zijn de Portugezen sowieso al een volkje met een wat lethargisch gemoed en hoewel onmiskenbaar mediterraans, minder fel of theatraal dan de Spanjaarden of Italianen. Misschien dat het daarom wel mijn meest favoriete land is.
Tijd dus, iets dat ons in de poriën zit of we nu willen of niet. Op tijd zijn, tijdschrijven of tijd is geld………. op vakantie dus tijdelijk niet. We zijn te laat, het is twaalf uur geweest en we kunnen niet meer terug. Ik voel me net Michel J. Fox in Back to the Future. Professor Emmett Brown blijkt een Portugees die gewoon te laat was om de loop der dingen weer gelijk te trekken. Hij is te laat! Het is twaalf uur geweest en de bliksem gloeit nog een beetje na. Wat nu, de tijd maar laten verglijden. Er zit niets anders op.
We zijn zo twee foto’s verder en kijken nog heel even of de professor nog een hulplijntje heeft. Maar niets van dat al, een uur is zo heen gegleden en voor de professor is er geen vuiltje aan de lucht blijkbaar. Volgende week omstreeks dezelfde tijd maar eens kijken of we terug kunnen naar onze toekomst in Nederland. Of dat we die toekomst noodgedwongen moeten vinden in het in het verzengende blauw van de Algarve.
Geen groter vermaak dan leedvermaak moeten de talloze kampeerders denken als zij hun eigen leed en huiselijk geweldsessie al weer vergeten zijn, en met het grootste plezier de verhandelingen van de overburen, en toekomstige vrienden voor twee weken, gade slaan. Ook zij moeten de tent of kampeerwagen klaar zetten voor een gerieflijk verblijf in Tirol, de Dordogne of gewoon op de Veluwe. Lachen!!!!!
Gelukkig gaan wij niet met de tent, sleurhut of op een andere manier back to basic. Wij nemen het vliegtuig: klimaat, corona en vliegschaamte in zijn algemeenheid maar even trotserend. Maar daar waar je in het slechtste geval een uur vermaak bent voor de andere campinggasten, biedt het vliegveld waar dan ook ter wereld ook heel wat vermaak van mensen die hard hebben gewerkt om naar de zon te gaan. Of groepjes puistenkoppen en bakvissen die nog even wat hersencellen wegzuipen voor dat ze de examenuitslagen gaan ontvangen en dan maar af moeten wachten wat ze er in de herkansing van gaan maken. Nu heb ik me op het vliegveld nog wel redelijk neutraal gedragen, maar de wijze waarop mensen in een vliegtuig zitten als mestvarkens, waaronder ikzelf, is wel een reden om de lol van de vakantie in twijfel te trekken. Misschien is dit niet zo zeer lachen, maar het geeft wel een grote dosis zelfspot en kritiek en dat is dan weer lachen!!!!
Eenmaal op de plek van bestemming is alles zo vergeten? Of niet. Vakantie is herinneringen maken zeggen ze wel eens. Een jaar of twintig geleden had de reisbranche het over de ‘broodnodige, vitamine V!!!!! Echt waar, maar voor de dertig-minners, dat is net zoiets als tegenwoordig levensgevaarlijke dingen doen in je vakantie onder het mom, You only live once-mythe. Allebei uitgedokterd door idiote marketeers die nog grotere idioten er in laten geloven. Maar ook ik kijk altijd uit naar de vakantie. Het eerste biertje smaakt goddelijk, het eten, al is het een eenvoudige hamburger in een sloom Portugees plaatsje, het is zonder meer haute cuisine. En vol bewondering kijk ik naar mijn eerste foto’s van de omgeving. Ik overweeg op de eerste vakantiedag al een carrièreswitch te maken, een begenadigd fotograaf is aan mij verloren gegaan. Ik weet het zeker met mijn getroebleerde vakantiebrein.
Terugkijkend op al mijn vakanties is het best diep graven om te achterhalen wanneer ik waar overal ben geweest. Sterker nog, ik zal beginnend bij 1966, toch voorlopig jaren leeg moeten laten omdat ik wel heel diep moet nadenken. Maar ik troost me met de gedachte van niemand minder dan Emile Zola: “Niets ontwikkelt intelligentie zo veel als reizen.” Ongemerkt heb ik heel wat intelligentie meegepikt. De houdbaarheid van de exacte herinneringen is dan niet meer zo belangrijk. Een troostende gedachte als ik nog eens 20 jaar ouder ben. Of wat te denken van een Loesje spreuk voor als je niet op vakantie kunt: Als je niet op vakantie kunt, ga dan op avontuur. Dat kan iedereen, zelfs in de middagpauze van je inspirerende baan, lekker op avontuur gaan want vitamine V hebben we nodig en natuurlijk YOLO.
Maar de aanleiding van dit eerste vakantievertelseltje is een spreuk die ik toevallig las: “Reizen maakt je eerst sprakeloos en verandert je daarna in een verhalenverteller.” (Ibn Battuta) Toen werd ik even stil, heel stil en ik dacht, dit blogje moest zeker gemaakt worden op mijn site sprakeloosverhalen. Het moest zo zijn en is geen toeval. Na vandaag weer gewone vakantiestukjes schrijven over de dingen die we meemaken in het mooie Portugal tot het moment aanbreekt: Een vakantie is voorbij als je begint te verlangen naar werk.
Ik vrees echter dat vooralsnog de centen de beperkende factor zijn, niet het verlangen naar werk.
Eergisteren liepen we aan de andere kant van de autobaan en toen dacht ik het ook al. Wat zou er achter de horizon zijn? Vandaag had ik het nog sterker, de einder waren ook nog iets indrukwekkender. Nu is de einder met hele matige ogen toch al vrij snel dichterbij dan bij anderen, maar daar waar het wazig wordt, wil ik weten wat er verder is. Maar waarom? Als kind had ik dat ook al als je naar zee ging, kijkend richting ‘Engeland’ maar zo ver kwamen mijn ogen niet. Wel mijn fantasie natuurlijk.
Ik moest denken aan een liedje van het Klein Orkest:
En achter elke deur is weer een andere deur Tegen sleur en zekerheid hoeveel lippen kun je kussen En wanneer raak je iemand kwijt
Zo is het ook met de horizon die we vandaag blijvend tegemoet liepen. Willen we wel weten wat daar achter zit, hoeveel horizons kan een mens verdragen in het leven of hoeveel moet een mens doorstaan om een beetje vredig en rustig te kunnen lopen? Ik heb de antwoorden niet en als ze ik ze weet ben ik mogelijk een horizon te ver gegaan, maar dat weet je dan pas.
Vanuit het perspectief van de Grutto is het allemaal weer heel anders. Deze vogel heeft meer een totaaloverzicht van zijn leven en lijkt er wel tevreden mee te zijn. Maar o wee, wie in zijn territorium wil komen. Ik had de Grutto nog nooit zo veelvuldig gezien in Nederland. Ik moest wel lachen om de beestjes, want ze hebben wel een beetje hoogmoedswaanzin. Zodra we, zonder het te weten, bij hun nestjes kwamen was er altijd wel één die heel opzichtig boven ons lawaai zat te maken. Met een niet al te mooie stemgeluid probeerde de Grutto ons te verjagen, erg indrukwekkend. Een hoop lawaai om niets, want we hadden geen kwaad in de zin. Konden we maar communiceren, dan zouden we de Grutto’s geruststellen. Zij op hun beurt kunnen ons dan een tip van de sluier oplichten wat er aan de einder is.
(meer foto’s op Instagram account titiissprakeloos)
Was ik gisteren nog zwaar onder de indruk van mijn zelfgefabriceerde Hollandsche Meesters, vandaag ga ik een internationaal uitstapje maken en wel in Laren. Maar niet voordat we een uitstekend ontbijt hadden genoten in Kontakt der Kontinenten in Soesterberg. Ik zei al, we gaan internationaal. Dit congreshotel in de bossen had ook een heel uitnodigende leestafel waar we onder genot van een cappuccino heerlijk nog even het mondiale nieuws lezen voordat we bij het Singer Laren Museum terecht konden. Een expositie van Theo van Rijsselberghe gaan we bezoeken.
Leestafel bij Kontakt der Kontinenten, een genoegen dat ik iedere ochtend wel zou willen hebben. In alle rust de kranten doornemen. Dat is toch echt veel fijner dan het lekker gemaakt worden met artikelen en je weer door wachtwoorden moeten wroeten op je mobiel.
Theo van Rijsselberghe, ik kende hem zeker qua naam en wist hem ook wel thuis te brengen, zo ergens rond 1900. Hij experimenteerde met meerdere stromingen uit die tijd zoals het fauvisme, pointillisme, expressionisme en zelf het kubisme. Ik heb genoten van de tentoonstelling, maar het bovenstaande schilderij gaf mij het meeste hoofdbrekens. Zonder meer een alleraardigst stukje kunstwerk, maar het viel mij op dat de dame in kwestie volgens mij slanker is dan het spiegelbeeld doet vermoeden. Ik kan me vergissen, maar hoe vaker ik kijk, hoe zekerder ik van mijn zaak ben. Heeft de schilder onbewust een fout gemaakt? Of is er sprake van een vergrootspiegel? Of zit er een psychologische boodschap achter en kende Theo de psyche van de vrouw heel goed. Hij schilderde er immers honderden in zijn leven. Hij wist dat vrouwen heel kritische naar zichzelf kijken en zichzelf altijd dikker zien dan ze daadwerkelijk zijn. Ik zou zeggen, een mooi afstudeerproject voor een student kunstgeschiedenis.
Het Singer Laren Museum kende een rustgevende fijne tuin waar ik de kunstwerken nog even kon overdenken. De Aardappeleters zijn er niet te vinden, de Brabantse armoede is ‘andere stuff’ maar ook moeten er aardappelvelden zijn in de directe omgeving van Laren bemerk ik in het museum en later ook in Laren. Ze praten er zelfs naar in deze contreien.
Nadien lopen we nog even door Laren en dat is een beslist aardige plaats met een keur aan huizen voor de grotere beurs. Veel rieten daken en villa’s waar in vroeger tijden artistiekelingen voor korte of langere tijd verbleven. Ook vielen wij met de neus in de boter, er was een open atelierroute dit weekend. De nieuwe Theo van Rijsselberghe zijn we nog niet tegengekomen. Maar Laren is een alleraerdigst dorpje waar het op zondagmiddag goed toeven is, ook voor de man en vrouw met een iets smallere beurs.
Voor de gelegenheid, een bezoek aan Laren, had ik een passende broek aangetrokken. Ik zal daarom niet uit de toom te vallen.
Vandaag was het zo ver, het uitgestelde weekendje weg voor mijn verjaardag. Stadje, wandelingetje, museumpje en een biertje. Deel 1 was vandaag en wel een van de kleinere klompenpaden, maar wie het kleine niet eert……… Het Netelenburchpad bij Baarn, een goede vijf kilometer. Met de aanlooproute vanaf de auto kwamen een paar kilometers bij. Geen echte schoenzoolslijter zullen we maar zeggen, maar volgens verwachting was de omgeving wel heel erg Hollandsch, romantisch Hollandsch.Vlakte alom, groene weilanden en blauwe luchten met veel wolken die door de wind af en toe voor een imposant schouwspel zorgden. En het is me al vaker opgevallen, een foto kan bijna niet mislukken met mooie wolken of strakblauwe luchten. Vroeger hadden we daar de Hollandsche Meesters voor die de Hollandsche Luchten toeristisch bijna net zo belangrijk hebben gemaakte als de tulp en de klomp. Er zijn namelijk niet voor niets klompenpaden. De Hollandsche Luchtenpaden zullen vast nog wel een keer komen. Tegenwoordig hoef je geen Hollandsche Meester meer te zijn om met je mobiel een paar acceptabele kiekjes te maken. Ik ben te lui om de horizon altijd lekker recht te trekken, maar een kniesoor die er op let.Vandaag erg genoten van de wat kortere wandeling. Maar het aantal kilometers lopen zegt niets over de kwaliteit van de wandeling. Of zoals ze in goed Nederlands plachten te zeggen ‘size doesn’t matter’ maar hiermee begeven we ons op een wat andersoortige invalshoek van dit verlag. Dan had ik wel een andere titel genomen, Het Netelenburchpad, klein maar fijn. Schilderen op het Netelenburgpad is het geworden, juist omdat iedere Jan Boerenl.. er mooie foto’s kan maken.
Voor meer foto’s van het Netelenburgpad zie ook Instagram account titiissprakeloos
De keuze voor het Harloërpad dit weekend was mede ingegeven door het initiatief ‘Kunst aan het Klompenpad’. Hoewel ik mezelf verre van een kunstkenner beschouw en vooral een passief liefhebber, want zodra kunst in welke vorm dan ook interactief dreigt te worden haak ik af. Een schilderij, beeldhouwwerk of een gedicht wil ik vooral graag ik mijn eentje beleven of hooguit met de naasten die dit samen met mij bekijken. Ik ga dan ook niet naar cabaret of toneelstukken waar je ongewild deelgenoot kunt worden. Ik heb met mijn 56 jaar ook geen vastomlijnde definitie wat kunst is voor mij. Het moet iets met je doen, het moet je mening vorm geven of je op andere gedachten brengen? Ja dan kunnen velen Johan Derksen ook een kunstvorm vinden. Derksen is veel, maar geen kunst, in ieder geval niet meer of minder dan jij en ik.
Het Harsloërpad aflopend kwam ik het bordje tegen dat wees naar de tijdelijke openluchtgallerij. Ik wist niet precies waar het begon. Het eerste verdachte object dat ik tegenkwam heb ik meteen gefotografeerd. Ik begon te denken, want kunst moest immers iets met je doen of in ieder geval de potentie hebben om iets met je te doen. Het betrof een object ‘waaiend bruin in groen’! Misschien heette het wel ‘vergankelijkheid van de mensch’ of ‘zoals de wind waait, waait mijn jasje’. Wie zal het zeggen, maar de Kunst deed zijn werk zoals kunst zijn werk moest doen. Ik probeerde te duiden. Ik was vooral nog met mijn ratio bezig, andere zintuigen werden nog niet geprikkeld. Ik voelde er nog weinig bij. Was het figuratieve kunst, was het historische kunst, was het toekomstvoorspellende kunst, wilde het mij iets zeggen over de maatschappij? Ik liet het in het midden.
“Dark ages”
Een kilometer verder, wederom in het nieuwbakken natuurlandschap de Binnenlandse Hooilanden een object waar mijn fantasie alle kanten mee op kon. Vier of vijf houten spiesen die naar de hemel wezen. Heel apart! Het waren geen bomen, althans niet meer. De rest van de omgeving ademde ook geen vergaand bos uit, dus wat moest ik ermee? Bij het woord spiesen denk ik buiten de BBQ, vooral aan middeleeuwse martelpraktijken. Dit past natuurlijk in het zompige geheel van het landschap van moerasmonsters. Misschien wilde het object me wel waarschuwen en zeggen: cultuur is slechts een heel dun laagje vernis, er verandert niet zoveel. We leven nog steeds in de donkere middeleeuwen!!! En ja, gezien de politieke gebeurtenissen kan ik de kunstenaar geen ongelijk geven.
‘Hoop’
Weer een kilometer verder kwam ik een boomstam tegen op de weg, vlak voor een wegafzetting. Het had die dag ervoor gestormd en geonweerd, maar de stam was zo glad en gaaf op de plekken waar de barst eraf was. Dit moeten mensenhanden zijn geweest, dus kunst!!! Misschien was dit wel de tegenhanger van het vorige object. Al lijkt het allemaal nog zo donker, als we alle onzin afpellen blijft er een gave gladde context over?
Kortom veel om over na te denken, kunst langs de wandelroute, maar misschien heb ik me toch vergist want de ‘echte’ route begon pas bij Landgoed De Lieskamp. Echte mensen van vlees en bloed vormden ‘tableaus vivants’, gedichten konden gelezen worden en figuratieve kunst was voorzien van een titel. Hier was sprake van communicatie tussen zender en ontvanger, tussen consument en kunstenaar. Soms in levende lijve soms met de titel die het kunstwerk heeft meegekregen. Toch geinig dat ik zo de kunstroute gewoon een paar kilometer hebt verlengd, dat hadden ze zeker niet van te voren kunnen ontdekken? Of zouden ze het toch zo bedoeld hebben? Het blijft altijd maar weer onzeker met kunst!
Eerlijk is eerlijk, het heeft wat triestigs als je er maar lang genoeg bij stil staat. Maar stilstaan is niet het motto op een klompenpad, dus ik liep nummer 94 welgemoed en wel op het Harsloërpad bij Bennekom. Nu loop ik wel vaker alleen en dat is geen probleem, het heeft ook voordelen want je hoeft met niemand rekening te houden of belangrijker, niemand hoeft met mij rekening te houden. Nee, op zaterdag 21 mei was ik jarig. Nu vier ik mij verjaardag niet meer, geen zin aan. We waren wel een goede gewoonte aan het inslijten om die dag met zijn tweeën een weekendje weg te gaan. Hotel, stadje en een wandeling. Vorig jaar was dat Coevorden en Drenthe. Ook dit jaar hebben we plannen, maar scholing van mijn eega maakt dat we pas volgende week weggaan. Terwijl mijn vrouw haar hersenen traint, heb ik aandacht voor mijn kuitspieren, zo blijft ons huwelijk in een aangenaam evenwicht.
Ook mijn kunstzinnige vorming wordt tijdens deze wandeling op de proef gesteld, maar daarbij weet je nooit welk zintuigen geprikkeld worden. Dit weekend werd het Harloërpad opgeleukt door een kunstroute: Kunst aan het Klompenpad. Hierover volgt mogelijk in deze dagen een separaat blogje. Behoudens de kunst is het Harloërpad een alleraardigste wandeling waarbij historie, oude boerderijen en natuur elkaar op een prettige manier afwisselen. Anderhalf jaar geleden maakte ik op het Grift en Graftenpad al kennis met het natuurgebied in wording, de Binnenlandse Hooilanden en vandaag dus opnieuw. Veel vogelaars waren er. Zelfs ik hoorde en zag dat er voldoende te zien en te horen was, maar er is een verschil tussen zien èn zien alsmede tussen horen èn horen. Ik ben dus geen vogelaar. Dat is maar goed ook, want het vereist wel een imposante uitrusting om een beetje netjes voor de dag te komen. Goede fiets, verrekijker, camera met bescherming, stoeltje en kleding in schutkleuren, maar dan doe je wel mee in vogelland.
Zelf houd ik het vooral nog bij de landschapskiekjes en de historische gebouwen en net als de vogelaar die een grutto of stern in hun lens hebben gekregen, ben ik vaak best tevreden met het resultaat. Vandaag kwamen er de kunstobjecten bij. Ik heb zelfs een ketting van een glaskunstenaar gekocht in de kleuren die die mijn partner waardeert bij de vrouwencirkels die ze leidt. Ik heb het nog niet gegeven, maar ze mag het komen halen als ze dit stukje leest.
Volgende week dus wel mijn verjaardag ‘vieren’ met zijn tweeën. Ook dan staan wandelen en kunst centraal. Twee klompenpaden in het Gooi en het Singer Laren museum. In tijden van Poetin en klimaatproblemen moeten we de klompenpaden op grotere afstand maar combineren met wat andere bezigheden. Maar dat is volgende week.
(voor meer foto’s nu, zie ook Instagram account titiissprakeloos)
Omdat zitten het nieuwe roken is, probeer ik minimaal twee keer per dag tijdens mijn zittende werk een kort verkwikkend wandelingetje te maken. Het gaat om de beweging, maar het is wel geinig dat je binnen korte tijd de stuwwal in Arnhem kan aflopen om een snufje Rijn te pakken. Of je loopt achter de kunstacademie langs en kijkt in de spannende ondoordringbare tuinen naar boven. Vandaag liep ik achter Artez in Arnhem en bijna toen ik weer terug wilde, stond mijn hart even stil. ,, What the fuck!?”
In een splitsecond bevond ik me in een achtbaan van allerlei vreemde gedachten. Is er een chemische oorlog uitgebroken? Het kan maar zo in deze tijden. Misschien is het nu echt vijf over twaalf en geselen de weerelementen de mensheid. De ene biologische rampspoed volgt de andere op. Ook dit is niet ondenkbeeldig, maar dan toch niet zo dicht bij huis? Ik houd wel van de ‘vervanmijnbedshow’, dus deze aanblik tijdens mijn gezondheidsloopje bevalt me niet. Of hebben de jongens en meisjes kunstenmakers een opdracht gekregen: , Doe een bekende kunstenaar na, maar gebruik natuurlijke materialen.’ Het ene clubje dresseert een grote hoeveelheid rupsen, de andere pakt een paar bomen in vlak achter de school en ze noemen het de ondraaglijke lichtheid van de raffelmaatschappij. Ik zeg maar wat. En de meester of juf van de kunstenaars vertelt een pakkend verhaal over Christo uit Bulgarije.
Die splitsecond is gelukkig zo klaar, ik denk weer na en vermoed rupsjes, maar niet de eikenprocessierups. Nader onderzoek leert dat de spinselmot (of stippelmot) zulke spooky bomen creëert. Weer wat geleerd, ik had het overigens nog niet bewust gezien. Het brengt me wel op een lumineus idee. Want het produceren van schone kunsten al dan niet door de rupsen, mag best gepaard gaan met een commerciële insteek. Als we nu eens het gerucht de wereld in helpen dat het ragfijne spinselmottenweb goed is om het kankerverwekkende zonnebrand te vervangen. Er is zo een groep mensen te overtuigen dat dit echt waar is. Voor €50,- mogen zonaanbidders met angst voor zonnebrandcrème een bad nemen in deze natuurlijke toestand. Ik wil er wel staan en het geld innen. Let op, staan, want zitten is immers het nieuwe roken.
Als brave burger werk ik samen met mijn collega een nieuwe justitiële opdracht af in Nijkerk. In verband met privacy, beroepsmedische ethiek en justitiële eedafleggingen laat ik het hierbij. Maar een gegeven is dat we op deze zonnige 4 mei rond lunchtijd ons bevonden in Nijkerk of al places. Natuurlijk, als contentieus werkende brave burgers hadden we dit scenario al uit gewerkt. We moesten slechts twee uitdagingen attaqueren. Is er een lunchroom waar kroketten zijn en is er een klompenpad in de buurt. Kroketten zijn gevonden in het winkelcentrum van Leusden en vandaar is het niet ver rijden naar het Stoutenburgerpad in Stoutenburg. De collega in kwestie is al gezelschap geweest bij meerdere klompenpaden. Daarnaast overwegen we om te zijner tijd ook samen een vergelijkend warenonderzoek te doen op Michelinniveau als het gaat om de plek van de kroket in het culinaire leven van Nederland, of in ieder geval in het leven voor wandelaars van klompenpaden. In het kader van het nuttige met het aangename verenigen, na gedane arbeid is het goed lunchen en wandelen op het Stoutenburgerpad.
Het Stoutenburgerpad is een onverwacht aangename wandeling, vlak bij de stad (Amersfoort) en autobaan, echter wel met een variëteit aan landschappen en wandelbezienswaardigheden zoals daar zijn het koetshuis van (landgoed Stoutenburg), bossen, lanen, oude(re) boerderijen, mooie slootkanten, bamboebos, reeën, fazanten en tal van vogels die we niet kunnen benoemen en/of alleen maar horen etc. Kortom een fijne wandeling voor lichaam, maar vooral ook voor de geest.
Terwijl we rusten op een bankje en in de verte een ree spotten, krijg ik een appje binnen van mijn vrouw die aangeeft hoe laat ze die avond terug komt uit Engeland. Tegelijkertijd stuurt ze een foto van Stonehenge waar ze net van terug is op weg naar de boot in Dover. ,,Ook leuk” terwijl ik me concentreer op het dierenrijk in mijn directe omgeving. Wij brave burgers hebben het Stoutenburgerpad tevreden geslecht. En o ja, voor de taalpuristen die denken dat ik heel simpel een taalspelletje maak met het Stoutenburgerpad in contrast tot ons brave burgers, nu, die hebben gelijk. Maar ik weet echt wel dat het Stout van Stoutenburg staat voor stoer en stevig. Dat zijn we natuurlijk ook, maar dat bekt niet zo lekker. Dat stoer en stevig laat ik maar even over aan de Engelsen.
(voor meer foto’s van het Stoutenburgerpad zie ook Instagram acount titiisprakeloos)