Schijn een lichtje op: LELLEBEL

Wie kan zich de eerste verjaardag van zijn lief nog herinneren? Ik wel, het was nog heel pril en dan wil je uitpakken om indruk te maken. Tenminste ik wel, al had ik geen cent te makken. Uit mijn geheugen graaf ik een boek. Een heel verantwoorde keus met een woordje van mij. Het boek is uitgeleend, we weten aan wie, maar staat al bijna dertig jaar niet meer in onze boekenkast. Ook had ik een soort van roos voor haar. Geen echte, maar zo’n feestartikel waarbij de bloem bij het uitpakken een sexy lingeriebroekje bevatten. Met de kennis van nu vraag ik me af waar haalde ik het lef vandaan, zo ben ik helemaal niet. Voorts natuurlijk een paar zoete gedichten en een sieraad. Ik wist toen al dat ‘diamonds are a girls best friend’. Al wilde ik dat natuurlijk zijn, ik wist dat ik haar moest delen. Bovendien, diamanten waren natuurlijk te begrotelijk. Grote gekleurde oorbellen moesten het worden.

Ik woonde toen in Nijmegen en het adres was ‘Lellebel’. Meer dan 100 keer was ik de winkel waarschijnlijk al voorbijgelopen, maar nu bleek ik ineens tot de doelgroep te horen en wist de winkel te vinden. Grappige naam trouwens, lellebel, realiseer ik me nu pas, een bel voor in je lel. In de winkel was het minder aangenaam. We schrijven winter 1990 en als enige man in een klein winkeltje met allemaal eksterachtige vrouwen zonder fatsoen werd ik telkens naar de rafelranden van de winkel geduwd. Mijn niet gespeelde bescheidenheid in deze setting legde het af tegen de overmacht aan bazige oestrogenen. Na een half uur had ik eindelijk een setje uitgezocht en was blij dat ik de winkel kon verlaten. Het setje oorbellen completeerde mijn cadeaus voor haar eerste verjaardag met mij. Ik moest er vandaag aan denken toen ik ergens op de radio het woord lellebel hoorde.

 

20200801_212517

 

Een raar woord eigenlijk lellebel, toch maar eens zoeken waar het vandaan komt en hoe het gebruikt wordt. Ik besef terdege dat de zoektocht naar de herkomst van woorden een serieuze aangelegenheid is. Met een snelle zoektocht kan ik niet tippen aan de wetenschappelijke etymologie. Maar ik was nieuwsgierig dus ik waag maar een poging. Ik leer dat het woord voor het eerst officieel gedateerd wordt in 1887 in de betekenis van slonzige vrouw. De synoniemen voor lellebel zijn: 1) Del 2) Slet 3) Sloerie 4) Slons 5) Slonzige vrouw 6) Slordig mens 7) Slordig vrouwmens 8) Slordige vrouw 9) Viezerik. Ik heb niet kunnen achterhalen in welke context het woord voor het eerst gebruikt wordt. Maar de klankleur van het woord lellebel komt wel overeen met de synoniemen die gegeven worden. Het hangt inderdaad een beetje tussen slordig en hoerig in. Bij mij heeft het niet per definitie een negatieve connotatie. Lellebel is misschien wel de vrouwelijke vorm van schavuit? Ik zeg maar wat niet wetende of dit heden ten dagen nog wel mag, het rubriceren in mannelijk en vrouwelijk. Lellebel wordt in ieder geval veel gebruikt in de dragqueen-scene leert een korte studie. In die context is het zeker niet slordig en viezig, eerder zeer verzorgd tot in de puntjes. Misschien dat de overvloed aan uitgelopen make-up op het einde van de avond de typering lellebel wel eer aan doet. Ik kom tot de conclusie dat een chique prostitué nimmer een lellebel genoemd wordt en ook een viezige vrouw zal niet snel uitgescholden worden voor lellebel. Het is er echt iets tussen in, maar wat dat dan precies is?

Even hoop ik dat het antwoord komt van een heuse bierbrouwerij, de Eeuwige jeugd. Ze hebben een biertje dat Lellebel heet. Het wordt omschreven als: ,,Een licht geel gekleurd bier. Het bier heeft een redelijke schuimkraag. Je ruikt duidelijke aroma’s van Citrus en wat tropsich fruit. Soepel en verfrissend met een lichte prikkel in de nasmaak.”

Dit geeft helaas geen uitsluitsel, het is niet viezig en niet hoerig. Lellebel, het blijft voorlopig een beetje vaag. Maar ik ben altijd bereid dit blog uit te bereiden met goede suggesties en definities.

Doddendaelpad in Beuningen met verrassende wendingen

20200509_110242

Wandelen is bewegen, is ontspanning, is inspanning, is nadenken, kortom een beetje retraite. En iedere wandeling is anders. Het weer, je eigen fysieke en mentale conditie en natuurlijk de omgeving biedt allerlei aanknopingspunten voor je eigen ontspanning, inspanning en daardoor het retraitegehalte. Daarom zijn klompenpaden een geweldige uitvinding die ik vorige zomer ontdekt heb en nu richting de twintigste wandeling ga. Deze keer is het Doddendaelpad in Beuningen aan de beurt.

20200509_144430

Als student in Nijmegen wist ik van het bestaan van Beuningen, maar ik moet u eerlijk zeggen, ik kan me niet heugen er ooit geweest te zijn geweest toen. Later, nog een tijdje in Nijmegen blijven plakkend en eenmaal in bezit van een auto, ben ik er wel eens geweest. Het heeft geen grootse indruk achtergelaten. Sterker nog, de weg van Nijmegen, langs Weurt, naar Beuningen vond ik nogal saai. Dat viel vandaag erg mee. Ik weet niet of dat komt omdat het lente was, de bomen in die dertig jaar meer gewicht aan de weg hebben gegeven of omdat ik een andere instelling heb gekregen. Kortom, de eerste hernieuwde indruk was niet verkeerd.

20200509_131846

Verandering van spijs doet eten. Dat geldt voor klompenpaden, maar ook voor wandelpartners. Meestal loop ik met mijn eigen meisje, maar vandaag liep ik met een vriend. Dat geeft meteen andere gesprekken, andere interesses en ook andere opmerkelijkheden in de wandeling. Buiten de gezamenlijke interesse in landschappen valt hem, net zo als mij, de inrichting meer op. We zien beide oude muurtjes en schuurtjes in het landschap of langs de Waal. We zien beide dat de rivier anders in het gareel wordt gehouden dan pakweg veertig jaar geleden. Er wordt gestreefd naar een meer natuurlijke oeverbeplanting en begroeiing terwijl de oude basaltstenen her en der nog langs de rivieroevers liggen.

20200509_134947

Beide waren we trouwens blij verrast dat we de primeur hadden dat er onderweg een cappuccino te koop was. Bij het landgoed Doddendael was er een drive-in, tevens walk-in, om koffie, drankjes en eten te kopen. Hiep-hiep-hoera de normalisering is ingezet. Of we nu naar het nieuwe normaal gaan of naar wat dan ook. Niets boven een goede cappuccino. Over het landgoed gesproken, nog even een saillant detail. Landgoed Doddendael, nooit van gehoord terwijl ik er hemelsbreed nog geen zeven kilometer vanaf heb gewoond. En elders in Nijmegen heb ik op een steenworp afstand gewoond van de straat Doddendaal. Er is nooit een lampje gaan branden. We mochten vanwege het coronavirus nog niet de binnenplaats op, maar wat een lieflijk stulpje.

20200509_120510

Het is mooi, bijna zomers weer. De zonnebrand had ik mee moeten nemen. De wandeling is verrassend mooi en veelzijdig, maar dat vonden wij niet alleen. Corona-technisch klopte het allemaal nog wel, maar het Doddendaelpad was wel een van de drukste die ik tot nog toe gelopen heb, zeker het stuk van Beuningen naar het genoemde landgoed. En zoals ik al zei, meer mensen en je hebt ook weer andere observatiemogelijkheden. Veelal vriendelijke medewandelaars, de wat oudere groep lijkt soms bedachtzamer wie ze tegenkomen. Of dat met corona heeft te maken of dat met het stijgen der jaren een door levenservaring opgebouwde mensenkennis meer wantrouwen met zich meebrengt. Ik weet het niet, het is zo maar een observatie. Mijn wandelgenoot, een vrij gezellige man wordt door de langkomende mensen weer op andere bezienswaardigheden  getrokken. Niet dat dit constant een gespreksonderwerp is, maar af en toe, al is het maar een kleine seconde, stokt het gesprek. Zijn aandacht ontsnapt even aan het ongetwijfeld interessante gesprek. Ik weet dat hij buiten de plantjes, de Waal met uiterwaarden, het coulissenlandschap en de oude gebouwen, ook let op wandelaarsters en wielrensters. Och het mag, zeker dit jaar waar rokjesdag niet officieel gevierd is volgens mij.

Het Doddendaelpad in meerdere opzichten verrassend en de moeite waard.

20200509_144057

Voor meer foto’s verwijs ik ook naar mijn Instagramaccount titiissprakeloos

Begrip, van de dag (187) Kwestie van perspectief

perspectief

 

KWESTIE VAN PERSPECTIEF

 

De HEMA is natuurlijk te ver weg om droog een paraplu te kopen. Dat wordt een kwestie van mosterd naar de maaltijd. Klam kom ik aan bij een etablissement tegenover ooit Nederlands trots, de V&D met het zicht op La Place. Wat nou La Place, als je aan het begin van de zomer nog bibberend een tafeltje bij de open deur moet zoeken. Let’s dance van Donna Summer geeft een vals beeld van de condities ter plekke. Een jongedame met Oost-Europese kleurspoeling voor oude dames doet haar ronde voor de mensen die schuilen voor de neervallende plensbui onder de donkere parasols. Zelf word ik geholpen door een dame die zeer bewust is van haar jeugdigheid en haar aantrekkingskracht qua bilpartij. Die durf ik natuurlijk niet op de foto te zetten. Een simpele maaltijd met een Fantaatje is mijn deel. Hoort varkenshaas wel rood te zijn van binnen of zit ik vanavond uren op de plee. Mistroostig kijk ik naar de belofte die de Vierdaagse vlaggen voor de komende maand in Nijmegen moet gaan brengen. Een hoop bombarie voor een rondje wandelen om de stad. Mistroostig kijk ik naar buiten terwijl ik het vakantiemaaltje eenzaam naar binnen werk.

 

Of:

 

Nog net de HEMA kunnen bereiken voordat ik echt nat ben geworden. Snel een paraplu kopen voor de zomerbui losbarst. Een beetje klammig kom ik aan bij het fleurige eethuis en kijk uit op het ooit zo trotse warenhuis V&D. La Place ligt er een beetje verloren bij, maar met de bijna tropische bui die de zomer in luidt, zal het echt wel goed komen. Een tafeltje bij de deur, in verbinding met de zomerse condities buiten, is voor mij. Ter versterking van de sfeer zingt Donna Summer Let’s dance. Een werkstudente die in een jolige bui haar haardos vrolijk paars heeft gemaakt doet haar ronde op het terras onder de veelbelovende parasols met vrolijke mensen. Zelf word ik geholpen door een jeugdige dame die opvalt door haar prachtige geprononceerde billen. U zult me op mijn woord moeten geloven, natuurlijk schaad ik niet haar privacy. Onverwacht op dinsdagavond een satéetje met Vlaamse frieten. De varkenshaas is goed medium en mals, goed voor de spijsvertering. De zomerfeesten komen er weer aan, Nijmegen maakt zich op via de overbekende wandelvlaggen. Een prachtig nationaal volksfeest voor de stad. Tevreden kijk ik om me heen, ik prijs me gelukkig met het moment.

 

Eén foto, een kwestie van perspectief.

Begrip, van de dag (139) Adieu Joop

 

 

 

ADIEU JOOP

 

De trein trekt langzaam op van het station Nijmegen-Lent als de vrolijke stem van de conducteur door de intercom galmt. ,,Nog even een andersoortige mededeling, u bevindt zich in de trein naar Nijmegen en uw machinist is Joop Janssen. Voor Joop is dit de laatste rit, na 35 dienstjaren. Joop gaat met pensioen. Dan weet u dit ook. Daarna gaat de trein verder naar Oss, Den Bosch en met als eindbestemming Rosendaal.” En inderdaad langzaam en heel precies glijden we het station Nijmegen binnen. Het is duidelijk dat Joop ervaring heeft, maar niemand klapt als we stil staan. Iedereen gaat zijn eigen weg op de laatste zondag van Joop en zijn machinistenbestaan.

Wie zou Joop zijn? Ik zit helemaal achterin de trein, dus ik heb geen idee hoe Joop eruit ziet en hoe hij uit zijn machinistenhonk komt. Verdrietig of juist opgelucht? Zou Joop familie hebben die hem feestelijk onthaalt. Of zou Joop een beetje eenzame man zijn die vanochtend terloops mededeelde dat dit zijn laatste rit zou worden. De conducteur heeft misschien gedacht, dit laten we niet zomaar passeren en deed zijn best om Joop toch nog in het zonnetje te zetten na 35 jaar. Wat zal Joop allemaal wel niet hebben gezien op die eenzame momenten van Rodeschool naar Groningen, van Groningen naar Zwolle, naar Utrecht, naar Den Helder en welke uithoek in het land? Zou het hem bespaart zijn gebleven om geen mensen voor zijn trein te zien springen? Hoe zou Joop daarmee omgegaan zijn. Ik weet het niet, maar ik voel nu al compassie met hem.

Na vijf minuten komt de trein weer langzaam op gang richting Breda voor mij. Nu niet meer met Joop als machinist. Voor Joop is het afgelopen. Misschien zie ik nog de feestelijkheden aan de andere kant van het perron. Joop die omringt wordt door collega’s en familieleden de trein, zijn laatste trein, uitzwaaiend. Misschien staat Joop met betraande ogen heel alleen de trein na te kijken, niet wetend hoe het nu verder moet. Maar geen familie, geen collega’s en ook geen Joop. Zou Joop huilend zijn afgevoerd? Of wist hij niet hoe snel hij zijn bedrijfsspullen moest afleveren en opgaan in de anonimiteit? Het is klaar voor Joop, ik had hem graag bedankt, maar ook dat blijft voor mij in het ongewisse of Joop dat goed zou vinden. Nou Joop Janssen, adieu het gaat je goed.

Begrip, van de dag (125) Vliegende spaghettimonster

 

20160220_210348

 

VLIEGENDE SPAGHETTIMONSTER

 

Probeer alles en behoudt het goede. (1.Tessalonica 5:21) Een bijbelspreuk die veel interpretatie-mogelijkheden geeft, want iedereen kan natuurlijk indenken dat er veel dingen zijn die je beter niet kunt proberen. Niet alles hoef je proefondervindelijk te ervaren, dat is beter voor jezelf en je omgeving. Maar met de meer overdrachtelijke interpretatie, toets alles maar wees kritisch heb ik me vandaag gestort op het nieuwste kerkgenootschap in Nederland. Sinds januari van dit jaar is de kerk van het Vliegend Spaghettimonster officieel ingeschreven bij de Kamer van Koophandel. Nu ging dat niet vanzelfsprekend, want de kerk moest eerst bewijzen dat het vliegende spaghettimonster bestond. Wijzend op de andere ingeschreven kerken en hun bewijsmogelijkheden, moest de Kamer van Koophandel overstag gaan.

Ik had eerder gehoord van het Vliegende Spaghettimonster. Volgens onbevestigde bronnen zou bij de recente volkstelling in Engeland bijna 1% opgeven lid te zijn van de Kerk van het Vliegende Spaghettimonster. In 2005 is dit geloof gecreëerd door Bobby Henderson als logische reactie op het creationisme dat in Amerika sterk aftrek vond. Sindsdien is het een van de sterkst groeiende geloofsgemeenschappen. Het Vliegende Spaghettimonster schiep de Aarde in een dronken bui in vijf minuten, het equivalent van de tien geboden zijn de acht ‘liever nieten’ en een volgeling van het Vliegende Spaghettimonster noemt zich een pastafari en eindigt zijn gebeden met ‘Ramen’, een Japans pastagerecht.

Met het moto ‘beproeft alles en behoudt het goede’ is nadere studie van dit kerkgenootschap in ieder geval de moeite waard. In Nijmegen is er iedere vrijdag (de vaste feestdag) een heuse bijeenkomst waarbij spaghetti met gehaktballen en bier wordt gegeten. Ook niet leden zijn welkom. De vergiet is het religieuze hoofddeksel en in Tsjechië en Oostenrijk zijn de eerste rijbewijzen aan pastafari met een vergiet op hun hoofd al afgegeven in het kader van godsdienstvrijheid. In Polen mag dit dan absoluut niet. Ik weet niet of ik de vergiet nu het ultiem zittende hoofddeksel vind, maar ook dat zullen we maar eens uitproberen. Ik word er in ieder geval niet charmanter van, maar daar gaat het in het geloof ook niet om, het gaat om het innerlijk. RAMEN.

 

Begrip, van de dag (114) Wind

 

 

 

WIND

 

,,Zal ik er nog een laten?”
Dit was een vraag op een bevestigend antwoord, nadat deze bevestiging werd uitgelokt met een andere vraag namelijk: ,,Lekker windje hè?
Ik weet, dat is even uitzoeken hoe deze conversatie verloopt, maar u komt er vast wel uit. Zelden heb ik zo’n vies, flauw en kinderachtig gesprek moeten aanhoren, uitgesproken door een volwassen man. Het is inmiddels bijna twintig jaar geleden dat mijn achterbuurman in Nijmegen op een zwoele zondagmiddag deze woorden uitsprak in bijzijn van zijn schoonouders van Italiaanse komaf. Zelf was hij een rasechte Nijmegenaar uit de Wolfkuil. De schoonouders hebben het getroffen met zo’n schoonzoon, want ze bulderden van het lachen. Niet veel later zijn we verhuist.

Ik moest er net aan denken bij het uitlaten van de hond. Het is stormachtig weer en het zal nog harder te keer gaan de komende uren. Raar woord eigenlijk ‘windje’ als het gaat om de beschamende, maar menselijke flatulentie. In zekere zin begrijp het verband nog wel tussen de weersgesteldheid en de winderige bijproducten van onze peristaltiek. Toch is er sprake van een mate van taalarmoede. We spreken over wind, windje, briesje, storm en orkaan in alle soorten en mate van kracht. Die parallel wordt als het om de menselijke winderigheid gaat niet door getrokken. We hebben het over ‘wind’ of ‘windje’. De variatie in het vocabulaire van de menselijke winderigheid wordt niet doorgetrokken. Eigenlijk ken ik buiten het woord wind of windje alleen het woord scheet. Als er al sprake is van een verbijzondering van het windje wordt dat gedaan met bijvoeglijke naamwoorden, een nat windje, een stiekem windje of een harde scheet.

Hoe veel mooier zou het zijn als we de verschillende soorten windjes een eigen naam gaan geven die overeenkomen met de winden zoals de weermannen en -vrouwen ze ook gebruiken, analoog aan de Poolbewoners die vele soorten woorden hebben voor sneeuw. Ik denk dan aan bries als het gaat om zachtaardige en milde flatulentie. Voor het steviger werk kunnen we dan orkaan of storm gebruiken. Ik heb een storm gelaten klinkt een stuk eerlijker dan besmuikt melden dat je een wind heb gelaten. Ik hoef niet uit te leggen wanneer je een ‘moesson heb gelaten’ of als er sprake is van dwarrelende windstoten? Zoals ik al zei, het stormde buiten, de hond was onrustig en dezelfde stormachtige wind brengt soms opvallende gedachten met zich mee.

Begrip, van de dag (102) Alles wordt anders

anders

ALLES WORDT NU ANDERS

l

En vanaf nu wordt alles anders, uiteraard na dit blogje. Vanavond is het nog even behelpen, maar vanaf morgen!!!! Ik zit nu in de Lindenberg te Nijmegen om eindelijk eens te leren schrijven. Tot nu was het behelpen, een beetje op oude VWO kennis, een fractie levenservaring en een grote duim en associëren maar. Een aantal van mijn trouwe lezers heeft het ermee gedaan, daarvoor grote dank en waardering. Maar vanaf morgen zult hier niet meer alleen zijn. Het wordt sprakeloos vernieuwend, het wordt helemaal anders.

De grote zoektocht begint naar de geheimen van het literair bestaan, onontgonnen gebieden zullen omgeploegd worden en de donkere krochten van mijn brein zullen vanaf heden geopenbaard worden. Misschien moet ik met dat laatste nog maar even wachten, hoewel er ooit een collega stukjesschrijver me betichtte van ‘schrijven met de rem erop’. Een mooie doelstelling zou kunnen zijn om de rem te vinden en deze een tikkeltje te ontregelen, een klein beetje maar zou al mooi zijn. En dan de politieke columns, hoewel naast de boekrecensies het best gelezen, zullen niet meer mild spottend zijn, maar heet gepeperd en vilein. Uiteraard zonder ordinair te worden en te schelden. En hier ziet u alweer, de rem is al weer gevonden en een arsenaal aan voorbehoud al weer gemaakt. Een cursus is heel hard nodig.

Het ultieme doel is om uit mijn comfortzone te treden, het loslaten van automatismen en de door mij platgetreden paden te verlaten. En toch moet er iedere dag in principe een ‘begrip’ worden afgewerkt. Deze 102e moet mij verlossen van het sluimerende bestaan aan de rafelranden van het internet. Het is aan u om dat verder te blijven waarderen. Aan mezelf de opdracht om me niets van u aan te trekken. Nog drie kwartier ben ik blogjesschrijver en morgen…….u zult het van me horen.

Begrip, van de dag (55) Import

 

IMPORT

 

Vandaag kon ik er voor het eerst woorden aangeven. Ik ben ontheemd, eigenlijk een soort vluchteling. Overal waar ik in de mijn bijna vijftig jaar heb gewoond, behoorde ik tot de groep ‘Import’. Ik ben geboren in Heel (Limburg), mijn ouders kwamen uit het oosten van het land, maar dat was voor de dorpelingen ter plekke gewoon Holland, dus mijn ouders waren verfoeide ‘Ollanders’, oftewel import. Bij geboorte was ik dus al import. Daarna zijn ze naar Raalte verhuisd, daar heb ik ruim 16 jaar gewoond, dus ik ben er getogen. Maar als ze me vroegen, ‘Woar b’uj d’r ene van?’ en ik noemde mijn naam dan zag je ze denken. “Die ken ik niet, niet van hier.” In het gunstigste geval werd er met medelijden gesmiespeld ‘Import’, vaak werd er een vies gezicht bij getrokken of een wegwerpgebaar. Niet belangrijk.

Eenmaal meerderjarig, heb ik in Nijmegen gewoond en mijn thuis staat nu al weer zo’n 16 jaar in Duiven. U raadt het al, al weet ik hoe ik naar de Stevenstoren ‘moet krupe’ of op blote voeten ‘goan’ een echte Nijmegenaar ben ik niet geworden en ook in Duiven ben en blijf ik import, niet van hier. Een belangrijke indicatie is altijd dat mensen willen verhalen over vroeger, van hun dorp of stad. Toen was het allemaal anders, beter en in ieder geval niet zoveel import. Daar sta je dan met je goeie gedrag wereldburger te spelen.

Hoe lang is het geleden dat in Nederland, het land waar om de tien kilometer een ander dialect werd gesproken, men elkaar niet begreep? Hoe lang is het geleden dat dijenkletsende spraakverwarring plaatsvond bij de eerste boeren die uit het hele land gingen boeren in de Zuiderzeepolders? Het dialect van Limburg was reden tot grote hilariteit, hoog Haarlemmerdijks was iets ridicuuls al zagen zij het beslist anders en ook het geknauw van de Grunningers deed vermoeden dat de afstamming van de Neanderthalers nog niet zo lang daarvoor had plaatsgevonden. Ik vraag me af of ik nu de enige ‘ontheemde’ ben in Nederland. Zijn we dat niet bijna allemaal, of in ieder geval een ruime meerderheid. Ik moet dan vaak denken aan het vluchtelingenprobleem. Hoeveel maakt het uit in het land van de ‘importers’ waar je vandaan komt. N’importe quoi!

56. ARNHEM CENTRAAL uit de serie de kabbelende 100

foto 1

Vandaag was het zover, na bijna twintig jaar. Het treinstation in Arnhem is officieel geopend. We zijn 163 miljoen verder, menig (politiek) crisis is doorstaan en de reiziger zal langzaam maar zeker moeten wennen aan enig comfort, want dat was de afgelopen jaren ver te zoeken. Zelf kom ik vanaf 1993 met enige regelmaat in of langs Arnhem voor mijn werk, maar het grootste deel daarvan had ik te maken met een hele grote bouwput. Het heeft er lang naar uitgezien dat er een hele vette vieze lelijke puist het stadscentrum van de stad blijvend zou ontsieren. Het is echter prachtig geworden. Met name het laatste jaar waarbij ik bijna dagelijks op het station moest zijn, werd het iedere dag een stukje mooier. Het station, de perrons, de gang naar de perrons en de directe omgeving van het station. Prachtig gewoon, een kniesoor die nog moet opmerken dat ze het in Rotterdam in de helft van de tijd doen.

foto 2

Vandaag dus de opening en vanochtend werd nog de laatste hand gelegd en de ramen werden gelapt.

Als eerste station buiten de Randstad mag het station mogelijk Arnhem Centraal heten. Het is de Arnhemmers gegund. In de volksmond worden namen als De Schelp of Wokkel ook al gebezigd. Ik vind dat erg oneerbiedig voor zo’n perfect staaltje esthetiek. In dit geval moet een station met deze allure een andere benaming krijgen met meer allure, passend bij de stad. Zelf zou ik willen voorstellen Port de Nijmegen, zoals in Parijs ook menig metrostation heet. Port de Nijmegen, proef dat maar eens goed. Dat klinkt. Bovendien hebben connaisseurs waar ik mezelf in dit geval onder schaar, een vooruit zienende blik gehad. Want op de vraag wat is het mooiste van de stad Arnhem, werd steevast geantoord: De plek waar de trein naar Nijmegen vertrekt. Nu, ik geloof met recht dat we hier niet meer onderuit kunnen. Port de Nijmegen is vandaag geopend.

 

Ik heb vandaag een aantal foto’s gemaakt die ik u niet wil onthouden, maar komt vooral zelf eens een kijkje nemen op Port de Nijmegen.

 

foto 3

Naar de perrons

foto 3a

Kijk op de stationshal

foto 4

Blik op de stationshal

foto 5

Blik op stationshal vanaf eerste verdieping, op voorgrond kunstzinnige verlichting

foto 6

voetgangersgedeelte van en naar het busstation

foto 7

Feestelijke uitdossing voor de opening

foto 8

Blik op het stationsplein met de WTC-torens

foto 9

Bezijden het stationplein, bioscoop Pathé, een van de grotere in Nederland met de onvermijdelijke McDonalds ernaast.

foto 10

Rondleiding vandaag & niet officiële opluistering door onze mede-Europeanen uit Zuid-Europa

foto 12

Op het perron naar de treinen.

Begrip, van de dag (25) Lelijke gebouwen

 

LELIJKE GEBOUWEN

Dat het niet eerder bedacht is, de verkiezing van het lelijkste gebouw van Nederland. Gisteren hoorde ik op de radio dat twee weken geleden Martjan Kuit van Cobouw zich dat hardop afvroeg. Gisteren lanceerde hij naar aanleiding van alle reacties de shortlist waarop mensen kunnen stemmen. Ik vind het nogal meevallen, die lelijke gebouwen. Sterker nog, naar mijn bescheiden mening is veel nieuwbouw best aardig. Aan de andere kant kan ik me voorstellen dat sommige gebouwen sterke tegengestelde reacties kunnen opleveren.

Eigenlijk best raar, voor toonaangevende gebouwen is maar een klein select groepje mensen verantwoordelijk voor de keuze. Hoe kijken zij naar schoonheid, functionaliteit en naar de beschikbaarheid van gelden, of natuurlijk de beste betalende aannemer die de meeste pepernoten heeft neergelegd? Maar de hele gemeenschap in dorp of stad moet er naar kijken en er van genieten, of verafschuwen natuurlijk. Vroeger was dat natuurlijk niet anders, want er zullen vast geen stemmingen zijn gehouden voor de Dom van Utrecht of andere kathedrale gebouwen. We moeten het ermee doen, of anders bestormen.

Een kort intern onderzoek levert me al snel een persoonlijke keuze voor het absoluut lelijkste gebouw van Nederland. Hij mag niet meedingen naar de prijs omdat het van voor 2010 is. Maar met stip vind ik het Valkhof Museum in Nijmegen het lelijkste gebouw van Nederland. Dit is om meerdere redenen. De wazige blokkendoos als gebouw is al nietszeggend en spuuglelijk, maar is bovendien een verkrachting van de historische omgeving. Om het lelijke gebouw te accentueren hebben ze een winderig plein gemaakt van Kelfkensbos zodat de lelijkheid extra aandacht krijgt. Eeuwig jammer voor misschien wel de leukste stad van Nederland.