Loopse teef

En in één keer ben je ‘vader’ van een loopse teef. Dat vaderlijke betreft dan de verantwoordelijkheid, natuurlijk niet het biologische aspect. Pippa is zo geil als boter. Een opmerking die ik ternauwernood kan plaatsen – wie bedenkt nu zo’n zegswijze en wat heeft boter nu feitelijk te maken met de hormonenkwestie – maar die uiteindelijk wel hout snijdt. Pippa is zich zelf niet meer of misschien juist wel. Ze is in ieder geval niet het wezen dat wij kenden. Ze is nu 9 maanden en het moest er blijkbaar maar eens van komen. De laatste weken was ze al ongedurig en wispelturig. Wisten wij veel dat we te maken hadden met een heus PMS stadium. Inmiddels weten we dat en zoals iedere man instinctief zou moeten hebben bij PMS, alle zintuigen op scherp, want een fout is zo gemaakt. Het is een geluk bij een ongeluk dat Pippa niet zo verbaal is ingesteld, want flauwe grapjes begrijpt ze gelukkig niet.

Na een kambeurt wil ze graag poseren, zij- en vooraanzicht

Binnen is het een zielig, aanstellerig hoopje ellende, maar wel heel aanhankelijk. Iedere aai over d’r kop weet ze te waarderen en smaakt naar meer, de eetlust is minder en ze luistert slechter. Bovendien stinkt ze, maar dat schijnt voor amoureuze soortgenoten het summum te zijn. Het is maar goed dat het van zichzelf een vrij onderdanige dame is met weinig streken. Je zult maar een dominante furie hebben die loops is. ‘Count your blessings’ denk ik dan bij mezelf. In het recente verleden heb ik mijn hoofd al eens gebroken hoe je jonge dames een deugdelijke seksuele voorlichting moest geven. Ik kwam er niet uit. Laf als ik was dacht ik, ze zal er zelf wel achterkomen met al dat ‘hoeren en snoeren’ in de hedendaagse samenleving. Inmiddels is ze groot genoeg om het te ervaren en nu moet ik als verantwoordelijke aan de bak, vooral buiten.

Zien en gezien worden, de kleine slet. Rode lampen worden uiteraard niet gefaciliteerd.

Zo rustig als ze binnen is, zo onrustig is ze buiten. Als ze vrij in de tuin loopt is de onrust al merkbaar. Ze luistert, is allert, blijkbaar hyper-sensitief, maar veilig. Tenminste dat hoop ik, want er doen verhalen de ronde dat bijvoorbeeld Labradors een schutting van twee meter weten te trotseren om een loopse teef te nemen. Het naïeve in me gaat er voorlopig maar vanuit dat dit ‘broodjes aap’ verhalen zijn. Maar ze moet ook uitgelaten worden. Als een echte ouwelul die waakt over de maagdelijkheid van zijn eigen bakvis, zie ik in iedere versierder tijdens het wandelen een potentiële verkrachter. Pippa denkt daar anders over. Ze is onstuimig aan de riem en lijkt alles te doen dat tegen het ‘vaderlijke’ gezag ingaat. Haar wervende en hoerige gedrag stuit me tegen de borst, maar je staat machteloos. Ook als er geen ‘lover’ in de buurt is, blijft ze alert. Ze staat stil met haar kop in de lucht in afwachting op wat komen gaat. Maar ze weet niet eens wat er komen gaat, ze is slechts een gevangene van haar hormoonhuishouding en overspannen verwachtingen van de ‘eerste keer’. Je wilt haar zo graag beschermen. Strak aangelijnd houd ik haar bij me in de buurt, met een air dat iedere aanrander van Pippa genadeloos te maken krijgt met de toorn van haar baasje. “Ik zal ze de nek omdraaien.”

De wil om te experimenteren is er, een overschatting van jewelste

 Het schijnt ongeveer drie weken te duren en dan is deze episode voorbij. Haar loopsheid zal vervlakken, de gewilligheid verminderen en mogelijk zal ze weer het speelse beest zijn zoals we haar kennen, onze kleine lieve meid. Over drie maanden moet ze dan ‘geholpen worden’. Overigens ook een belachelijke term. Pippa wordt niet geholpen, ze zal iets missen al weet ze niet wat. Nee, wij als verantwoordelijken worden geholpen en verlost van een loopse teef in huis en het enorme risico van een heel nest kleine Pippa’s. In het nieuwe jaar hebben we dan een ‘jeweetwelpippa’ zoals Jan Kruis dat zo eufemistisch wist uit te drukken in zijn Strips “Jan, Jans en de kinderen.”. Tot die tijd zal ik de rol als Victoriaanse maagdelijkheid-beschermer met verve spelen. Leer mij kennen.

Smachtend kijken in de verte, maar slechts aangelijnd lopen op het ‘Maagdenpaadje’ en zeker niet alleen ‘hoeren en snoeren’

Wie wordt ‘Barbertje van Haren’

Je kunt ze met de haren erbij slepen, alle potentiële schuldigen van het echec in Haren op 21 september 2012. Een feestje dat nooit een feestje mocht worden waarbij vele blindgangers toch de trein namen om massaal te bewijzen dat de mens het niveau van de Neanderthaler amper ontstegen is. In een positieve bui zou je kunnen zeggen, dat in ieder mens nog wel een beetje Neanderthaler schuil gaat. Soms ontpopt zich dat zoals gisteravond in Haren, een horde opgekropt testosteron dat even met zichzelf aan de haal gaat. Ik vind dat te gemakkelijk. Zoiets is te billijken op een plaatselijke kermis, waar gevochten wordt om de lokale schone. De toestand in Haren gaat verder, veel verder. En zoals te doen gebruikelijk is, moet er, nadat de wonden gelikt zijn, een schuldige worden aangewezen. Barbertje moet hangen. Laten we ze de revue eens passeren.

Meisje Merthe

Natuurlijk begint het met het wel of niet aanvinken van een hokje, het verschil of een feest publiek wordt of particulier blijft. Maar als ieder vinkje dat vergeten wordt tot Harense toestanden moet leiden, dan zou de wereld al vergaan zijn sinds de komst van de ‘vinkjes’. Hoe vaak vergeet een mens geen vinkje op zijn werk of op de vele formulieren. Ik heb te doen met het arme kind. Ze wilde een feestje vieren om afscheid te nemen van haar bakvissen-bestaan. Met haar ‘sweet-sixteen-party’ mocht ze ruiken aan het grote mensen bestaan. Dat is inmiddels gelukt.

Sociale Media

Ontegenzeggelijk mag verondersteld worden dat zonder de sociale media de ‘feestboodschap’ niet zo’n vlucht zou hebben genomen. In vroeger tijden had je de uitnodiging moeten kopiëren, bijvoorbeeld 30.000 maal. Ik heb het dan nog niet eens over de kosten van de postzegels. Eén druk op de knop is tegenwoordig voldoende om in een split-second je gasten over de hele wereld uit te nodigen. Maar geen ‘haar’ op mijn hoofd die mij zou bewegen richting het Groningse plaatsje te gaan, om bij een onbekende puber een feestje te vieren. Of ligt dat nu aan mijn terughoudendheid? Ik vind dat je behoorlijk achterlijk bent om in overweging te nemen te gaan kijken als ramptoerist, laat staan de catastrofe aan te wakkeren.

‘Oude’ Media

Ik geef toe, de media is de laatste decennia niet het toppunt van ethisch handelen. Nieuws is handel, een snel nieuws is zelfs goede handel. Om zo actueel mogelijk te berichten over het wel en wee in de wereld, dus ook in Haren, blijft echter wel de taak van die media. Ze moeten verslag doen van gebeurtenissen die het publiek blijkbaar graag wil zien of horen. In de loop van de week werd het duidelijk dat er zich iets zou kunnen ontpoppen in Haren. Dat is nieuws en moet dus gemeld worden. De dynamiek die volgt, kan de media niet kwalijk worden genomen, hoe walgelijk hijgerig ze ook zijn.

‘Burgemeester Bats en zijn gemeente’

Ik kan burgemeester Bats nu al verzekeren, de onderste steen moet boven komen en aan zijn zetel zal geschud worden. De beste man en zijn ambtenaren zijn ongewild partner geworden van een dynamiek die niet past in het ‘Wassenaar van Noorden’. Ze konden geen nee zeggen tegen de ongewenste rolverdeling en natuurlijk moet je als burgemeester dan de pers te woord staan om maatregelen aan te kondigen en je burgers geruststellen. Een feesttent bouwen misschien? Dat helpt volgens mij amper, de geest was al uit de fles. Bovendien zijn houseparty’s en voetbalwedstrijden altijd de garantie dat gericht vermaak de gemoederen doet sussen? Hoek van Holland ligt nog vers in het geheugen. Preventief is in ieder geval de politie en ME opgetrommeld.

Hermandad

Hoeveel uniformen heb je nodig om de boel te sussen en met welke instructies? Er zullen best protocollen zijn en ik ga uit van een goede training in preventief handelen, ook van de politie. Maar er is nu eenmaal een categorie mensen, ook de avond in Haren, die een waas voor hun ogen krijgen bij het zien van het publieke gezag en hulpverleners. Zij hebben niet begrepen dat wij als Nederlanders hebben besloten dat het monopolie voor geweld slechts bij deze instantie ligt en niet bij de groeiende groep randdebielen in onze maatschappij. Dus bij escalatie is niet de politie de schuldige, maar het leger schorem. En hoever moet je gaan in je geweldsinstructie, wanneer moeten er rubberen kogels komen, en het waterkanon? Wanneer moet je met scherp schieten? Wanneer is het geweld proportioneel. Wanneer doe je het goed als politie?

Sociologisch maatschappelijke achtergrond

Dit soort toestanden zijn met geen mogelijkheid te vergelijken met de rellen in de buitenwijken van Parijs of de wijdverbreide plunderingen in de City of Londen van 2011. Als er nu alleen Tokkies uit achterstandswijken uit het hele land waren gekomen om ‘de poen uit Haren’ te treiteren dan was er een motief. Of als het louter kansarmen betreft die een waas voor hun ogen krijgen bij het horen van alleen de naam Merthe, omdat deze niet voorkomt in hun Vogelaarwijk, dan kunnen we beginnen met het zoeken van een verklaring. Niets van dit alles, want naast mogelijk een kern van Hooligans van FC Groningen, zal menig VWO leerling uit de omgeving en nette HAVO meisjes aanwezig zijn geweest om te ‘feesten’. Overigens, over sociologische prietpraat gesproken, ik heb nog geen tweet van ome Geert gelezen over het blanke tuig. Waar moeten we ze naar toe verbannen?

Nee, een verklaring heb ik niet of we moeten spreken van degeneratie van een volk. Zover wil ik voorlopig niet gaan, maar in mijn hoofd blijft wel iets hangen. De woorden van Jan Jaap van der Wal in Dit was het nieuws: JULLIE MOGEN NIET MEER MEEDOEN! GEWOON NIET MEER MEEDOEN. Totdat er een oplossing is gevonden voor het probleem. Dan hoeven we tenminste niet te zoeken naar een schuldige, want die zijn duidelijk aan te wijzen.

Samsom kan gerust voor links kiezen nu!

En in een keer doemt zich tijdens de verkiezingscampagne een nieuwe vraag op, voor wie kiest de PvdA. Ze moeten smoel bekennen, vind Emiel Roemer. Maar ook de Kunduzpartijen trekken aan Diekerik Samsom als waardevol partner voor een hernieuwde Paarse coalitie of een welkome (lees noodzakelijke) aanvulling van de Kunduzpartijen. De PvdA is hot en de roep om middle of the road common sense is nadrukkelijk aanwezig.

Enkele weken geleden werd gerept over schuchtere toenaderingspogingen tussen CDA en PvdA. Twee zielige kleine regentenpartijen en voormalige bepalers van het Haagse pluche. De oude politiek heeft afgedaan, het spel op het midden was uit. We gooien het op de flanken, met de PVV en de SP. Alsof deze partijen trouwens programmatisch met elkaar te vergelijken zijn en dan heb ik het niet eens over het democratische gehalte. Het is bijvoorbeeld stuitend hoe Mark Rutte als een Mccarty de Koude Oorlog in zijn eentje nog wil overdoen. Uit zijn mond is het helemaal weerzinwekkend, want als je de PVV kunt omarmen, dan kun je politiek gezien alles, dus ook samenwerken met de SP. Tja, en dan wil Mark Rutte zeker niet met een Links Blok gaan regeren.

Maar waarom moet de PvdA dan met een Rechts Blok gaan regeren? Een rechts blok waarbij de VVD in grootte overheerst met amper sociale uitgangspunten. Want wees nu eerlijk, als je jezelf als liberale partij wilt wegzetten en je gedraagt je anti-Europees en hebt nog zieltjes te winnen door Wilderiaanse kreten uit te slaken, dan ben je geen midden partij, maar uiterst rechts en conservatief.

Is ‘middle of the road’ dan wel een alternatief. ‘Kunduz’ alleen is te klein en zelfs Paars moet het nog maar zien te redden in zetelaantal. Ik zelf vind zo’n krappe meerderheid met een SP op links en de PVV nog rechtser dan de VVD in barre tijden geen fijne optie. Voor het gemak gebruik ik nog de termen links en rechts, al is dat in de huidige politieke constellatie allemaal niet zo duidelijk meer. Ik denk dat Mark Rutte er aan zal moeten wennen mogelijk premier te moeten worden met een Links Blok voor echte stabiliteit. Of liever nog, dat de VVD meeregeert onder een Linkse premier.

En ik vind ook dat Samsom maar kleur moet bekennen. De SP staat immers dichter bij de sociaal-democraten. Dus wat let ze. En als je echt sociaal-democratische politiek wil, gewoon aan de slag gaan. Laat ik een simpel voorbeeldje geven, want in verkiezingstijd is alles in één keer simpel en zijn de oneliners en soundbites niet van de lucht.

Stel:

Een politiek latje van 10 centimeter. De SP situeren we uiterst links, bij 1 centrimeter en de VVD uiterst rechts, bij 10 centimeter. Dan is het discutabel waar de PvdA zou staan op dat latje, maar mijn inschatting is zo op 3,5 à 4 centimeter. Het gemiddelde van SP en VVD bij de onderhandelingen zou uitkomen op 5,5 op de links-rechts meetlat. Met de agendapunten van de PvdA trekken we dat naar ongeveer 4 centimeter. Conclusie, het partijprogramma van de PvdA is het beste gewaarborgd bij de grootst mogelijke coalitie van drie partijen namelijk met de VVD en de SP. En hoe hard Mark Rutte zijn socialistenhaat ook in de campagne uit, er is één voordeel namelijk: ‘Mark Rutte kan over zijn eigen schaduw heen stappen, laat hij dat dan maar zien in landsbelang.’

Dus Samsom kan gerust deze weg inslaan en heel constructief de formatie ingaan. Mochten SP of VVD steigeren, dan zijn zij de ‘brekers’ van de formatie, niet de PvdA. Ik denk dus dat we helemaal niet naar een middencoalitie hoeven te tenderen, alleen maar bange praat van rechts. Deelname van de PvdA zonder de SP is stategisch niet slim en zeker niet in het landsbelang.

Om de goede oude tijd te laten herleven voor de liefhebber een nummertje van Middle of the Road.

 

Leedvermaak om de SGP

 

Is de SGP de nieuwe splijtzwam in de Nederlandse samenleving? Is de uitspraak van het Europese Hof over vrouwen in de SGP de voorbode van een oorlog tussen Venus en Mars in de Bible Belt? Ik denk niets van dit alles, maar het zorgt wel voor gespletenheid in mijn eigen persoonlijkheid. Toen ik vanochtend de kop van ‘Trouw’ las, kon ik het gevoel van leedvermaak niet onderdrukken. Krijgen die reactionaire mannenbroeders lekker de kous op hun kop. Als er al latent Europese gevoelens aanwezig zijn binnen de Staatkundigen, dan zijn die als sneeuw voor de zon verdwenen. Of anders gezegd ‘Als Staphorsters bij een vloekende bootwerker verdwenen’.

Het is natuurlijk bizar dat we de PVV moeten accepteren die iedere geloofsuiting van Moslims de kop in wil drukken met daarbij als leidraad de vrouwenonderdrukking door ‘achterlijke geitenneukers’ als hun morele gelijk achter de hand. Tegelijkertijd hebben we in Nederland aan de rafelranden van het politieke spectrum een curiositeit waarbij discriminatie van de vrouw gerechtvaardigd is. Ik heb het CDA of VVD niet gehoord toen de SGP het verschil moest maken om verder te gedogen. Sowieso is het zelden een item, ook voor linkse politieke partijen, om de positie van de SGP consequent te hekelen. Het lijkt om democratische redenen niet ‘comme-il-faut’. Misschien is de acceptatie van de SGP wel een stilzwijgende afspraak tussen links en rechts, juist omdat ze zo ongevaarlijk zijn. Een soort politieke folklore die we moeten koesteren. Mogelijk zijn er wel heimelijke brieven gestuurd en komt de SGP op de werelderfgoedlijst van de UNESCO. Van mij mag het, want als ik in die Hollandse ogen van Kees van der Staay kijk, dan denk ik: ,,Och, er zit ook geen kwaad in die man, hij zal het vast goed bedoelen met zijn SGP-beginselen.” En als er dan een blik Veluwse vrouwen wordt opengetrokken om heel verontwaardigd te ageren tegen die ‘salon-feministen’, vind ik dat bijna aandoenlijk.

Ik vraag me af of ik ook zoveel mededogen zou hebben als een of andere Mullah in Afghanistan er allerlei beginselen bijhaalt om zijn volste gelijk rond te tetteren dat vrouwen geen onderwijs mogen genieten en in de gezondheidszorg slechts de kruimels mogen ontvangen. Omdat de Koran dat zegt. Beoordeel ik de donkere kijkers van het bebaarde gezicht dan ook zo mild. Geloof ik dan vrouwen die onder hun hoofdbedekking hun eigen onderdrukking, als door Allah geschonken, rechtvaardigen.

Dus is mijn schouderophalen bij het rariteitenkabinet van de SGP gerechtvaardigd? De SGP ziet in de vervolmaking van de verzorgingsstaat blijkbaar een cruciale rol voor de vrouw weggelegd en dat is thuis. Onwillekeurig krijg ik een ‘Malle Babbe’ gevoel, hoe langer ik erover nadenk. Ik ben benieuwd hoe deze politieke rimpeling zich gaat ontwikkelen.

 

Amsterdamse VVD lanceert obsceen voorstel

De Amsterdamse wethouder Eric van der Burg heeft zijn ‘minutes of glory’ in dezer dagen. Hij haalt de landelijke pers met zijn kruistocht tegen dikke kinderen, of moeten we het de Inquisitie tegen ouders van dikke kinderen gaan noemen? De VVD zal eerst eens moeten kijken in eigen gelederen onder het mom ‘Eigen Volk’ eerst. Ik heb nooit een VVD-er horen zeggen dat Erica Terpstra moest afvallen toen ze nog ‘obesed’ was; Ton Elias zou eigenlijk ook de VVD niet meer in de Tweede Kamer mogen vertegenwoordigen vanwege zijn omvang; ik herinner me Pieter Hofstra nog niet zolang geleden rond waggelend in het Haagse. En wat te denken van wijlen Henk Vonhoff? Mijn vader was geen VVD fan en de alliteratie van vet, vvd en Vonhoff was snel gemaakt. Ik ga niet in op de genetische component van het dik zijn bij deze mensen, ik ga niet uitpluizen hoe onevenwichtig deze persoonlijkheden zijn of waren en daardoor mogelijk alle frustraties weg aten. Ik constateer slechts, zonder oordeel over de genoemde individuen.

 

Nu hebben VVD-ers niet het alleenrecht om dik te zijn, dat is te zien in alle partijen. Sterker nog, in heel Nederland is vetzucht een probleem. Nu heeft wethouder Eric van der Burg gemeend met zijn egotripperij, zijn politieke loopbaan een schwung te geven door dikke kinderen en hun ouders te gaan beschadigen, onder het mom we gaan ze helpen. Dikke kinderen zijn het resultaat van kindermishandeling en moeten aangegeven worden bij het Steunpunt Huiselijk Geweld. Proef de laatste zin maar eens goed.

Het is genoegzaam bekend dat Nederland heel hard de Amerikaanse samenleving aan het volgen is. Gebrek aan lichaamsbeweging, zittende beroepen, computerbezigheden voor jong en oud en vooral een zinderend aanbod aan ongezond voedsel. Allemaal waar, maar is dit een losstaand probleem dat door ultieme lompigheid van een arrogante VVD wethouder getackeld kan worden? Zal het maatschappelijke probleem opgelost worden door één groep eruit te plukken als probleemgroep. Of is het beter om de maatschappelijke context te gaan bekijken.

Ik heb niet de pretentie om de toenemende obesitas problemen te verklaren. Welvaart is een van de oorzaken, maar ook armoede. Laat Eric van der Burg eens in zijn eigen stad kijken voor hoeveel gezinnen duurzaam èn duur voedsel niet te betalen is. Hoeveel kinderen kunnen geen lid worden van een sportclub? En voor hoeveel kinderen is de fysieke mogelijkheid om op straat te spelen al een probleem door verkeer of sociale onveiligheid. Dit zijn allemaal speerpunten die bij de VVD nimmer hoog op het prioriteitenlijstje hebben gestaan. Om de economie te stimuleren is consumptie het toverwoord. Meer, meer en nog eens meer. Balans en introspectie passen daar niet bij voor de VVD. Ik kan me zomaar voorstellen dat Eric van der Burg hele leerzame gesprekken kan voeren met zijn partijgenoot Erica Terpstra. Dit had hij moeten doen voordat hij hardwerkende en mogelijk machteloze ouders aan het kruis nagelt en etiketteert als mishandelaars. Denk eens na wethouder van der Burg en maak van de VVD niet helemaal een partij die ‘obesed’ is van obscene voorstellen.

 

Nog zo’n fijne in dit kader, PvdA-er Rob Oudkerk

artikel vanuit het Parool

Hondse politieke beschouwingen (1): Huwelijks aanzoek aan CDA

En dan zeggen ze dat mannen maar één ding tegelijk kunnen doen. Ik zorg voor mijn eigen lichaamsbeweging, ik zorg voor de huishoudelijke logistiek, ik bevorder het dierenwelzijn en dat allemaal door Pippa uit te laten. Tegelijkertijd overdenk ik de politieke toestand in Nederland met het oog op de verkiezingen. Multi-tasken pur sang.

PVDA EN CDA SAMEN IN VRIJE VAL?

Ik schrok oprecht toen de Trouw kopte op zaterdag 7 juli ‘Samsom wil wel met het CDA‘. Daarvoor was ik toch niet na een kleine tien jaar partijloos te zijn geweest, in maart 2012 weer lid geworden van de PvdA? Nu hoeft het CDA ook niet op een blacklist, maar om met de gouwe ouwe van Jan Marijnissen te spreken, effe dimmen, denk ik dan. Mijn onderbuikgevoelens zeggen keihard dat iedereen die heeft zitten gedogen de afgelopen periode maar even in zijn hok terug moet. Mijn realiteitszin schudt me wel weer wakker. Politiek is niet alleen van rancune, hoewel het uitsluiten van de PvdA, voor mij als toeschouwer, bij de oprichting van het gedoogmonster wel gebaseerd was op rancune van het CDA jegens Wouter Bos en zijn PvdA. Rancune die door de PVV te omarmen keihard teruggekeerd is binnen de CDA gelederen.

Maar ook de PvdA heeft het niet breed gezien de peilingen en juist die vrijage van Diederik Samsom met het CDA begreep ik niet. Want als Sybrand van Haersma Buma een keer knipoogt, dan hoef je echt niet te reageren. Ook voor de toekomst is de PvdA niet verantwoordelijk voor alle muurbloempjes. Het is wel zorg om zelf geen muurbloempje te worden. Dus moet de PvdA dan niet nadrukkelijk over de linkerschouder blijven kijken? Zoveel kiezers win je niet bij het CDA, al is het net als de PvdA een volkspartij in het politieke midden. De natuurlijke PvdA kiezers zitten toch echt bij de SP. De SP is daarmee ideologisch een medestander op veel fronten, maar politiek een tegenstander van gewicht. Dat wordt de komende maanden dus balanceren voor Diederik Samsom tijdens de campagne. Leg de kiezer uit dat de PvdA geen tegenstander is van de Socialisten, maar dat ze qua vorm en benaderingswijze de problemen toch wezenlijk anders aanpakken. Ze koesteren wel dezelfde idealen. De SP is een natuurlijke obstakel voor de PvdA, geen natuurlijke vijand. Een vijand benader je anders dan een obstakel. Overigens zit ik me te bedenken, als twee partijen (CDA en PvdA) in het midden zich aan elkaar gaan vastklampen, valt het dan niet veel harder door de zwaartekracht. Het is maar goed dat Diederik Samsom meer beta-vaardigheden heeft dan ik.

MET ZIJN ALLEN!

Dus maar eens kijken wat Samsom heeft te melden. Tijdens het uitlaten van Pippa overdenk ik het interview en concludeer dat ik tevreden ben over de strekking van het verhaal. We moeten als Nederlandse maatschappij in zijn geheel verder. Dat vraagt veel inspanningen van iedereen, maar zeker geen ingebouwde polarisatie. Het besef dat er hervormingen moeten komen is veel breder gedragen dan de ‘Kunduz-coalitie’ doet geloven. Om de PvdA dan weg te zetten als behoudend en niet hervormingsgezind is kortzichtig. De Kunduz-coalitie geeft zeker geen Lente-gevoel, integendeel. Het is hooguit een laatste stuiptrekking van een winderige herfst, die nog één aardige dag in het verschiet heeft. Een ‘feestdag’ waarop we onze kleren even hebben kunnen plooien om Europa te pleasen. Maar iedereen weet dat na die dag de winderige herfst overgaat in een kille winter. De ‘meteorologen’ van de VVD hebben hun vrieskou voorspellingen al aan de openbaarheid gegeven.

Voor waarachtige hervormingen moet je iedereen uiteindelijk meekrijgen. Ook lager-opgeleiden en minder draagkrachtigen moeten voelen dat we met zijn allen uit de economische crisis moeten komen. Krijg je grote groepen niet mee, dan ga je verder met de ingezette polarisatie van dit moment. Sterker nog, ik vind polarisatie nog een positief woord, want tendensen bij de PVV en VVD (en in mindere mate ook bij de SP) is het wij-zij denken. Zij doen het allemaal fout, dus wij moeten ons wapenen tegen de boosdoeners. Bij de VVD voert bovendien het blinde marktdenken nog immer de boventoon, terwijl die arme liberalen dat moeten zien te verenigen met Wilderiaanse benaderingen om de rechterflank te blijven bedienen. Nee, met de VVD kun je de oorlog echt niet winnen.

Zoals Samsom het zegt in het interview: ,,In het Amersfoortse Soesterkwartier, zo’n wijk waar de mensen in de voortuin zitten, hebben ze echt schijt aan hervormingen. En terecht, elke hervorming heeft hen getroffen.” Maar dat geldt ook voor de politie-agent, verpleegkundige en docent als je maar doorgaat met zinloze veranderingen zonder perspectief. Ik denk dat Job Cohen nog immer gelijk heeft dat ‘de boel bij elkaar gehouden moet worden.’ Dit impliceert mijns inziens geen stilstand, maar dat de veranderingen langzamer en evenwichtiger moeten.

==============================================================

De wandeling met Pippa begon in de miezerige regen, we kunnen immers beide wel tegen een stootje. We worden beide toch erg nat. Maar als donkere wolken zich samen pakken, valt een hevige zomers plensbui op ons. Pippa natuurlijk afhankelijk van de grillen van haar baas, kijkt op. ‘Wat gaan we doen?’ De boodschap is duidelijk, we rennen samen in formatie met hetzelfde doel en met dezelfde lasten naar huis. Allebei behoefte aan verdroging, maar ieder op zijn eigen wijze. Voor mezelf een handdoek en droge kleren, voor Pippa haar natuurlijk werkwijze. Ze krijgt de ruimte om flink met haar zwarte vacht te schudden. Ze is haar ballast kwijt en wil weer verder met haar hondenleven.

Fado om te dromen

Op de veelbelovende website over het vakantiehuisje in Portugal wordt ze al aangekondigd. De buurvrouw zingt fado’s op gezette tijden. Een aanrader natuurlijk voor het authentieke Portugal-gevoel. Bij aankomst ontmoeten we haar, ze is de sleutelbewaarder van het vakantieverblijf. Een vriendelijke oude boerenvrouw komt aanlopen en heet ons welkom. Haar man blijft op de achtergrond. Met haar deels tandeloze mond rept ze allerlei wetenswaardigheden. Ze is van het type dat denkt als je maar hard genoeg schreeuwt, zelfs een kaaskop de Portugese taal kan verstaan. De beleefdheden die ik repliceer in haar eigen taal zijn een aanmoediging om nog meer decibels te produceren.

Eenmaal ingeburgerd op onze plek hebben we weinig van doen met het boerenstel naast ons. We horen af en toe het gekeuvel van de twee, hij geeft staccato antwoorden op haar vele vragen, zij is nadrukkelijke aanwezig met haar soms kijvende stem. Een hond, een paar varkens en een haan met harem completeren de bedrijvige geluiden, die op de berg vrij ver dragen.

Op een lome avond, het was warmer dan de dagen ervoor, kijk ik uit over het dal. Vanaf het terras is de rivier beneden te zien, terwijl de bergen aan de andere kant definitief donker kleuren omdat de zon erachter verdwenen is. De hond van de buren is opvallend rustig en in de verte is het gebrom van een landbouwwerktuig te horen. De warme deken van rustgevende avondgeluiden wordt even bruut verstoord door de zenuwachtige sirene van een brandweerauto die verderop één van de vele bosbrandjes moet blussen. Langzaam sterft het geluid van de ‘bombeiros’ weg om de bochten van de slingerende bergweg. Een weldadige rust komt over het dal. Het ultieme vakantiegevoel van een sloom avondlandschap dat langzaam aan het verstillen is, maar nog niet slapen wil.

En dan, uit het niets, begint een vrouwenstem te zingen, onmiskenbaar de buurvrouw. Aanvankelijk zijn het losse flarden, maar na een paar minuten rolt haar welluidende stem gepassioneerd van de berg. Geen professionele stem, maar een mengeling van de meisjesstem van weleer met krassende rafelranden van ouderdom. Juist de mix maakt het mooi.

Melancholie en passie klinken door naar het terras, van ons vakantiegangers. Ze stoort zich er niet aan. Haar man werkt stoïcijns door in de moestuin. Wat zal hij ervan vinden na vijftig jaar huwelijk? Misschien roept ze herinneringen op over haar jeugdliefde, de man die nu tussen de druivenranken werkt. Mogelijk denkt die man hoe heeft het zover kunnen komen; of zou hij een vertederd traantje wegpinken? Je moet maar gissen als je de taal niet machtig bent. Voor hetzelfde geld bezingt ze een andere geliefde, om hem te pesten. Dan klinkt er een korte schorre lach van de man. De fado stopt abrupt en er ontspint zich een kleine conversatie met veel gegrinnik. Waarschijnlijk zijn het ondeugende ontboezemingen uit tijden van weleer met haar ‘tuinman’. Zouden Portugezen over onoirbare zaken zingen?

Nog even neuriet ze verder. Dan wordt het te donker om nog buiten te werken. Onze Portugese buren gaan naar binnen. De dag is klaar en de fado’s zijn op voor vandaag.

 

Deed ie het, of deed ie het niet

De kogel is door de kerk, een sollicitatie voor het 2e Kamer-lidmaatschap is eruit. Mijn twijfels heb ik gedeeld. Mijn besluit is een povere ja geworden. ‘Niet geschoten is altijd mis’, vind ik een te platte verklaring voor de sollicitatie. Als je een slecht schutter bent, kun je er ook voor kiezen om niet te schieten. Ik heb uiteindelijk geschoten, of het een schot in de sociaal-democratisch roos zal zijn, moet blijken. Eerder is er sprake van anticiperen op mijn persoonlijke toekomst. Als ik de leeftijd van 80 mag bereiken, wil ik niet zeggen ‘Ik had het in 2012 moeten proberen’. Ik heb het wel op mijn eigen wijze gedaan, vol overtuiging en op mijn manier heel serieus, maar ik acht de kans erg klein op een vervolg.

Allereerst las ik vrij snel na de sluitingsdatum dat er 430 gegadigden zijn. Bovendien verliep het eigenlijke sollicitatie proces ook niet erg soepel. Naast mijn persoonlijk overwegingsproces, moest ik onverwacht hard zoeken voor een actueel CV, onontbeerlijk voor een sollicitatie. Niet te vinden, dus de externe harde schijf snel raadplegen, komt mijn zoon met de mededeling: ,, Zou ik niet doen pa, er zit een virus in.” Maar als flexibel mens en pragmatisch politicus heb ik van de nood een deugd gemaakt. Bestrijding van de bureaucratie was toch mijn drijfveer. De belangrijkste gegevens heb ik verstuurd via het standaardformulier, waarom dubbel op via nog eens een CV met bijna dezelfde gegevens. “Je staat voor je zaak of niet.” Veel foto’s had ik niet van mezelf op de computer en om nu met mezelf aan te komen op vakantie zag ik niet zitten. Mobieltje erbij en snel een foto maken door mijn zoon, met een schaduw van zijn vinger erop. Uploaden de handel en meesturen, met een ongeschoren en vermoeide kop weliswaar. Het moet maar. Een mens is namelijk wel eens ongeschoren en vermoeid en ik ga mezelf niet fotoshoppen.

Tja, en nu is het aftellen? Nee, hoor. Deze blogger zal niet als een geslagen hond door het leven gaan bij een afwijzing. Wat ik dan wel voor de PvdA kan of ga doen, weet ik niet. Mijn eerste ambitie is mijn belangstelling als kandidaat voor een plaats op de verkiezingslijst van de PvdA voor de Tweede Kamer kenbaar te maken. Dromen mag, het hebben van vergezichten is leuk, maar ik ben ‘Gekke Henkie’ niet, dus hiermee komt wel een eind aan deze blogserie. Als er een vervolg komt, laat ik het zeker weten. Vooralsnog dank aan degene die mij gesteund hebben via de sociale media (facebook en twitter)

Eerder verschenen:

Zal ik Tweede Kamerlid worden?  en Ideologisch geslaagd bij zelfonderzoek Tweede Kamerlidmaatschap PvdA. en Qua karakter een onvoldoende voor het kamerlidmaatschap en Om de 2e kamer ingejaagd te worden

Om de 2e kamer in gejaagd te worden

DRIJFVEREN OF OBSTAKELS ?

Na de ideologische zelftoets en een kritische zelfanalyse om te kijken of ik een goed PvdA politicus in spé ben en dus de moeite ga nemen te solliciteren naar een zetel in de kamer, komt deel drie. Dat zijn de maatschappelijke drijfveren en mijn interesses. Zoals te lezen is zit het ideologisch wel goed, maar karakterologisch mankeert er veel aan mij als politicus in spé.

Zelf ben ik politicoloog, maar ook psychiatrisch verpleegkundige en werkzaam bij de reclassering van het Leger des Heils op dit moment. Mijn huidige baan, maar ook mijn hele CV, heeft mij veel geleerd, of in ieder geval ervaren. Als bestuurskundig politicoloog was ik voorbestemd om beleidsmedewerker te worden. Het is er niet van gekomen, maar ik heb een eerzame boterham verdient tot op de dag van vandaag in het (brede) veld van de GGZ. ‘Tjonge, jonge, jonge wat een bureaucratie.’ Hoe vaak denk ik niet, ik kan het veel beter dan alle die beleidsmedewerkers……..

Eenmaal als consument van de GGZ (zoon) werd het beeld van de bureaucratie versterkt, nee verdiept, of beter gezegd uitvergroot. De jeugdzorg en GGZ is niet een beetje bureaucratisch maar een regelrechte ziekmaker. Zie hier de drijfveer om de politiek in te willen. Als ouders hebben we een eigen weblog waar we af en toe eens spuien. (www.dolgedraaid.wordpress.com)

BLOG VOL FRUSTRATIES

Zo heb ik een flauw stukje geschreven om de bureaucratie te visualiseren middels de mythische figuur “Lange Wapper”. We noemen het natuurlijk de Hollandsche Lange Wapper. Ik heb een even warrig als pretentieus model gemaakt van de organisatie van de GGZ: De Zeven van Sprakeloos of ik vergelijk de GGZ met een heuse Volvo. Heel veel gelezen is mijn maatschappelijke verhandeling over autisme (of autismisering van de samenleving?) Ook wordt ons mikpunt van boosheid, het Leo Kannerhuis, onderworpen aan een kritische blik. We staan stil bij de vierde verjaardag van het niet handelen van duur betaalde professionals. Ook een open brief aan minister Schippers tekent de motivatie om de politiek in te gaan. Zo maar een greep uit onze frustraties.

VERSTANDIGE OUDERS

Gelukkig zijn wij evenwichtige en stabiele ouders en bovenal verstandig. Juist dit laatste is een goed argument om de Tweede Kamer in te willen. Maar is dat voldoende, waar eindigt gedrevenheid en wanneer begint rancune. Hoe blind kun je worden door je eigen negatieve ervaring en vergeet daarbij de grote lijnen te bezien. Kortom genoeg vragen te verwerken voordat ik aan mijn sollicitatie ga beginnen.

Gelukkig vind ik buiten de GGZ ook andere zaken interessant en belangrijk:

  • Internationale Zaken met name Europa
  • Sport (met name Feyenoord)
  • Ruimtelijke Ordening (met name mobiliteit)
  • Generatievraagstukken (met name gekeerd tegen Jeugd en Gezin, maar een ministerie van Demografie lijkt me erg zinvol)
  • Cultuur (met name alles en helaas te veel oppervlakkig)
  • Natuur en milieu (met name het behoud ervan)

etc.

Kortom, toch best veel interessegebieden en vooral (persoonlijke) gedrevenheid die noodzakelijk zijn voor het Kamerlidmaatschap. Tja, nog maar zestien uur te gaan en dan moet de sollicitatie weg zijn. Een hele kluif nog.

Eerder verschenen:

Zal ik Tweede Kamerlid worden?  en Ideologisch geslaagd bij zelfonderzoek Tweede Kamerlidmaatschap PvdA. en Qua karakter een onvoldoende voor het kamerlidmaatschap

Qua karakter een onvoldoende voor het kamerlidmaatschap.

Wat moet een politicus tegenwoordig kunnen? Er zijn momenten dat ik denk, niet zo veel. Over kennis zwijg ik dan nog. Maar daar doe ik de overgrote meerderheid ernstig tekort en zou ik 4 mei gaan solliciteren, dan is het laatste wat ik wil met een air binnenkomen: “Hier ben ik, een enorme kwaliteitsimpuls voor de Tweede Kamer!” Op sommige vlakken denk ik dat soms wel, maar dat is van het niveau van ‘beste stuurlui.’

In ieder geval moet een politicus meegaan met de eisen van de tijd en die zijn:

  1. Vloeibaar zijn onder druk
  2. Over je eigen schaduw heen springen

Daarnaast zal ik naast het geslaagde ideologisch zelfonderzoek mezelf kritisch moeten onderwerpen aan een karakteronderzoek.

VLOEIBAAR ZIJN ONDER DRUK

Persoonlijk vind ik het een groot goed dat mensen niet hun eigen ego voorop stellen als motor voor hun handelen. Het ondergeschikt maken van je eigen ego voor de goede zaak is mooi. Maar mag dat leiden tot een knieval voor je eigen principes? Ik vind van niet en bij ieder besluit hoeft niet meteen een winst/verlies-rekening te worden opgemaakt. Principes zelf zijn de basis, maar ook die mogen nimmer verworden tot dogma’s. Echter om met één oogknippering de regeringsmacht in een keer te paaien zoals Sap dat deed, gaat mij te ver. Ik denk dat ik hiervoor het boek Il principe van Machiavelli eerst moet opeten voordat ik zover ben. ‘Go with the flow’ is mooi, maar je wordt ook sterker van af en toe een keer tegen de stroom in roeien. Kortom, ik denk zeer vloeibaar te zijn, maar zal me nimmer rechtsdraaiend laten stollen.

OVER JE EIGEN SCHADUW HEENSPRINGEN

Dat lijkt het zelfde dan vloeibaar zijn, maar ik zie dat toch anders. Ik associeer het met licht en donker en in het verlengde hiervan met oplossingen en problemen. Over je eigen schaduw heen springen is misschien wel weglopen van problemen. De schaduw blijft immers over. Dat doet me denken aan een wijze spreuk: ‘De duisternis gaat niet weg door ze aan te wijzen, maar door licht te creëren.’ Wie deze spreuk heeft bedacht weet ik niet, maar dit past goed bij mijn politieke karakter. Politiek moet licht creëren en geen oplossingen pretenderen. Over mijn eigen schaduw heenstappen zal ik dus niet snel doen.

SWOT-ANALYSE

Kortom vloeibaar zal ik zijn, maar over mijn eigen schaduw heenspringen zal nimmer mijn sterkste punt zijn. Ik zie het als verraad aan mezelf. Maar wie is ‘ikzelf’ in de context van een potentieel sollicitant voor het 2e kamerlidmaatschap voor de PvdA. Hiervoor zal ik me toeleggen op een huis-tuin-keuken analyse ten aanzien van sterke en zwakke punten.

  • De narcistische persoonlijkheid

Een gedreven politicus heeft natuurlijk lak aan alles en laat zich drijven op zijn gedrevenheid. Toch is een mate van camerageilheid menig politicus niet vreemd. Het middelpunt van de belangstelling moet je allereerst aankunnen en het is een mooie bijkomstigheid als je het ook nog leuk vindt. Ik geloof dat ik hierin ernstig tekort kom. Liever sta ik niet en plein publiek in de schijnwerpers. Spreken in het openbaar is zeker geen kernkwaliteit van mij. Ik bekijk het liever van een afstandje en observeer de handel en op het juiste moment laat ik van me horen. Enige schuchterheid zorgt er voor dat ‘het juiste moment’ wel eens te laat is.

  • Competetieve aanleg

Bij eenvoudige spelletjes zoals Wordfeud, bowlen of kwisjes wil ik graag winnen. Ik baal als een stekker bij onverwacht verlies. Als jonge voetballer wilde ik ook graag winnen, maar juist omdat het een teamsport betreft, kun je bij eventueel verlies de ander nog de schuld geven of je eigen aandeel waarderen. Ik wil best graag scoren, maar heb een enorm relativerend vermogen. Als ik dertig jaar jonger was geweest zou een stopwoord kunnen zijn geweest ‘Boeiûh’ of ‘lekker belangrijk’.

  • Fysiek

Ik kan goed af met weinig slaap, een groot voordeel, maar dat wil niet zeggen dat ik in alle wakende uren even helder ben. Bovendien te zwaar en rokend, dus voor het loodzware beroep van beroepsvergadertijger, zijn dat geen sterke punten. Eigenlijk zou het moeten zijn, ‘Verbeter de wereld en begin met jezelf’.

Al met al zal ik eerlijk moeten zijn, hoewel ik ideologisch geslaagd ben, denk ik karakterologisch toch een onvoldoende scoor. Morgen maar eens kijken naar de drijfveren en (politieke) aandachtsgebieden die een sollicitatie voor het Tweede Kamer lidmaatschap de moeite waard maken.

Eerder verschenen:

Zal ik Tweede Kamerlid worden?  en Ideologisch geslaagd bij zelfonderzoek Tweede Kamerlidmaatschap PvdA. en