Een gros woorden voor de week (31 mei 2021)

Het was objectief qua nieuws een kabbelende week. Of we moeten het over de heropening van de maatschappij hebben. Ik ben blij voor de horeca, de kunstsector en alle neringdoenden die weer kunnen verkopen. Het zorgt in ieder geval voor meer blijheid in de samenleving en het chagrijn is voor even weg. Hoewel het kabinetsbesluit om een Kamermeerderheid te  negeren als het gaat om het verbieden van homogenezing vind ik onbegrijpelijk. Misschien moeten we demissionaire ministers gaan genezen en wel verplicht. Ik heb ook nog een suggestie voor de formateur . Als we alle Nederlanders oproepen om hun vaccinatie allemaal twee dagen uit te stellen en de vrijgekomen prikken linea recta naar Suriname verschepen. Lijk me logistiek en politiek niet zo’n probleem toch? Ik bel de GGD wel om mijn afspraak te verzetten. Moeten we toch niet willen, code zwart in de Surinaamse ziekenhuizen.

FF spuien en dan weer stilte

Een waarschuwing vooraf, dit is een blog zonder kop en staart. Aan de andere kant raakt het zowel kant als wal, tenminste mijn kant en mijn wal. Aanleiding is de ophef rondom Femke Halsema en de demonstratie gisteren in Amsterdam. Ik vind er wat van, maar wat? Ik spui zomaar wat dingen achter elkaar en u zoekt het maar uit. Daar gaat ie.

 

Trump is een gek en een dictator

Trump is niet de aanleiding van de ellende in Amerika, hij is het gevolg. De in en in zieke maatschappij aan de overkant van de plas wordt weliswaar minder verafgood dan enkele decennia terug. Nog steeds importeren we allerlei immaterieel gedachtegoed naar Nederland. De verontwaardiging van een belangrijk deel van de Amerikanen is dat per definitie de onze? Waarom niet massaal verontwaardigd tegen Assad, China, Suriname en Brazilië. In sommige landen sterven er meer mensen door geïnstitutionaliseerd overheidsgeweld per week, dan de Amerikaanse politie in een jaar vermoord. Dat ontneemt natuurlijk niemand om zijn of haar verontwaardiging om te zetten in protest. Sterker nog, met mijn waarden en normen zou een (economische) boycot van Amerika door Europa, of Nederland, of misschien wel alleen Amsterdam best op zijn plaats zijn. Het is echter niet verstandig en mogelijk zelfs hautain, want wie zijn wij? De Europeanen, de Nederlanders of de Amsterdammers.

 

Racisme is heel wijdverbreid, maar discriminatie is een menselijke eigenschap

Om alle scherpslijpers van de begrippen discriminatie en racisme voor te zijn, ik hanteer gewoon mijn eigen standaard. Discrimineren is hetgeen de mens doet op basis van (soms beperkte) kennis, maar vooral om zijn wereld overzichtelijk te maken. Ik zie een mens van 1 meter en het gaat naar school, ik handel daar na. Ik zie een oude vrouw die de weg wil oversteken en vraag of ze hulp nodig heeft. Discrimineren is dat. Het zou raar zijn als ik een moeilijke wiskundige stelling voorleg aan een kind, of een atletische man vraag om hem te helpen met oversteken. Zo gaat het finetunen volgens mij 24/7. Is iemand een man of een vrouw, is iemand dik of dun, komt iemand uit Friesland of Limburg, is iemand licht of donker etc. Uitsluiten is een menselijk tekort, racisme is het systematisch uitsluiten met voorbedachte rade. Kijk maar naar de foto hierboven en oordeel maar, een white priviliged male pig. Het doet me niets, ik weet dat er in Nederland misstanden zijn op dit gebied, maar ik weet ook dat racisme niet iets is van alleen de witte boze man maar dat deze etterende zweer bij alle bevolkingsgroepen kan voor komen en in dezelfde mate.

 

Dit gezegd hebbende zie, ervaar, lees en hoor ik het volgende de laatste 24 uur rondom mevrouw Halsema.

  1. Het doel van de demonstratie is belangrijk, zou Halsema hebben gezegd. Ik ben het daar volledig mee eens al lukt het mij niet me in zo’n massa mijn verontwaardiging te uiten. Maar als nu dezelfde verontwaardiging zou ontstaan bij een groep die de 500 Syrische kinderen niet naar Nederland wil hebben. Zou mevrouw Halsema eenzelfde middelvinger hebben opgestoken naar het Coronaverdriet in Nederland?
  2. Het valt mij op dat veel voorstanders van deze demonstratie het alleen maar over de inhoud van de demonstratie willen hebben. Het politiegeweld in Mineapolis en de verschrikkelijke dood van George Floyd. Ze willen niet eens aangesproken worden op hun verantwoordelijkheid als ingezetene van Nederland met een duidelijk lopend coronabeleid. Daar gaat mijns inziens de hele discussie over en de laakbare reactie van het Amsterdamse stadsbestuur. Dus daar moet het over gaan, niet over de inhoud van de demonstratie. Hierop doorbordurend had burgemeester Halsema dezelfde reflex gisteren bij Op1, maar ze besefte wel dat ze iets moest maar haar verantwoordelijkheid van orde en veiligheid.
  3. Ik hoorde haar zeggen dat ze de opkomst van zo’n grote groep niet had verwacht. Nu breekt mijn klomp, haar grachtengordelkliek heeft sinds jaar en dag dit gedachtengoed omarmd en uitgebreid de ruimte gehad op televisie om iedereen buiten Amsterdam voor racistisch of in ieder geval dom te verklaren. Volgens mij had een Twentse boer zonder sociale media met het lezen van de krant en het kijken van het 8 uur-journaal kunnen aanvoelen dat dit uit de hand kon lopen. Moet ik constateren dat mevrouw Halsema geen politiek en maatschappelijk gevoel heeft?
  4. Of is het een vooropgezet plan met schijt aan de corona-maatregelen om haar eigen politieke agenda te gaan bepalen. In dat geval is het een slimme, zij het een zeer gewaagde zet.
  5. Ik vond trouwens haar optreden gisteren bij Op1 een evenaring van de Trumpiaanse interviews, ze had een zus van, of in ieder geval een nicht van de Amerikaanse dictator kunnen zijn. 20200602_182328Even een bloemetje tussendoor om af te koelen en we gaan weer verder

 

6. Ik moet erkennen, ik schaam me kapot, want naar aanleiding van haar optreden heb ik zelfs een tweet van Freek de Jonge, de vleesgeworden grachtengordel dominee geretweet: Hij opperde dat hij in Carré zijn optredens tegenwoordig demonstraties gaat noemen. Precedentwerking is het gevolg. De Boa’s staan machteloos, de politie staat in zijn hemd, de hardwerkende Nederlander heeft voor niets zich gehouden aan allerlei soms onduidelijke maatregelen, ondernemers vragen zich af waarvoor zij hun handel hebben moeten staken, de horeca gaat nu serieus denken om de regels aan de laars te lappen, de economie is naar de kloten en ik heb mijn 84-jarige alleenstaande moeder die net weduwe is geworden drie maanden niet kunnen omhelzen, maar mevrouw Halsema, burgemeester van Amsterdam maakt verkeerde inschattingen, praat haar fouten goed en met een Hoofdsteedse arrogantie denkt ze dat Amsterdam de huiskamer van Nederland is. Bah, ik ga geen hek om de grachten propageren, ik zal er ook niet tegen demonstreren. Ik zeker niet, zeker nu niet.

7. Moet ze weg? Ik ga daar niet over als oosterling. Ook de Tweede Kamer niet blijkbaar al heeft SGP-er Van der Staaij daar zo zijn bedenkingen over. De Amsterdamse Raad moet in al haar wijsheid beslissen. Ik memoreer dat in het buitenland hoogwaardigheid bekleders voor minder al weken door het slijk zijn gehaald.

8. En weet je wie hier nu garen bij spint? Mensen die hun terechte verontwaardigheid over Halsema-gate maar op één wijze kunnen kanaliseren. Stemmen op mensen als Geert en Thierry. Ik durf te beweren dat de grachtengordel voor 80% verantwoordelijk is voor het bestaan van de PVV of FvD. Een hele nare bijwerking van de arrogantie van het grachtengordelvirus. Ik las vandaag een tweet van Nico Dijkshoorn, ik weet niet of het naar aanleiding van de Halsema-affaire is, maar hij schreef: denk niet rechts, denk niet links maar denk na.

Ik weet niet of ik goed heb nagedacht. Het stuk zo nalezend heb ik heel wat groepen in het harnas gejaagd, als ze het tenminste lezen. Mijn doel is even mijn gal spuwen en net als vier jaar geleden ik in mijn wijsheid heb besloten nooit meer iets zinnigs te zeggen over de Zwarte Piet-discussie in Nederland, laat ik het ook bij dit blog. Maar als u het aardig vindt, deel het en ik ga dit blog op Twitter vergezellen met #demeestmensendeugenookFemke. Met mijn realiteitszin is het goed gesteld, dus dit zal wel niet lukken, maar ik ga morgen weer gewoon verder met nadenken.

Begrip, van de dag (21) Moksie Metie

 

MOKSIE METIE

Puur op basis van de klank, misschien de alliteratie, heb ik vanavond gekozen voor Moksie Metie. In een ver verleden heb ik in Amsterdam wel eens roti met kip gegeten en een gerecht waarin kouseband verwerkt is. Ik herinner me dat het lekker was, maar het is al wel 25 jaar geleden. Vanavond was het roti kip kerrie, pom met kip en….dus moksie metie. Voor mij als carnivoor een onbewuste goede keuze want gemengd vlees is vaak favoriet bij mij. Naar nu blijkt ook in de Surinaamse keuken.

Even een demografisch uitstapje, in het oosten van het land is het aandeel van Surinamers (Surinaamse Nederlanders zo u wil, of Nederlanders met een Surinaamse achtergrond) niet zo groot. Op zich begrijp ik dat niet, want het is er objectief toch heel goed wonen naar mijn bescheiden mening. De kans dat we hier dus struikelen over de Surinaamse 20151024_193528restaurants is nihil, maar sinds dit jaar is er in Zevenaar een klein Surinaams (afhaal)restaurant, Switi. Een verrijking van de mogelijkheden om de smaakpapillen ook met dit eten te verwennen.

Ongetwijfeld zullen er mensen met dedain denken, wat een provinciaal om gewag te maken van zoiets iets normaals als een bordje moksie metie. Het zij zo, ik ben nu eenmaal niet van de grachtengordel, maar wel verheugd met Switi in de nabijheid. Switi staat voor alles wat lekker of prettig is, in dit geval eten. De eetgelegenheid had wat mij betreft ook Kon Hesie Baka genoemd kunnen worden. Dit is de enige suggestie die ik kan aanvoeren, want de Surinaamse taal (Sranan Tongo) ben ik niet machtig. Kon hesi bakka betekent, kom gauw terug. Doen we vast.

TOPTWEET Brokopondo in het nieuws

De geschiedenis van Nederland en Suriname zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden, daar kan niemand om heen. En ik zou ook niet willen. Als kind heb ik met veel plezier het boek Kon Hesi Baka van Henk Barnard gelezen. Wonend in het Oosten van het land was het in de jaren zeventig geen dagelijks fenomeen dat je geconfronteerd werd met mensen afkomstig uit Suriname. De eerste keer maakte indruk en dat heb ik vele jaren later, midden in de discussie of Nederland nu wel of niet MultiCulti moet zijn, in een kort verhaaltje vervat. Dat waren de jaren zeventig, nu zijn we bijna veertig jaar verder. Er is in Nederland veel veranderd, maar ook Suriname viert binnenkort al haar veertig jarige bestaan als zelfstandig land. In die veertig jaar is het land met regelmaat negatief in het nieuws geweest. Daarbuiten valt het eigenlijk best wel tegen, wat ik weet van Suriname. Enige tijd terug heb ik het boek van Sonny Boy gelezen en moest toen tot de conclusie komen dat ik eigenlijk helemaal geen Surinaamse schrijvers had gelezen, sterker nog ik moest zwaar nadenken om er een te noemen. Ik kom niet verder dan Astrid Roemer, maar van haar heb ik nog nooit wat gelezen. Ik zou dit goed maken heb ik beloofd aan een collega die inmiddels weer in Parimaribo woont. Het is nog niet zover gekomen.

Wat ik wel doe, ter compensatie, is het nieuws een beetje volgen van Suriname op Twitter en dan met name ook het gedeelte human interest. Zo volg ik o.a. @Suriname waarin vandaag een tweetje lang kwam met met de volgende tekst: Leerkrachten in Brokopondo wonen zonder water en elektra. Het bericht verscheen op de website van StarNews. Kijk en zo’n bericht intrigeert me.

Screenshot 2014-01-05 22.29.25

Natuurlijk is het triest voor de levensomstandigheden van genoemde leerkrachten die ongetwijfeld hun ziel en zaligheid leggen in het onderwijs van Brokopondo en mogelijk de wijde omgeving. Ik weet niet waar Brokopondo ligt, maar voor dat ik dit stukje op internet zet, heb ik dat zeker gevonden. Ik veronderstel dat Brokopondo een regiofunctie heeft en dat kinderen uit de omgeving naar school gaan in Brokopondo. Zij krijgen les van docenten die water en elektra moeten ontberen. Nogmaals, triest en ik gun ze betere omstandigheden. De vraag die bij me opkomt is echter: ,, Hoe zit het met de kinderen in Brokopondo, en met hun vaders en moeders, hun opa’s en oma’s? Zitten zij ook zonder water en elektra? Als dat niet het geval is, moet er heel snel maatregelen genomen worden en zou ik als parlementariër niet rusten voordat het onrecht is rechtgezet. Niets is namelijk belangrijker dan frisse docenten. Echter, als zij ook geen water en elektra hebben, dan zie ik zo’n bericht in een heel ander perspectief. Dan moet er snel wat met Brokopondo gebeuren als het aan mij ligt. Maar het ligt niet aan mij en ik weet maar al te goed dat de financiële situatie in Suriname niet best is. Onlangs is er nog een ministerswissel geweest op het gebied van Financiën. Kijk dat heb ik ook al viaTwitter. Ik weet dat Andy Rusland is aangesteld. Zo blijf ik nog wel een beetje op de hoogte. Blijft voor mij de vraag hoe zit het met de algemene situatie van Brokopondo op het gebied van water en elektra. Dat intrigeert me mateloos.

Screenshot 2014-01-05 23.27.29

Mijn eerste multiculti-verrassing

Naar aanleiding van de uitzending van Pauw&Witteman van 30 september 2011, maakte ik kennis met Karin Amatmoekrim die haar belevenissen beschrijft als allochtoon op een kakkersgymnasium met honderd procent blanken. 100% – Karin natuurlijk. Haar belevenissen heeft ze in een boek gegoten. Ik zal het zeker gaan lezen. Het deed me denken aan een verhaaltje dat ik schreef in 2004 dat teruggreep op mijn eerste ervaringen met Surinamers. We hebben het dan over 1976 in Raalte.

“Groningen met Groningen, Friesland met Leeuwarden, Drenthe met Assen, Overijssel met Zwolle,……..”
Zo worden alle provincies op aanwijzing van de meester opgedreund. Veel inspiratie heeft de klas niet, gezien het slome tempo. Buiten is het ook ongewoon weer voor april, de zon schijnt en de warmte komt met vlagen binnen via de openstaande ramen, boven in de klas. Ramen die alleen met een lange stok zijn te openen en weer dicht te doen. Deze ochtend heeft de meester voor het eerst dit voorjaar de bovenramen geopend. Een teken voor alle kinderen van de dorpsschool dat de lente echt is begonnen.
“Noord-Brabant met Ben Bosch en Limburg met Maastricht.”
“Hans opletten, buiten is het helemaal niet interessant, hierbinnen gebeurt het. Omdraaien!”
De meester uit op een gedoceerde manier zijn professionele boosheid. Het maakt dan ook niet veel indruk op Hans. Ook andere kinderen proberen te ontwaren waar de aandacht van Hans naar uit gaat.
Ze kijken naar de hoofdingang waar meester Pietersen, het hoofd der school, afscheid neemt van een donkere man. Meester Pietersen is nog zo’n ouderwets hoofd der school dat zelfs in de jaren zeventig al in onbruik dreigde te geraken. Netjes in het pak, een bril die minstens tien jaar uit de mode is en die hem zo mogelijk nog strenger maakt dan hij in de ogen van de meeste kinderen al is.
De donkere man heeft geen last van de strengheid. Hij glimlacht zijn witte tanden bloot en geeft het hoofd der school vriendelijk een hand ten teken dat het gesprek is afgelopen.
“Hè, zwarte piet loopt daar.”
Na deze opmerking van Fred, is er geen houden meer aan. Kinderen verdringen zich voor het raam en kijken met open mond naar de donkere man. Geroezemoes gaat over in gepraat en een enkeling begint zelfs al Sinterklaasliedjes te zingen. Anderen staren gebiologeerd naar buiten. De belevingswereld van velen in de klas is niet ingespeeld op donkere mensen.

De meester overziet de situatie en begrijpt de consternatie. Hij komt tot een wijs besluit als de meeste herrie is overgewaaid.
“Jongens en meisjes, boeken opruimen. De aardrijkskunde les is afgelopen voor vandaag.”
Toch haalt hij een landkaart uit een andere klas. Het is de wereldkaart. De vierdeklassers zijn nog niet zover, dus kijken verbaasd naar hun meester.
“Wie van jullie weet waar Suriname ligt?”
De meeste kinderen kijken glazig naar de landkaart, een enkele wijsneus steekt de vinger in de lucht en hoopt een beurt te krijgen om zo zijn of haar wijsneuzigerheid te tonen.
Gezamenlijk komen de slimmeriken er uit en zo wordt het kennisniveau deze middag onverwacht omhoog gekrikt in de klas.
“De meneer die jullie net zagen, komt uit Suriname.”
De meester legt vervolgens uit dat hij drie dochters heeft en die komen vanaf morgen op school. Eentje in de eerste klas, eentje in de derde klas en eentje in vijfde klas. De vierde klas heeft dus zijdelings te maken met het verschijnsel van donkere klasgenootjes. Toch heeft de meester het verstandig geacht ook zijn klas een eerste les te geven in het multicultureel samenleven.

In het dorp wonen eigenlijk geen donkere mensen. In de nabijgelegen provinciestad kun je ze wel zien. Meestal zijn ze dan niet eens zo donker. Ze bewonen een huizenblok nabij het station en komen uit Turkije, al worden ze meestal wel zwarten genoemd. Dus enige uitleg van de meester is wel op zijn plaats. Duidelijk is echter dat ook de meester niet precies weet hoe hij zijn klas duidelijk moet maken dat het heel gewone kinderen zijn en dat ze Nederlands spreken. De meester komt ook uit het dorp.
“Dus gewoon mee spelen net als met alle andere kinderen.”
Dit waren zijn laatste woorden toen de bel ging.

Bij het naar buiten gaan heerste er een opgewonden stemming in de klas. Maar ook in andere klassen heeft de aardrijkskundeles langer geduurd dan gebruikelijk.
“Mijn vader zegt dat ze in Suriname nog in bomen wonen.”
Een ander beweert:
“Ze lopen daar allemaal op blote voeten en zijn beresterk.”
“Ja en ze kunnen allemaal judo en zijn heel snel.” zegt weer een ander.
Het hoofd der school maant een ieder tot rust, maar laat zijn strenge blik achterwege. Ook een streng hoofd der school begrijpt de opgewonden stemming een beetje. Hij is ook niet geheel gerust over de pedagogische aanpak, die vooraf strategisch is gepland met alle onderwijskrachten.

De volgende ochtend om half negen stroomt het schoolplein langzaam vol. Het is nog steeds prachtig voorjaarsweer. De opwinding en nieuwsgierigheid van gisteren hangt nog steeds op het schoolplein. Niemand mag naar binnen want een donkere vader, de man van gisteren, een donkere moeder en drie donkere meisjes worden ontvangen door het hele onderwijsteam. Het hoofd der school heeft duidelijk de regie, want breed gesticulerend wijst hij naar de juf van de eerste klas die het jongste meisje een hand geeft. Zo wordt er ten overstaan van meer dan honderd kinderen een soort pantomime opgevoerd.
Want bijna het hele schoolplein is naar de ramen toegestroomd. Overwegend blonde koppies en snotneusjes staan met hun voorhoofd tegen de ruiten het toneelstuk gade te slaan. De pantomime wordt van zeer mild commentaar voorzien door de aanwezige kinderen.
“ Jeetje, wat zijn ze donker.”
“ Wat een leuke vlechtjes heeft dat kleine meisje.”
“  Die grote heeft een stadse spijkerbroek aan.”

Het hoofd der school heeft door dat er een enigszins absurde situatie ontstaat en neemt een kloek besluit. De drie meisjes worden afgevoerd door ieder hun eigen meester en juf en de deur wordt voor de overige kinderen tien minuten te laat opengedaan. Alle kinderen worden geacht zo snel mogelijk naar een eigen klas te gaan.

In het eerste daaropvolgende speelkwartier dringen grote groepen kinderen zich op aan de Surinaamse meisjes. Met een mengeling van nieuwsgierigheid en gehoorzaamheid, de meester had immers gezegd dat je gewoon met ze kon spelen, hebben de meisjes vriendinnetjes in overvloed. De jongens bekijken de situatie op een afstand, maar al snel is de aantrekkingskracht van een bal groter dan die van donkere meisjes. Want donker of niet, het blijven meisjes per slot van rekening.

Het heeft amper een week geduurd en de nieuwigheid is eraf en de situatie normaliseert zich. De eerste les in multicultureel samenleven heeft het dorp met glans doorlopen.

Ik vraag me wel eens af, hoe zou het de meisjes zijn vergaan en hoe hebben zij het ervaren?

Onbekend Suriname met Sonny Boy van Annejet van der Zijl

‘Hoe inferieur zwarte mensen volgens de nationaal-socialistische doctrine ook waren, lastiggevallen door de bezetter werden ze niet. Hun aantal was simpelweg te klein om er een apart beleid voor te bedenken en ze kregen zelfs nog steeds keurig hun extra rijstrantsoenen.’

(pag. 163, Sonny Boy)

Dit vond ik vreemd genoeg de meest opmerkelijke passage van het boek. Het zegt alles over het ‘rücksichlose’ dat het Hitler regiem in zich herbergde, bovendien laat dat ook een stukje onmenselijke efficiëntie en bureaucratie zien. Toen ik wist waar het boek over ging, had ik dit namelijk nooit verwacht.

 

Wat ik wel verwacht had, na het zien van de eerste promo’s van de film, weet ik eigenlijk niet. Een stukje geschiedenis van Suriname misschien en de kleingeestigheid van spruitjeslucht in Nederland waarin een verboden liefde zich ontplooide. Ik wilde het boek lezen voordat ik in de verleiding zou komen de film te gaan zien.

Eigenlijk had ik helemaal geen (voor)oordelen verder en ik verzeilde dan ook al snel in een type boek dat bij me past. Ik lees graag kleine persoonlijke geschiedenissen, afgezet tegen de tijdsgeest en de geschiedenis die op dat moment speelt.

Sonny Boy van Annejet van der Zijl begint in Suriname, bij het stamgezin van Waldemar, de vader van ‘Sonny Boy’. Prettig leesbaar en vooral een openbaring, want wat weet ik nu van de Surinaamse geschiedenis buiten het feit dat de slavernij door de Nederlanders nog lang is volgehouden, de decembermoorden in 1982 en de veroordeling van de president, Bouterse, in verband met zijn aandeel in cocaïnehandel.

Goed, ik had in de jaren zeventig het Gouden Griffel winnende boek Kon Hesi Baka van Henk Barnard gelezen. De periode na de afschaffing van de slavernij tot pakweg de onafhankelijkheid is voor mij eigenlijk een zwart gat. Het inkijkje dat Annejet van der Zijl geeft in haar boek is het begin van de opvulling van dat zwarte gat. 

Sonny Boy

 Annejet van der Zijl

Nijgh & Van Ditmar

 Amsterdam 2007

 

Verder gaat het boek in mijn optiek vooral over een stukje Nederland, beschreven vanuit de ongewone relatie tussen een donkere Surinaamse man en een Nederlandse getrouwde vrouw die bovendien zwanger is van hem, Sonny Boy. Juist die kleine geschiedenis van dit echtpaar tegen de achtergrond van de spruitjeslucht in de jaren twintig, de crisisjaren dertig en vervolgens de oorlogsjaren, heb ik ademloos gelezen. Ik heb me ook verbaasd over de relatieve tolerantie, of zou het onverschilligheid zijn geweest, tegenover de jonge Waldemar. De schrijfster benoemt af en toe wel de vooroordelen en discriminatie, maar het ligt er niet duimendik bovenop. In mijn beleving moest in het Nederland van toen een donkere man of vrouw wel heel buitenissig zijn. Zelf herinner ik me nog de eerste Surinaamse kinderen bij ons op school (1977). We werden als ‘onbedorven’ kinderen uit Raalte de dag ervoor wel door het hoofd der school klassikaal voorbereid. Het wende overigens snel is mijn bescheiden mening, maar dat zou eigenlijk aan die kinderen zelf gevraagd moeten worden, maar dit ter zijde.

 

In Sonny Boy beschrijft Annejet van der Zijl het uiterst trage proces waarbij de kinderen in haar eerste huwelijk wenden aan de onburgelijke status van hun moeder, die tot het laatst toe een onvermoeibare energie en optimisme aan de dag legde om alles en iedereen in haar omgeving te kunnen behouden. En gezien de ongewone samenstelling van het gezin in het toenmalige Den Haag, en later Scheveningen, was dat waarschijnlijk ook wel de eerste voorwaarde om te overleven in het Nederland van toen.

 

Het oorlogsgebeuren brengt toch nare en onverwachte wendingen met zich mee als het gezin van Rika, Waldemar en Waldy (Sonny Boy) wordt verraden omdat er Joodse vluchtelingen bij hen waren verborgen.

Sonny Boy is een aanrader dat past in de traditie van Geert Mak’s De eeuw van mijn vader, maar evenzo goed bij Het zwijgen van Maria Zachea van Judith Koelemeijer.

 

Wat mij rest na het lezen van dit boek is toch dat ik moet zoeken naar updates van mijn kennis over de Surinaamse geschiedenis, maar ook zoeken naar actuele Surinaamse schrijvers, want ik ken er eigenlijk geen. Ik hoor graag suggesties.

 

 Al met al een boek dat de moeite waard is om gelezen te worden, om kennis te nemen van de historische feiten en ter vergroting van het historisch besef.

Ik kom op een schaal van 1 tot 10 tot een 7,5

==================================================================

EERDER GELEZEN EN BEOORDEELD

Boeken lezen, voor mij vooral een prettig tijdverdrijf. Soms wordt ik in het boek gezogen, soms koester ik de taal en is het lezen soms ‘slechts’ tijdspassering of heeft een goede marketing me in de greep. Maar ik vind er altijd wel iets van of het nu literair is of niet. Geheel losgekoppeld van de eisen van de middelbare school beoordeel ik mijn leesvoer. In de volle overtuiging dat mijn eigen socialisatieproces hier aan ten grondslag ligt en vooral ook mijn eigen beperkingen hiermee in de etalage komt te liggen. Het mag de pret niet drukken om cijfers uit te delen.

Mijn kleine Waanzin / Jan Brokken                                                                            7+

Winter in Madrid / C.J. Sansom                                                                                   8-

Harry Potter en de relieken v.d. dood /J.K. Rowling                                           7,5

De nazi en de kapper/ Edgar Hilsenrath                                                                    8-

Afrika / Jan Brokken                                                                                                         7,5

Pauperparadijs / Susanna Jansen                                                                              7,5

De Schaduw van de wind / Carlos Ruiz Zafón                                                          8+

De overgave / Arthur Japin (Na 200 pag. opgegeven)                                          5-

Erasmus en het poldermodel / Herman Pley                                                           7

Het woeden der gehele wereld / Maarten ’t Hart                                                   8-

Het verslag van Brodeck / Philippe Claudel                                                          8,5

De hand van mijn moeder / Nafisa Haji                                                                     7+

Knielen op een bed violen/ Jan Siebelink (na 250 pag. opgegeven)               5

Kleine landjes -berichten uit de Kaukasus / J.B. Cortius                                    7

Caesarion / Tommy Wieringa                                                                                        8

Harlekino / Tessa de Loo                                                                                                 7,5

Grijze Zielen / Philippe Claudel                                                                                    8

Het Rozeneiland / Sanne Terlouw                                                                                7

Brug der Zuchten / Richard Russo                                                                                8-

Het diner / Herman Koch                                                                                                 7

IJskastmoeder / Janneke van Bockel                                                                         7,5

God is Gek / Kluun                                                                                                               5

Duel / Joost Zwagerman                                                                                                   6,5

De hand van Fatima / Ildefonso Falcones                                                                 8-

Het zwijgen van Maria Zachea / Judith Koelemeijer                                             7,5

God’s Gym / Leon de Winter                                                                                            7+

Zoete Mond / Thomas Rosenboom                                                                                 7,5

Eenzaamheid van de priemgetallen / Paolo Giordano                                          8-

 De verborgen geschiedenis van Courtillon / Charles Lewinsky                         8

River van Vergetelheid / Philippe Claudel                                                                 8+

Het spel van de engel                                                                                                           7,5

Quadriga / F. Springer                                                                                                          7-

Sonny Boy / Annejet van der Zijl                                                                                       7,5