Begrip, van de dag (123) Leven zonder muziek

 

 

 

LEVEN ZONDER MUZIEK

 

Wat zou het leven zijn zonder muziek? Als ik daar een antwoord op moet geven denk ik bij een minderheidsgroep te horen. Voor mijn gevoel zou mijn leven er amper anders uitzien. Natuurlijk bij het kijken van een spannende film zou ik de begeleidende en versterkende geluiden waarschijnlijk missen. Maar gewoon, in mijn dagelijkse leven, ik denk niet dat er veel veranderd. De vraag kwam bij me op toen ik moest wachten bij het opstarten van de computer. Eerst moest Spotify een nieuwe versie aanbieden voor ik verder kon. Ik ergerde me kapot, want hoe vaak gebruik ik deze muziek-app nu? Een of twee keer per maand komt het bij me op om eens wat bekende liedjes te scoren en tijdens het schrijven te beluisteren. Ik ben zelfs bezig met een heuse persoonlijke top 100.

Op de keeper beschouwd denk ik zelden “wat mis ik nu in mijn leven, o ja ik moet nu muziek luisteren anders is mijn leven niet compleet. Mij zul je ook niet met oortjes zien lopen. Niet in het publieke leven, maar ook niet thuis. Als ik zou hardlopen denk ik ook niet dat naast een paar sportschoenen en een sportbroek een muziekdrager tot mijn verplichte outfit moet behoren. Overigens is dit een vraag die ik gezien mijn sportieve constellatie niet snel zal stellen. Ik vind de wereld om me heen, zonder dopjes, eigenlijk veel interessanter als ik in de trein zit of over straat loop. Het is doodzonde om je daarvoor af te sluiten.

Het is trouwens niet zo dat ik een hekel heb aan muziek. Wel aan die behang in de winkelstraten of die fantasieloze zenders die de hele dag maar doorgaan met tweederangs evergreens. Het meer dan veertigduizend koppige Kuipkoor vind ik lekker om aan te horen, zelfs mee te doen als het Hand in Hand schalmt. Maar verder erger ik me aan oortjesdragende mensen in mijn omgeving. Je denkt samen te zijn, doet je verhaal en “O, sorry zei je wat?” Waar denk je aan als je muziek luistert, waar sluit je je voor af? Nu Spotify weer up-to-date is zal ik vandaag maar eens afsluiten met een nummertje uit mijn top 100. Overigens ik heb wel zoveel bij elkaar geharkt dat ik ook best 365 muziekcolumns zou kunnen schrijven, maar dat doe ik niet.

 

 

 

Begrip, van de dag (122) Fuck de democratie

 

 

FUCK DE DEMOCRATIE

In toenemende mate zie ik allerlei vuige plaatjes op Twitter die mij moeten overtuigen dat mijn vaderlandsliefde op de proef wordt gesteld als ik niet heel erg tegen het Associatieverdrag met de Oekraïne ben. Op 6 april a.s. moet ik mijn eindoordeel hebben en een stem uitbrengen omdat een schreeuwlelijk van Geenstijl en Powned het lekker vindt om te provoceren, te manipuleren en chaos te scheppen. Hij heeft gebruik gemaakt van het democratische recht om bij voldoende handtekeningen een referendum te eisen. Buiten dat ik Jan Roos en zijn vriendjes volkomen belachelijk vind, heb ik het nooit op referenda gehad. Nu blijkt maar weer waarom.

Het is genoegzaam bekend dat politici in campagnetijd het niet zo nauw nemen met de waarheid. Dat is niet de schuld van al die goedbedoelde jongens en meisje die ons graag willen vertegenwoordigen, maar wordt vooral veroorzaakt door de stupiditeit van het electoraat. Het electoraat dat vier jaar lang niet oplet dat bijvoorbeeld de PVV eigenlijk voor allerlei maatregelen stemt om de ouderenzorg om zeep te helpen, gelooft ene Wilders dat hij juist opkomt voor de belangen van de ouderen. Zo is het ook bij dit referendum, de leugen regeert bij de tegenstanders van het Associatieverdrag. Bij de voorstanders zal het niet veel anders zijn, maar die zijn niet zo doorzichtig leugenachtig en in ieder geval minder lomp. Hoe leuk is het om bijvoorbeeld wc-papier met overheidssubsidie te mogen kopen om kiezers te overtuigen om je reet af te wegen met het verdrag? Op dit niveau zijn we inmiddels belang. We zijn als volk volkomen aan het degenereren.

Dat hele verdrag zal mij aan mijn reet roesten. Natuurlijk is de Oekraïne een verderfelijk land met dezelfde soort politici dan Poetin c.s., maar mogen we daarom geen handel drijven? Dat doen we helaas ook nog steeds met de Russen, de Saoedi’s, Iran, Israël etc. En natuurlijk zie ik wel dat om geopolitieke redenen een verdrag met de vijand van Rusland belangrijker is dan feitelijke marginale winst. Vanaf mijn achttiende heb ik iedere verkiezing gestemd en ook alle referenda, zij het met tegenzin, afgestruind. Op 6 april laat ik verstek gaan om mijn walging voor de initiatiefnemers en het instituut referendum te onderstrepen. Misschien geef ik weer thuis als we Engeland uit de EU mogen stemmen.

 

 

Begrip, van de dag (121) Eating Apart Together

20160216_182531

 

EATING ALONE TOGETHER

 

Een avondje uit in je eentje, betekent ook eten in je eentje. Als ik iets heel triest vind, is het een restaurant betreden met een air van hier ben ik en ik heb de hele situatie volledig in de hand. Ik heb het een keer mogen ervaren, toen ik wel het lef had. Ik vond mezelf terug bij een tafeltje nabij de WC. Dat was een keer, maar nooit meer. Inmiddels heb ik ontdekt dat bij de HEMA het eten niet alleen heel goedkoop is, maar dat in je eentje eten vanzelfsprekend is. Eating Apart Together zullen we maar zeggen. En een gewoonte is snel ingesleten, iedere cursusdag in Nijmegen zal ik de HEMA frequenteren en mijn eenzame medemensen een beetje observeren.

Er zijn ook groepjes studenten en geef ze eens ongelijk, want het is een stuk goedkoper dan de mensa op de campus. Een stamppot boerenkool of zuurkool met een heuse HEMA-worst voor slechts €2,50! Verder zaten er wat types die ik inschat als net geen zwerver die zwijgzaam hun bordjes Hema-voer verorberen. Naast me zit een hippe vogel van dik in de zestig met zijn bos grijze krullen een veel jongere vrouw te versieren om een avondje vrije liefde mee te vieren. Mijn kennis van de non-verbale communicatie leerde me dat hij de avond bij de pick-up zal doorbrengen en zwijmelen bij een LP met psychedelische stuff, alleen. Opvallend is dat menig tafeltje bezet werd door zuur kijkende alleen etende vrouwen.

Het kan toeval zijn, maar ze hadden zonder uitzondering een pittig kort kapsel met een strenge donkere bril. De kapper zal het kapsel vast verkocht hebben als lekker jeugdig en kittig. De kapper heeft gelogen evenals de opticien die beter een warme kleur van het monteur had kunnen aanbevelen ter compensatie van de bitterheid die de dames uitstraalden. Misschien gaan zij ook wel naar een cursus? Iets ‘transedents’, misschien wel intuïtief dansen, in ieder zitten ze niet bij mij in de schrijfcursus. Tijdens mijn opleiding psychiatrisch verpleegkundige ben ik gewezen op dat ieder ziektebeeld zijn eigen dansstijl heeft, je kunt als het ware de diagnose stellen aan de hand van het dansen. Ik wil niet weten hoe deze vrouwen zullen gaan dansen. Ik had ook niet kunnen voorzien dat eten in je eentje zo’n zuur stukje zou opleveren. Wie met pek omgaat wordt ermee besmeurd, ook al is er sprake van Eating Apart Together.

Begrip, van de dag (120) Zitten is het nieuwe roken

 

ZITTEN IS HET NIEUWE ROKEN

 

De nieuwste bangmakerij en fundamentalistische treitercampagnes op gezondheidsgebied zijn al weer hip aan het worden. ‘Zitten is het nieuwe roken’. Ik weet niet of de overheid het nieuwe geloof al via folders en spotjes aan het uitrollen is? Ongetwijfeld zijn er hordes beleidsmakers bezig de burger de stuipen op het lijf aan het jagen. De overheid, het is net een bedrijf dat gespecialiseerd is in het genereren van nutteloze producten om die via een uitgekiende marketing aan de man te brengen. Kortom ‘Zitten is het nieuwe roken’, met nadruk op roken als het allergevaarlijkste wat de mensheid kan overkomen. Ik dacht toch dat bommen gooien op Syrië een stuk dodelijker is?

Resumerend, na de schijf van vijf die vroeger algemeen geaccepteerd werd als gezond, veroorzaken veranderende inzichten voor steeds nieuwe diëten en overheidsaanbevelingen om uiteindelijk weer bij de ouderwetse voedselgewoontes uit te komen. Suiker is superslecht, maar zit in al het eten, zelfs in geprefabriceerde groenten uit pot en blik. Er moet een vettax komen om obesitas uit onze westerse maatschappij uit te roeien. Alcohol mag voor mannen, hooguit twee glazen rode wijn per dag en voor vrouwen nog veel minder. Onder de achttien jaar mag het helemaal niet. Over rokers is het inmiddels wel duidelijk dat zij de criminelen zijn van de toekomst en als junken vervolgd zullen worden. Na de inwendige mens zijn nu de mens en zijn werkomstandigheden aan de beurt.

Eigenlijk mag je niet meer werken, of het moet het telen van je eigen groenten zijn. Tachtig procent werkt zittend op kantoor, maar het is feitelijk dodelijk. Diabetes en hart & vaatziekten komen bij zittende beroepen tot wel 2,5 keer vaker voor. Zelfs met extra beweging voorkom je een hogere kans op vroegtijdig sterven niet. Ik lust graag een biertje, ben net als alle Nederlanders ongewild verslaafd aan suiker, vetzucht is me niet vreemd, ik rook en heb een zitten beroep (en hobby). Theoretisch had ik dus al gestorven moeten zijn. (Met dat ik dit opschrijf, bespeur ik een vorm van bijgeloof, is dit niet de goden verzoeken?) De bangmakerij heeft mij bijna in de greep, maar ik laat me niet voor de gek houden. Ik wil niet zeggen dat ik ‘alive and kicking’ ben, maar zeker niet bevattelijk voor verderfelijk overheidsevangelie over gezondheid. Mijn nieuwe leus is: De (liberale) overheid is de nieuwe (middeleeuwse) kerk! En ik, ik ben een ketter.

Begrip, van de dag (119) Zwaartekrachtgolven

 

 

 

ZWAARTEKRACHTGOLVEN

 

Als je met het vliegtuig van Amsterdam naar Bangkok vliegt is er sprake van een tijdsverschil, maar ook van een cultuurverschil. Dat merken we allemaal als we met het vliegtuig naar verre oorden gaan. Een paar uur verder en een wereld van verschil, allemaal op die ene aardbol. Het is allemaal maar relatief. Als dat vliegtuig dan ook nog eens harder gaat dan de snelheid van het licht, of is het nu geluid, dan win je ook nog eens tijd en kom je in een andere dimensie. Die winstfactor in het groot, dus het hele sterrenstelsel erbij betrekkend dan kunnen we de relativiteit omschrijven als: E=MC2. Zie hier de (speciale) relativiteitstheorie van Albert Einstein.

De nauwkeurige lezer heeft het al lang door, ik begrijp er geen hol van en ik schaam me er niet voor. Mijn natuurkundige kennis blijft al steken ver voordat de elektriciteit gemeengoed werd. Ik weet dat met een druk op de knop het licht aan gaat en de computer werkt om stomme stukjes te schrijven die ik dan ook nog wereldkundig kan maken. De toepassingsmogelijkheden van de kennis van Einstein zijn me al helemaal niet duidelijk, al dicht ik mezelf een groot gevoel van relativieitszin toe. En daar hoef je helemaal geen beta-student voor te zijn, misschien juist wel niet. Ik vind het namelijk best geinig over hele wezenlijke zaken, helemaal niets te begrijpen. Dat het allemaal wezenlijke zaken zijn onderschrijf ik met mijn gebrek aan kennis dan weer wel.

Ik vond het daarom zo ontzettend magnifiek dat hele hordes wetenschappers bijna kinderlijk enthousiast waren toen de relativiteitstheorie van Einstein voor een deel bewezen werd. We hebben ontdekt dat anderhalf miljard jaar geleden twee sterren tegen elkaar zijn gebotst en er iets met die energiemassa is gebeurd waardoor we nu zwaartekrachtgolven kunnen waarnemen. Ik zeg met nadruk ‘we hebben ontdekt’ omdat als je mee kunt varen op de overwinningsroes je altijd spreekt over we en niet over ze. Natuurlijk begrijp ik er weer niets van, maar ik kan me het enthousiasme wel voorstellen. Dat moet iets zijn als voor een Feyenoordfan die na bijna twintig jaar ziet dat de mooiste club van Nederland weer eens kampioen wordt.

Begrip, van de dag (118) Geloof niet alles wat je denkt

 

 

 

GELOOF NIET ALLES WAT JE DENKT

 

Beetje keuvelen met collega’s bracht onverwacht enige diepgang in het gesprek. Het ging over de functie van het denken in je leven. Daar kun je alle kanten mee op, maar neemt u van me aan het was een goed gesprek. Als klap op de vuurpijl kwam één van de collega’s met een geweldige uitsmijter. ,,Je moet niet alles geloven wat je denkt.” Dit vind ik nu mooi, eentje om over na te denken, misschien wel als levensmotto te gebruiken. Het helpt in ieder geval tegen mindfucken. Eerlijkheidshalve voegde hij er wel aan toe dat dit een wijsheid van zijn zus was. Een slimme zus laat hij weten.

In mijn enthousiasme deel ik mijn nieuw verworven inzichten met mijn jongste zoon. Je doet je best als opvoeder. Zijn gezicht spreekt boekdelen, hij vindt het maar niks. En als ik hem bevraag zegt hij: ,,Och dat is al zo vaak gezegd, misschien op een andere manier, niks bijzonders hoor.” Hij, de spuitelf van zeventien die volgend jaar Filosofie denkt te gaan studeren, doet zijn best om zijn arrogantie niet al te nadrukkelijk te laten blijken. Hij slaagt hier niet in. Ik ga er vanavond maar eens op broeden, de mooie uitspraak van de zus van mijn collega.

De eerste de beste zoekactie op Google met de uitspraak Geloof niet alles wat je denkt, levert heel veel hits op. De zus van mijn collega is beroemd denk ik in een splitsecond. Dan zie ik een plaatje van het bekende instituut OMDENKEN. De wijsheid wordt toegeschreven aan Eckart Tolle. Ik heb van hem gehoord, maar het kwartje valt niet meteen, hij doet iets met spiritualiteit. Daar laat ik het maar even bij. Eerst moet ik bijkomen van de teleurstelling dat mijn nieuw verworven levenswijsheid andermaal niet exclusief is. Ik zal niets zeggen over de zus van mijn collega, maar mijn zoon is dus best slim. Maar ik geloof dat ik denk dat ik zijn arrogantie nog even moet bijschaven zolang het nog kan.

Begrip, van de dag (117) Annieproof

 

ANNIEPROOF

 

Het was een kutavond. Het verkeer zat tegen, de zonen namen de telefoon niet op, kon ik zelf nog boodschappen doen. Dat is wat die mobiliteit, iedereen heeft zo’n ding in de hand, onder zijn kussen en zelfs op de WC. Maar als je dan contact wil, neemt er niemand op. Wat ik u brom, over twintig jaar bestaat het woord Oost-Indisch immobiel. Rond zeven uur was ik thuis, met de pizza’s en salade voor de vitamientjes. En om acht uur was het laatste stukje pizza weggewerkt. En toen, toen moest het huis nog Annieproof worden gemaakt. Meestal doe ik dat niet zelf, want mijn standaard van Annieproof is een geheel andere dan die van mijn wederhelft.

Eens per week hebben wij drie uur iemand die door ons huis gaat met stoffer, poetsdoek en andere atributen. Dat is een luxe die we ons pas sinds twee jaar veroorloven, het heeft iets ‘bourgeois’ vind ik met mijn benepen sociaaldemocratische gevoel. ,,Het is werkverschaffing.” zeggen mijn zonen die oud genoeg zijn om hun vader op niveau te treiteren. Inmiddels ben ik eraan gewend, maar de voorbereidingen die getroffen moeten worden, vallen soms zwaar. Alles moet opgeruimd zijn, vuile kleding weggewerkt, schone was op de juist plek, de tafel leeg en inspectie of alle schoonmaakbenodigdheden er nog zijn. Zo niet, dan ook nog snel naar de winkel. Vaak moeten we ook nog naar de flappentap om het salaris te halen. Het is zo half tien voordat ik vrijaf ben. Annieproof noemen we dat, vrij naar onze huishoudelijke hulp.

Toen ik aangaf dat ik een stukje over ons begrip Annieproof zou schrijven, begonnen mijn jongens te stuiteren. Dat vonden ze uiterst gênant. Ze kwamen met privacyschending en ander zwaar geschut om te voorkomen dat ik over dit onderwerp zou schrijven. Niet dat ze mijn stukjes lezen hoor, maar het idee alleen al. Ik kom ze maar tegemoet, onze Annie heeft helemaal geen Annie. Het ingeburgerde woord bij ons thuis is dan ook niet Annieproof, maar u begrijpt het idee. Van de tijd die Annie werkt, ben ik zeker de helft kwijt aan om het Annieproof te maken. En dat is dan weer best kut.

Begrip, van de dag (116) Buudreedner Mark

 

 

BUUDREEDNER MARK

 

Heel diep gravend in mijn geheugen, kan ik me geen enkele grap herinneren van premier Rutte. Dat is ook niet erg, humor is een glijmiddel met een ernstige en diepere laag, en dit hoeft een politicus ook niet in zijn pakket te hebben. Het helpt hooguit in het overbrengen van je visie en vergezichten. Ik herhaal, visie en vergezichten. Wel heb ik Mark Rutte vaak en veel zien lachen. Dat doet vermoeden dat hij plezier heeft in het leven. Ik gun hem al het plezier en geluk in het leven zonder meer, maar ik moet altijd zoeken waarom hij zo breed grijnst. Ik wil graag mee  lachen, want een echte droefsnoet ben ik ook niet. Ik vind bij Rutte geen humoristische aansluiting en vanavond gaat hij in navolging van de Amerikaanse president lollig zitten wezen in Correspondents’ dinner.

Laat ik voorop stellen dat ik alle na-aperij uit Amerika een aanfluiting vind. Volgens mij doen vooral de Nederlanders dat, Fransen, Duitsers en Italianen hebben blijkbaar meer intrinsieke eigenwaarde. Dus op voorhand ben ik cynisch over dit project, nog daargelaten over het gebrek aan humor en visie van onze premier. Ik ben zo’n zeikerd die Valentijn en Halloween absoluut niet vind passen in onze cultuur, dus ook de Correpondents’ dinner niet. Laten we de globalisering eerst maar op wezenlijke zaken toepassen zoals eerlijke verdeling en niet de premier als een soort buudredner op onze nationale televisie als slap aftreksel van Obama.

Dat is trouwens ook nog een dingetje, die nationale televisie en de VVD. Daar waar staatssecretaris Sander Dekker wil dat al het amusement van de publieke omroep moet verdwijnen, werkt Rutte hem tegen door zelf de pias te gaan uithangen. Of misschien weten ze inmiddels al dat het niet grappig is en dus waardig genoeg voor de publieke zender. Eigenlijk zou RTL 4 dit programma moeten oppakken in de filosofie van de VVD. Ga ik kijken? Ik denk het niet, hoewel het waarschijnlijk talk of the day zal zijn. Het enige waar ik benieuwd naar ben zijn de schrijvers van de speech. Twee komieken en een clubje ambtenaren hebben Rutte geholpen. Als daarbij Herman Finkers zou zijn, dan heb ik goede hoop. Hoewel, Rutte is een man die door al heel hard zelf te lachen in staat is iedere grap om zeep te helpen, zelf die van Finkers.

 

Begrip, van de dag (115) Een moetje

 

 

EEN MOETJE

 

Alleen voor een beperkt aantal hele trouwe lezers van Begrip van de dag zal dit nog een enigszins leesbaar stukje zijn. Er wordt een inkijkje gegeven in het proces of vooral de haperingen die er ook zijn. Anderen, zij die deze serie niet kennen, zullen waarschijnlijk meewarig weg klikken. In het geval u twijfelt verwijs ik vooral naar de 114 andere begrippen die eerder zijn vervaardigd. Op 2 oktober 2015 nam ik me voor om 365 stukjes te schrijven, associatieve momenten van de dag. Inspiratie of niet, gewoon schrijven met de stellige overtuiging dat je na 365 stukken in ieder geval wat geleerd heb. Nu wist ik dat iedere dag misschien een beetje overmoedig is, maar voor 31 december 2016 moet het werk klaar zijn. Dus nog 250 te gaan.

Vandaag was er sprake van een moetje. Ik had al een aantal dagen gemist in januari, dus op de valreep toch maar aan de slag. Niet dat ik vandaag stil heb gezeten qua woordenproductie. De hele avond heb ik gewerkt aan mijn verhaal voor de wedstrijd van het boekenweekgeschenk. Met de titel Was ich noch zu sagen hätte moet ik met Duitsland als inspiratie iets opschrijven in 500 woorden. Na vier keer schrappen, zit ik op 501 woorden, dus morgen nog één overbodig woord wegpoetsen. Dat lukt wel, maar verder ben ik nog lang niet tevreden. De zinnen moeten mooier, misschien wel literairder. Nauwgezet moet ik de tegenwoordige- en verleden tijd nog netjes met elkaar in het reine zien te brengen. O ja, en de stijlfouten nog zien te ontdekken.

Weet je wat het allermoeilijkste is van een stukje schrijven is? En dan bedoel ik niet zo’n vlugschrift als dit in elkaar zetten, dat duurt hooguit twintig minuten. Nee, het allermoeilijkste is te accepteren dat wat je in je hoofd hebt er heel anders uitziet op het moment dat anderen er naar kunnen kijken. Deze wijsheid heb ik geleend van Winnie de Pooh, maar is zo ontzettend waar. Aan de andere kant is het proces waar je uitkomt vaak het positieve bijproduct, vooral als je geen idee hebt waar je naar toe moet schrijven. Voor dit begrip is het proces trouwens weinig verrassend, het is immers een moetje terwijl ik zwanger bent van ideeën.

Begrip, van de dag (114) Wind

 

 

 

WIND

 

,,Zal ik er nog een laten?”
Dit was een vraag op een bevestigend antwoord, nadat deze bevestiging werd uitgelokt met een andere vraag namelijk: ,,Lekker windje hè?
Ik weet, dat is even uitzoeken hoe deze conversatie verloopt, maar u komt er vast wel uit. Zelden heb ik zo’n vies, flauw en kinderachtig gesprek moeten aanhoren, uitgesproken door een volwassen man. Het is inmiddels bijna twintig jaar geleden dat mijn achterbuurman in Nijmegen op een zwoele zondagmiddag deze woorden uitsprak in bijzijn van zijn schoonouders van Italiaanse komaf. Zelf was hij een rasechte Nijmegenaar uit de Wolfkuil. De schoonouders hebben het getroffen met zo’n schoonzoon, want ze bulderden van het lachen. Niet veel later zijn we verhuist.

Ik moest er net aan denken bij het uitlaten van de hond. Het is stormachtig weer en het zal nog harder te keer gaan de komende uren. Raar woord eigenlijk ‘windje’ als het gaat om de beschamende, maar menselijke flatulentie. In zekere zin begrijp het verband nog wel tussen de weersgesteldheid en de winderige bijproducten van onze peristaltiek. Toch is er sprake van een mate van taalarmoede. We spreken over wind, windje, briesje, storm en orkaan in alle soorten en mate van kracht. Die parallel wordt als het om de menselijke winderigheid gaat niet door getrokken. We hebben het over ‘wind’ of ‘windje’. De variatie in het vocabulaire van de menselijke winderigheid wordt niet doorgetrokken. Eigenlijk ken ik buiten het woord wind of windje alleen het woord scheet. Als er al sprake is van een verbijzondering van het windje wordt dat gedaan met bijvoeglijke naamwoorden, een nat windje, een stiekem windje of een harde scheet.

Hoe veel mooier zou het zijn als we de verschillende soorten windjes een eigen naam gaan geven die overeenkomen met de winden zoals de weermannen en -vrouwen ze ook gebruiken, analoog aan de Poolbewoners die vele soorten woorden hebben voor sneeuw. Ik denk dan aan bries als het gaat om zachtaardige en milde flatulentie. Voor het steviger werk kunnen we dan orkaan of storm gebruiken. Ik heb een storm gelaten klinkt een stuk eerlijker dan besmuikt melden dat je een wind heb gelaten. Ik hoef niet uit te leggen wanneer je een ‘moesson heb gelaten’ of als er sprake is van dwarrelende windstoten? Zoals ik al zei, het stormde buiten, de hond was onrustig en dezelfde stormachtige wind brengt soms opvallende gedachten met zich mee.