41. SPRAKELOOS LOW-BUDGET WINTERVAKANTIE uit de serie de kabbelende 100

Wat van ver komt is lekker zeggen ze wel eens. Ik weet niet hoor, misschien is het meer de blindheid voor het alledaagse? Zo is ook de eerste gipsvlucht al weer terug op vaderlandse bodem. Het was daar heel lekker. In de periode tussen kerst en oud&nieuw, het zogenaamde feest-interbellum, overweeg ik een commerciële schnabbel te ontwikkelen. Low-Budget autovakantietripjes, dichtbij en toch heerlijke winterse omstandigheden. Hoch-***** biedt een arsenaal aan hoogwaardige sneeuwuitjes voor nog geen €25, -. Als u bovendien bij de plaatselijke middenstand uw tank vol gooit verdient u een substantieel bedrag terug. U kunt zich via dit blog aanmelden voor de juiste tips. Let wel het bedrag is ongeacht de hoeveelheid personen die mee gaan. Er zijn ideale wandel- en langlaufroutes. Ruime parkeergelegenheden staan tot uw beschikking en voor de echte Hollander, een etablissement met poffertjes is aanwezig om je ‘richtig Zu Hause’ te voelen. Sprakeloos WinterSpass für Richtige Winterspass.
20141228_150133
20141228_140653Lieflijke winterplaatjes per strekkende meter zijn op een mooie zondag te maken. Frisse lucht en na een half uur voelt u zich al herboren. Het is allemaal bij de prijs inbegrepen. In het buitenland en toch binnen tien minuten weer in de Nederlandse polder. Waar komt u het tegen?20141228_145510

Idyllische plekjes waar hier en daar een romantische huisje verborgen is laten u wegdromen naar andere omstandigheid. Dat maakt Sprakeloos Winterspass ook zo ongekend populair en de louterende werking van de wintertripjes houdt de psychiater buiten de deur.

20141228_142052

De stilte en de rust had ik al vermeld. Af en toe komt u iemand tegen. Het zijn andere rustzoekers of een plaatselijke schone die de hond uitlaat. De locals staan bekend om hun toegankelijkheid. Ze zullen u de weg wijzen naar de geheime nog niet ontdekte pleisterplekken. Ook kunnen ze u tips geven over het bruisende leven in het dal waar tal van horeca gelegenheden u een scala aan keuzes biedt om de interne mens te versterken na een verkwikkende wandeling.20141228_142115

Honden zijn overal toegelaten, of wat denkt u van een winterse tocht met uw paard. Speciale routes zijn uitgezet. Voor de echte wintersporter zijn er tal van zeer rustige en voor de beginneling zeer geschikte ski-pistes. Verwacht geen hoge snelheden of ander thrillseeking entertainment. Het gaat om uw rust per slot van rekening, en die is er volop aanwezig.

20141228_145159

Allicht bent u geïnteresseerd en staat u te popelen om voor een extreem laag budget een wintervakantiegevoel te krijgen. U mailt via dit blog en na overmaking van het verschuldigde bedrag krijgt u de plaatsnaam als entreebewijs voor een unieke Sprakeloos Winterspass ervaring. Waar wacht u nog op?

20141228_145510

30. DE VERFOEIDE PAUZEWANDELING uit de serie de kabbelende 100

Ik vind het bijzonder eng. Laat ik er maar eerlijk voor uitkomen. Als ik ergens pukkeltjes van krijg zijn het groepjes wandelende collega’s die hun broodjes oppeuzelen in de straten rondom hun kantoor. Vaak zijn ze nog hevig discussiërend en met volle mond pratend hun werk aan het overdoen. In die pauzes lijken sommigen tot hoogstaande inzichten te komen en proberen een murw gewerkte collega juist op dat moment te overtuigen. Ze praten alsof ze de directeur zijn en dat het bedrijf zonder hun inbreng tot een desolate ruïne van bureaucratische existentie zal verworden. Misschien dat de frisse lucht tot die Einsteinachtige plannen noopt, maar ’s middags zullen ze gewoon weer een radartje zijn in hun eigen machinerie. Andere groepen lopen doods en zwijgend soms met wel acht mannen. Vast een bedrijf met veel bèta’s en die ene vrouw die meehuppelt was blijkbaar goed op haar toekomst voorbereid.

2014-03-31 12.29.45

Ik heb het niet op de middagwandeling, maar het is wel gezond zeggen mijn collega’s. De hele dag op je krent zittend in ongezonde kantoorlucht, je rug en je ogen naar hun grootje helpend van het computerwerk is ook niks. Ik zou het eigenlijk standaard moeten doen, maar mijn eigen vastgeroeste oordeel over groepjes loonslaven houdt me tegen. Daarmee ben ik dus een rem op mijn eigen gezondheid, want wie mij ziet, denkt niet meteen aan een man die zijn lichaam als een tempel onderhoudt. De oplettende lezer kan nu het verband leggen met een gezonde geest. Dus als de druk van ongetwijfeld goedbedoelde collega’s samenvalt met een opkomende koppijn, ga ik overstag en praat natuurlijk de hele weg over het werk als een directeur die de sleutel in handen heeft voor verbeteringen in de zaak. Of ik praat over Feyenoord en dat is dan wel weer leuk. En eerlijk is eerlijk, er is niets mis met mijn collega’s, maar mogelijk met mij want waar ik ook loop in de pauze, ik zie plukjes werknemers en probeer hun beroepsmatig in te schalen. Wat doe je trouwens als je in de haven van Rotterdam werkt op een bezoedeld kantoortje, of wanneer je je ontspanning moet zoeken tussen de flats van de Zuidas in Amsterdam? Ik moet me dan maar gelukkig prijzen met het Arnhemse Sonsbeekpark in de directe nabijheid. Hoewel ook hier de werktorens oprukken, zijn ze nu nog slechts horinzonvervuiling, een uitzondering, net als ik met mijn rare ideeen over de verfoeide pauzewandeling.

Rosenmontag Spaziergang

Mistroostig kijkt de man naar buiten. Het aanbod aldaar is niet erg uitnodigend, toch zal hij zijn verplichte wandeling moeten maken voor het psychische en fysieke welzijn. Het is wat grijzig in een witte wereld en op het journaal hebben ze een temperatuur van onder nul beloofd.

Eenmaal buiten blijkt hij een van de weinige helden te zijn. De rest van de mensheid las absoluut geen uitnodiging in de winterse kou geschreven. Ondanks de desolate aanblik, was er veel lawaai. Om voor hem onbegrijpelijke reden maakten de vogels een hels kabaal.

‘Ik ben geen ornitholoog, ik spreek hun taal echter niet.’

Misschien verwittigen ze elkaar dat er een rare tweevoeter met dit weer naar buiten gaat, zonder veren nota bene. Misschien hebben ze wel gewoon honger na zoveel weken sneeuw. Mogelijk spelen de hormonen hen parten, maar worden ze nog gedwarsboomd door de weersomstandigheden en dat is natuurlijk heel frustrerend. Een ding is zeker, de Wielewaal roept hen nog niet.

‘Dus wat doe ik hier in die Siberische koude.’

Buiten de vogels is het bijna stil. Alleen een auto komt langzaam aanrijden, de gladde wegen noodzaakten de chauffeur tot voorzichtig rijgedrag. Als de man bijna genaderd is, stopt hij. Hij kijkt alsof hij best sneller wil rijden, maar de verplichtingen die zijn werk met zich meebrengen zijn belangrijker. Hij pakt uit de achterklap van zijn kleine bestelbusje een pakketje. De leesportefeuille, leesplezier dat je zelf kunt samenstellen lees hij op de auto. De bladenman heeft een uitstervend beroep en aan zijn gezicht te zien, heeft hij er ook nog weinig plezier in. En hij moet nog tien jaar zo te zien en als het even tegenzit, zullen de opvolgers van Vader Drees hem nog twee jaar langer laten lijden.

Als de man in zijn tijdschriften mobiel verder gaat het leesplezier te verspreiden, is het wel echt stil. Ook de vogels houden hun gemak als de rand van het dorp achter hem ligt. Tussen de weilanden en langs het spoor treft de man niemand meer. Voor het psychische en fysieke welzijn, zet hij de pas erin. Het helpt hem ook om een beetje warm te worden en al snel nadert hij het volgende kerkdorp. De hoofdstraat is bezaaid met serpentines en confetti. Hier en daar liggen platgetrapte snoepjes die niet door kinderen zijn opgeraapt. De carnavalsoptocht is de zondag ervoor langs geweest, maar van enige feestelijkheden nu, is amper iets waar te nemen.

‘Het is Rosenmontag’, herinnert de man zich, maar de tijd van kolderieke leut is voor hem al eeuwen geleden.

Trouwens de feestelijkheden op deze desolate maandagochtend lijken ook hier nog niet op gang te zijn gekomen. Uit een van de huizen komt wel de geur van worst en boerenkool via de luchtkoker. De ultieme voorbode dat later die dag mogelijk weer leven in de brouwerij zal zijn. Nu moet de kater eerst weggewerkt worden met koffie en een stevige stamppot. De man kijkt op zijn horloge en ziet dat het half twaalf is.

‘Inderdaad, over een uur of twee zal het aanzienlijk drukker zijn.

Hier en daar fietst een ‘vroege vogel’ in kleurrijke kleding, maar ook met een dikke jas tegen de kou. De gezichten staan niet erg ontspannen, chagrijnig zelfs. Mogelijk dat hutspot met klapstuk bij een van de verzamelpunten van de verschillende vriendenclubs daar verbetering in kan brengen. Het zijn namelijk hoofdzakelijk jonge mannen. Hun vriendinnen zullen ongetwijfeld eerder zijn opgestaan om de noodzakelijke voorbereidingen te treffen voor het eten. Ze hebben statistisch gezien ook minder kans op een enorme kater.

Midden in het dorp staat de enige horecagelegenheid met een feesttent op de parkeerplaats. Aan de buitenkant is het een gewoon café zoals er nog velen staan in de verschillende kerkdorpjes. De tafels zijn bedekt met dikke tafelkleedjes en hoogstwaarschijnlijk staan er ook nog gewoon asbakken. Nu is de entourage feestelijk gemaakt met ballonnen en slingers. Boven de ingang staat dat prins Cor heer en meester is. Zijn gevolg, de carnavalssteken zijn goed zichtbaar vanaf buiten, praat nog rustig na over de avond ervoor. Mogelijk dat ze bezig zijn met de festiviteiten van die middag. Zachtjes is uit de luidsprekers, die boven de foto van prins Cor hangen, muziek te horen. Heel langzaam wordt de stemming er voor die dag ingesleten.

‘Am Rosenmontag bin ich geboren,

Am Rosenmontag bei uns daheim.

Bis Aschermittwoch bin ich verloren,

Den Rosenmontagskinder müssen närrisch sein,

Den Rosenmontagskinder müssen närrisch sein.’

‘Er is hier nog niemand ‘närrisch’’, bedenkt de man terwijl hij het etablissement achter zich laat en verder wandelt, zijn psychische en fysieke welzijn tegemoet.

‘De vogels zijn niet ‘närrisch, de bladenman niet en ook de onderdanen van prins Cor nog lang niet. De enige joker ben ik zelf om met dit weer te wandelen.’

Hij schroeft zijn wandeltempo nog maar eens een beetje op. Toch begint hij onbewust te neuriën en loopt in de cadans van het liedje dat hij in zijn hoofd heeft.

‘Am Rosenmontag bin ich geboren,………..

De zon begint zowaar een gevecht aan te gaan met de grijze lucht als de man zijn rondje heeft gewandeld. Een beetje lente dan toch en een beetje herboren na zijn wandeling. Met het carnavalsfeest bij prins Cor zal het ook wel goed komen die middag en ook de vogels zullen binnenkort hun nesten bouwen. Of het met de bladenman goed zal komen, weet hij niet. Hij kan het alleen maar hopen.