Mijn knorretje heb ik binnen

We schrijven 1986, Nijmegen ergens in de zomer. Het WK voetbal heerst de warme dagen maar die bewuste avond was er geen voetbal. Om mensen naar het filmhuis te trekken waren de kaartjes goedkoper. Natuurlijk het filmhuis, want in ons gepreoccupeerde studentenbrein wisten we dat hier de betere films draaiden. Op goed geluk met een stel vrienden kozen we the Unbearable Lightness of Being. Het was de dag die mijn leven een beetje veranderde. Niet heel drastisch hoor, slechts een beetje. Door de film ben ik voor eeuwig fan van de hoofdrolspeelster geworden. Juliette Binoche. Stiekem een beetje verliefd, uiteraard op volledig platonische wijze. En sindsdien had ik ook een sterke voorkeur voor varkentjes. Dat waren pas echt leuke beesten.

We schrijven 1994, mijn vrouw is zwanger en we verwachten een kindje. U leest het goed, zij is zwanger en we krijgen een kindje. Aan die biologisch niet logische prietpraat van we zijn zwanger deed ik niet aan. Met terugwerkende kracht vind ik mezelf nog steeds heel verstandig. Natuurlijk moest het, mocht het een meisje worden, Juliette heten. Mijn vrouw wist van mijn filmische gevoelens voor mevrouw Binoche. Ik had dat vrij snel opgebiecht. Ik wist namelijk niet of vreemd gaan in je hoofd ook vreemd gaan is. Ik heb dat maar meteen op tafel gegooid. Het was geen probleem, maar Juliette als naam voor onze dochter, daar kon geen sprake van zijn. We kregen een gezonde zoon. In 1998 probeerde ik het nog een keer, maar uiteraard ook nu zonder succes. Gelukkig was de wolk van een baby weer een jongen.

We zijn nu 22 jaar verder en de strijd om wel of niet Juliette hoeft niet meer gestreden te worden. Meer kinderen komen er niet. Maar als ik ooit in de verre toekomst opa zou worden, ik ga daar niet overigens niet over, dan zal  ik heimelijk mijn invloed wel aanwenden.

20200529_181304

20200529_181425

Ondertussen bleef ik varkentjes leuk vinden en niet alleen op mijn bord. Als ik later groot ben en we kopen een boerderij met heel veel land, dan zou ik een varkentje krijgen. De voorpret is jaren intens geweest. De naam was zonder discussie al bekend. Het beestje zou Mephisto heten. Inderdaad, naar een van de hoofdrolspelers naast Juliette. Een allersnoezigst varkentje. Maar de boerderij ergens achteraf is er nog niet. Mijn vrouw dacht, we kunnen hem niet laten wachten tot in de eeuwigheid. De strijd om Juliette had ze gewonnen, maar ze gunde mij ook mijn kleine overwinning. Vanavond bij thuiskomst troonde ze me naar de auto. Ze had een verrassing. En achter in de auto stond ze dan. Een heuse Mephisto. Een flexibel draagbaar bankje voor in de tuin. Ik ben reuzeblij met mijn nieuwe vriend. En ik niet alleen, ook Pippa heeft er een vriendje bij.

20200529_182300_001

20200529_200711

Begrip, van de dag (69) Hondenleven

20151214_184458

HONDENLEVEN

Ik ben niet zo van de huisdieren. Zo ben ik opgevoed. ‘Honden horen op een boerderij’ was een veelgehoorde stelling in mijn opvoeding. Ik heb nooit de angst voor honden overgenomen van mijn ouders, maar een andere oneliner, dat honden en katten stinken kan ik wel beamen. Misschien komt het door mijn scherpe reukvermogen, maar honden stinken inderdaad een beetje en soms heel erg. Over katten maar te zwijgen, bovendien ben ik allergisch voor die beesten. Ik ben dus niet zo van de huisdieren, met uitzondering voor onze Pippa. Goed, af en toe komt er een onwelriekend geurtje van af, maar dat is haar vergeven.

Vanavond zat ik op de grond met haar te spelen en ik keek haar aan. Ze keek intens terug. Dat doet ze niet altijd, soms kijkt ze ook weg. Ik vraag me dan af wat er in zo’n beestje omgaat. Wat denkt ze? Wat wil ze me duidelijk maken? Hoe leeg is het daarachter die hondenogen? Hoe slim zijn honden daadwerkelijk? De onze is heel goed geconditioneerd. Ze weet bij wie ze moet zijn om te wandelen. Stipt om half elf, het kan een minuutje vroeger of later zijn, gaat ze bij me op de bank zitten, precies in het beeld. ‘Baas, het is tijd, wìj gaan wandelen! En altijd bij mij, op dat tijdstip. Of zoals nu, krabbelt ze aan de deur in mijn werkhokje. Verder voelt ze de stemming in huis heel goed aan, dus als haar IQ niet zo hoog is, haar EQ is feilloos. Maar eerlijk gezegd, volgens mij gaat er niet zo heel veel in haar om. Mogelijk dat de peilloze diepte van ons oogcontact meer een projectie is van mijn eigen gedachtes. In dat geval is ze natuurlijk heel schrander.

Ik aai er over haar kop en ze geeft een spontane poot. Ik denk dat ze een fijn hondenleven heeft. Dat zie ik zo en ze wil me er voor bedanken. Dan moet ik ineens denken aan een liedje uit de jaren tachtig van de Franse band ‘Les Negresses Vertes’. Het nummer La Vie (comme un chien) had een geweldig refrein. “Il boit pour oublier qu’il vit, il dort pour oublier qu’il boit’, kortom een hondenleven. Eén ding weet ik zeker, ons kleine stinkmonster was niet de muze voor dit geweldige Franse nummer. Ze heeft inderdaad een hondenleven met slapen en drinken, maar vergeten…..? Nee.

36. WAT IS DIT NU WEER? Uit de serie de kabbelende 100

20140906_230127_Android

Wat is dit zult u zich afvragen bij het zien van bovenstaande foto? Ik zal het u nader uitleggen. Dit is een foto van mij mobiel tijdens de laatste wandeling gisteravond met de hond. Het is reuze handig zo’n smartgeval om kiekjes te maken en nog handiger is de software door mijn jongste zoon aangereikt om bij thuiskomst zonder extra handelingen de foto’s op de computer te kunnen zien. Ik ben niet zo heel handig in het maken van treffende foto’s. Maar tijdens het wandelen dacht ik, wat is dat bij die school aan de overkant van het water. De lampen branden in het schoolgebouw en dat geeft in een relatief donker parkje achter ons huis een bijzonder effect. Dat is het dus. U moet het maar van me aannemen. Maar ik dacht ook, wat is dat, die felle lampen op zaterdagavond in de school. Zal er iemand binnengeslopen zijn? Ik zag of hoorde verder niemand. Waarschijnlijk zal de laatste de vrijdag ervoor de lamp niet hebben uitgedaan. Ik hoop dat dit blog geen aanleiding zal geven voor een standje van de bovenmeester. Misschien was het de bovenmeester zelf wel, wie zal het zeggen. Een spannende thriller met Sodom en Gomarra is al in de maak in mijn hoofd.
20140906_230203_Android
En dit? Nu na een paar meters verder lopen, kwam de artiest in mij naar boven bij het zien van de weerkaatsing van de verlichte bovenverdieping. De artiest in spé ten spijt, daarmee wordt het nog geen fijne foto. Bij een tweede poging lukte het me, conform de artistieke wetten van de fotografie, om het origineel en het spiegelbeeld in het water op een plaatje te zetten. Daarmee is dan ook alles gezegd naar mijn mening. Valse bescheidenheid speelt geen rol in deze zoals u ook zult ervaren. Toch vind ik het bijzonder jammer dat ik mijn ervaring op dat moment niet fotografisch met u kan delen. Een blik zegt vaak veel meer dan een diarree aan woorden, die mogelijk meer vragen oproept dan dat er artistieke antwoorden gegeven kunnen worden.

20140906_230217_Android
We lopen verder, de hond en ik. De hond is zwart en het is donker. Met voldoende zelfkennis besluit ik geen poging te wagen de hond op deze aangename septemberavond te vereeuwigen. Dat gaat niet lukken en dan zult u zich zeker afvragen ‘Wat is dat nu weer?’ Dan worden we opgeschrikt door een hoop gepiep en gebliep en we zien een een rood en een blauwig lichtje. Aan de waterkant, we hadden hem nog niet ontwaart, dat wil zeggen, ik had hem nog niet gezien, mogelijk Pippa wel, maar die had er nog geen aandacht aangeschonken. We bleven beide staan en onder de parasol rees een gedaante. Op onze vraag, gemakshalve ga ik ervan uit dat Pippa dezelfde nieuwsgierige instelling heeft als ik, wat is dit nu weer, komt het antwoord. Ik vraag me wel af wie er nu om elf uur ’s avonds midden in de wijk, waar honden worden uitgelaten en waar het licht van de school brandt, gaat vissen. Goed er is water en waarschijnlijk vis, aan die voorwaarden is voldaan, maar is dit nu echt de rustieke plek om in het holst van de nacht te gaan vissen. Pippa vroeg zich volgens mij niets meer af, ze wilde verder. Maar zo moest nog even wachten op de laatste foto. Mocht u zich afvragen wat dat lichtje aan de rechterkant is. Dat is dus de visser die op electronische wijze werd gewaarschuwd dat er vis onderweg was. De rest van de lichten in de overwegend zwarte foto heb ik reeds verklaard.
20140906_230331_Android

22.MAALDERIJ uit de serie de kabbelende 100

Snel even met de auto naar Didam rijden. Hier halen we het eten van onze hond. Voor de haute cuisine van Pippa hebben we best wat over. In een coöperatieve setting, ik weet niet eens  of het een boerenbondwinkel is, kopen wij altijd de brokken voor Pippa. In de winkel voor veevoeders zijn ook zakken hondenvoer verkrijgbaar. De winkel wordt gerund door, naar ik aanneem, een echtpaar dat nog een intrinsieke klantvriendelijkheid hanteren. Gewoon even een praatje maken, zonder dat de middenstandsklefheid er vanaf druipt. Ook het plaatselijke accent verbloemt het echtpaar gelukkig niet. Met een vanzelfsprekendheid wordt aangeboden de zak in de auto te dragen. Het zijn sterke mensen, zowel hij als zij. Soms maak ik er gebruik van als ik last van de rug heb, maar dat kunnen ze niet weten. Zoals vandaag parkeer ik mijn mannelijke ego als de vrouwelijke neringdoende vijftien kilo hondenvoer in de kattenbak tilt.

2014-02-08 12.55.51

Naast de winkel is de Sint Martinusmolen. Voor het eerst zie ik de wieken draaien. Het is dan ook een winderige dag. Ik vraag of de molen daadwerkelijk in gebruik is. Dit blijkt niet het geval wordt me tijdens het afrekenen verteld. ,,Het kan nog wel hoor, maar dat mag tegenwoordig niet zomaar meer.” Voor het malen van de granen, moet er aan 101 eisen voldaan worden op het gebied van hygiëne bijvoorbeeld. Jammer, denk ik dan. Ik heb zomaar de indruk dat de hygiëne in het dorpje nabij de grens met Duitsland niets mis is. Ik denk dat de controle veel transparanter is dan in menig fabriek. Was er deze week niet een rel met broodverbeteraar uit China dat vervaardigd is met mensenhaar? Ik zou bij het kopen van de hondenbrokken, best ook ons eigen brood willen aanschaffen, vervaardigd van het meel dat geproduceerd is in de Sint Martinusmolen. Met de wind in de rug kijk ik naar de maalderij. Ik denk na over de voedselvoorziening, de ondoorzichtigheid voor de consument en schiet met enige nostalgie wat foto’s. Maar lang duurt die nostalgische bui niet, want ik moet meteen rechtsomkeer maken. De weekendboodschappen moeten nog gehaald worden in de supermarkt. En al weet ik beslist niet wat ik allemaal precies koop, het is wel lekker handig. In de auto op de weg terug wordt ik geconfronteerd met mijn eigen maalderij. Wel nostalgisch lopen doen, maar er geen conclusies aan verbinden, alsof we collectief een klap van de molenwiek hebben gekregen.

16. GESPREK VAN MAN TOT MAN uit de serie de kabbelende 100

Ik zie mijn zoon denken, terwijl hij netjes de tafel dekt. Het is niet die manier van denken waarbij moeders heel empathisch gaan vragen ‘Is er wat?’. Dat werkt trouwens meestal niet bij 15-jarigen. Ook mijn vaderinstinkt springt niet op oranje om hem een goedmoedige dreun op zijn schouder te geven en een serieus man-to-man gesprek te voeren. Hij kijkt niet bezorgd, een vage glimlach ontvouwt zich. Het lijkt vooral dat hij iets aan het uitbroeden is. Hij heeft nogal een filosofische inslag. ,,Pa, er zijn in Nederland nogal veel honden?” Ik bevestig zijn vraag. Sinds twee jaar zijn wij ook in het bezit van een hond. Het is dus niet gepast om te keer te gaan tegen hondenbezitters. De vraag is eigenlijk nogal een open deur en het wetenschappelijke, zoals ik zijn blik beoordeel, komt er niet uit. Tenminste nog niet. Ondertussen kijken we beide naar de doezelende Pippa.

2014-01-08 14.41.31

Terwijl ik verder ga met koken, komt hij bij me staan en stelt de vraag. ,,Denk je dat wij over 3 miljoen als mens nog bestaan?” Ik proef een hoger existentiële lading dan bij de eerste vraag. Ik murmel een beetje dat ik dat natuurlijk ook niet weet, maar het is niet ondenkbeeldig dat de mens dan niet meer bestaat. Zoveel kennis heb ik ook wel van de evolutie-leer. Mijn zoon bevestigt instemmend en zegt, meer tegen zich zelf dan tegen mij: ,,Misschien is er dan wel een andere levensvorm?” Ik knik slechts.

,,Stel dat wij helemaal weggevaagd zijn, net zoiets als in Pompeii en ze doen dan onderzoek, misschien breken ze hun hersenen dan wel met de vraag hoe zullen die viervoeters toch al die huizen en flats hebben kunnen bouwen.” Ik moet even schakelen maar barst dan in lachen uit. Ik vul hem aan dat ze ook wel hele rare huisdieren hebben op twee benen. Samen lachen we verder om het idee van wetenschappelijke onderzoek door andere levensvormen. Ook over de nuchterheid ten aanzien van de hedendaagse wetenschap, met name op het gebied van historie, want dat is voor een deel ook maar zoeken naar de ontbrekende puzzelstukjes en interpreteren. Stel dat we van het het ene moment op het andere weggevaagd worden, dan zien ze twee tweevoeters in de weer met pannen en potten en een liggende viervoeter. Tja, hoe zal dat in de toekomst geschiedkundig geïnterpreteerd worden? Het was een heel aardig man-to-man gesprek over mankind.

6. PIPPA DE HOND IS ZEN uit de serie de kabbelende 100

Waarom nemen mensen een hond? Ik kan 101 antwoorden bedenken, en belangrijker, 101 redenen om het niet te doen. Ik ben opgevoed dat een hond vies is, stinkt, kwijlt en overal in zit te wroeten. Bovendien snuffelen ze aan je kruis en als je je ergernis nadrukkelijk kenbaar maakt, zien ze dat ook nog als spelen. Bij binnenkomst van mensen die bang zijn voor honden, gaan honden extra hun best gaat doen om de bangerikken te begroeten en hen welkom te heten in de roedel. Kortom het tij zat niet mee om een echte hondevriend te worden. Dus de vraag is gerechtvaardigd, waarom heb ik een hond? Want af en toe stinkt ze, snuffelt ze aan vieze zaakjes en hondedrollen zijn objectief gezien best smerig, maar verder is ze best lief. Eén moment van onachtzaamheid heeft mij doen besluiten om niet langer tegen een hond in huis te zijn.

zwarte piet

Als zo’n lief, dottig puppy groot wordt, ga je je er toch aan hechten. Jouw hond stinkt natuurlijk niet, het is een nette Victoriaanse dame die niet aan je intieme delen gaat snuffelen en bovendien absoluut niet dominant, wel enthousiast en behaagziek. Bovenal brengt ze veel harmonie met zich mee. De hond laat wel van zich horen als ze iets moet, eten, drinken of wanneer de peristaltiek zich aankondigt. Het brengt ritme, maar vooral harmonie, tenminste in ons huis. Nog nimmer een wanklank gehoord over het uitlaten, weer of geen weer. We hebben dan ook een heel bijzondere hond. Volgens mij is het qua ziel een kruising tussen een boeddhistische monnik en de onbevangenheid van Zwarte Piet, al is dat tegenwoordig besmet. In werkelijkheid is haar moeder een blonde Golden Retriever en vader een zwarte Koningspoedel. Een nieuw ras in de maak, de Golden Doodle. Ze is echter pikzwart. Ze was het laatste uit het nestje, dus eigenlijk hadden we geen keus meer. Maar de dankbaarheid dat we haar toch genomen hebben, betaald zich dagelijks uit. Ze straalt ZEN uit, ze is ZEN, kortom een soort Dalai Lama van het Dierenrijk. Dat hebben wij in huis. Ik ben niet zo’n voorstander van het toedichten van menselijke eigenschappen aan dieren, vandaar mij hartgrondige hekel aan de Partij voor de Dieren, dat riekt naar fundamentalisme. Echter met Goddelijke eigenschappen is dat toch wezenlijk anders natuurlijk, dus een klein blogje over onze behaagzieke ZEN-hond mag best wel. Ze heet Pippa De Hond met kapitalen.

Eerder verschenen:

1. KNIPBEURT

2. PEURNO AAN DE MUUR

3. HET BRILLENPERSPECTIEF

4. CANDY CRUSH CALVINISME

5. ARNHEMSE LUCHTEN

Loopse teef

En in één keer ben je ‘vader’ van een loopse teef. Dat vaderlijke betreft dan de verantwoordelijkheid, natuurlijk niet het biologische aspect. Pippa is zo geil als boter. Een opmerking die ik ternauwernood kan plaatsen – wie bedenkt nu zo’n zegswijze en wat heeft boter nu feitelijk te maken met de hormonenkwestie – maar die uiteindelijk wel hout snijdt. Pippa is zich zelf niet meer of misschien juist wel. Ze is in ieder geval niet het wezen dat wij kenden. Ze is nu 9 maanden en het moest er blijkbaar maar eens van komen. De laatste weken was ze al ongedurig en wispelturig. Wisten wij veel dat we te maken hadden met een heus PMS stadium. Inmiddels weten we dat en zoals iedere man instinctief zou moeten hebben bij PMS, alle zintuigen op scherp, want een fout is zo gemaakt. Het is een geluk bij een ongeluk dat Pippa niet zo verbaal is ingesteld, want flauwe grapjes begrijpt ze gelukkig niet.

Na een kambeurt wil ze graag poseren, zij- en vooraanzicht

Binnen is het een zielig, aanstellerig hoopje ellende, maar wel heel aanhankelijk. Iedere aai over d’r kop weet ze te waarderen en smaakt naar meer, de eetlust is minder en ze luistert slechter. Bovendien stinkt ze, maar dat schijnt voor amoureuze soortgenoten het summum te zijn. Het is maar goed dat het van zichzelf een vrij onderdanige dame is met weinig streken. Je zult maar een dominante furie hebben die loops is. ‘Count your blessings’ denk ik dan bij mezelf. In het recente verleden heb ik mijn hoofd al eens gebroken hoe je jonge dames een deugdelijke seksuele voorlichting moest geven. Ik kwam er niet uit. Laf als ik was dacht ik, ze zal er zelf wel achterkomen met al dat ‘hoeren en snoeren’ in de hedendaagse samenleving. Inmiddels is ze groot genoeg om het te ervaren en nu moet ik als verantwoordelijke aan de bak, vooral buiten.

Zien en gezien worden, de kleine slet. Rode lampen worden uiteraard niet gefaciliteerd.

Zo rustig als ze binnen is, zo onrustig is ze buiten. Als ze vrij in de tuin loopt is de onrust al merkbaar. Ze luistert, is allert, blijkbaar hyper-sensitief, maar veilig. Tenminste dat hoop ik, want er doen verhalen de ronde dat bijvoorbeeld Labradors een schutting van twee meter weten te trotseren om een loopse teef te nemen. Het naïeve in me gaat er voorlopig maar vanuit dat dit ‘broodjes aap’ verhalen zijn. Maar ze moet ook uitgelaten worden. Als een echte ouwelul die waakt over de maagdelijkheid van zijn eigen bakvis, zie ik in iedere versierder tijdens het wandelen een potentiële verkrachter. Pippa denkt daar anders over. Ze is onstuimig aan de riem en lijkt alles te doen dat tegen het ‘vaderlijke’ gezag ingaat. Haar wervende en hoerige gedrag stuit me tegen de borst, maar je staat machteloos. Ook als er geen ‘lover’ in de buurt is, blijft ze alert. Ze staat stil met haar kop in de lucht in afwachting op wat komen gaat. Maar ze weet niet eens wat er komen gaat, ze is slechts een gevangene van haar hormoonhuishouding en overspannen verwachtingen van de ‘eerste keer’. Je wilt haar zo graag beschermen. Strak aangelijnd houd ik haar bij me in de buurt, met een air dat iedere aanrander van Pippa genadeloos te maken krijgt met de toorn van haar baasje. “Ik zal ze de nek omdraaien.”

De wil om te experimenteren is er, een overschatting van jewelste

 Het schijnt ongeveer drie weken te duren en dan is deze episode voorbij. Haar loopsheid zal vervlakken, de gewilligheid verminderen en mogelijk zal ze weer het speelse beest zijn zoals we haar kennen, onze kleine lieve meid. Over drie maanden moet ze dan ‘geholpen worden’. Overigens ook een belachelijke term. Pippa wordt niet geholpen, ze zal iets missen al weet ze niet wat. Nee, wij als verantwoordelijken worden geholpen en verlost van een loopse teef in huis en het enorme risico van een heel nest kleine Pippa’s. In het nieuwe jaar hebben we dan een ‘jeweetwelpippa’ zoals Jan Kruis dat zo eufemistisch wist uit te drukken in zijn Strips “Jan, Jans en de kinderen.”. Tot die tijd zal ik de rol als Victoriaanse maagdelijkheid-beschermer met verve spelen. Leer mij kennen.

Smachtend kijken in de verte, maar slechts aangelijnd lopen op het ‘Maagdenpaadje’ en zeker niet alleen ‘hoeren en snoeren’

Hondse politieke beschouwingen (1): Huwelijks aanzoek aan CDA

En dan zeggen ze dat mannen maar één ding tegelijk kunnen doen. Ik zorg voor mijn eigen lichaamsbeweging, ik zorg voor de huishoudelijke logistiek, ik bevorder het dierenwelzijn en dat allemaal door Pippa uit te laten. Tegelijkertijd overdenk ik de politieke toestand in Nederland met het oog op de verkiezingen. Multi-tasken pur sang.

PVDA EN CDA SAMEN IN VRIJE VAL?

Ik schrok oprecht toen de Trouw kopte op zaterdag 7 juli ‘Samsom wil wel met het CDA‘. Daarvoor was ik toch niet na een kleine tien jaar partijloos te zijn geweest, in maart 2012 weer lid geworden van de PvdA? Nu hoeft het CDA ook niet op een blacklist, maar om met de gouwe ouwe van Jan Marijnissen te spreken, effe dimmen, denk ik dan. Mijn onderbuikgevoelens zeggen keihard dat iedereen die heeft zitten gedogen de afgelopen periode maar even in zijn hok terug moet. Mijn realiteitszin schudt me wel weer wakker. Politiek is niet alleen van rancune, hoewel het uitsluiten van de PvdA, voor mij als toeschouwer, bij de oprichting van het gedoogmonster wel gebaseerd was op rancune van het CDA jegens Wouter Bos en zijn PvdA. Rancune die door de PVV te omarmen keihard teruggekeerd is binnen de CDA gelederen.

Maar ook de PvdA heeft het niet breed gezien de peilingen en juist die vrijage van Diederik Samsom met het CDA begreep ik niet. Want als Sybrand van Haersma Buma een keer knipoogt, dan hoef je echt niet te reageren. Ook voor de toekomst is de PvdA niet verantwoordelijk voor alle muurbloempjes. Het is wel zorg om zelf geen muurbloempje te worden. Dus moet de PvdA dan niet nadrukkelijk over de linkerschouder blijven kijken? Zoveel kiezers win je niet bij het CDA, al is het net als de PvdA een volkspartij in het politieke midden. De natuurlijke PvdA kiezers zitten toch echt bij de SP. De SP is daarmee ideologisch een medestander op veel fronten, maar politiek een tegenstander van gewicht. Dat wordt de komende maanden dus balanceren voor Diederik Samsom tijdens de campagne. Leg de kiezer uit dat de PvdA geen tegenstander is van de Socialisten, maar dat ze qua vorm en benaderingswijze de problemen toch wezenlijk anders aanpakken. Ze koesteren wel dezelfde idealen. De SP is een natuurlijke obstakel voor de PvdA, geen natuurlijke vijand. Een vijand benader je anders dan een obstakel. Overigens zit ik me te bedenken, als twee partijen (CDA en PvdA) in het midden zich aan elkaar gaan vastklampen, valt het dan niet veel harder door de zwaartekracht. Het is maar goed dat Diederik Samsom meer beta-vaardigheden heeft dan ik.

MET ZIJN ALLEN!

Dus maar eens kijken wat Samsom heeft te melden. Tijdens het uitlaten van Pippa overdenk ik het interview en concludeer dat ik tevreden ben over de strekking van het verhaal. We moeten als Nederlandse maatschappij in zijn geheel verder. Dat vraagt veel inspanningen van iedereen, maar zeker geen ingebouwde polarisatie. Het besef dat er hervormingen moeten komen is veel breder gedragen dan de ‘Kunduz-coalitie’ doet geloven. Om de PvdA dan weg te zetten als behoudend en niet hervormingsgezind is kortzichtig. De Kunduz-coalitie geeft zeker geen Lente-gevoel, integendeel. Het is hooguit een laatste stuiptrekking van een winderige herfst, die nog één aardige dag in het verschiet heeft. Een ‘feestdag’ waarop we onze kleren even hebben kunnen plooien om Europa te pleasen. Maar iedereen weet dat na die dag de winderige herfst overgaat in een kille winter. De ‘meteorologen’ van de VVD hebben hun vrieskou voorspellingen al aan de openbaarheid gegeven.

Voor waarachtige hervormingen moet je iedereen uiteindelijk meekrijgen. Ook lager-opgeleiden en minder draagkrachtigen moeten voelen dat we met zijn allen uit de economische crisis moeten komen. Krijg je grote groepen niet mee, dan ga je verder met de ingezette polarisatie van dit moment. Sterker nog, ik vind polarisatie nog een positief woord, want tendensen bij de PVV en VVD (en in mindere mate ook bij de SP) is het wij-zij denken. Zij doen het allemaal fout, dus wij moeten ons wapenen tegen de boosdoeners. Bij de VVD voert bovendien het blinde marktdenken nog immer de boventoon, terwijl die arme liberalen dat moeten zien te verenigen met Wilderiaanse benaderingen om de rechterflank te blijven bedienen. Nee, met de VVD kun je de oorlog echt niet winnen.

Zoals Samsom het zegt in het interview: ,,In het Amersfoortse Soesterkwartier, zo’n wijk waar de mensen in de voortuin zitten, hebben ze echt schijt aan hervormingen. En terecht, elke hervorming heeft hen getroffen.” Maar dat geldt ook voor de politie-agent, verpleegkundige en docent als je maar doorgaat met zinloze veranderingen zonder perspectief. Ik denk dat Job Cohen nog immer gelijk heeft dat ‘de boel bij elkaar gehouden moet worden.’ Dit impliceert mijns inziens geen stilstand, maar dat de veranderingen langzamer en evenwichtiger moeten.

==============================================================

De wandeling met Pippa begon in de miezerige regen, we kunnen immers beide wel tegen een stootje. We worden beide toch erg nat. Maar als donkere wolken zich samen pakken, valt een hevige zomers plensbui op ons. Pippa natuurlijk afhankelijk van de grillen van haar baas, kijkt op. ‘Wat gaan we doen?’ De boodschap is duidelijk, we rennen samen in formatie met hetzelfde doel en met dezelfde lasten naar huis. Allebei behoefte aan verdroging, maar ieder op zijn eigen wijze. Voor mezelf een handdoek en droge kleren, voor Pippa haar natuurlijk werkwijze. Ze krijgt de ruimte om flink met haar zwarte vacht te schudden. Ze is haar ballast kwijt en wil weer verder met haar hondenleven.

Faal ik als baasje door mijn pup seksuele voorlichting te onthouden?

Sinds een aantal weken hebben wij een gezinshond, een pup. Een kruising tussen een golden retriever en een koningspoedel. Pippa is de naam en dank u voor de felicitaties. Bij volle verstand heb ik ja gezegd tegen mijn huisgenoten die voor een belangrijk deel enthousiaster waren dan ik, maar een man een man, een woord een woord, dus mijn ja is een ja en ik ben sinds enkele weken ‘een baasje‘.

Een pup dus, inmiddels bijna drie maanden oud. Het is wennen, maar ik doe mijn best. Wandelen doet het nog niet zo veel, dat schijnt niet goed te zijn. Eten doet het des te beter en daarmee ook groeien. Het lijkt al een heel beestje, maar het schijnt nog 4x zo zwaar en groot te worden. En bij eten en groeien hoort natuurlijk ook poepen. Mijn reserves jegens een hond betrof vooral het eindproduct van de poepfabriek. Menigmaal heb ik honden en hun bezitters vervloekt als ik weer eens tussen de ribbels van mijn schoenen, of die van de kinderen, poep moest weghalen. Ik vervloekte de baasjes van de mormels en de honden zelf mochten van mij massaal op de menu-kaart van de plaatselijke Chinees. Peking-hond schijnt zalig te zijn.

Het beestje van ons is de eerste weken door de moederhond groot gebracht. Ze heeft een belangrijk deel van de zindelijkheidstraining daarmee al gehad. Helemaal goed gaat het nog niet, maar de krant bij de drempel van de deur zorgt voor beperking van de overlast. Als wij als baasjes en vrouwtje de signalen niet helemaal oppakken, dan weet ze haar plek. Lukt dat wel, dan snellen wij ons naar de achtertuin met Pippa uiteraard. Het gebruik van een geïmproviseerde hondentoilet is nog niet gelukt, maar haar poeperij in de achtertuin is weliswaar vies, maar overzichtelijk te kuisen. ’s Avonds brengt het qua lichtvoorziening kleine hindernissen met zich mee. Maar het kleine baasje zorgt voor een ‘app’ op mijn mobiel en Pippa kan met haar zwarte verschijning ook in het donker gevolgd worden. Ik voel me al een heel baasje.

Zo ook gisteravond, het ritme van eten en poepen begint steeds vastere vormen aan te nemen. Een seintje van Pippa en ik pak mijn mobiel en snel een sigaret en het nuttige kan met het ongezonde verenigd worden. Al lopend met mijn zaklampmobiel in de ene hand en de sigaret in de andere hand laten Pippa en ik elkaar ’s avonds uit. Echter gisteravond kwam ze niet meteen terug, ook niet na het rammelen met de hondensnoepjes. Ze was al wat onrustig door de ontdekking van een kikker, eerder die avond, maar nu leek ze echt in een ongewone staat van opwinding.

Ik vond haar in de periferie van de tuin, opgewonden korte blafjes uitstotend. Door de takken heen liep ik naar een stapel stenen en zag de oorzaak van de opwinding. Een parend kikkerstelletje werd belaagd door onze hond.

Wat moet ik doen? Moest ik snel mijn handen voor haar ogen doen, want seksuele voorlichting is toch wel wat vroeg voor een 13 weken oude pup. Moest ik de natuur zijn gang laten gaan, waarbij het recht van de sterkste gewoon geldt? Of zal ik het liefdesgeluk moeten beschermen tegen ons mogelijk te vroegrijpe Pippa. Ik wist het niet. In het donker maakte ik dus snel wat foto’s en dat was een hele opgave, want zaklamp en fotograferen gaat niet tegelijkertijd. Het resultaat van wat vrijblijvend flitsen ziet u op dit blog. Het feitelijk resultaat van de natuur in onze tuin kan ik als volgt omschrijven:

  1. De opwinding bij Pippa was groot, de mate waarin ze getraumatiseerd is, is nog onbekend.
  2. De kikkers wisten ongeschonden, en in een blijvende coïtus, te vluchten naar de vijver bij de buren.
  3. En ik heb een blogje erbij.

Je maakt wat mee als baasje. Onder stilzwijgende goedkeuring ligt ze naast mijn stoel en wordt dit blogje geschreven. Haar bijnaam is inmiddels ook al Zwarte Zwabber.