Mijn Filmblik op INTO THE WILD

Het kan verkeren om ome Bredero maar eens aan te halen. ’s Morgens weet je nog van niets, die avond smacht je naar het kijken van de film Into the Wild. Een film van al weer enige jaren terug die langs me heen gegaan is. Geen nood, ik zag dat mijn kabelexploitant de film in de aanbieding had volgens hun website. Eenmaal de film willen bestellen, bleek website en daadwerkelijke aanbod niet in overeenstemming. Klote! Dan maar zoeken of ik een versie, al dan niet illegaal, kan vinden op internet. Bij de eerste moest ik me registreren, bij de tweede was het raak. Into the Wild was voor mij. Ik ben benieuwd.
WAT ER AAN VOORAF GING
Op mijn vrije woensdag keek ik mijn sociale media even na en zag op Facebook een grote foto van nichtjes van me. (Ook al zijn ze slechts een aantal jaar jonger, dus ook al heel ruim volwassen, je blijft zeggen nichtjes, waarom dat is weet ik ook niet.) Ze zaten in de auto met grote modieuze zonnebrillen. Ik moest meteen denken aan een roadmovie Thelma en Louisa. Ik had de film nooit gezien, maar de reputatie van de dames is me wel bekend. Het was ook maar een splitseconde, die associatie met mijn nichtjes en natuurlijk stamp ik dat meteen op Facebook onder het mom laten we eens spontaan doen. Bovendien waren ze niet alleen, want het bijschrift bij de foto was: Sisters on the road….with Eddy Vedder. Ook dat nog dacht ik, hoewel who the fuck is Eddy Vedder, maar dat zijn natuurlijk niet mijn zaken. Snel werd ik onderwezen in het feit dat Eddy Vedder the leadzanger van Pearl Jam is. Vaag weet ik van het bestaan van Pearl Jam, maar wat ze spelen en vooral wie dat doen interesseert me niet zoveel. Vanaf mijn 18e, en zeker vanaf mijn 24e heb ik maar een zeer latente belangstelling voor popmuziek, hoewel heel af en toe sijpelt er wel eens iets goed in mijn belevingswereld. Voor films heb ik meer belangstelling en uiteraard ben ik bereid om die Eddy eens te beluisteren, maar vooral was ik benieuwd naar de film.

(Tussen haakjes, om privacyredenen een foto van Thelma en Louise om dit stukje op te leuken, niet mijn nichtjes.)


INTO THE WILD, THE MOVIE

Toen de film even op weg was, een ingehouden vloek mijnerzijds. Ik vervloekte mijn luiheid als het gaat om buitenlandse talen. Standaard zet ik de ondertiteling eronder, maar bij deze site was dat niet mogelijk. Ik moest me behelpen met Engels hetgeen op basis van opleidingsniveau en enige ervaring geen moeite moet zijn. De praktijk is echter weerbarstiger. Als je engels of welke andere taal amper praktiseert dan wordt het lastig. Zoals al duidelijk is, ik luister weinig popsongs, dus vanuit die hoek wordt mijn engels ook niet onderhouden. Het duurde even voor dat ik er lekker inzat en halverwege miste ik de ondertiteling niet meer. Ik durf niet te beweren dat ik alle nuances van de literatuur die in de film voorkomen, heb begrepen. Het meest wel, dus ik voel me gemachtigd om een oordeel te vellen.

De film begint met een spreuk van Lord Byron

There is a pleasure in the pathless woods

There is a rapture in the lonely shore

There is a society where none intrudes

By the deep sea, and music in its roar

I love not man the less, but Nature the more

Een jongeman, zijn diploma koud op zak, laat zijn afkeur duidelijk weten ten opzichte van zijn trotse ouders. Hij wil geen groot cadeau, wil geen loopbaan of studie via de geëffende paden, hij is tegen te bestaande conventies, het huwelijk van zijn ouders en wil vooral niet aan de verwachtingspatronen voldoen. Hij trekt er op uit, verbrandt op zeker moment zijn geld en creditcard en laat het verleden achter zich. Hij leest veel, ontmoet andere ‘drop-outs’ van de Amerikaanse samenleving en weet te overleven in zijn doortocht in het leven die uiteindelijk moet leiden naar Alaska. Overleven, rust en zichzelf vinden, of misschien wel creëren lijkt het doel. Na bijna anderhalf jaar na zijn verdwijning lijkt hij klaar te zijn en zoekt de weg terug. Hij kan echter de nabij gelegen rivier niet oversteken en moet noodgedwongen langer bivakkeren in een karkas van een autobus, die al die tijd zijn woonplek is geweest. Hoe deze bus in de middle of nowhere is gekomen, is mij niet duidelijk. Het verplichte langere verblijf is hem fataal geworden door ziekte en uitputting.

MIJN BEVINDINGEN

Ik moet toegeven dat er sprake is van prachtige plaatjes in de film. Ook de zoektocht van een puber, adolescent naar volwassenheid die tegen de conventies is, biedt voldoende denkwerk voor een ieder, zeker ook voor mij een belegen midlifecriser. Willen we allemaal van tijd tot tijd niet uitstappen uit het burgerlijk bestaan, avonturen beleven en het leven ervaren? Ook de gedachte met veel minder te kunnen leven dat de materiële omgeving die de meeste van ons hebben, heeft veel romantische aspecten die mij laten mee leven met de hoofdpersoon Cris Mcandless gebaseerd op een waargebeurd verhaal geschreven door John Krakauer. Ik neig naar een redelijk positieve beoordeling, misschien wel een zevenenhalf tot mijn oudste zoon thuis komt en vraagt welke film ik aan het kijken ben. Als hij Into the Wild hoort, reageert hij resoluut. ,,Als die vent geluisterd had naar de goede raad, door bijvoorbeeld beter voor te bereiden en tenminste een kaart mee te nemen, had hij geweten dat de redding nabij was” Hij wist mij te vertellen dat op slechts twee kilometer afstand een soort van kabelbaan was om de rivier over te steken. Tja dan is je gevoel voor romantiek in een keer als sneeuw voor de zon verdwenen. Trouwens met die muziek van Eddy Vedder/Pearl Jam is niets mis, oordeelt hij. Daar ben ik dan wel met hem eens, dat dan weer wel.

Al met al blijf ik hangen bij een 7. Alle filmbllikken van Sprakeloos

LEKKER WEG IN EIGEN LAND

Op afstand ben je dan bezig met het plannen van je reis naar Thailand. De vlucht is geboekt, maar nu de rest. Hoe gaan we reizen, welke steden gaan bezoeken. Kun je komen van A naar Beter en zo ja, is dat een beetje te doen. Met al die exotische namen is de vakantie al een beetje begonnen. En dan besef ik ineens dat ik nog nooit in Volendam ben geweest. Ik kan mijn bek breken over Ayutthaya, Chiang Mai of Kanchanaburi, maar Volendam, waar hele hordes toeristen voor naar Nederland komen, ken ik niet. Ik moest me tot dusver behelpen met de palingsound van Nick & Simon, Jan Smit en de 3J’s. Als je die samen hoort dan is er ook sprake van bekbrekende toeren, want hoe genetisch de Volendamse bevolking ook behept is met gouden keeltjes, ergens moet dat rechtgetrokken worden. Ze hebben allemaal een spraakgebrek.

Zijn er nog meer zaken die ik wil zien in Nederland? De meeste grote steden ben ik geweest en die steden die nog bezocht zouden kunnen worden, zijn vooralsnog niet uitnodigend. Delfzijl? Tilburg? Kerkrade, Geleen of Heerlen? Heerhugowaard? Geef mijn portie maar aan Fikkie. Maar er zijn naast Volendam vast zaken die mijn aandacht vereisen. Dat hoeft niet dit jaar, maar ooit, al weiger ik het een bucketlist te noemen, want dat woord haat ik. Bovendien ik kan er wel mee leven om nog nooit in Volendam te zijn geweest, maar een beetje nieuwsgierig ben ik wel. Even nadenkend kan ik het lijstje verder uitbereiden met andere bezienswaardigheden.

Tot mijn schaamte moet ik bekennen dat ik ook nog nooit in de Keukenhof ben geweest, zelfs twijfel ik of ik wel echte tulpenvelden heb gezien. Misschien ooit vanuit het vliegtuig op weg naar een oord ver weg.
Wat me verder interessant lijkt om eens in Amsterdam Noord een kijkje te nemen. Mijn bezoeken aan Amsterdam per trein kenmerken zich door uit te stappen op het Centraal Station en na een heleboel puinhoop en bouwsels kom je een keer bij de grachten. Misschien is het inmiddels beter, maar zo vaak hoef ik niet in de hoofdstad te zijn. Maar de nieuwe architectuur en bouw van Amsterdam Noord wil ik wel eens zien, kan ik meteen Pampus bekijken, want nog nooit gezien.
Over architetuur gesproken, de gemiddelde Vinex-wijk interesseert me niet, Leidsche Rijn kan met gestolen worden, of Almere als een grote Vinex-stad van Amsterdam, maar wel ben ik benieuwd naar Kattenbroek in Amersfoort. Heb er veel over gehoord en het zou in de jaren 90 van de vorige eeuw baanbrekend zijn geweest. Ik ben benieuwd of ik dat ook zo ervaar, of dat er alle tientallen nieuwboekwijken lijken op deze wijk.

 

Nu heb ik als Feyenoorder meer met Rotterdam dan met Amsterdam, en als de drukte rondom de enerverende nieuw Markthal een beetje minder is, zal ik het zeker bezoeken. Maar de Euromast was zo’n weetje van de lagere school die onlosmakelijk verbonden is met de havenstad. Ik moet er maar eens naar toe. Net zoals het waddeneiland Schiermonnikoog, al is het alleen maar omdat je er niet met de auto mag komen. Dat lijkt me ook wel een aparte gewaarwording. De mij bekende waddeneilanden zijn sowieso de moeite waard is mijn ervaring, dus een keer naar Schiermonnikoog daar kan ik me geen buil aan vallen.
Op natuurhistorische gebied heeft Nederland niet zo heel veel te bieden, dus alle groepjes bomen die ze bos noemen, bekoren mij niet in het bijzonder, hoewel als je er loopt is het er vast heel aangenaam. Maar de Biesbosch, ik ben er nooit geweest. Als kind leerde ik over de St. Elizabeth-vloed in 1421. Een feitje dat ik nooit vergeten ben, maar het heeft nog niet geleid tot een bezoek aan de gevolgen van deze watersnood, de Biesbosch.
Naast ergens naar toe gaan zijn er nog een aantal zaken, die voor mij interessant zouden kunnen zijn of waarom buitenlanders naar Nederland toekomen. Een ervan is natuurlijk het Venetië van het Noorden, Giethoorn. Ik ben er regelmatig geweest, heb er zelfs in de jaren tachtig geschaatst. De omgeving is prachtig op de ijzers en Giethoorn is zoals ze dat plachten te zeggen, pittoresk. Maar ik ben vooral nieuwsgierig naar een ander fenomeen. Het schijnt een hotspot te zijn voor Chinezen, die er dan ook in grote getalen komen. Dat fenomeen zou ik wel eens willen observeren, hoe Giethoorn verwordt tot een soort China Town.
Verder, hoewel ik het tegenwoordig buitenlanders niet aanraad om per openbaar vervoer te reizen, wil ik nog wel eens van het noordoosten (Roodeschool) naar het zuidwesten en dan kom je uit bij Vlissingen. Alleen al om het gevoel te ervaren dat Nederland best wel groot is en dat reizen per trein een beleving is. Deze reis doet er ongeveer 5,5 uur over. Die andere van het noordwesten (Den Helder) naar het uiterste zuidoosten (Kerkrade) duurt slechts 4,5 uur. Met de NS dus een totaal beleving van Nederland.

Waar de meeste buitenlanders voor naar Nederland komen, heeft natuurlijk te maken met de (soft)drugs. Zelf heb ik nimmer wiet gekocht, laat staan gerookt in een heuse coffeeshop. (Voor het geval ik later minister-president zal worden en mijn verleden wordt doorgezaagd, ik heb wel eens softdrugs gebruikt en ook nog geïnhaleerd. Ik vond er gewoon niks aan, maar een keer relaxt doen in een coffeeshop zal ik nog wel eens willen, ooit. Als laatste en dat is misschien het wel meest kenmerkende van Nederland, maar er zal geen toerist ervoor naar toekomen, is ons calvinistische grondslag. Een sfeer kun je niet bezichtigen, maar slechts voelen, als je er tenminste vatbaar voor bent. Dus een bezoek aan een langdurige zware kerkdienst op zondag in Staphorst lijkt me ook een hele beleving.

 

Er is nog veel te doen en ik kan nog lekker weg in Nederland, echter voorlopig richt ik me maar op Thailand, al houd ik me aanbevolen om bovenstaande lijst nog uit te bereiden, graag hoor ik meer opties van lekker weg in Nederland.

 

Mijn Filmblik op IM LABYRINTH DES SCHWEIGENS

Op zoek naar juichende kritieken over de Duitse film Im Labyrinth des Schweigens, kwam ik vooral matige recensies tegen met de azijnfles van de Volkskrant voorop. In de tekst onder de titel staat: ‘In Im Labyrinth des Schweigens wordt de Auschwitzhorror soms te veel uitgespeeld. De film, deels op feiten gebaseerd, is een beetje stug, ouderwets tv-achtig.’
Nooit zoveel onzin bij elkaar geharkt gezien, maar het zal ongetwijfeld gebaseerd zijn op hooggeschoolde kennis van hoe een film in elkaar moet steken, maar houdt amper rekening met de gevoelswaarde van de filmbeleving. Een gediplomeerd azijnpisser IS hier niet gevoelig voor, dus een bevestiging van wat ik al wist, ga nooit af op de Volkskrant, zie het vooral als een tegengesteld advies.

HET WORDT EEN NA-OORLOGSFILM
Twee vrije dagen voor de boeg met daarin de Dodenherdenking en Bevrijdingsdag, 4 en 5 mei. Of we deze middag iets zouden gaan doen, vroeg mijn vrouw kijkend op de buienradar. In Nijmegen draait Im Labyrinth des Schweigens. Ik herinner me dat ik iets over de film heb gezien, dat niemand wist van de gebeurtenissen in Auschwitz. We hebben het dan over het naoorlogse Duitsland, 1958. Daarnaast had ik een documentaire gezien over de Duitse jeugd die genoeg zou hebben van de verplichte schoolreisjes naar allerlei oorden om zich te moeten wentelen in de rol van schuldigen. 70 jaar na dato voelen zij zich geen dader meer. Het lijkt me volstrekt terecht.
In het Nijmeegse filmhuis LUX draaide de film en daar was ik sinds mijn vertrek uit Nijmegen in 1999 nog nooit geweest, sterker nog, het bestond toen nog niet. Ik ging altijd naar Cine Marienburg.

 

VRAGEN, VOORAL VRAGEN
Laat ik eens beginnen met hoe we uit de film kwamen, als een leidraad voor de impressies en gevoelsbeleving van Im Labyrinth des Schweigens. We benadrukte beide dat we het een hele mooie en indrukwekkende film vonden om daarna te denken over wat de film losmaakte aan gedachten. Allereerst natuurlijk het ongeloof dat zo’n beladen geschiedenis in het naoorlogse West-Duitsland verzwegen werd, alsof het geen deel uitmaakte van de landsgeschiedenis en/of de persoonlijke geschiedenis van veel Duitsers, 1958 nota bene. Bestaat er zoiets als een gezamenlijke schuld, kun je dat met de achterafkennis vaststellen? Dat er schuldigen zijn is duidelijk, heel duidelijk, maar moeten alle schuldigen opgepakt worden en zo ja, is dat mogelijk? Hoeveel regiems, de Sowjet-Unie als recent voorbeeld, gaan voor een deel verder met de ‘oude hap’ in een nieuw ideologisch jasje, misschien is dat een historische wet om niet in volledige anarchie te belanden? Als er sprake is van daderschap in welke omstandigheid dan ook, hoe gemakkelijk is het om met jezelf in het reine te komen over je meest pikzwarte persoonlijke geschiedenis, kijkend naar je eigen aandeel? Moeten de 4 en 5 mei herdenking louter in het teken staan van de Tweede Wereldoorlog en de Holocaust of moet de bovenliggende algemeen menselijke boodschap centraal staan? En hoe zijn we nu anno 2015, hoe vaak kijken we weg als het gaat om humanitaire rampen in Afrika of heel actueel het vluchtelingenprobleem op de Middellandse Zee?

IM LABYRINTH DES SCHWEIGENS
West-Duitsland is bezig met het Wirtschafswunder, de Tweede Wereldoorlog is nog geen 13 jaar afgelopen en het lijkt alsof er niets is gebeurd in de jaren dertig en veertig. De ‘grote vissen’ zijn berecht bij de Neurenbergprocessen en Adenhauer leidt de Duitsers door het naoorlogse Duitsland en iedereen gaat verder met zijn leven en heeft de draad ogenschijnlijk weer opgepakt totdat een slachtoffer uit Auschwitz wordt geconfronteerd met een van de kampbeulen die ‘gewoon’ weer les geeft op een middelbare school in Frankfurt. Hij gaat er mee naar een journalist die probeert de zaak aanhangig te maken bij het Openbaar Ministerie. Er is geen belangstelling, maar een jonge Officier van Justitie Johan Radmann (gespeeld door Alexander Fehling) pakt de zaak op en krijgt de steun van de Procureur Generaal (gespeeld door de onlangs overleden Gert Voss) die met een beetje fantasie lijkt op de oude Willy Brandt. Aanvankelijke wil de jonge jurist de zaak juridisch aanpakken middels het logische concept van dat er een dader en een slachtoffer is die met elkaar verbonden zijn door een delict. Het is dan immers slechts een kwestie van bewijzen. Al snel komt Radmann erachter dat de ‘zaak’ veel groter is dan zijn voorstellingsvermogen kan bevroeden. Ook voor hem heeft de recente Duitse geschiedenis klaarblijkelijk grote blinde vlekken mede als gevolg van het alom zwijgen van een ieder die iets weet van de gebeurtenissen in de vernietigingskampen. Door deze tegenslag laat de jurist en de inmiddels bevriende journalist zich niet uit het veld slaan, ze gaan verder en worden zelfs via extra mankracht ondersteund door de procureur-generaal. Dat wil niet zeggen dat het onderzoek daarmee vanzelfsprekend van een leien dakje gaat. Er is geen medewerking van mensen op belangrijke sleutelposities, die mogelijk zelf een verleden hebben. Niemand wil dat het verleden opgerakeld wordt.
Uiteindelijk zal het werk van de jonge jurist leiden tot de Duitse processen die ervoor zorgen dat het nicht-Wissen van de Duitse bevolking wordt opgeheven. Het is ook de tijd de de Duitsers kunnen beginnen met het verwerken van de eigen geschiedenis al dan niet geholpen door de opstandige jeugd die in de jaren zestig ook helderheid willen over de rol van hun vaders en moeders in die tijd. De film eindigt, waar de processen beginnen.

PERSOONLIJKE BEVINDINGEN
Ik vond het een prachtige film die de beklemmende sfeer uit de jaren vijftig op een prima wijze weet vast te leggen. En hoezo ouderwets en stug vraag ik me dan af? Juist het langzame oprakelen van een geheim wordt in beeld gebracht in een tijd van beklemming waar Sauerkraut-Dampen (als tegenhanger van onze spruitjeslucht) en ontkenning van de geschiedenis een belangrijke rol spelen. Het naoorlogse probleem in Duitsland wordt prachtig in kaart gebracht zonder op een pathetische wijze gruwelen in Auschwitz te misbruiken dan wel te ontkennen. Op het einde van de film laat de regisseur Giulo Ricciarelli de procureur-generaal zeggen, nadat Radmann gek dreigt te worden van de Waarheid waarna hij op zoek is. ,,Het gaat er niet om dat alle schuldigen opgepakt worden en berecht zullen worden. Het is belangrijk dat de slachtoffers een stem zullen krijgen en houden. Hun verhaal moet gehoord worden.”
Ik denk dat dit de kern is van de film, te beginnen bij de onwetende Duitsers uit de jaren vijftig die door de processen zullen horen hoe breed de steun is geweest aan het Hitler-regiem en dat vergeten van die zwarte tijd door te zwijgen de Duitse democratie niet verder zal brengen.

Een liefdesgeschiedenis tussen Johan Radmann met de mode-ontwerpster Marlene (gespeeld door Friederieke Becht) geeft de film een licht randje zonder dat daarmee de ernst teniet wordt gedaan. Als ik een puntje van kritiek mag geven dan is het het ontbreken van de persoonlijke assistent van Radmann, een oudere vrouw met de naam Schmitchen (gespeeld door Hansi Jochman) op de affiches. Haar reacties en emoties vond ik exemplarisch.

Kortom een buitengewoon goede film. Al met al een dikke acht en om enige compensatie te geven aan alle azijnpissers van de Volkskrant die bijvoorbeeld hoog opgaven van Aanmodderfakker, ga ik zelfs voor een 8,5. Voor meer Sprakeloze filmbelevingen verwijs ik naar mijn totale lijst.

NASCHRIFT: ANTWOORDEN, ANTWOORDEN, ANTWOORDEN
Op alle vragen die ik kan stellen, zoals hierboven in deze filmblik, heb ik geen kant en klare antwoorden. Ik ben er wel van overtuigd dat het van het grootste belang is dat de verhalen uit de Tweede Wereldoorlog vertelt moeten blijven en dat 4 en 5 mei hiervoor een goed moment is. Ik begrijp dat de Duitse jeugd genoeg heeft van de eeuwige schuldrol en dat is volgens mij ook niet nodig en werkt uiteindelijk zelf averrechts. Ik vind dat het grotere verhaal geleerd moet worden uit de Holocaust om niet te vergeten en vooral om te leren. Maar ook andere gebeurtenissen die met de Tweede Wereldoorlog hebben te maken (Nederlands Indië) waarbij onze rol als dader èn slachtoffer heel dicht bij elkaar liggen, moet verteld blijven worden, wat mij betreft ook op 4 en 5 mei.
Maar ook in de recente geschiedenis, bijvoorbeeld de genocide in Rwanda zijn illustratief hoe de mensheid kan verworden tot een verschrikkelijke moordmachine, toen, nu en helaas ook in de toekomst. Hoe onverschillig kijken we naar de vluchtelingenproblemen waarmee Europa te kampen heeft. Het lijkt vooral een probleem van Italië en Griekenland en we gaan over tot de orde van de dag. Misschien is het appels en peren met elkaar vergelijken, maar in essentie gaat het om dezelfde mechanismen van wegkijken, onverschilligheid en individuele onmacht die kunnen leiden tot grootschalige menselijke drama’s. Maar als het om zulke vraagstukken gaat, ontstaat er ook in mijn gedachten vaak een labyrint van tegenstrijdigheden.

46. WAAR STAAT PAARS VOOR uit de serie de kabbelende 100

God, of wie dan ook straft meteen als je loopt te fucken met het koningshuis. Dat was mijn eerste gedachte gisteren 2 mei bij de volgende ronde in de tuin. Maak ik op 27 april nog 20150428_092802gekscherend gewag van een verwelkte oranje tulp als mijn ultieme bijdrage aan de Oranjeleut, mijn dag zou nog komen. Naast de verwelkte tulp stond een nieuw exemplaar op het punt van openbarsten, jong, krachtig en zo op het oog zeer rood. De Dag van de Arbeid zou snel gevierd worden overal in de wereld, behalve in het koningsgezinde Nederland. Ik kon niet wachten dat het gestaalde rode kader zich zou laten gelden in de vorm van een rode tulp. We zullen ze eens een poepie laten ruiken.
Nadat we 30 april gelukkig niet meer vrij zijn, heb ik op 1 mei ook hard gewerkt en me gekweten aan mijn dagelijkse bezigheden als loonslaaf. Niet gedacht aan (internationale) solidariteit, onderdrukking van de arbeidende klasse en andere revolutionaire gedachten. Niets van dat alles, gewerkt ten behoeve van de BV Thuis.

20150502_145855

Nu dat heb ik geweten, want dan neemt de voorzienigheid wraak, zoete wraak. De wannebee rode tulp weigerde rood te worden. Ik kwam erachter toen ik andermaal in de grond aan het wroeten was. Paars is het geval geworden, pimpelpaars en op dat moment wist ik het: Ik heb de Internationale Dag van de Arbeid verwaarloosd, niet alleen Oranjeleut langs me af laten glijden, maar ook de revolutionaire gedachten veronachtzaamt. Het schaamrood staat op mijn kaken, dat dan weer wel.

Waar staat paars eigenlijk voor? In de katholieke kerk heeft paars de betekenis van boetedoening. Paars als het broertje van rose heeft vaak ook een vrouwelijke betekenis. Tja, en dan de politiek, paars staat voor eens een onverwacht goed concept van samenwerking tussen de rooien en de liberalen. Das war einmaal! Tegenwoordig is het een impopulaire mix van verwaterde sociaaldemocratie en PVV-light liberalisme. Niemand lust het, maar we hebben geen alternatief. Een onverwachte aanwezige in de tuin. Ik geloof dat ik maar een rozenstruik met rode rozen ga planten, als boetedoening voor mijn (telepathische) afwezigheid op 1 mei en volgend jaar zal ik oogsten, rode rozen.

45. MIJN KONINGSDAG uit de serie de kabbelende 100

Ik heb zelfs geen oranje tompouce gekocht. Geen Oranjegekte dit jaar. Eigenlijk is dat al jaren zo, hoewel als vader van twee kleine kinderen ontkom je er niet aan om langs de plaatselijke vuilnisbelten te lopen die ze gemakshalve omdopen tot vrijmarkten. Eufemistisch taalgebruik is toch eigen aan Koningsdag, want onze vorst noemde het botendefilé ook Grande Parade. Ook heb ik twee jaar op zo’n dekentje moeten zitten om de handelsgeest van mijn eigen zonen op te krikken. De rotzooi op mijn eigen zolder werd daardoor wel even wat minder, maar de winst werd steevast uitgegeven aan troep die een ander verkocht. Inmiddels zijn mijn kinderen oud en wijs geworden, ze kunnen er zelf op uit. Bij terugkomst hoor ik van beide dat ze de massa in de stad verafschuwen en dus geen liefhebbers zullen worden. Ik weet niet of het opvoeding is of dat het in de genen zit. De kwestie nature or nurture is altijd al discussiewaardig. Ik houd ook niet van grote massa’s en ben diep in mijn hart ook nog eens republikein. In een recalcitrante bui komt dat republikeinse gevoel snel naar de oppervlakte en volg ik mijn grote held Simon Carmiggelt die van zijn rooie vader niet mòcht deelnemen aan de Oranjefestiviteiten in de jaren dertig van de vorige eeuw. Het werd afgedaan met flauwe Oranjeleut, en zo is het. Van mij mag Maxima best de eerste president worden, zo consequent ben ik dan ook wel weer.

20150428_092802

Ik was in het weekend begonnen om de tuin te fatsoeneren en van de wintertooi te verlossen. Het leek me voor Koningsdag een zinvolle dagbesteding om daar mee verder te gaan. Ik moest de schlagermuziek die vanuit het dorp de hele dag te horen was accepteren. Eenmaal op gang in de beschutting van de tuin, was het zelfs nog lekker in de zon, al was het amper tien graden. Dat is wel eens beter geweest in het verleden op Koninginnedag. Ik ben ook nog zo’n man die tot in lengte van dagen Koninginnedag blijft roepen.
De tuin zag er trouwens per uur beter uit en als mijn oudste zoon ook nog helpt om mos en gras tussen de stenen weg te halen, ben ik op het einde van de dag dik tevreden, al schalt Corry Konings, het zal ook niet op deze dag, dat ze een heel apart gevoel van binnen heeft.
Een uitgebloeide tulp trekt mijn aandacht, is die rijp om neergesabeld te worden, of mag de bloem nog even blijven staan? Goed, omdat ie oranje kleurt mag de tulp blijven. Daarnaast staat trouwens nog een exemplaar in de knop, het ziet er naar uit dat het een rode wordt. Die zal op 1 mei wel open gaan, maar dan is er geen vrij dag. Ik bedoel maar.

44. POEH HÈ, EEN SPREUK. SPANNEND…..Uit de serie de kabbelende 100

Met de krioelende massa loop ik de achterzijde Utrecht CS uit richting de trams. In mijn ooghoeken zie ik een groot blauwgrijs vlak, met een spreuk. Is tie er altijd al geweest? Of heb ik al die andere keren als een deformeerde blindganger naar de dagelijkse plicht gelopen? Ik weet het niet, maar mijn aandacht is getrokken en vanwege een te grote mate van kippigheid loop ik richting de muur, nieuwsgierig welke literaire wijsheid mij  ten deel valt.

EN HOE VERDER HIJ GING DES TE LANGER WAS ZIJN TERUGWEG

Ik herlees de spreuk, proef de woorden en als er geen klik komt, zoek ik naarstig in mijn referentiekader en kom uit bij A.A. Milne die Winnie de Poeh de meest lullige uitspraken laat zeggen met een onpeilbare diepzinnigheid. Tenminste dat vind ik. Op weg naar de dagelijkse plicht kan ik de diepzinnigheid niet vinden. Snel een foto maken en thuis maar googelen wie de bedenker is, want een zekere C.C.S. Crone ken ik niet. Op dat moment weet ik niet of ik me daarvoor moet schamen. Ik wandel naar mijn dagelijkse plicht waaruit geen terugweg is, want de kachel moet immers branden.

20150317_132846

Twee weken later zie ik de foto’s terug op mijn mobieltje en kom er achter dat Crone een Utrechtse grootheid is, die nooit echt groot is geworden. Zijn wiki-pagina leert me verder dat het nooit een echt feestnummer is geweest in zijn literaire werken en bovendien op 37-jarige leeftijd reeds gestorven is aan de gevolgen van kinderverlamming. Hij hoeft niet meer na te denken over een terugweg.

‘En hoe verder hij ging des te langer was zijn terugweg’. Ik kan er niets mee, behalve dan beamen dat als je weg gaat, letterlijk van A naar B of in figuurlijke zin je levenspad bewandelt, de uitspraak van Crone helemaal klopt. Maar er klopt wel meer, bijvoorbeeld een bus of een zweer. Bij mij rijst de vraag: Waarom zou je terug willen? Of als je dan toch zo opziet tegen die lange terugweg, waarom ga je dan sowieso, blijf dan gewoon thuis. En als je dan toch gaat, misschien valt de terugweg door ervaring en voortschrijdend inzicht best mee. Ik kan er niets mee en het appelleert aan mijn soms wat melancholieke inborst. Ik houd het liever bij een positieve levenswandeling, misschien met een beetje avontuur, maar ik wil me vooral niet druk maken over de terugweg.

43. HET MIJNHEER WESTERINK GEVOEL uit de kabbelende 100

In een keer zit het in de lucht, maar ik kon het nog niet duiden. Het is niet de lente, hoewel de zon schijnt, was het nog bitterkoud. Zonder te weten waarom moest ik denken aan vervlogen tijden, in mijn geval de lagere schoolperiode in 1973/74. Na een paar seconde zie ik de reden waarom ik veertig jaar terug ga in de tijd. Het zijn de duiven op de brugrand. Ik ga terug naar de Paulusschool in Raalte van die jaren. Voor die tijd moderne laagbouw, inmiddels al weer afgebroken. In mijn gedachte was het toen bijna altijd mooi weer, dus de ramen boven in het lokaal zijn met een lange stok geopend. En mijnheer Westerink staat voor de klas. Wij zeiden geen meester, maar voor de rest was mijnheer Westerink zelfs in die tijd al een soort van anachronisme.

20150228_134457
Het zijn er dan ook precies tien en dat kan geen toeval zijn. Mijnheer Westerink droeg altijd grijze, wijd zittende pakken. Het was een klein mannetje met een grijze haardos, netjes bij elkaar gebrilcreamed of anderszins in een streng kapsel gegoten. Volgens mij hebben wij als derde klas zijn 63e verjaardag gevierd en was hij uiteindelijk eerder van school dan ik. Mijnheer Westerink was streng en in mijn optiek niet altijd rechtvaardig. Een enkele keer sloeg hij zelfs een leerling met de vlakke hand in het gezicht. Mijn ouders hadden mij duidelijk gemaakt als dat zou gebeuren, ik linea recta naar huis moest komen. Hoewel ik zeker niet zijn lievelingetje was, want verbaal nog wel eens op een beleefde manier tegendraads en mijn blik zal de ouderlijke boodschap zeker hebben uitgestraald. Toch had hij mij als strebertje een keer helemaal tuk. Hoofdrekenen vond mijnheer Westerink een belangrijk vak. De gemiddelde opgaven vond ik verre van moeilijk, dus altijd een hoog cijfer. Behalve die ene keer toen ik een 10 verwachtte, ik had ze allemaal goed dacht ik. Maar ik vergiste me, want ik had buiten het venijn van mijnheer Westerink gerekend. De laatste opgave luidde: Er zitten tien mussen op het dak, er kwam een jager aan en die schoot er eentje neer. Hoeveel blijven dan nog over? Blindelings schreef ik 9 op, maar ik had geen rekening gehouden met de biologie van mussen bij het horen van een geweerschot. Toen mijnheer Westerink mijn verontwaardiging waarnam bij het antwoord 0, heb ik hem stiekem zien gniffelen. Nu dat gevoel had ik bij het zien van de duiven, het was nog steeds een onbestend gevoel.

GEEN FEYENOORD-‘FEESTJE VOOR MEDIA

MEDIA VIST ACHTER HET NET
Waar is dat feestje? Niet in Rotterdam op 26 februari. Misschien niet door ferm en georganiseerd politie-optreden? In ieder geval waren de verschillende media de grote verliezers. Ze hebben hun hart een week op kunnen halen nadat de vernielingen in Rome breeduit gemeten werden in de media. Een week lang hebben ze kunnen hypen om naar een herhaling toe te werken bij de return in Rotterdam. Vele zogenaamde weldenkende journalisten zijn naarstig op zoek gegaan om de nieuwsconsument te bevredigen met hijgerig nieuws over potentiële rellen van psychopate voetbalsupporters. Daarnaast meenden o.a. Eerste Kamerleden nog een belerend toontje in de verkiezingsstrijd te moeten doen om de brave burger met stevige taal te overtuigen dat de politiek er werk van gaat maken. We zijn het immers helemaal zat dat voetbalgeweld dat me onze belastingcenten bestreden moet worden. Het feestje kwam er dus niet. Er waren wel een aantal aanhoudingen, maar bij zo’n massa testosteron, Rotterdams of Romeins, is dat niet opzienbarend. Weldenkend Nederland heeft geen beelden gezien van bloed aan de muur door billenprikkende tifosi uit Roma of geen ronddolende Feyenoorders op zoek naar Italiaanse prooi of overdreven hard meppende ME’ers die iedere verdachte ongelukkig wil meppen. Het bleef rustig, misschien wel door het politie-optreden, maar zeker niet door de verschillende media die niet konden wachten op een makkelijk verteerbaar nieuwsonderwerp.

VOETBALRELLEN
Terug naar de 19e in Rome waarbij een enorme volksverhuizing van ongeveer 6000 supporters georganiseerd moest worden. Ik weet niet of de verantwoordelijken bij Feyenoord slapeloze nachten hebben gehad, maar het overgrote deel, of misschien wel 100% was gescreend op het hebben van een stadionverbod. Natuurlijk weet een ieder dat de gemiddelde voetbalsupporter geen koorknaap is en als je er wat bier in gooit zal het taalgebruik allesbehalve parlementair zijn. Mijn ervaring met veel Feyenoordsupporters is trouwens dat zonder bier het aantal GVD’s al aanzienlijk is. Dit neemt niet weg dat een particuliere organisatie zoals Feyenoord niet verantwoordelijk gesteld kan worden voor Neanderthalers al dan niet met een stadionverbod die op eigen gelegenheid naar Rome zijn afreist om te rellen. De reactie van Feyenoord directeur Gudde vind ik dan ook terecht, schaamte was er wel, maar geen excuses voor iets waar je niet verantwoordelijk kunt zijn.

NIET FRAAI, GEEN RAMP

 

Natuurlijk is het geen verheffend gezicht groepen mafkezen die ruiten ingooien, flessen naar de ME smijten of anderszins vernielingen aanrichten. Of dit nu cultureel erfgoed is of niet, ook het vernielen van een bak geraniums van een omaatje is onnodig. Ik ga niet katten op de Italiaanse canabieri die mogelijk te hard hebben opgetreden tegen onschuldige Feyenoordsupporters. Ook ga ik niet foeteren op de grote mate van ongeorganiseerdheid die benoemd wordt met name ten aanzien van vervoer naar het stadion of het ontbreken van urinoirs, want van bier moet je nu eenmaal pissen. Dit alles is geen excuus voor wangedrag van een groep rellende mafkezen. Bovendien wat moet ik met nieuws dat de sfeer eigenlijk heel lang goed is geweest, de omzet voor de plaatselijke middenstanders uitstekend en Japanse toeristen zich veilig genoeg voelde om met supportersgroepen op de foto te gaan? Of wat te denken van berichten die opduiken dat de staatssecretaris van Cultuur, een kunstkenner, beweert dat de schade hooguit €2000, – is. Hij wil het wel uit eigen zak betalen. En dat is mooi, want dan kunnen al die geldinzamelingsacties van gymnasiasten en andere cultuurliefhebbers aan een goed doel besteed worden. Want ook zij hebben zich op een onaanvaardbare manier laten beïnvloeden door de media die zonder hoor- en wederhoor allerlei vluchtige artikelen de wereld in hebben gegooid. En die zelfde media hoopten op een reprise in Rotterdam om hun net zo vluchtige nette publiek weer te bedienen zodat ze och en wee kunnen roepen dat alle voetbalsupporters proleten zijn en die van Feyenoordsupporters in het bijzonder. Bij de hockeyclub zijn ze wel anders gewend. Ik heb genoten van de relatieve rust tussen de beide supportersgroepen. De media is massaal uitgerukt in afwachting om verslag te doen van hun eigen gecreëerde feestje. Lekker, het is niet doorgegaan.

FEYENOORD VERLOREN, OOK VAN DE UEFA

Verder viel er die avond weinig te genieten als Feyenoord-fan want het voetbal van de Rotterdammers was niet goed tot aan de onterecht gegeven rode kaart, na al een scala aan scheidsrechtelijke dwalingen. Het leek erop dat de UEFA de Franse scheidsrechter instructies had gegeven om die horde Rotterdammers niet meer in Europa toe te laten komen. Ik vind het oerstom dat er fans zijn die van alles ‘anoniem’ op het veld gooien, dat vraagt om problemen al heb ik ook wel gezien dat de Italiaanse voetballers meesters zijn in provocerend gedrag naar zowel voetballers als ook supporters. Als je dan de scheidsrechter raakt met een aansteker dan ben je als club de lul. Aan de andere kant vond ik het prachtig, ik neuriede zelfs mee, dat er massaal ‘UEFA Maffia’ werd geroepen en dat zelfs de Italianen hun steentje bijdroegen door ‘Puta UEFA’ te roepen. Zo eensgezind kan het voetbal ook zijn.
Natuurlijk ben ik ook als niet Rotterdammer en niet-harde kerner teleurgesteld. Teleurgesteld in het voetbalresultaat en de mogelijke gevolgen opgelegd door de machtsorganisatie UEFA. Als middelbare provinciale Feyenoordfan begrijp ik niets van het feit dat je je wilt later verbouwen voor je club. Wat ik wel begrijp dat je ieder moment van je vrije tijd stopt in het vervaardigen van spandoeken of sfeeracties. Zonder die fanatieke Feyenoorders op de Gerard Meijertribune is De Kuip een stuk stiller. Voor juist die grote groep ‘die hards’ is het een hard gelag dat Feyenoord zo’n negatieve lading krijgt. In de eerste plaats door die kleine groep die het verpest, maar vooral ook door de media die een gemakkelijk onderwerp op een amateuristische wijze oppakt.
Toevallig hoorde ik een VVD-minister zeggen op een ‘goedkope’ vraag van een journalist of het niet helemaal mis was met die partij, nu het zoveelste VVD-fraudeschandaal naar buiten is gekomen met het aftreden van Kamerlid Verheijen. Heel terrecht antwoordde ze: ,,Het gaat wel om individuele casussen en niet om de partij als geheel!”
Het is blijkbaar moeilijk voor veel mensen om hetzelfde te denken van voetbalsupporters en in dit geval van de club Feyenoord.

=========================================================================

De politiek en overheid zouden eens meer moeten nadenken over het gegeven dat echte psychopate randdebielen die ‘over the edge opereren’ en willens en wetens willen rellen altijd zullen blijven bestaan in iedere samenleving en in iedere tijd. Willen ze er echt iets aan doen dan moeten ze niet zo zeer een voetbalclub gaan belasten, of een organisatie van een feest (Hoek van Holland) of de burgemeester van Haren. Je accepteert dat deze mensen bestaan en zich heel strategisch aan een grote massa opdringen en hun geweldadigheid ten toon zullen spreiden. Nu is het bij een voetbalclub, maar als andere volkssporten of massabijeenkomsten populair zijn, zullen ze net zo gemakkelijk identificeren met deze organisaties. Dus voor de journalisten blijft er werk genoeg op gemakkelijke nieuwsitems, maar ze durven zich amper te verdiepen in het onderliggende gegeven dat er altijd hordes jongelingen zullen blijven waarbij de kans op ontsporing aanwezig is.

42. AFGEDANKT, VREEMDGAAN EN ER METEEN OP uit de kabbelende 100

Soms gaat dat zo in een relatie, je hebt er genoeg van. Je ziet het aankomen en lang is er sprake van mededogen. De relatie verkeert zogenaamd in stilstaand water. Er gebeurt niets spannends meer, iedere vorm van constructieve samenwerking is verdwenen en houden van is een gevoel van wel heel lang geleden. In dit geval vraag ik me af of het er ooit geweest is, maar dat zeg ik met de kennis van nu. Weken, misschien al wel maandenlang20150225_174212 ben je op zoek naar het afvalputje waarmee je de relatie de final push kunt geven. Vandaag was het zover. Je had genoeg van het gekreun, ze staat krom op d’r benen en de rug staat op instorten. Ook van een fijn zacht huidje is geen sprake meer. Het is definitief klaar, over en uit. Zonder scrupules besloot ik deze morgen vreemd te gaan, zonder overleg of ruggespraak. Weerwoord zou toch geen zin hebben gehad, want A man has got to do what a man has got to do. En zo is het ook nog eens een keer.

Het is een struise Brabantse geworden en zoals dat gaat met prille liefdes, die worden veelvuldig geconsumeerd, zo ook deze. Bijna bij het perverse af ging ik er overheen deze middag, een soort van onuitputtelijke oergevoel kwam in me los. 18 keer, bijna zonder pauzes, hooguit 20150225_174239een romantische sigaret tussendoor. Maar na de korte rust, richtte mijn blik zich bijna met maniakale lust op de nieuwste verovering. Ze hield zich kranig onder mijn liefdevolle maar robuuste en trefzekere beroeringen. Maar na de 18e keer had ik het helemaal gehad. Mijn rug is naar de gallemiezen, ik voel me uitgewoond en van lust is geen sprake meer. Maar Madame bleef onaangedaan, ze zou nog uren verder kunnen. Maar dan wel zonder mij, besluit ik. Ze wordt opgeborgen in de kelderkast en wat haar daar dan overkomt, is gelukkig buiten mijn blikveld. Van jaloezie heb ik geen last.

Maar als ik dan het resultaat bekijk van de kortstondige relatie, ben ik blij. 18 fraai gestreken overhemden hangen gebroederlijk naast elkaar als ware liefdesbaby’s. Ja, ik ben me er eentje.

20150225_174149

Europa aan flarden of altijd een losse flodder geweest?

Ik kan geen Grieks, maar in de hoofden van het Griekse electoraat moet iets geklonken hebben zoals in Oost-Duitse steden in 1989. ‘Wir sind das Volk.’ De Oost-Duitsers hadden het morele gelijk aan hun zijde en ze hebben gewonnen, al zal de grootte van de winst discutabel zijn voor een deel van de mensen. Ook de Grieken hebben het morele gelijk aan hun zijde. Zij moesten immers bloeden voor de grote inlandse corruptie die boven tafel kwam. Bovendien betaalden zij de rekening van het redden van veel Noord-Europese banken. Gelukkig zien de Grieken hun redding niet in de xenofobe Gouden Dageraad, maar in het linkse Syriza van Alexis Tsipras. De partij voert een democratisch socialistische koers en is vooral antikapitalistisch. Zie hier de zaligmakende ingrediënten voor een fijne samenwerking met de voornamelijk Neo-kapitalistisch mainstream van de (Noord) Europeanen. Ik ben benieuwd hoe de Grieken deze overwinning van Syriza over vijf of tien jaar zullen waarderen.

Begin van het einde?
Als fervent voorstander van Europa, niet zozeer uit ideologische overweging, maar vooral op basis van (economisch) pragmatisme, is Europa onze enige kans op welvaart, maar vooral welzijn. En als ik onze zeg, dan bedoel ik dit inclusief de welvaart voor de Grieken, Portugezen en andere lidstaten aan de rafelranden van Europa. Mijn weloverwogen NEE tegen de Europese Grondwet (juni 2005) was geen NEE tegen Europa, maar vooral een NEE tegen de eenzijdigheid van Europa. Om het populistisch uit te drukken, het was een NEE tegen de vermarkting van Europa door en voor multinationals en geen Europa voor de Europeanen. Als Noord-Europeaan had je nog wel de voordelen, ook voor Jan met de Pet. Echter aan de horizon zag je de problemen aankomen, je hoefde er geen groot visionair voor te zijn. In mijn naïviteit dacht ik dat een Nederlands NEE en Frans NON voldoende zouden zijn om de menselijke maat te hanteren binnen de Europese grenzen. Bovendien ben ik realistisch genoeg om te beseffen dat het een moeizaam proces zou worden. Dus na dat weloverwogen NEE, hoorde ik verder niet bij de eurosceptici. Integendeel, maar ik had natuurlijk geen weet van de bankencrisis die zou volgen. Wie wel trouwens?

Zeven jaren stoeien we al met de gevolgen van die bankencrisis. Economische, politieke en culturele crisissen zouden volgen en/of daar zitten we nog midden in. In vele landen is hierdoor niet het meest fraaie naar boven gekomen. Met name rechts populistische partijen hebben een electoraal graantje mee weten te pikken. Het gevolg is dat zelfs gevestigde pro-Europese partijen hun Europese standpunt om puur pragmatische redenen voor intern gebruik hebben gematigd. De VVD in Nederland is hier een typisch voorbeeld van, aanschurken tegen het PVV standpunt voor binnenlandse consumptie, maar in Europa de Neo-kapitalistische koers blijven varen. Ze hebben in Nederland de afgelopen jaren de handen niet op elkaar gekregen voor Europa.
Krachtige taal wordt nu uitgeslagen als het gaat om terugbetalen van de Griekse schulden, alsof het Griekse equivalent van Jan met de Pet louter bestaat uit rovers en profiteurs. De Grieken hebben hun uitweg gevonden en putten hoop uit de antikapitalistische Syriza. Voor mij het zoveelste bewijs dat ik mijn standpunt over Europa misschien moet bijstellen? Niet omdat de Grieken hebben gewed op mogelijk een ‘verkeerde’ oplossing, maar eerder omdat het aantoont dat de wil (en misschien wel de mogelijkheden) ontbreken om bij elkaar te komen. Is er wel voldoende solidariteit tussen de landen onderling en is de louter bureaucratisch kapitalistische weg wel het geëigende pad om Europa een eenheid te laten worden? Ik begin te twijfelen en vrees daarmee voor de toekomst van Europa. Niet dat we een federale staat moeten nastreven, maar als 28 kleintjes op globale schaal stellen we maar bar weinig meer voor, al denken en voelen we vooral nog anders.

Of een nieuw begin?
De Griekse kiezer heeft gesproken en laat in beginsel vooral een geluid horen tegen de economische verdeling in Europa. De komende weken moet blijken of dit zal leiden tot een vrijwillig of misschien wel geforceerd afstand nemen van de EURO door Griekenland. Ik kan niet overzien of een zogenaamd grexit een economische ramp is, de economen zijn het er niet over eens. Wel is duidelijk dat hetgeen de Grieken zullen laten zien psychologische gevolgen zal krijgen. Om heel andere redenen zullen populistische groepen hun kakofonie aan anti-Europa geluiden laten horen. Het Griekse afscheid zal door hen warm begroet worden, want zijn het niet de kansarmen in de andere landen die moeten betalen voor die slome Grieken? In Nederland zal de PVV vooraan staan om te zeggen dat die 18 miljard die Jeroen Dijsselbloem terugeist van de Grieken nooit terug zal komen. Geert had het immers altijd al gezegd dat Europa een bodemloze put is. Ik zie hem verzuchten dat 18 miljard heel veel is voor de ouder wordende Henk en Ingrid die geen zorg meer krijgen. Nu komt dat eens een keer niet door de potverterende buitenlanders in Nederland, maar door de Grieken. Hij wint hier stemmen mee, de solidariteit en eendracht binnen Europa zal er niet groter door worden. Aan de andere kant van het politieke spectrum zal de SP juichen. Het economische establishment heeft een klap gekregen en dat smaakt naar meer, ook in Nederland. Zal er hoop gloren?

Clashes of civilisation
Maar als de economische koers geen draagvlak heeft binnen Europa, komen vooral andere verschillen naar boven. Het nieuwe Griekenland is bijvoorbeeld helemaal niet zo’n voorstander van de boycot tegen Rusland en Poetin. In de wetenschap dat de christen orthodoxie in Rusland en Griekenland de belangrijkste godsdienst is, moet ik onwillekeurig denken aan het werk van Samuel Huntington, begin jaren negentig, de botsing der beschavingen. Het is volgens mij een wetmatigheid als de economische belangen uiteen gaan lopen, andere verschillen een rol zullen gaan spelen. Verschillen in geloof, historische achtergrond en mate van liberale opvatting zullen meer uitvergroot worden en leiden tot clashes en daarmee verbrokkeling van Europa. Euro-sceptici zullen dat prachtig vinden en rechtspopulisten zullen hun nationalistische gelijk opeisen. Op termijn zal dat voor Europa als geheel geen goed doen, niet op economisch gebied, niet op politiek gebied en zeker niet op humaan gebied.

Europa een losse flodder?
Ik hoop dat Europa een verstandige reactie zal geven op de begrijpelijke middelvinger van de Grieken. Ik sta nog steeds achter mijn toenmalige NEE in 2005 en hoe tegenstrijdig het ook lijkt, ik hoop nog steeds op een Europese eenwording in welke vorm dan ook. Echter ik ben nog nooit zo pessimistisch geweest, niet vanwege de overwinning van Syriza an sich, maar vooral omdat dit aantoont hoe (economisch) verschillend we zijn en je je kunt afvragen of de Neo-kapitalistische koers uiteindelijk Europa niet ten gronde richt.