Om de 2e kamer in gejaagd te worden

DRIJFVEREN OF OBSTAKELS ?

Na de ideologische zelftoets en een kritische zelfanalyse om te kijken of ik een goed PvdA politicus in spé ben en dus de moeite ga nemen te solliciteren naar een zetel in de kamer, komt deel drie. Dat zijn de maatschappelijke drijfveren en mijn interesses. Zoals te lezen is zit het ideologisch wel goed, maar karakterologisch mankeert er veel aan mij als politicus in spé.

Zelf ben ik politicoloog, maar ook psychiatrisch verpleegkundige en werkzaam bij de reclassering van het Leger des Heils op dit moment. Mijn huidige baan, maar ook mijn hele CV, heeft mij veel geleerd, of in ieder geval ervaren. Als bestuurskundig politicoloog was ik voorbestemd om beleidsmedewerker te worden. Het is er niet van gekomen, maar ik heb een eerzame boterham verdient tot op de dag van vandaag in het (brede) veld van de GGZ. ‘Tjonge, jonge, jonge wat een bureaucratie.’ Hoe vaak denk ik niet, ik kan het veel beter dan alle die beleidsmedewerkers……..

Eenmaal als consument van de GGZ (zoon) werd het beeld van de bureaucratie versterkt, nee verdiept, of beter gezegd uitvergroot. De jeugdzorg en GGZ is niet een beetje bureaucratisch maar een regelrechte ziekmaker. Zie hier de drijfveer om de politiek in te willen. Als ouders hebben we een eigen weblog waar we af en toe eens spuien. (www.dolgedraaid.wordpress.com)

BLOG VOL FRUSTRATIES

Zo heb ik een flauw stukje geschreven om de bureaucratie te visualiseren middels de mythische figuur “Lange Wapper”. We noemen het natuurlijk de Hollandsche Lange Wapper. Ik heb een even warrig als pretentieus model gemaakt van de organisatie van de GGZ: De Zeven van Sprakeloos of ik vergelijk de GGZ met een heuse Volvo. Heel veel gelezen is mijn maatschappelijke verhandeling over autisme (of autismisering van de samenleving?) Ook wordt ons mikpunt van boosheid, het Leo Kannerhuis, onderworpen aan een kritische blik. We staan stil bij de vierde verjaardag van het niet handelen van duur betaalde professionals. Ook een open brief aan minister Schippers tekent de motivatie om de politiek in te gaan. Zo maar een greep uit onze frustraties.

VERSTANDIGE OUDERS

Gelukkig zijn wij evenwichtige en stabiele ouders en bovenal verstandig. Juist dit laatste is een goed argument om de Tweede Kamer in te willen. Maar is dat voldoende, waar eindigt gedrevenheid en wanneer begint rancune. Hoe blind kun je worden door je eigen negatieve ervaring en vergeet daarbij de grote lijnen te bezien. Kortom genoeg vragen te verwerken voordat ik aan mijn sollicitatie ga beginnen.

Gelukkig vind ik buiten de GGZ ook andere zaken interessant en belangrijk:

  • Internationale Zaken met name Europa
  • Sport (met name Feyenoord)
  • Ruimtelijke Ordening (met name mobiliteit)
  • Generatievraagstukken (met name gekeerd tegen Jeugd en Gezin, maar een ministerie van Demografie lijkt me erg zinvol)
  • Cultuur (met name alles en helaas te veel oppervlakkig)
  • Natuur en milieu (met name het behoud ervan)

etc.

Kortom, toch best veel interessegebieden en vooral (persoonlijke) gedrevenheid die noodzakelijk zijn voor het Kamerlidmaatschap. Tja, nog maar zestien uur te gaan en dan moet de sollicitatie weg zijn. Een hele kluif nog.

Eerder verschenen:

Zal ik Tweede Kamerlid worden?  en Ideologisch geslaagd bij zelfonderzoek Tweede Kamerlidmaatschap PvdA. en Qua karakter een onvoldoende voor het kamerlidmaatschap

Qua karakter een onvoldoende voor het kamerlidmaatschap.

Wat moet een politicus tegenwoordig kunnen? Er zijn momenten dat ik denk, niet zo veel. Over kennis zwijg ik dan nog. Maar daar doe ik de overgrote meerderheid ernstig tekort en zou ik 4 mei gaan solliciteren, dan is het laatste wat ik wil met een air binnenkomen: “Hier ben ik, een enorme kwaliteitsimpuls voor de Tweede Kamer!” Op sommige vlakken denk ik dat soms wel, maar dat is van het niveau van ‘beste stuurlui.’

In ieder geval moet een politicus meegaan met de eisen van de tijd en die zijn:

  1. Vloeibaar zijn onder druk
  2. Over je eigen schaduw heen springen

Daarnaast zal ik naast het geslaagde ideologisch zelfonderzoek mezelf kritisch moeten onderwerpen aan een karakteronderzoek.

VLOEIBAAR ZIJN ONDER DRUK

Persoonlijk vind ik het een groot goed dat mensen niet hun eigen ego voorop stellen als motor voor hun handelen. Het ondergeschikt maken van je eigen ego voor de goede zaak is mooi. Maar mag dat leiden tot een knieval voor je eigen principes? Ik vind van niet en bij ieder besluit hoeft niet meteen een winst/verlies-rekening te worden opgemaakt. Principes zelf zijn de basis, maar ook die mogen nimmer verworden tot dogma’s. Echter om met één oogknippering de regeringsmacht in een keer te paaien zoals Sap dat deed, gaat mij te ver. Ik denk dat ik hiervoor het boek Il principe van Machiavelli eerst moet opeten voordat ik zover ben. ‘Go with the flow’ is mooi, maar je wordt ook sterker van af en toe een keer tegen de stroom in roeien. Kortom, ik denk zeer vloeibaar te zijn, maar zal me nimmer rechtsdraaiend laten stollen.

OVER JE EIGEN SCHADUW HEENSPRINGEN

Dat lijkt het zelfde dan vloeibaar zijn, maar ik zie dat toch anders. Ik associeer het met licht en donker en in het verlengde hiervan met oplossingen en problemen. Over je eigen schaduw heen springen is misschien wel weglopen van problemen. De schaduw blijft immers over. Dat doet me denken aan een wijze spreuk: ‘De duisternis gaat niet weg door ze aan te wijzen, maar door licht te creëren.’ Wie deze spreuk heeft bedacht weet ik niet, maar dit past goed bij mijn politieke karakter. Politiek moet licht creëren en geen oplossingen pretenderen. Over mijn eigen schaduw heenstappen zal ik dus niet snel doen.

SWOT-ANALYSE

Kortom vloeibaar zal ik zijn, maar over mijn eigen schaduw heenspringen zal nimmer mijn sterkste punt zijn. Ik zie het als verraad aan mezelf. Maar wie is ‘ikzelf’ in de context van een potentieel sollicitant voor het 2e kamerlidmaatschap voor de PvdA. Hiervoor zal ik me toeleggen op een huis-tuin-keuken analyse ten aanzien van sterke en zwakke punten.

  • De narcistische persoonlijkheid

Een gedreven politicus heeft natuurlijk lak aan alles en laat zich drijven op zijn gedrevenheid. Toch is een mate van camerageilheid menig politicus niet vreemd. Het middelpunt van de belangstelling moet je allereerst aankunnen en het is een mooie bijkomstigheid als je het ook nog leuk vindt. Ik geloof dat ik hierin ernstig tekort kom. Liever sta ik niet en plein publiek in de schijnwerpers. Spreken in het openbaar is zeker geen kernkwaliteit van mij. Ik bekijk het liever van een afstandje en observeer de handel en op het juiste moment laat ik van me horen. Enige schuchterheid zorgt er voor dat ‘het juiste moment’ wel eens te laat is.

  • Competetieve aanleg

Bij eenvoudige spelletjes zoals Wordfeud, bowlen of kwisjes wil ik graag winnen. Ik baal als een stekker bij onverwacht verlies. Als jonge voetballer wilde ik ook graag winnen, maar juist omdat het een teamsport betreft, kun je bij eventueel verlies de ander nog de schuld geven of je eigen aandeel waarderen. Ik wil best graag scoren, maar heb een enorm relativerend vermogen. Als ik dertig jaar jonger was geweest zou een stopwoord kunnen zijn geweest ‘Boeiûh’ of ‘lekker belangrijk’.

  • Fysiek

Ik kan goed af met weinig slaap, een groot voordeel, maar dat wil niet zeggen dat ik in alle wakende uren even helder ben. Bovendien te zwaar en rokend, dus voor het loodzware beroep van beroepsvergadertijger, zijn dat geen sterke punten. Eigenlijk zou het moeten zijn, ‘Verbeter de wereld en begin met jezelf’.

Al met al zal ik eerlijk moeten zijn, hoewel ik ideologisch geslaagd ben, denk ik karakterologisch toch een onvoldoende scoor. Morgen maar eens kijken naar de drijfveren en (politieke) aandachtsgebieden die een sollicitatie voor het Tweede Kamer lidmaatschap de moeite waard maken.

Eerder verschenen:

Zal ik Tweede Kamerlid worden?  en Ideologisch geslaagd bij zelfonderzoek Tweede Kamerlidmaatschap PvdA. en

Ideologisch geslaagd bij zelfonderzoek Tweede Kamerlidmaatschap PvdA

IDEOLOGISCH DOOPCEEL

Wordt een mens als sociaal-democraat geboren? Of als liberaal, conservatief of confessioneel? Nee, natuurlijk niet. Het nest waarin je geboren wordt is natuurlijk wel van wezenlijk belang. In het verlengde daarvan zijn de klappen van het leven, of de meevallertjes, ook van invloed op je stemgedrag. Het socialisatieproces als motor voor je politieke keuze, de rest is een kwestie van een beetje rationeel bijsturen.

Bij geboorte dus blanco, gelijke kansen voor iedereen naar het schijnt volgens de liberale mensvisie. Toch gaat het vanaf dag 1 (en soms prenataal) al jeuken zonder dat de individuen hierin een eigen keuze kunnen maken. Kijkend naar mijn eigen socialisatieproces kan ik stellen dat ik in een veilige omgeving ben opgegroeid, zonder tekorten en voldoende kansen. Karakterologisch en intellectueel zullen er ongetwijfeld kansen gemist zijn, aan de andere kant zullen me zaken in de schoot geworpen zijn zonder dat ik er iets voor gedaan heb. Kortom ik ben een gemiddelde Nederlander die af en toe slechts wat sprakeloos is bij het observeren van de wereld om hem heen. Ik zie en accepteer verschillen, maar scheefgroei bederft mijn ideale leefomgeving in ernstige mate. Noem het een lichte vorm van Weltschmerzen. Ik koester de individualiteit van een ieder, maar geen individuele vrijheid zonder gebondenheid. Een gebondenheid die ik zou willen definiëren als een collectief maatschappelijk geweten. Voor mezelf is dat uiteindelijk dat iedereen mee mag delen met de welvaart, dat verschillen niet te groot zijn in Nederland en dat een vrije economie de motor hiervoor is, maar nimmer het doel mag zijn. De overheid mag, of moet soms richtinggevend zijn, maar mag niet de eerste viool spelen op economisch gebied. En boven alles, we zijn in eerste instantie verantwoordelijk voor ons zelf als land, maar we zijn geen losstaande entiteit in de wereld en dat moeten we ook niet willen zijn. Het reeds genoemde collectieve geweten houdt dus niet op bij de landsgrenzen.

 

DUS PVDA!

In een notendop is dit eigenlijk voor mij de reden geweest om PvdA te stemmen. Niet om de wereld te verbeteren, maar pogingen om de leefwereld een stukje te verbeteren als dat nodig is om tweedeling tegen te gaan. Niet omdat PvdA-ers betere mensen zijn, maar misschien wel uit eigen belang. Nederland en de wereld zijn een stuk mooier als het hedonisme geen hoogtij viert en het blinde vertrouwen in de marktwerking niet volksgeloof nummer 1 is. De afgelopen vijftien jaar is het soms heel moeilijk geweest om de PvdA te blijven steunen. Mijn lidmaatschap heb ik in 2000 opgezegd, niet mijn idealen. Toegegeven ik was amper actief, een beetje JS in Nijmegen en een blauwe maandag raadadvieswerk in Duiven. Dat was het en dat was voldoende vond ik toen. Juist nu de tweedeling tussen werk en geen werk, opleiding en geen opleiding, arme Europese landen en rijke Europese landen nadrukkelijker in de dagelijkse praktijk zichtbaar zijn, is een gezond collectief geweten noodzakelijk. Een collectief geweten dat bescherming moet geven tegen het recht van de sterkste of tegen de superioriteit van het morele gelijk van de beter opgeleide.

 

DAG VAN DE ARBEID, DAG 1 ZELFOVERPEINZING

En dus twee maanden geleden het lidmaatschap maar weer opgepakt en nu de vraag, zal ik de kans pakken om te solliciteren naar de kandidatuur voor het Tweede Kamerlidmaatschap voor de PvdA? Ik ben geen vergadertijger en relativeer me soms te pletter. Ik vraag me oprecht af of ik een goeie ben in het uitdelen van foldertjes. Ik inspecteer mijn huid, is dat van het niveau olifant om valse kritiek niet binnen te laten komen. Ik denk loyaal te zijn, maar van kadaverdiscipline krijg ik ongetwijfeld een vet hart. Kortom ben ik wel geschikt als persoon? Dat gaan we de komende dagen maar eens uitzoeken. Nog de tijd tot 4 mei om te solliciteren op de mail van Hans Spekman.

De eerste marsdag van zelfonderzoek naar de sollicitatie heeft in ieder geval opgeleverd dat ik van mening ben dat ik ideologisch geschikt ben voor de PvdA. Nu moet de PvdA mij nog geschikt vinden, maar er moet toch plaats zijn in de politiek voor een normaal sprakeloos mannetje?

Eerder verschenen: Zal ik Tweede Kamer-lid worden?

Zal ik Tweede Kamer-lid worden?

DE AANLEIDING

,,Doe het dan zelf.” Ik geloof dat dit de eerste gedachte was die bij me opkwam. Bij de val van het gedoogmonster zag ik twee spartelende partijen. Ik was verheugd. Het debacle dat volgde deed me verbazen en sprakeloos staan. Hoe kun je twee partijen die zo nadrukkelijk het rechtse deel van Nederland de vingers laat aflikken binnen enkele dagen al als huwelijkspartner vragen danwel accepteren. En passant wordt Europa ook nog eens voor de gek gehouden door er een begroting door heen te jassen. De houdbaarheid van het Kunduz-akkoord lijkt me uiterst beperkt en de uitvoerbaarheid van de begroting een ramp.

En of de PvdA nu politiek onhandig heeft gereageerd, arrogant is geweest of dat Samsom onoplettend is gebleken, het maakt me niet uit. Deelname voor een paar kruimels, toegeworpen door de regering, is het niet waard om je principes te ondermijnen. In mijn optiek is het gewoon het Catshuisakkoord waarbij de drie partijen hun eigen cadeaupapier hebben mogen uitkiezen. Nu is het een kwestie om het cadeautje zolang mogelijk onaangeroerd te laten. De eigen kiezers kunnen dan zo lang mogelijk genieten van de ‘buit’ die binnen is gehaald. Uiteindelijk weet iedereen dat de cadeauverpakking eraf moet. En wat blijft er over? Precies, dat waarvan Mark Rutte zegt dat hij het liefst nog vijf jaar mee door zou willen gaan. De beloofde uitgestoken hand van de premier van alle Nederlanders komt op het moment dat hij bijna verdrinkt. Sap, Slob en Pechtold zijn zo genereus geweest om de drenkeling op het droge te trekken, in lands belang nog wel.

Ik voorzie toch veel problemen, heel veel. De begroting, of je nu wel of niet 3% begrotingstekort eist, is puur drijfzand. Hoe hard zijn de afspraken als de politieke realiteit ervan zich in Nederland aandient? Hoe lang blijven we het braafste 3%-jongetje van de klas als Frankrijk met een socialistische premier begint te morrelen en de onrust in andere landen ernstige vormen aanneemt? Griekenland mag op een houtje bijten, tenminste de gewone Griek. En de Spanjaarden met een kwart van de bevolking werkloos (en zelfs 50% van de jongeren) is een potentieel kruidvat.

 

DE VERBAZING

Een deel van ons land is blijkbaar in een euforie-stemming, in mijn optiek op niets gebaseerd. Een gelukkige Mark Rutte die zijn imago iets kan oppoetsen in Europa en een blij CDA dat kans ziet om de eigen interne crisis te beslechten nu het juk van de PVV is afgeworpen. En dan de redders. De ChristenUnie, gezagsgetrouw als zij zijn, valt natuurlijk weinig te verwijten. Ook D66, de vleesgeworden politieke vloeibaarheid is spreekwoordelijk voor deze partij. Het is dus in hun optiek wel een redelijk alternatief. En Jolande Sap, ze ruikt macht en hoe vaak kan GroenLinks nog verweten worden dat ze geen verantwoordelijkheid aandurven? Ze heeft snel een leuk cadeaupapiertje gevonden voor het Catshuisakkoord. En in de huwelijksnacht paaide ze al met andere partners. Ze doet het liever met een ander.

,,Niet te geloven.”

En toen dacht ik, dan ga ik zelf maar in de Tweede Kamer. Het toeval wilde dat ik na ruim twaalf jaar maar eens dacht, ‘Zal ik weer eens lid worden van de PvdA’. In de jaren negentig begon ik sterk te twijfelen aan de neo-liberale richting van de sociaal-democraten. Privatisering van allerlei overheidstaken zag ik niet zitten en ondanks de economische voorspoed, deden te weinig mensen mee was mijn opvatting. Bovendien, ik was meer een observant van het politieke spel. Ik had niet het karakter van een politicus, dus waarom zou ik lid blijven.

 

DE DAAD

Maar zelfs in het stemhokje bleef ik twijfelen, Wouter (Bos) of Jan (Marijnissen). Meestal Wouter, soms Jan en een keer een Salomonsoordeel, Femke. Maar dat was eens, maar nooit meer, zeker niet met de tendens dat ‘GroenLinks’ een ecologisch rechtse partij aan het worden is. Bij het weinig fraaie schouwspel rond Job Cohen (ik vertrouw de man mijn pincode toe, het premierschap en nog veel meer en vergeef hem zijn iets mindere omgang met de hijgerige media) en de partijkeuze van de nieuwe leider, Diederik Samsom, dacht ik, ‘ik moest maar weer eens lid worden’.

Ik geloof namelijk dat ik met het klimmen der jaren niet minder links ben geworden. Bovendien heb ik de neiging om, in tegenstelling tot premier Rutte, wel te kijken naar heel Nederland. Ik geloof niet in verdere polarisatie, maar wel in een sterke partij links van het midden. Een steuntje in de rug voor de PvdA was mijn lidmaatschap, zonder bijbedoelingen. Twee maanden later kom ik voor het dilemma: ,, Ga ik me kandidaat stellen voor de PvdA lijst.” 4 mei is de sluitingsdatum, dus nog vier dagen te gaan.

 

HET OVERPEINZINGSPROCES

Ga ik over mijn eigen schaduw heenstappen? Ik ben in ieder geval voldoende vloeibaar onder druk, met die wetenschap dat ik niet rechtsdraaiend zal stollen. Ronald Plasterk en Diederik Samsom zullen mogelijk tenenkrommend mijn gebrek aan bèta-kennis gadeslaan, maar desalniettemin een mars van vier dagen te gaan met mijn overpeinzingen me kandidaat te stellen voor het Kamerlidmaatschap. Te beginnen met de 1e van mei, heel toepasselijk, de dag van de arbeid.

De Internationale, ik zal hem nooit zingen. Ik houd niet zo van de slachtofferrol die het oude socialisme met zich meebracht. Wel in solidariteit en verdraagzaamheid in de hedendaagse samenleving. Maar om in de overpeinzingsstemming te komen, toch maar even opgezocht voor de liefhebber.

Kakelkrant van Sprakeloos 59: Verlosser Samsom?

Het is genoegzaam bekend, het land gaat met het gedoogmonster naar de Filistijnen. Samenhang ontbreekt, noodzakelijke hervormingen worden niet doorgevoerd en het enige daadkrachtige geluid betreft stoere taal jegens de zwakkere in de samenleving. De PVV blijkt niet de beschermende buffer voor Henk en Ingrid te zijn, ze slaken slechts confronterende meningen om de animositeit in de samenleving en met Europa te vergroten.

Nu moet gesteld worden dat het tegengeluid heel zwak is. De liberalen vernaggelen aan de lopende band hun liberale principes en zijn geen knip voor de neus waard. Dat D66 hier niet gigantisch van profiteert is eigenlijk de zwakte van de Redelijken en/of de Rekkelijken zelf. Het CDA is zich al jaren aan het herontdekken, maar enig uitzicht op een nieuwe verschijningsvorm is er niet. Als lichtpuntje in het politieke spectrum kunnen we de jongens en meisjes van Emiel Roemer aanstippen. Je kunt het met de socialisten eens zijn of niet, ze doen het electoraal heel goed als we de peilingen mogen geloven.

Dat laatste kan niet gezegd worden van de PvdA. Onzichtbaar en niet daadkrachtig en dus de kop van Cohen moest eraan geloven. Onterecht, want voor mij was (bijna) de hele fractie onzichtbaar en het verwijt van medegedoger (of zelfs te veel mededogen met Rutte) bekroop mij ook regelmatig. Maar nu wordt het anders, Cohen heeft plaatsgemaakt voor een echte Cohaan. Diederik Samsom, de actievoerder, Diederik Samsom de straatvechter, Diederik Samsom de kenner van de rafelranden van de maatschappij in hoedanigheid van straatcoach, Diederik Samsom de wetenschapper, Diederik Samsom met de neiging om af en toe een ongeleid projectiel te zijn. Kortom, Diederik Samsom als verlosser?

Ik denk dat de PvdA blij moet zijn met Diederik Samsom. Niet als verlosser, maar vertolker van ingehouden woede, die ook bij veel PvdA-leden aanwezig moet zijn. Dit is Job Cohen dus niet gelukt en dat is vooral de hele fractie te verwijten. Dezelfde fractie die nu als een eenheid achter Diederik Samsom moet gaan staan. Diederik Samsom moet zijn kracht gaan bewijzen. Onwillekeurig komt bij mij de vergelijking naar boven met zijn (bijna) naamgenoot. In vroeger tijden een actievoerder met een bos krullen in de kracht van zijn leven. De wilde manen als symbool voor tomeloze energie en kracht. Inmiddels gladgeschoren en daarmee met ingehouden kracht en energie? Zal hij gaan vlammen zoals in vroeger tijden en de kracht tonen zoals het oudtestamentische figuur Samson? Of is Samsom zijn Delilah al tegengekomen en moet hij een geketend gevecht gaan voeren in de stroop van de PvdA-burelen?

Als Cohen een cohaantje was?

Cohen is niet meer. In ieder geval geen fractievoorzitter en Tweede Kamerlid namens de PvdA. Ik vind dat jammer. Want wat een verademing is Job Cohen in vergelijking met de mediagetrainde hork Mark Rutte. Veel mensen trappen er blijkbaar in, ik word onpasselijk van die harlekijnemaniertjes. Hoe Job Cohen getackeld is, zullen we over enkele jaren wellicht lezen. Ik zie graag een mens, met sterke en eventueel minder sterke punten als fractievoorzitter en nog liever als premier. Het politieke landschap verliest een sociaal mens met Job Cohen. Maar wat als Cohen nu Cohaan had geheten. Was het dan beter gegaan met de PvdA?

Een mannetjesputter of een blaaskaak had waarschijnlijk het troebele verhaal van de PvdA langer in de lucht kunnen houden. Het verhaal van de PvdA is de oorzaak, niet Cohen. Zelf ben ik al meer dan twintig jaar aan het twijfelen over de PvdA en dat is ongeveer de helft van mijn leven. Sinds ruim tien jaar ben ik ook geen lid meer. Voor mij is sociaal-democratie het opkomen voor de zwakkeren in de samenleving, waarbij iedereen mee mag doen en waarbij tegenstellingen niet aangescherpt worden, maar verschillen mogen bestaan. Sociaal-democratie is in essentie niet anti-kapitalistisch, maar wel kritisch. Een linkse of rechtse koers, het zal me een zorg zijn. Graag had ik grote theekransjes gezien met een stralende Job Cohen als deelnemer. Een theekransje is blijkbaar iets voor Co-hennetjes, niet voor haantjes. Cohen mocht van het grote publiek niet verbinden, dus brak de pleuris andermaal uit bij de Partij van de Arbeid.

Natuurlijk was het een publiek geheim dat Cohen niet goed lag bij een deel van de eigen achterban. Vorige week barstte de bom met ‘exit Cohen’ als resultaat. Subiet kwam Hans Spekman met een plan om de PvdA voor weken in de spotlights te krijgen. ” We gaan onze interne verdeeldheid over een onduidelijke koers lekker etaleren.” De partijleden mogen de fractievoorzitter gaan kiezen. Goed voor roddel, achterklap en gebroken ego’s, maar wel veel media-aandacht.

Drie zwaargewichten binnen de fractie zijn opgestaan. Drie Cohaantjes? De eerlijkheid gebied mij te zeggen dat ik grote waardering heb voor Ronald Plasterk. Diederik Samsom is mij sinds de kernramp in Japan steeds vaker positief opgevallen. Hij toont zich een kenner op veel beleidsterreinen. Ik zie die Samsom ook wel zitten. Dan Martijn van Dam, die ken ik iets minder, bovendien heeft hij zijn naam niet helemaal mee. Maar intern zien ze in hem een grote, dus wie ben ik om daar aan te twijfelen. En dan vandaag, naast de drie Co-haantjes, alsnog een Co-hennetje. En wat voor één, ook al zo’n zwaargewicht voor wie waardering op zijn plaats is. Ook zij mag het van mij worden, al hoop ik dat zij niet op haar vrouwzijn wordt gekozen of haar Turkse afkomst. Nebahat Albayrak is volgens mij gewoon een klasse politica.

Vier goede politici, drie Cohaantjes en één Cohennetje, mogen zich publiekelijk showen met een intern moddergevecht. Wat gebeurt er met de andere drie als de echte fractievoorzitter is opgestaan? Hoe leuk vinden de potentiële kiezers dit? En het allerbelangrijkste, heeft de PvdA dan wel een duidelijke koers? Zoals gezegd, ik twijfel al langer. Vanaf het moment dat marktconform denken binnen de sociaal-democratie zijn intreden deed, sloeg de twijfel toe. In de jaren tachtig kwam in het post-Den Uyl-tijdperk een beweging op gang die toen al getypeerd werd als het loslaten van de ideologische veren. De PvdA moest met ‘Schuivende Panelen’ en ‘Bewogen Beweging‘ een moderne partij gaan worden. Blijkbaar is dat tot op heden nog niet echt gelukt. Des te vreemder dat de laatste dagen Joop Den Uyl zo vaak genoemd en geroemd wordt als het grote voorbeeld. En terecht, want in mijn optiek symboliseert Joop Den Uyl nog steeds de moderne sociaal-democratie. De tijdsgeest zorgt er voor dat de ene keer een stapje naar links wordt gemaakt en de andere keer een stapje naar rechts. Je hoeft jezelf daar niet opnieuw voor uit te vinden.

Job Cohen heeft zichzelf ook niet uitgevonden, hij was gewoon zichzelf en dat was blijkbaar niet goed genoeg. Een opvolger gaat het beter doen, een co-hen of mogelijk een co-haan, de tijd zal het leren. Als ze daarna maar gaan samenwerken en niet te lang bezig zijn met de koers te bepalen. Dat is niet nodig, sociaal-democratie is een heldere koers, als er maar samenwerking is, coöperatie.

COöperatie? Met HEN? Het maakt me dus niet uit wie Cohen opvolgt, een cohaantje of een cohennetje, als Cohen uiteindelijk leidt tot CO-ONS.

Kakelkrant van Sprakeloos 56: Politiek verdwaald

De berichten zeggen dat de Polenkwestie Geert Wilders geen windeieren heeft gelegd. Vier zetels winst in de peilingen. Wilders zal nog niet weten want mogelijk in de olie in zijn eigen Venlo waar hij de Poolse vreugdedans ‘De mazurka’ danst.

Eigenlijk vind ik de winst niet zo raar. Het is natuurlijk ‘knettergek’ dat zo’n mafkees kan blijven stigmatiseren zonder dat anderen een pasklaar antwoord hebben. Maar de grootste oorzaak van de ‘winst’ van Geert is natuurlijk een aloud concept in de vaderlandse politiek, namelijk de ontkenning van het probleem. Juist door de ontkenning dat er problemen zijn met de nieuwe Europeanen maakt dat de incidenten die er zeker zijn buitenproportioneel worden. En dat is weer “Hollandsche kaas in het bekkie” voor de PVV. Driewerf stom. Wie gaat het antwoord geven?

Ik weet ook niet welke partij mijn stem verdient. Als stemmer leef je op dit moment in een electoraal doolhof. Ik denk dat je als kiezer één ding duidelijk moet hebben, er is geen enkele partij met de oplossing. Omdat de PVV met allerlei schijnoplossingen komt door te stigmatiseren is er maar één conclusie: De partij is objectief gezien onnodig in het vaderlandse politieke bestel.

D66 van Pechtold was altijd verbaal een goede tegenstander met betrekking tot de onzin van Geert, maar ze hebben zich onlangs heel transparant in de kaart laten kijken. De groei van de SP was nog gevaarlijker dan het bestaan van de PVV. ‘Wij redelijk alternatieven zijn eigenlijk de grootste ontkenners van problemen in de samenleving.’ Problemen zijn pas problemen als zij welgestelde, welgemanierde en gestudeerde Nederlanders een probleem ervaren. Wat mij betreft dus exit D66.

De lafhartige houding van CDA en VVD ten aanzien van de PVV (en de SGP) is reden genoeg om de partijen decennialang niet meer serieus te nemen. De partijen zijn ernstig besmet. GroenLinks heeft wat mij betreft als linkse partij een nog groter probleem. Dat linkse was bij Halsema al twijfelachtig en kan bij Jolande Sap geschrapt worden, het zoeken is dus naar het Groen. Wellicht is dit in liberale hoek te vinden, dus laat die club daar zijn achterban maar zoeken. Blijven over SP, PvdA, PvdD, CU en 50plus.

Gaan we verder met afstrepen. De dierenpartij is voor mij de bevestiging van maatschappelijke degeneratie, dus daar praten we verder niet over. In mijn optiek heeft de 50plus partij bestaansrecht als ze ook nadrukkelijk kijken naar de 70plus problematiek en niet alleen opkomen voor de gearriveerde ouwe hippies die toch al met de gouden lepel in de bek geboren en opgegroeid zijn. En die gouden lepel weerhoudt ze niet van een grote bek.

Een beetje serieuze kandidaten zijn dus SP, PvdA en CU. Ten aanzien van de socialisten kan ik stellen dat ik hun transparantie kan waarderen, maar dat hun solidariteit af en toe ook een boerenkoolsmaak heeft. Solidariteit mag best een beetje naar Griekse olijven smaken. Op de ChristenUnie zal ik niet stemmen om een aantal immateriële kwesties, maar ik sluit niet uit dat in geval van nood ik best over mijn eigen ego heen kan stappen.

Dan de PvdA, ook een partij in moeilijkheden. Ze zouden een angstige partij zijn, maar volgens mij zijn alle partijen dat inmiddels. Welke partij gaat er nog wel echt uit van de eigen kracht. Misschien zijn zij wel de eerste die dit bij zichzelf ontdekken en daarmee het lek boven krijgen om weer zichzelf te zijn. Als ze dan weer sociaal-democratisch zijn, zonder zich te bekommeren over waar ze hun kiezers moeten halen, van links of rechts, misschien dat ik dan weer meehobbel met de PvdA. Ik kies echt wel sociaal-democratisch, of de partij nu groot of klein is. Ik weet namelijk zeker dat als de PvdA zelfstandig over haar eigen schaduw heen stapt, vele kiezers zullen volgen. Tot die tijd weet ik het niet en verzoen ik me te dwalen in het politiek electorale doolhof.

 

Kakelkrant van Sprakeloos 47: Willen we nog polderen, polder dan maar mee!

Polderen is de laatste tien jaar misschien wel het vuigste woord geworden. Sinds Geert Wilders ‘polderen’ bijna net zo erg vindt dan fundamentalistische moslims, durft niemand zich, buiten de theedrinkende Cohen, meer echt een polderkoning te noemen. Dat Geert Wilders eigenlijk de grootste polderaar op rechts is, begrijpt ook iedereen met een beetje verstand. Hij noemt het alleen anders, gedogen. Hij poldert ook wezenlijk anders, want het uitgangspunt bij het oer-Hollandse polderen is dat iederen droge voeten moet houden. Wilders poldert selectiever. Kleinere domeinen worden beter beschermt, met als gevolg dat ook grotere stukken onder water komen te staan. Polderpartner VVD is zeer blij met de inzichten van Geert, want zo kunnen ze toch ongezien Henk en Ingrid te grazen nemen.

Polderen van een andere orde is het socialistische polderen. Emiel Roemer heeft uitgesproken dat een regering met de VVD niet uitgesloten is. Of dat andersom ook zo is, waag ik te betwijfelen. Want immers als de PvdA al als te links wordt weggeschoven door de voormalige liberalen van Mark Rutte, dan vrees ik voor de jongens en meisjes van de SP. Maar Emiel mag van mij dromen en bouwen aan samenwerking, met wie dan ook. Boxmeer kent gelukkig ook zijn polderaars. Ik zag op twitter echter veel heftige reacties passeren. Waarschijnlijk van SP leden die de PvdAers verwende salonsocialisten vinden en wel heel flets afsteken tegen het oorspronkelijke rood.

De fletse kleur van de PvdA is ook wat mij stoort, maar heel erg kwalijk neem ik ze het niet. Het wordt veroorzaakt door de polderwerkzaamheden die de sociaaldemocraten al jaren hebben verricht. Met de poten in de politieke zompige modder staan is geen fraai gezicht. De idealen worden er niet mooier van. Dus Emiel, van mij mag je met de VVD gaan samenwerken. Ik stel het ten zeerste op prijs. Ik voorzie echter twee potentiële scenario’s als het daadwerkelijk tot samenwerking gaat komen. Ik geloof er niet in, maar stel.

Allereest duurt het hooguit drie maanden, laten we de symbolische termijn van 100 dagen noemen, of in de beeldvorming zal de PvdA de socialisten links gaan inhalen. We kunnen dan van linkse sociaaldemocratie spreken en fletse rechtse socialisten. Of de overbodigheid van de SP (of PvdA) wordt aangetoond, want eigenlijk is er geen wezenlijk verschil meer. Het beste is dan fuseren (polderen!) tot een grote linkse volkspartij, die ook wel weer fletse plekken zal vertonen.

Conclusie, Nederland moet polderen of we nu willen of niet. Ook de meer extreme politici moeten er aan geloven, willen ze tenminste macht en invloed verwerven. Emiel, je hebt gelijk, verzet je er niet tegen, lekker flets worden met Mark. Geen woorden, maar fletse daden. En laat die Wilders maar ontpolderen door te gedogen, want in hem zit geen oerdegelijke dijkgraaf.

Kakelkrant van Sprakeloos 25: PvdA mag niet vernieuwen.

 

Vernieuwingsdrang is in zijn algemeenheid vaak misplaatst, heel erg misplaatst. In de praktijk wordt gesproken over vernieuwingsdrang als:

  1. Gemaakte afspraken niet worden nagekomen
  2. En de schuldvraag niet boven tafel mag komen

Actuele geluiden beweren dat de PvdA ook weer toe is aan vernieuwing. Bullshit natuurlijk, de afspraak binnen het sociaaldemocratische gedachtegoed is toch opkomen voor de zwakkeren in de samenleving, of dit nu arbeiders, allochtonen, ouderen of PGB-ers zijn: Samen Delen, de welvaart en het welzijn. Hiervoor is nodig dat er een stabiele en goeddraaiende economie is en blijft. In de jaren negentig heeft de PvdA dat onvoldoende gedaan. Onder Paars en de wereldeconomie is de welvaart wel gegroeid, de eerlijke verdeling was minder en daarmee stonden de welzijnsgevoelens sterk onder druk. Het is de PvdA te verwijten dat ze te ver en te lang zijn meegegaan met hedonistische tendensen en het (extreme) marktdenken gebruikte als hun vervoermiddel. Toen is het verkeerde transportmiddel gekozen om de sociaal democratische principes te vervoeren. Ze hebben schade geleden, maar niet onherstelbaar. In de jaren tachtig werd de sociaaldemocratie te ouderwets gevonden, via prachtige interne boekwerken als Schuivende Panelen moest het allemaal in een nieuw jasje. Maar nieuwe jasjes of niet, het blijft dezelfde drager en die moet zich er comfortabel in voelen en dat geldt nu nog steeds.

De boodschap van Samen Delen is blijkbaar de afgelopen tien jaar niet goed genoeg onder het daglicht gebracht, maar de behoefte is er nog wel, gezien de groei van de SP.

Schade dus door de verkeerde keuze van het transportmiddel, maar Samen Delen is meer dan ooit van belang. Met samen delen bestaat er geen onoverbrugbare kloof tussen mensen, zowel sociaaleconomisch, maar ook cultureel. Zo simpel moet de boodschap blijven. En Job Cohen dat als burgermeester van Amsterdam de boodschap kon uitdragen, kan hij dat wat mij betreft ook als oppositieleider, als een partij maar achter de boodschap blijft staan, Samen Delen. Ik heb geen last van een minder mediageniek optreden van Cohen tegen de inhoudsloosheid van de PVV. Jammer dan, want de PvdA wil natuurlijk ook Samen Delen met Henk en Ingrid, al willen zij dat nu nog niet. Ik heb geen last van een theeslurpende Cohen als dat bijdraagt om de angel uit de vastgelopen sociaal-maatschappelijke verhoudingen te halen. Als er maar duidelijkheid bestaat. En dat is (strategisch) oppositie voeren tegen Rutte 1. Het CDA en de VVD zijn verantwoordelijk voor het gedooggedrocht. Als dat weg kan, liever gisteren nog dan vandaag. Compromissen sluiten met deze regering is meedoen aan de gedoogconstructie, dus per definitie afdwalen van het Samen Delen. Duidelijkheid betekent ook dat de PvdA niet alleen naar het midden van de macht moet kijken, maar ook naar links. De PvdA is misschien wel de grootste blokkade om de SP in de regering te krijgen. Laat die jongens en meisjes meedoen, ze hebben meer overeenkomsten met de PvdA dan leden van het minderheidskabinet. PvdA: “If nothing goes right. Go left.” En ga niet zitten zwetsen over vernieuwingsbehoefte. Misschien heeft Wilders wel eens een keer gelijk en hebben we behoefte aan een bedrijfspoedel, niet voor dit kabinet, maar wel voor heel Nederland.

Kakelkrant van Sprakeloos 23: Moet ik het verdorie weer over Rob Oudkerk hebben?

 

Het is niet de eerste keer dat ik de sterke behoefte, misschien wel levensnoodzaak, voel om te fulmineren tegen oud PvdA politicus Rob Oudkerk. Wat werd ik gisteravond (26 september) weer een partij misselijk bij het aanhoren van die man bij de Pauw&Witteman. En mijn groeiende antipathie heeft niets te maken dat hij in het verleden de zwakste en meest afhankelijke vrouwen van de straat heeft bezoedeld, helemaal niets, al vind ik dat ook niet getuigen van innerlijke kracht.

Nee, ik ga echt over mijn nek bij Oudkerk als goeroe, vermomd als lector Leefstijlverandering bij Jongeren, zit te preken. Gisteravond gooide hij weer een balletje op om ongezonde levensgewoonten separaat aan pakken. Roken, drinken, vetzucht en gebrek aan beweging wil ook dominee Oudkerk gaan criminaliseren.

Wie is deze man, (nog net) babyboomer, die ons de les moet lezen. Natuurlijk is roken ongezond, ik kan er over mee praten; Natuurlijk is te dik zijn slecht, nog even en ik kan er over meepraten; Natuurlijk is te weinig bewegen niet best, ik zou ook liever meer bewegen dan mijn bureaustoel constant warm te houden. Trouwens, topwielrenster Marianne Vos, ook aan tafel bij P&W, memoreerde dat ook topsport erg ongezond is.

Je moet ook wel een hele druiloor zijn om het tegendeel nog te beweren. Rob Oudkerk is echter ook een druiloor, en stekeblind. Een druiloor omdat hij zijn gewichtsverlies als een overjarige gekerstende EO-er predikt. “Ik heb het licht gezien, dus JIJ MOET ook het licht zien, op wrake van de gesel OUDKERK, dus straf via de zorgpremie. Stekeblind omdat hij amechtig zijn best deed het probleem los te zien van de context van de Nederlandse samenleving. Bevoogdend, betuttelend en vooral hautain kakelt hij zijn bevindingen in de ether over roken en vetzucht. Man, kijk eens om je heen hoe de samenleving georganiseerd is, hoe armoede vetzucht met zich meebrengt, immers goedkoper, hoe verslavingsgedrag, naast een belangrijke genetische (!) component, ook voor een deel met (culturele) armoede heeft te maken. Zie je als gewezen sociaaldemocraat niet meer hoeveel mensen sowieso moeite hebben op alle fronten aan het ideaal plaatje te voldoen. Ze moeten de ideale partner zijn, uitstekende opvoeders, fijne collega’s, sociale buren, betrokken dorpsgenoten en als het om kinderen gaat worden ze al helemaal rondgeslingerd door 1001 ongezonde levensopties. Pak die context aan en vervuil de ether niet met je extreem liberale “eigen schuld, dikke bult-evangelie”.

Ik kan nog wel een lijstje maken, naast alcohol, vet en nicotine dat ook bestraft moet worden. Wielrenster Vos noemde topsport al, maar wat te denken van sport in het algemeen. Als huisarts weet u vast wel hoe de EHBO-posten en huisartsenpraktijken in de weekeinden en de maandagochtend eruit zien. Welke risico’s loop je als je te hard rijd, te veel en te hard werkt, of te fundamentalistisch je eigen gelijk zit te prediken. Ongezondleven-lijstjes zijn oneindig te maken, leven is één groot risico, waarbij het einde vaststaat. Een leefbare samenleving is de enige garantie voor minder expansieve kosten in de zorg. O ja, nog iets dat helpt de gezondheidskosten te reduceren en dat is het ophogen van de gelden voor de Openbare GGZ te verhogen. Zij kunnen dan de Rob Oudkerken uit onze samenleving van de buis weren, dat scheelt in ieder geval heel veel extra maagzuurremmers.