Sociologische overwegingen in de tuin

20200330_11473820200330_114835

Begin april beschreef ik de eerste stappen van inkeer in coronatijd middels noeste arbeid in de tuin. Het is goed voor de geest en voor je fysieke gestel. En de tuin vaart er ook wel bij. We zijn zeven weken verder en vandaag voorlopig de laatste hand gelegd aan dit gedeelte van mijn tuin. Ondanks de hooikoorts toch maar aan de slag gegaan. Wat is dat met tuinieren en de mens? Zelf ben ik geen echte tuinman. Dat wil zeggen, op zeker moment moet het omdat…..omdat het moet. Ik vind het ook niet zo erg als je eenmaal bezig bent, soms zelfs wel leuk. Heel leuk vind ik de ritjes naar de tuincentra, waar ik me gedraag als een kind in een snoepwinkel. Het verschil is dat ik zelf de rekening dien te betalen.

20200523_131137

Tot de maand juli kan ik het wel redelijk opbrengen, dat spelen in de volwassen zandbak. Daarna laat ik het meestal versloffen. Geen zin meer, het groeit te hard, het onkruid is niet bij te houden om over de grassen tussen de tegels maar te zwijgen. In de maand juni is de tuin volgroeid en dan kijk ik er bijna niet meer naar om. Het is maar goed dat ik dat niet heb met mijn volwassen kinderen.

20200523_131212

Ik werk ook niet heel hard in de tuin. Mijmerend over het leven hang ik op de schoffel of bezem. Dat dromen zorgt voor weinig efficiëntie in mijn tuinarbeid. Zo bedacht ik me dat mijn gang naar de tuin misschien wel een vlucht is voor belangrijke huiselijke bezigheden. Vluchten voor het huishouden, immers druk bezig in de tuin. Of andere kleine klussen die je zelfs met twee linkerhanden toch wel zou kunnen uitvoeren? Daar heb ik een broertje dood aan, want die klussen duren met die twee linkerhanden vaak nog best lang. Laat mij maar tuinieren als minst slechte alternatief voor echte klussen.

 

Een aantal jaar geleden ging ik in de plaatselijke kwekerij eens ver over mijn grenzen heen door de aanschaf van geraniums. Dat deed je toch niet als je nog vijftig moest worden. Een paar jaar later zijn ze niet meer weg te denken in mijn creatieve tuindecoratieproces. Rode geraniums horen erbij. Geen tuin van mijn hand zonder rode geraniums. Gisteren ging ik een tweede grens over. Ongeveer de lelijkste bloemen heb ik gekocht. Mijn overweging was de prijs. Voor slechts €3,- kocht ik 12 Afrikaantjes voor de plek met de meeste schaduw in mijn border. Als ze het niet zouden doen dan is er geen man overboord en kan ik de schuld geven aan deze Afrikaantjes.

20200523_155852

Met de Afrikaantjes is toch iets bijzonders aan de hand. Mogen ze nog wel zo heten heten vraag ik me af. Terwijl Sinterklaas het tegenwoordig met Pieten moet doen, een lekkernij van crème met een chocolade omhulsel in de vorm van een tiet moet nu zoen worden genoemd in plaats van n..zoen. Het is maar goed dat onze kinderbenaming niet algemeen is geworden want dan aten we nu tieten in plaats van zoenen. Maar voor de Afrikaantjes is nog geen grachtengordelclubje opgericht die ons wijst op ons achterlijke koloniale verleden. Alleen al het feit dat we blijkbaar niet door hebben dat Afrika uit meer dan 54 landen bestaat en wij niet eens de moeite nemen om te specificeren. Het zijn namelijk geen Tanzaniaantjes, Marokkaantjes of Angoleesjes. Misschien omdat ze vaak oranje zijn mag het daarom wel?

20200523_131251

Ik heb dus nu Afrikaantjes in mijn tuin, de volgende stap in mijn verouderingsproces. Ja ik heb zo mijn vooroordelen als het gaat om planten. Hoewel, ik herinner me in de tuin van mijn opa en oma dat er altijd een klein strookje gereserveerd werd voor snijbloemen. Die vind ik met terugwerkende kracht wel heel mooi. Ik moet mijn moeder toch eens vragen wat dat voor bloemen waren. Voor later als ik groot ben en mee mag doen met de ruziemakende 50+ partij. Dan neem ik zo’n boeketje bejaarden snijbloemen mee uit eigen tuin om te verzoenen.

Dat tuinieren brengt me veel goeds bedenk ik me nu ik de dag zo overzie.

 

 

 

Normaal toekomstkabaal

20200508_210835

Werkcolumn d.d. 14 mei 2020 bij de tamtam van reclassering het Leger des Heils

En dan ben je ineens columnist bij de tamtam. Het is augustus 2019. Je zit boordevol ideeën over wat gezegd moet worden, welke misstanden besproken en waar een kwinkslag thuishoort. Wat loopt er niet goed in de organisatie, welke beleidsgebieden kunnen, of sterker, moeten gehekeld worden en waar kan een stukje lichtvoetigheid dienen om een glimlach of een denkmoment te creëren? In gedachten had ik al een stukje over de schuldenindustrie en de dakloosheid in Nederland. Twee onderwerpen waarbij het niet normaal is hoe dat in Nederland geregeld is, of was?

Maar toen kwam de corona. Het is columnistonwaardig om corona te vermijden in je stukjes, je moet je richten op de actualiteit van de dag. De wereld is veranderd, in onze gedachten, in onze alledaagse werkelijkheid en misschien wel het meest in onze toekomstverwachtingen. We moeten naar het nieuwe normaal van anderhalve meter in de maatschappij. Het nieuwe normaal! Het nieuwe normaal suggereert dat er ook sprake is van het oude normaal. En ja, er is een oude toestand van voor de corona, laten we 1 maart als scheidslijn gebruiken. Alles voor 1 maart was het oude normaal. Het normaal van dakloosheid, het normaal van vluchtelingen, het normaal van president Trump met zijn fakenews en niet te vergeten het normaal van de schuldenindustrie in Nederland. Hoe normaal was het oude normaal vraag ik me dan wel eens af?

Hoe definiëren we dan het nieuwe normaal, waar moeten we naar toe en wat moeten we bereiken? Als dat het oude normaal is, zijn er genoeg argumenten te bedenken dat zoiets niet wenselijk is. Maar wie of wat bepaalt het nieuwe normaal? Is dat premier Rutte, zijn dat de wetenschappers van de RIVM of toch op de achtergrond de ongrijpbare multinationals die geen belasting betalen, om maar iets ouderwets normaals te noemen. Of zijn wij dat misschien allemaal bij elkaar in welke sociale setting dan ook? Samen polderen we naar het nieuwe normaal, iets van wat we nu nog niet weten wat dat is. Maar kunnen ze in Italië, China of Brazilië ook zo goed polderen? Ik vraag het me ten zeerste af. Zelfs in Nederland zal de normale nieuwe toekomst niet zonder slag of stoot tot stand komen. Economie en gezondheid wedijveren om het belangrijkste ingrediënt te worden en daar zijn de meningen nog niet over uit. Niet in Nederland, niet in Europa en zeker niet in de geglobaliseerde wereld als geheel. Wat is dus normaal en wat is er nieuw aan dat normaal?

Deze laatste vraag is dus de grote blackbox van de toekomst. Ik heb er geen antwoord op, niemand trouwens, maar we hebben het er allemaal over. Even koesterde ik nog de hoop dat de etymologie me verder zou helpen, maar nee. Bij het afbreken van het woord nor-maal dacht ik heel even dat het woord normaal helemaal niets te maken heeft met normering. Nor-maal is dus eigenlijk gevangeniseten. Maar helaas, etymologisch is het norm-aal, waarbij aal niet een vis is, maar komt van het Latijnse alis. Dit is niet letterlijk te vertalen, het wordt slechts gebruikt als achtervoegsel bij leenwoorden uit andere talen. Zo is puberaal geen jonge vis zoals u weet.

Tussen u en mij, bilater-aal dus, vind ik deze column al geslaagd omdat ik weer iets nieuws heb geleerd over de aal in de Nederlandse taal. Maar ik ben nog geen klap verder over wat dat nieuwe normaal is. Is dat een samenleving zonder dakloosheid, zonder ongelijkheid en zonder schulden? Een soort fili-aal van de hemel? U mag het zeggen, ik weet het niet.

Doddendaelpad in Beuningen met verrassende wendingen

20200509_110242

Wandelen is bewegen, is ontspanning, is inspanning, is nadenken, kortom een beetje retraite. En iedere wandeling is anders. Het weer, je eigen fysieke en mentale conditie en natuurlijk de omgeving biedt allerlei aanknopingspunten voor je eigen ontspanning, inspanning en daardoor het retraitegehalte. Daarom zijn klompenpaden een geweldige uitvinding die ik vorige zomer ontdekt heb en nu richting de twintigste wandeling ga. Deze keer is het Doddendaelpad in Beuningen aan de beurt.

20200509_144430

Als student in Nijmegen wist ik van het bestaan van Beuningen, maar ik moet u eerlijk zeggen, ik kan me niet heugen er ooit geweest te zijn geweest toen. Later, nog een tijdje in Nijmegen blijven plakkend en eenmaal in bezit van een auto, ben ik er wel eens geweest. Het heeft geen grootse indruk achtergelaten. Sterker nog, de weg van Nijmegen, langs Weurt, naar Beuningen vond ik nogal saai. Dat viel vandaag erg mee. Ik weet niet of dat komt omdat het lente was, de bomen in die dertig jaar meer gewicht aan de weg hebben gegeven of omdat ik een andere instelling heb gekregen. Kortom, de eerste hernieuwde indruk was niet verkeerd.

20200509_131846

Verandering van spijs doet eten. Dat geldt voor klompenpaden, maar ook voor wandelpartners. Meestal loop ik met mijn eigen meisje, maar vandaag liep ik met een vriend. Dat geeft meteen andere gesprekken, andere interesses en ook andere opmerkelijkheden in de wandeling. Buiten de gezamenlijke interesse in landschappen valt hem, net zo als mij, de inrichting meer op. We zien beide oude muurtjes en schuurtjes in het landschap of langs de Waal. We zien beide dat de rivier anders in het gareel wordt gehouden dan pakweg veertig jaar geleden. Er wordt gestreefd naar een meer natuurlijke oeverbeplanting en begroeiing terwijl de oude basaltstenen her en der nog langs de rivieroevers liggen.

20200509_134947

Beide waren we trouwens blij verrast dat we de primeur hadden dat er onderweg een cappuccino te koop was. Bij het landgoed Doddendael was er een drive-in, tevens walk-in, om koffie, drankjes en eten te kopen. Hiep-hiep-hoera de normalisering is ingezet. Of we nu naar het nieuwe normaal gaan of naar wat dan ook. Niets boven een goede cappuccino. Over het landgoed gesproken, nog even een saillant detail. Landgoed Doddendael, nooit van gehoord terwijl ik er hemelsbreed nog geen zeven kilometer vanaf heb gewoond. En elders in Nijmegen heb ik op een steenworp afstand gewoond van de straat Doddendaal. Er is nooit een lampje gaan branden. We mochten vanwege het coronavirus nog niet de binnenplaats op, maar wat een lieflijk stulpje.

20200509_120510

Het is mooi, bijna zomers weer. De zonnebrand had ik mee moeten nemen. De wandeling is verrassend mooi en veelzijdig, maar dat vonden wij niet alleen. Corona-technisch klopte het allemaal nog wel, maar het Doddendaelpad was wel een van de drukste die ik tot nog toe gelopen heb, zeker het stuk van Beuningen naar het genoemde landgoed. En zoals ik al zei, meer mensen en je hebt ook weer andere observatiemogelijkheden. Veelal vriendelijke medewandelaars, de wat oudere groep lijkt soms bedachtzamer wie ze tegenkomen. Of dat met corona heeft te maken of dat met het stijgen der jaren een door levenservaring opgebouwde mensenkennis meer wantrouwen met zich meebrengt. Ik weet het niet, het is zo maar een observatie. Mijn wandelgenoot, een vrij gezellige man wordt door de langkomende mensen weer op andere bezienswaardigheden  getrokken. Niet dat dit constant een gespreksonderwerp is, maar af en toe, al is het maar een kleine seconde, stokt het gesprek. Zijn aandacht ontsnapt even aan het ongetwijfeld interessante gesprek. Ik weet dat hij buiten de plantjes, de Waal met uiterwaarden, het coulissenlandschap en de oude gebouwen, ook let op wandelaarsters en wielrensters. Och het mag, zeker dit jaar waar rokjesdag niet officieel gevierd is volgens mij.

Het Doddendaelpad in meerdere opzichten verrassend en de moeite waard.

20200509_144057

Voor meer foto’s verwijs ik ook naar mijn Instagramaccount titiissprakeloos

Een vluggertje afwerken in Terwolde

20200506_103917

Een vrije dag, een bezoek aan moeder in Coronatijd gepland en ergens halverwege is er nog een kort klompenpaadje gevonden in Terwolde. 7 kilometer slechts, dus die moet maar even ‘afgewerkt’ worden. Het jammere van coronatijd is dat alle gelegenheden om even een cappuccino te nuttigen dicht zijn. De zekerheid is wel dat bij café Chez Mamma een uitstekende brunch staat te wachten. Ik kan haar er niet voor bedanken middels een bezwete knuffel van het wandelen want de anderhalve meter geldt ook voor alleenwonende moeders van bijna 85 jaar.

20200506_105009

Terwolde heeft dus een wandeling van 7 kilometer, het Woldermarkerpad. Op deze zonnige doordeweekse lentedag kan ik met zekerheid vaststellen dat Mark Rutte tevreden zou zijn, dik tevreden. Naast wat plaatselijke fietsers heb ik welgeteld 1 wandelaar gezien, een overduidelijk collega-klompenpad gebruiker. Heerlijk rustig dus. Terwolde ken ik niet echt, maar het is een bijzonder aardig plaatsje met een aantal prachtige huizen. De wandeling start en eindigt bij de kerk die helaas niet open was. Er zouden mooie muurschilderingen naar boven zijn gekomen tijdens een recente restauratie. Naast de kerk staat een plaatselijke kunstwerk van de rustende landarbeider. Ik denk dat dit beeld symbool staat voor de beleving van het Woldermarkerpad, dorpse rust en landelijkheid. Dit laatste resulteerde bijvoorbeeld in vers gemaaid gras wat voor mij als hooikoortspatiënt in remmissie een aangename ervaring is. Wel de geuren, maar nu slechts een paar niesjes die geen gevaar opleveren voor de niet aanwezige medewandelaars.

20200506_105149

20200506_110608

Ik had één bijzondere ontmoeting op de Zeedijk. Het zal wel aan de naam liggen. Ik vraag me trouwens af waarom er in Terwolde een Zeedijk is. Misschien wel omdat ik een vluggertje in Terwolde had gepland? De ontmoeting was met een dagpauwoog, een beauty, die bijna de hele weg langs de wetering voor me fladderde. Hij ging zitten met gespreide vleugels op het paadje, waarschijnlijk om zijn vleugels in de zon te warmen. Maar op het moment dat er een brute klompenpadder aan komt lopen met zijn lompe wandelschoenen, vloog het dier weer op. ,,Stom beest, dacht ik, ,,Ga dan achter me liggen zonnen!” Meer nee, paar meter vliegen en het procedé herhaalde zich gedurende honderden meters. Het is maar goed dat zo’n fladderaar geen eendagsvlinder is, want dan heb je een wezenlijk deel van je leven gespendeerd aan zo’n wandelaar en de rest van je leven moet je van je trauma af zien te komen. Gelukkig kunnen dagpauwogen relatief oud worden, dus het beestje zal het wel leren.

20200506_111408

Een fijne wandeling al met al. Ik ben niet in de positie om een algemene uitspraken te doen over de kwaliteit van ‘vluggertjes’ maar deze in Terwolde smaakte beslist naar meer.

20200506_122434

Voor meer foto’s van deze wandeling verwijs ik naar mijn Instragram account: titiissprakeloos

Klompenpad op zijn Wagenings

20200503_123803

Dichtbij en toch nooit echt kennisgenomen met de omgeving van Wageningen. Ik had gehoopt dat de wandeling langs de verwaarloosde voetbalvelden van de plaatselijke FC zouden gaan. Helaas, bij het wegrijden zagen we het stadion pas. Een volgende keer misschien, maar verder had het Wageningse Engpad alles wat er voor een klompenpad nodig is. Voor de goede orde, ik houd van idyllische ‘Ot en Sien’ wandelpaadjes, maar ik ben net zo gek op afwisseling met andere natuur, cultuur en infrastructurele verrassingen die het klompenpad te bieden heeft. Ook in Coronatijd.

20200503_125709

In de auto naar de Wageningse Berg hoorden we dat Henk Krol een nieuwe partij gaat oprichten met een dame die eerder was weggelopen bij de Partij voor de Dieren. De vijftig plussers worden verlaten en de ongewisse toekomst van Krol wordt gemaskeerd door de welluidende naam, Partij voor de Toekomst. De tijd zal het leren, onze toekomst voor het moment is het slechten van het Wageningse Engpad.

20200503_133326

Prachtige doorkijkjes vanuit de stuwwal naar beneden om dan weer op te kijken naar boven als je eenmaal beneden bent, gevolgd door jaloersmakende huizen in het buitengebied van Wageningen. Menig huis laat me wegdromen om er te willen wonen met een paar kippen, honden en een huisvarken. En natuurlijk een mooie moestuin. Dat laatste is in Wageningen wel een dingetje en natuurlijk niet zo vreemd met de Landbouw Universiteit binnen de gemeentegrenzen. Heel veel volkstuintjes doorkruizen onze wegen. Een klacht van andere wandelaars was dat het te veel was. Het past echter bij Wageningen. Het geeft couleur locale aan de wandeling. Bovendien, van moestuin naar klompenpad is maar een kleine stap.20200503_143609

Over couleur locale gesproken, ik vind het altijd wel lekker om mensen te duiden. In en rond de volkstuintjes waren heel veel potentiële kiezers van Henk Krol. Veel mensen die in de jaren zestig en zeventig op de toenmalige Landbouw Hogeschool hebben gestudeerd en in Wageningen zijn blijven hangen. Het is zomaar een indruk. Zouden die voor hun toekomst nu met Henk Krol meeverhuizen zeker nu er een zweem van groen mee gaat doen in de vorm van Femke Merel Van Kooten-Arissen. Maar ook de toekomst is vertegenwoordigd in de volkstuinencomplexen. Er wordt door menig student biologisch geakkerd en dat geeft vertrouwen.

20200503_152332

Als verrassende apotheose worden we door de Klompenpadenmakers geleid naar het Arboretum Belmonte. Een prachtig park met een zeer grote diversiteit aan rododendrons die in bloei stonden. Geheel onvoorbereid stonden we oog in oog met een ‘on-Hollandsche’ kleurenpracht. Ja, ze kunnen er wat van die jongens en meisje van de Wageningse Uni. En ineens herinner ik me een liedje dat door de Wageningse studenten werd gezongen: “Wij zijn de jongens van de Landbouw Hogeschool, we willen zaaien, wij willen zaaien.” (prijsvraag, zoekt u zelf de melodie er maar bij.)

20200503_155558

Het Wageningse Engpad, een aanrader. Vanwege de directe omgeving van Wageningen is het iets drukker dan een gemiddeld klompenpad, maar coronatechnisch leverde het geen problemen op, hoewel een wandelaarster driftig naar mij gebaarde dat we afstand moesten houden toen ik ergens een foto maakte. Ze zag op tijd de idioterie van haar actie, want ze kon mij aan beide kanten op zeer ruime afstand passeren als ze zich van haar oogkleppen zou ontdoen. Je hoeft niet altijd in een streep te lopen, een beetje flexibiliteit is vereist. Misschien een kandidate voor Henk Krol.

20200503_155430

1 mei Dag van Werk aan de Winkel

De dag waarvan je wist dat ie ging komen, 1 mei de Dag van de Arbeid, maar nu in Corona tijd. Ooit een dag opgericht door de Socialistische Internationale en voor het eerst gevierd in 1890 om de achturige werkweek af te dwingen, nu zien we het werken allemaal vanuit een ander perspectief. Werken thuis, heel hard werken in de zorg, hard werken om je zaak in stand te houden of werkeloos toe moeten zien hoe alles als sneeuw voor de zon verdwijnt. En dat is ook heel hard werken lijkt me. In coronatijd is er werk aan de winkel.

20200501_211620

Werk aan de winkel om de coronaschade op te ruimen? Misschien, maar veel meer is het nodig om de weeffouten van onze economie en ook het internationale bestel te herijken. En je kunt je afvragen of het wel weeffouten zijn en geen fatale constructiefouten die wij nu pas merken omdat we aan den lijve ondervinden dat alles niet zo vanzelfsprekend is en erger nog, niet logisch. Het is een open deur om aan te geven dat de publieke sector schandalig is verwaarloosd de afgelopen twintig jaar. We klappen onze handen blauw voor de zorgmedewerkers, maar is er de komende jaren geld voor een goede beloning? Het bedrijfsleven zegt altijd dat het geld verdient moet worden door hen. Voor een deel is dat waar, maar wat ze gemakshalve vergeten is dat goed onderwijs, zorg, rechtsspraak en infrastructuur toch het glijmiddel is voor de samenleving. Dus ook voor het bedrijfsleven. We hebben het dan nog niet eens over de klimaatgevolgen die een economie in een hypertoestand af weet te wentelen op de overheid en dus de belastingbetaler. Herstructurering op vele vlakken is een vereiste. En dat gaat niet van de een op de andere dag.

20200501_211340

 

En dan heb ik het nog helemaal niet over de internationale orde die ook aan herziening toe is. Globalisering is op veel fronten het toverwoord geweest voor het neoliberalisme, met de drogreden dat we allemaal rijk worden van vrije handel tussen landen en bedrijven. We weten al jaren dat dit onzin is, maar we voelden het niet omdat ook de meeste mensen in Nederland mondiaal gezien aan de goede kant van de verdelingsstreep hebben gestaan. Vraag maar eens in Bangladesh hoeveel profijt ze hebben gehad van de mondialisering van de economie. Overtuig eens een Afrikaanse gelukzoeker hoe profijtelijk de globalisering voor hen heeft gewerkt. Ik ken de antwoorden, maar weet niet de oplossingen. Werk dus aan de winkel.

De kramp waarin populisten schieten is natuurlijk ook een heel goedkoop riedeltje. Eigen land eerst en het liefst een autarkische maatschappij waarin we alles zelf maken en hebben. Olie, medicijnen, mondkapjes om maar eens een paar dingen te noemen. Er zal kritisch nagedacht moeten worden over goederenstromen. Wie verdient eraan? Wat kost het voor het milieu? En welke landen kunnen hun macht vergroten door andere landen afhankelijk te maken van bepaalde goederen. America first, Brasil primeiro of Nederland eerst. Met mannen als Trump, Bolsonaro of onze Baudet kunnen we de Internationale op een dag als vandaag bij het oud vuil neerzetten. En dan hebben we Poetin en Xi nog niet eens genoemd. Er zal iets moeten veranderen in plaats elkaar te bestoken met halve beschuldigingen en fakenews. Hoe ik weet het niet, maar dat er werk aan de winkel is moge duidelijk zijn.

 

Zelfs op kleinere schaal binnen Europa moet er gewerkt worden aan herstel. Maar herstel van wat in een sfeer waar over en weer beschuldigingen worden geuit. Italiaanse maffia profiteert van de coronacrisis, Nederland is hardvochtig en lomp, Frankrijk houdt essentiële goederen tegen voor andere lidstaten, Hongarije heeft overal schijt aan en Polen? En nog is Polen niet verloren, nog niet. Engeland gaat zich verder afscheiden middels de Brexit, maar hoe en met welke gevolgen is onduidelijk. Naast de socialistische Internationale kunnen we ‘Alle Menschen werden Brüder’ ook in het historische rariteitenkabinet zetten. Puinruimen en opnieuw formuleren hoe we ons als Europa gaan presenteren in de wereld. Een hele hoop werk aan de winkel.

20200501_211037

In navolging van Claudia de Breij die het Meezingplan voor 5 mei heeft gelanceerd, wil ik het Meedenkplan voor de Dag van de Arbeid introduceren in hopelijk het tijdperk van na de Corona. Te beginnen in Nederland. Wij hebben toch al een hele slappe cultuur als het gaat om de 1 mei viering. Ik stel voor dat we 1 mei 2021 bombarderen tot Dag van het Werk aan de Winkel. We starten die dag met een ander lied dan de Internationale om de slachtoffers van de Coronacrisis te herdenken. Van mijn part contracteren we Rachelle Hazes voor deze eerste herdenkings- en bevrijdingsdag die uiteraard een vrije dag gaat worden. Want naast herdenking moeten we ook ons zelf bevrijden van niet werkende oplossingen voor de publieke sector, de Europese order en uiteraard de internationale verhoudingen. Meedenken is daarbij van belang, niet vanuit rechtspopulistisch benepen perspectief, niet vanuit linkse betweterige dogmatiek en zeker niet vanuit de portemonnee van de zogenaamde 1 % van het grootkapitaal, wie dat ook mogen wezen.

 

Kortom, we gaan met zijn allen nadenken, luisteren naar elkaar en stapje voor stapje leren van de gemaakte fouten. Iedere jaar een Dag van Werk aan de Winkel op 1 mei. De winkel is dan de wereld. Lijkt me mooi, het is jammer dat ik niet het bereik heb van Claudia de Breij in de sociale media. En gezien de rotzooi die ze in het Twitterriool over haar heen krijgt is dat ook wel weer fijn voor mezelf. Ik kan er mee leven dat de Dag van Werk aan de Winkel er niet komt. Ik ben geen knip voor de neus waard als ik het niet voorstel middels dit blogje. Het is aan u.

Republikeins op het klompenpad in Ugchelen.

20200427_132722

‘Oranje boven, oranje binnen’ las ik op meerdere plekken. Ik weet niet wat Willem aan het doen was, maar ik heb vandaag op Koningsdag mijn portie vitamine D weer opgepakt samen met mijn vrouw. Het volgende klompenpad was in Ugchelen. Het Ugcheler Markenpad was mijn veertiende uitdaging op klompen en met rugzak, in ieder geval met rugzak. Op een goede 20 minuten van thuis begon de wandeling bij een van ’s lands grootste hotelketens. Als ik nu zeker wist dat met het benoemen van Van der Valk Apeldoorn er sponsorgelden zouden binnenstromen, zou ik het niet zo omslachtig hebben beschreven. Daar dus begon de wandeling nadat we getuige waren van een drive-in horecagelegenheid door de hotelketen. Het was er nog niet zo druk.

20200427_141321

 

Onderweg luisterden we naar de alternatieven op de radio om het oranjegevoel nog enige glans te geven. Uit de geschiedenis werden een aantal zaken opgediept. Met name de verhouding tussen rood (socialisten) en oranje is niet altijd lekker geweest. De Oranjes stonden/staan symbool voor het grootkapitaal. Het koningshuis was dus een gruwel in de ogen van de rooien. Er werd over een aanklachtspamflet gesproken met de welluidende titel koning Gorilla. Het gaat over de verkrachtingen, onvoorspelbaarheid en andere wandaden van Willem 3. Zijn schoonzoon Hendrik was qua hoeren en snoeren niet veel beter, hij had alleen weinig invloed. Dat had de schoonzoon van Willemina dus wel. We hebben het dan over prins Bernard senior. Zijn reputatie is genoegzaam bekend. En de belichaming van het oranjekwaad is tegenwoordig zijn kleinzoon prins Bernard jr. die half Amsterdam bezit en bovendien ons een grand prix in Zandvoort heeft ingerommeld tegen alle milieueisen in.

20200427_154145

 

Maar op zo’n mooie zonnige dag met een wandeling op de ‘net geen Kroondomeinen’ in het vooruitzicht, geen onvertogen woord over Willem en Maxima. Het moge duidelijk zijn dat er in de bossen van Ugchelen een man met een latent republikeinse inborst wandelt. In zijn verhalen schreef Simon Carmiggelt al regelmatig met enige minachting over kinderachtige ‘oranjeleut’. Hij moest eens weten hoe dat er tegenwoordig uitziet in de grote steden. Dit jaar dus niet. In coronatijd wandelen we volgens de regels, of misschien net niet, op het Ugcheler Markenpad.

20200427_161237

Caesarea, opvang van ex-verslaafden van het Leger des Heils

 

Het was een goed bestede Koningsdag, of zo u wilt, een goed bestede zomaar een dag in april. Het was bosrijk, licht geaccidenteerd en veel mul zand. Dat wordt nog wat deze zomer en de droogte. Heel omslachtig met een fles water bij de hand heb ik toch nog een sigaret gerookt in die bossen om met het oranje puntje van de peuk me toch niet al te bitter anti-oranjegezind te tonen.

 

Trouwens, zit ik net buiten in mijn tuin te genieten van de opkomende schapenwolken. Ze zijn mooi en beloven de broodnodige regen. Bovendien staan de eerste knoppen van de pioenroos in mijn tuin op springen. Misschien bedoelt Mark dat wel met binnen blijven en volhouden. Er is rondom het huis nog genoeg te genieten.

20200427_200144

20200427_200249

Wc-papier hamsteren, wetenschappelijk verklaard

20200422_203320

De tijd is er rijp voor. Een evaluatie is op zijn plek. Natuurlijk nog niet over de aanpak van het cononavirus. Doen we het naar behoren, wie moeten we kielhalen omdat er nog onvoldoende beschermende middelen zijn en waarom testen we nog niet op grote schaal? Dat zijn discussies voor later, maar een voor mij prangende vraag kan al wel belicht worden. Waarom is er een mondiale gekte ontstaan als het gaat om pleepapier? Die vraag intrigeert me mateloos. Met stijgende verbazing heb ik naar allerlei historische filmpjes gekeken van een maand geleden. Ja, ja, ‘time flies when you’re having lockdownfun’. Hedenochtend liep ik tevreden door de supermarkt met de constatering dat de logistiek voor wc-papier weer helemaal op orde is. Dat is het altijd geweest, maar een mondiale hysterie heeft mij even doen twijfelen. Waarom nu juist wc-papier?

Volgens een vluchtig niet wetenschappelijk onderzoek begrijp ik dat het in Japan begonnen is, in Australië is het helemaal misgegaan en werd de prijs van oude papier in één keer ranzig duur. Daarna was Europa en de VS aan de beurt. Een enkele rel en achteraf vooral niet uitgesproken schaamte is het gevolg. Een van de verklaringen zou zijn geweest kopieergedrag van mensen in paniek. Er is angst voor de onzekerheid die door het coronavirus is ontstaan. De mens heeft dan de behoefte te handelen om zichzelf en zijn naasten in veiligheid te brengen. Het idee dat je iets doet is van belang voor de psyche van de mens. Bovendien, als je rationeel boven de idioterie staat, maar je constateert dat de schappen leeg zijn en je verdenkt je buurman van irrationele gedragingen op dit gebied, dan zullen de meesten overstag gaan is gebleken.

Maar dan blijf ik bij de vraag, waarom wc-papier. Waarom geen kapperskits, of astronautenvoer of van mijn part bier of sigaretten. Wat is de preoccupatie met wc-papier. Flauwe grappen hierover zijn er legio. Eén verklaring vond ik dat bij een keer niezen er 25 omstanders het in hun broek doen van angst besmet te raken. Hij is flauw, maar heel objectief is de helpende werking van wc-papier voor een broek vol bagger heel beperkt. Maar hier komen we wel bij een pijnpunt als het over poep gaat. Dat is een weinig besproken onderwerp en ik zou dat graag zo willen houden. Maar in het kader van deze evaluatie moet ik maar even door de zure appel heen bijten. We zullen toch de psychoanalyse erbij moeten halen, want onze fascinatie voor wc-papier zullen we toch moeten verklaren met dr. Freud. De anale fase is een ontwikkelingsfase die we mondiaal niet goed hebben doorgemaakt, in ieder geval niet in de westerse wereld. Ik leer in mijn vluchtige onderzoek dat er fobieën zijn op dit gebied. Ooit gehoord van coprofobie of ryphofobie? Ik moet eerlijk bekennen van niet. Het eerste is de angst om te poepen, het tweede is een heftige afkeer voor alles wat met poep te maken heeft. Interessant. We schamen ons er niet voor om wc-papier te hamsteren, maar we praten niet graag over poepen. We hebben daarentegen wel een heel uitgebreid arsenaal aan woorden voor poepen heb ik ontdekt, de meest ken ik eigenlijk niet. (Synoniemen voor poepen)We mogen ons gelukkig prijzen met een premier die zijn anale fase redelijk stabiel is doorgekomen en publiek scandeert dat Nederland genoeg wc-papier heeft om 10 jaar te kunnen poepen. Dit is de redding voor Nederland geweest en we kunnen een beetje relaxen en dat is ook de reden geweest dat de schappen weer gevuld zijn. Hulde aan Mark Rutte.

Heb ik nog geen antwoord op de hamsterwoede van wc-papier behalve dat het iets te maken kan hebben met de anale fase. Met deze aanname ga ik verder en ik geef hierbij de Japanners de schuld van de hamsterwoede, zij zijn begonnen. Zij hebben vast geen premier Rutte en bovendien schamen ze zich zo voor allerlei menselijke geluiden en geurtjes waardoor maskerende muziek op iedere wc net zo noodzakelijk is als een wc-rol. In deze tijd hoeven we veel toch niet wetenschappelijk te verklaren en als je de beschuldiging weerspreekt beschuldig ik jou van fakenews. Geen enkel probleem.

En hoe zit het met mijn hamsterwoede? Valt wel mee, met een beetje geluk liep ik tegen een reclame=aanbieding aan bij de Lidl, 20 rollen per pak, twee voor de prijs van één. Met 40 extra rollen kan ons huishouden van momenteel 3 een hele tijd voort, nog steeds. Ik had trouwens ook gelezen dat je je IQ kunt bepalen met behulp van wc-rollen namelijk 150 – het aantal extra rollen. (40:3 personen = ongeveer 13) Met een IQ van 137 kan ik leven en is voldoende om een wetenschappelijke stukje te schrijven.

20200422_203330

Hieronder een link van Pieter Derks die een maand eerder al met dezelfde vraag worstelde maar geen antwoord had. En Kasper van der Laan die geen coprofobie heeft en het Nederlandse volk leert spaarzaam om te gaan met wc-papier.

https://www.nporadio1.nl/de-nieuws-bv/onderwerpen/531499-druktemaker-pieter-derks-wc-papier-hamsteren

 

 

Oorlog rond het klompenpad in Twello

 

In volledige harmonie met mijn lieftallige echtgenote hebben we vandaag weer een klompenpad gelopen. En toch wil ik deze wandeling rond Twello het thema oorlog meegeven. Allereerst natuurlijk de eeuwige afweging of we nu wel of niet mochten lopen in de zeer rustige wandelomgeving van Twello in deze tijd. Ik blijf in oorlog met de definitie van ‘een luchtje scheppen’ al dan niet in je eigen omgeving. Goed het was een half uurtje rijden om het Fliertpad in Twello te beginnen, maar het was er relatief rustig. Geen opstoppingen, drommen mensen of anderszins gevaar voor onze vijand, het coronavirus. Dus we blijven ons geweten sussen dat het mag en kan.

20200419_131019

De roekenkolonie in Twello op oorlogssterkte, om hun nesten en jongen te beschermen dreigden ze met een biologische oorlog.

Eenmaal in Twello aangekomen bij het gemeentehuis werden we gewaarschuwd voor een zeer talrijke roekenkolonie die zich had genesteld tussen de jonge lentebladeren in de hoge bomen. Het openbare roekentoilet was in geen dagen verschoond en op tijd had ik de auto iets verdergezet. Ik sprak oorlogstaal naar de beesten met de dringende boodschap mijn auto niet te vervuilen. In ieder geval niet op grote schaal. Ze hebben redelijk geluisterd. Al vrij vlot liepen we langs het spoor in Twello en ik herinnerde mij de verhalen van mijn moeder en haar familie. Ze moesten evacueren aan het eind van de oorlog omdat het spoor een belangrijke bron was voor bombardementen voor de geallieerden. De oudste broer van mijn moeder heeft zijn belevenissen zelfs aan het papier toevertrouwd en geeft een mooi inzicht van de familie in oorlogstijd.

20200419_140146

20200419_140827

De wandeling gaat verder. We komen langs veel statige huizen, fruitbomen en natuurlijk sloten en weilanden. Ik heb van mijn moeder nooit vernomen dat zij als arbeidersdochter heeft ervaren dat Twello zo’n dorp voor de chique de friemel was/is. Voor haar speelde de oorlog tussen de klassen blijkbaar niet, maar goed, geboren in 1935 leefde ze in een verzuilde maatschappij. Zij heeft de rijkdom die er ongetwijfeld was nooit als een last ervaren. De socialistische Internationale heb ik niet van haar geleerd.

20200419_144603

20200419_150624

Palingrokerij in de middle of nowhere, of in ieder geval in de buurt van Twello

Na wat onoplettendheid van onze kant hebben we hier en daar even een aanwijzingsbordje gemist en de beloofde 16 kilometer zijn er ruim 19 geworden. We kregen op het einde wat oorlog met onze conditie. En je weet toch niet wat de oorzaak is, vorige week liepen we zonder problemen vijftien kilometer, vandaag begon het rond de 12 een beetje te stokken. Een pijntje in de benen, een onwillig schoudergewricht of een pijnlijke teen. Het waren de hobbels voor de laatste kilometers.

20200419_154507

20200419_160638

Maar hier zag ik wel, langs de Wilpsedijk,  de villa waar ik met mijn neven zo’n veertig jaar geleden heb geschaatst. De villa is ook bekend van de indrukwekkende film ‘Een brug te ver’ die voor een belangrijk deel in Deventer en omgeving is gemaakt. Gewonde Engelse soldaten zongen een droevig lied voor deze villa. De oorlog was voor hen voorlopig ten einde, in ieder geval een glorieuze overwinning zat er even niet in. Wel voor ons, we hebben andermaal genoten van een prachtige klompenpad of het nu wel of niet mocht in de Corona-oorlog.

 

20200419_172313(0)

Schaatsherinneringen en het huis van de film Een brug te ver

Alles draait…….

20200413_152041

Een eerste blik uit het raam en je ziet het niet, maar het is nog steeds lockdown en Corona beheerst nog steeds alles. Alles? Ja alles de politiek, de sociale verhoudingen, de vrijetijdsbesteding en misschien wel voor een lange tijd de psyche van de mens. Op een uitzondering na dat niet verandert, de eerste blik uit het raam blijft de eerste blik uit het raam en is bijzonder aangenaam. In korte tijd staan deze bomen,  voor in in het speelplantsoen, in bloei. Het gaat altijd heel snel en over een week is de schoonheid alweer verdwenen. De ochtend is goed begonnen dus.

20200413_152003

Het is niet zo dat ik daar speciaal nu van geniet, de bomenpracht bewonder ik al jaren achtereen. Maar ze zeggen dat je in de tijd van verstilling van de kleine dingen moet genieten. Een hele domme opmerking is dat trouwens, want je moet er altijd van genieten, nu, volgend jaar en alle daarop volgende jaren, zoals ik er in voorgaande jaren ook van genoten heb. Over verstilling gesproken, het achtergrond geluid is veel meer op de achtergrond. Auto’s, treinen en vliegtuigen moeten zich gedeisd houden. Drie decibels is het stiller dan in januari 2020 en dat schijnt best heel veel te zijn. Het heeft ook een nadeel. De altijd al irritante vinkenslag is daardoor nog nadrukkelijker aanwezig. Het overstemt zelfs de veel aangenamere geluiden van andere vogelsoorten. Ik heb ergens gehoord dat naarmate de dagen gaan lengen de vinkenslag mooier wordt. Het gebrek aan testosteron zorgt ervoor dat we in eerste instantie geconfronteerd worden met de mannetjesvink die nog niet klaar is voor het echte werk. Vandaag hoorde ik nog haperende en lelijke geluiden. Het  beestje is blijkbaar nog niet geil genoeg en zijn ‘gezang’ overstemt zelfs allerlei klussende buurmannen met hun mannelijkheid vergrotende machines. Ja dat gaat ook gewoon door merken we aan de drukte bij de bouwmarkten.

20200413_153015

13 april 2020

De ochtend is dus goed begonnen en volgens mij voor de derde keer in de laatste tien jaar vraag ik me af wat voor boom het eigenlijk is. En waarom dat is de psychologiseren we nog wel een keer. Maar wie het weet mag het zeggen.

Ter versterking van bovenstaande een nummer van Ellen ten Damme met misschien wel het allermooiste liedje van de laatste tien jaar, met een prachtige clip die in deze Coronatijd weer een heel andere dimensie krijgt. Alles draait….. Echt een aanrader!!!!!!!

En dat alles draait bewijst een foto van 12 april 2017

20170412_113620 1