O sétimo dia: De restjes van een week?

De laatste vakantiedag kan beginnen. Ik zit op het bankje op het erf en kijk naar de sinaasappelboom. Ook constateer ik dat de zon nog even moet werken om de lucht weer strak blauw te krijgen en het waait behoorlijk, dus een pietsie hooikoorts, ook hier. Maar de temperatuur is aangenaam en ik drink mijn eerste bakkie leut voor dat we gaan ontbijten. Ik sprak deze week al eerder over de weelde van alle sinaasappelen die maar op de grond vallen en waarmee niets gedaan wordt. Maar zo’n boom staat er niet voor de consumptie, maar voor de toerist natuurlijk. Die kan het thuisfront lekker maken met de rustiek van Portugal die uit deze foto door het scherm spat. Echte engerds maken er ook nog een blogje van. Wat zal de dag vandaag brengen? We gaan naar Lagos aan de Zuidkust. Schijnt een mooie stad te zijn. Mijn herinnering laat me in de steek of we nu in Lagos of Portimão zijn geweest vijftien jaar geleden. We gokten op Lagos, maar we hadden het mis. Lagos was het product dat iedere vakantieganger die dat niet wil toch één keer meemaakt, je wordt toerist. (Ik weet echt wel dat ik dat zeven dagen ben geweest hoor, ik ben ook niet gek dus laat me lekker in die waan op de berg) Ons lukt het vaak om iedere vakantie toch één keer in de toeristenfuik te stappen. Vandaag was dat Lagos. Geen aanrader en bij een langer verblijf dan 2 uur slaat de misantropie toe, zelfs in de vakantie. Dus maar weer snel terug naar huis, naar de berg en onze tuin met sinaasappelboom. Bij het schrijven van het blog besefte ik dat ik niet eens een foto in Lagos had gemaakt.

Op de berg nam ik een kloek besluit toen we in de middagrust werden opgeschrikt door de vallende sinaasappels. Back to basic en leven met de natuur, ik ga onszelf trakteren op een overheerlijk glaasje sinaasappelsap, suco de laranja van eigen bodem. Mag vast wel van de eigenaar, hij heeft bij de keukenuitrusting niet voor niets een citruspers. Een man en man, een woord een woord.

Waar gewerkt wordt, vallen spaanders.
Voor niets gaat de zon op, voor een eerlijk product zonder toegevoegde suikers waren 35 apelsienen nodig.
Aan reclame en marketing hoef ik niets meer te doen. In vijf minuten (30 dus) vers van de boom, vers in het glas.
En binnen een tel bij de consument: Proost op een geslaagde vakantie.

En morgen de terugreis. Ik weet niet of er nog een afsluiting komt, dat zien we morgen wel weer. Ik heb één goed voornemen en dat is dat als mijn enthousiasme voor de terugreis een kwart is van de reis naar Portugal, ik tevreden ben. Als dat lukt, ben ik een blijvende blije Dodo.

Eerder verschenen in deze reeks:

O primeiro dia: Vind ik me toch zomaar terug in de Algarve. Errug

O sedundo dia: Back to the future.

O terceiro dia: Boven op de berg

O quarto dia: De dag van Portugal

O quinto dia: Daar is ie….Het klompenpad op zijn Portugees

O sixto dia: Mijn liefde voor de zee

O sexto dia: Mijn liefde voor de zee

Om maar meteen met de deur in huis te vallen, ik heb een haat-liefde verhouding met de kust en de zee, waar ook ter wereld. Met name de strandcultuur staat me tegen. Het is kijken of gezien worden door allerlei hippe types met cocktails in protserige strandpaviljoens. Bakken in de zon heb ik ook altijd al een heel merkwaardige hobby gevonden. Ik ben niet zo’n gebronsd type, nu niet en ook 25 kilo geleden niet. En toch vind ik de zee mooi, machtig en rusteloos intrigerend. Ik herinner me levendig het wegdoezelen op het strand, met de zee op de achtergrond waarbij geluiden van spelende kinderen en jongens en meisjes die wel gezien willen worden langzaam wegvagen.

Ruim vijftien jaar geleden hadden we een fijne gezinsvakantie in de Algarve. Ik was toen gecharmeerd van het kustlandschap in het Zuidwesten van Portugal, zowel de kust als de weg ernaartoe. Deze herinnering bleek geen hersenspinsel te zijn, want ook nu, op weg naar de Atlantische Oceaan vond ik de kronkelige bergweggetjes als ook de baaien langs de kust erg mooi. Maar wat ik ook nog heel goed weet dat we bij zo’n baai met twee overenthousiaste jongetjes arriveerden (9 en 12) en ze waren niet te houden bij het zien van de hoge golven. De zee heeft hier niet alleen hoge golven, maar is ook behoorlijk koud. Zelf wijs ik al het zwemwater onder de 25 graden systematisch af als zijnde pure marteling en zelfkastijding. We hadden weliswaar geen surfbenodigdheden, maar ze wilde het water in. Van het ijskoude water hadden de jongetjes pas na 25 minuten last, zelf had ik het na 1 minuut al helemaal gehad, maar ja er is zoiets als vaderverantwoordelijkheid want de zee was wel zeer ruig. Het was zeker geen hoogtepunt in mijn leven, maar als vader was ik wel een held voor zolang het duurde. De schoonheid van de zee alhier is me ondanks dit trauma wel bijgebleven.

Het voorstel om op zondag met zijn tweeën richting de zee te rijden werd met algemene stemmen aangenomen. Ik had er zelfs een zwembroek voor gekocht al wist ik echt wel dat ik de zee niet in zou duiken. Zelf had ik romantische ideeën om er om negen uur al te zijn, het was slechts drie kwartier rijden. Het liefst wilde ik er om half acht al zijn, maar de haalbaarheid van dat plan was bij voorbaat kansloos. Ondanks dat we om half negen wakker waren, lukte het ons ook zonder kinderen pas om rond kwart voor elf te vertrekken. Met nog even tanken arriveerden we om 12 uur bij Praia da Arrifana. Nu moeten we dat natuurlijk wel even in de juiste context plaatsen. Ons eerste gezamenlijke uitje was in januari 1991 naar Amsterdam. We sliepen op de studentenkamer van mijn broer in Uilenstede. Anne Frankhuis was ons eerste geplande museumbezoek. Om kwart voor vijf arriveerden we ter plekke, een kwartier later was het Anne Frankhuis gesloten. Lekker dan, maar ruim dertig jaar later zijn we wel mooi vijf uur eerder op de plek van bestemming. Progressie lijkt me dus, maar dit ter zijde. We hadden een half uur eerder kunnen vertrekken ware het niet dat mijn lief nog een gedichtje moest maken over ooievaars die we gisteren hier vlak in de buurt in grote getale hebben gezien. Heel mooi, maar was dit nu het uitgesproken moment? Kunst laat zich niet dwingen natuurlijk.

Ik wist
Niet
Waarom
Ooievaars
Klepperen
 
Nu
Weet ik
Het wel
Ze tonen elkaar
Hun Liefde
 
Laten
Wij ook
Vooral
Met overgave
Klepperen

Dat dus, Klepperen vandaag. Om twaalf uur zagen we inderdaad een lieflijk strandje van boven op de rotsrand, een lieflijk surfstrandje, maar ik zei het al, ik ben geen strandjongen en al helemaal geen surfjongen. Fysiek ben ik er niet toe in staat, ik heb geen half lang geblondeerd haar of een kek knotje op mijn kop en de zonnebrandcrème van factor 100 of meer hadden we niet bij ons toevallig. Ook ontbeer ik een buitenissig grote tattoo om te showen bij het aan- en uittrekken van het surfpak. Bovendien, over surfpakken gesproken, zo te zien hebben ze die niet in mijn maat. En mocht er een XXL pak te koop zijn, dan word ik echt geen jongen die graag gezien wordt/wil worden op het strand. Ik zei het al, ik ben geen strandjongen.

Maar dit allemaal bij elkaar mijmerend hoor ik de golven hun hypnotiserende mantra bulderen en de stemmen verstommen. Misschien moeten we in het najaar toch maar eens een weekje boeken in de Algarve, een huisje aan de kust. Zal maar eens flink klepperen de komende tijd.

Eerder verschenen in deze reeks:

O primeiro dia: Vind ik me toch zomaar terug in de Algarve. Errug

O sedundo dia: Back to the future.

O terceiro dia: Boven op de berg

O quarto dia: De dag van Portugal

O quinto dia: Daar is ie….Het klompenpad op zijn Portugees

O quinto dia: Daar is ie……het klompenpad op zijn Portugees.

Ik ben er nog niet uit hoe ik het klompenpad ga noemen, maar de voorlopig werknaam is ‘Caminho de obstrucão’ Andar pela casa oftewel Klompenpad Wandeling rondom huis, circa 1 km in Monchique.

Het is eindelijk zover, klompen aan, rugzak op en gaan. Ik had de schutkleur van de Portugese lucht als klederdracht genomen. Verder zonnebril, zonnebrand en genoeg water bij me om de buurt te verkennen, want het is me wel duidelijk dat, hoewel het aantal buren schaars is, ze onmiskenbaar direct of indirect te maken hebben met de landbouw, dus het basismateriaal voor een klompenpad. En net zoals bij veel Nederlandse klompenpaden, val je vaak van de ene verrassing in de andere en is het er over het algemeen rustig. En de mensen die je tegenkomt zeggen vriendelijk Bom Dia. In dit geval was het mijn partner die de 36 graden Celsius iets te veel vindt voor een gezonde wandeling en onder de boom bleef lezen. Ik kwam in deze Caminho de obstrucão twee keer over ons eigen boerenerf.

En dan denken wij het alleenrecht te hebben op de geuzennaam Kikkerlandje, maar nee hoor, na nog geen 50 meter wandelen een heuse pad (sapo) op het ‘Andar pela casa’ Je verzint het niet. Even verder wilde ik nog wat landbouw geheimen ontdekken, want tot mij verbazing waren er overal kleine en iets minder kleine aardappelveldjes. Ik wilde een stukje rots beklimmen om nieuwe ontdekkingen te doen, maar mijn evenwichtsvermogen is iets uit vorm en ik had mijn niet meelopende eega belooft me niet te gedragen als een jonge God living on the edge. Ondertussen had ik wel gezien dat er plukjes wijnranken waren, naast de citrusvruchten en zag ik ook pruimen- en kersenbomen waar ogenschijnlijk niets mee gedaan werd. Misschien dat de vrienden van Caroline van der Plas hier nog een sinaasappeltje kunnen schillen om de boerenstand te verheffen in een eco-neutrale organisatie. Ik vind het zonde van al dat verloren fruit. Maar ik heb er dan ook geen verstand van, niet hier, maar ook niet in Nederland. Ook daar vind ik de Randstedelijke kijk op landbouw op zijn minst eigenaardig. Goed, ik heb er geen verstand van, wel van klompenpaden, dus ik vermaak me verder kostelijk.
Geheime kleine aardappelveldjes
Terwijl ik langs natuur, boerenlandschap en landweggetjes loop, zie ik het mondaine Monchique op de achtergrond. Een doorkijkje op zijn tijd is ook hier de charme van een klompenpad.

De tevredenheid als de finish in het zicht is net zo’n overwinning als in Nederland, dus bij het zien van de eindstreep, snel de klompenpas er nog in. Oost, west, thuis best. In Nederland is het dan je klompen bij de deur en een kop koffie, hier gaan we voor een koude douch.

Voor de precieze route verwijs ik naar mijn Komoot app onder de naam Vincent ID Sprakeloos. Ook alle 350 foto’s zijn er te bewonderen. Echt waar.

Eerder verschenen in deze reeks:

O primeiro dia: Vind ik me toch zomaar terug in de Algarve. Errug

O sedundo dia: Back to the future.

O terceiro dia: Boven op de berg

O quarto dia: De dag van Portugal

O primeiro dia: Vind ik me toch zomaar terug in de Algarve! Errug!!!!!

Geen groter vermaak dan leedvermaak moeten de talloze kampeerders denken als zij hun eigen leed en huiselijk geweldsessie al weer vergeten zijn, en met het grootste plezier de verhandelingen van de overburen, en toekomstige vrienden voor twee weken, gade slaan. Ook zij moeten de tent of kampeerwagen klaar zetten voor een gerieflijk verblijf in Tirol, de Dordogne of gewoon op de Veluwe. Lachen!!!!!

Gelukkig gaan wij niet met de tent, sleurhut of op een andere manier back to basic. Wij nemen het vliegtuig: klimaat, corona en vliegschaamte in zijn algemeenheid maar even trotserend. Maar daar waar je in het slechtste geval een uur vermaak bent voor de andere campinggasten, biedt het vliegveld waar dan ook ter wereld ook heel wat vermaak van mensen die hard hebben gewerkt om naar de zon te gaan. Of groepjes puistenkoppen en bakvissen die nog even wat hersencellen wegzuipen voor dat ze de examenuitslagen gaan ontvangen en dan maar af moeten wachten wat ze er in de herkansing van gaan maken. Nu heb ik me op het vliegveld nog wel redelijk neutraal gedragen, maar de wijze waarop mensen in een vliegtuig zitten als mestvarkens, waaronder ikzelf, is wel een reden om de lol van de vakantie in twijfel te trekken. Misschien is dit niet zo zeer lachen, maar het geeft wel een grote dosis zelfspot en kritiek en dat is dan weer lachen!!!!

Eenmaal op de plek van bestemming is alles zo vergeten? Of niet. Vakantie is herinneringen maken zeggen ze wel eens. Een jaar of twintig geleden had de reisbranche het over de ‘broodnodige, vitamine V!!!!! Echt waar, maar voor de dertig-minners, dat is net zoiets als tegenwoordig  levensgevaarlijke dingen doen in je vakantie onder het mom, You only live once-mythe. Allebei uitgedokterd door idiote marketeers die nog grotere idioten er in laten geloven. Maar ook ik kijk altijd uit naar de vakantie. Het eerste biertje smaakt goddelijk, het eten, al is het een eenvoudige hamburger in een sloom Portugees plaatsje, het is zonder meer haute cuisine. En vol bewondering kijk ik naar mijn eerste foto’s van de omgeving. Ik overweeg op de eerste vakantiedag al een carrièreswitch te maken, een begenadigd fotograaf is aan mij verloren gegaan. Ik weet het zeker met mijn getroebleerde vakantiebrein.

Terugkijkend op al mijn vakanties is het best diep graven om te achterhalen wanneer ik waar overal ben geweest. Sterker nog, ik zal beginnend bij 1966, toch voorlopig jaren leeg moeten laten omdat ik wel heel diep moet nadenken. Maar ik troost me met de gedachte van niemand minder dan Emile Zola: “Niets ontwikkelt intelligentie zo veel als reizen.” Ongemerkt heb ik heel wat intelligentie meegepikt. De houdbaarheid van de exacte herinneringen is dan niet meer zo belangrijk. Een troostende gedachte als ik nog eens 20 jaar ouder ben. Of wat te denken van een Loesje spreuk voor als je niet op vakantie kunt: Als je niet op vakantie kunt, ga dan op avontuur. Dat kan iedereen, zelfs in de middagpauze van je inspirerende baan, lekker op avontuur gaan want vitamine V hebben we nodig en natuurlijk YOLO.

Maar de aanleiding van dit eerste vakantievertelseltje is een spreuk die ik toevallig las: “Reizen maakt je eerst sprakeloos en verandert je daarna in een verhalenverteller.” (Ibn Battuta) Toen werd ik even stil, heel stil en ik dacht, dit blogje moest zeker gemaakt worden op mijn site sprakeloosverhalen. Het moest zo zijn en is geen toeval. Na vandaag weer gewone vakantiestukjes schrijven over de dingen die we meemaken in het mooie Portugal tot het moment aanbreekt: Een vakantie is voorbij als je begint te verlangen naar werk.

Ik vrees echter dat vooralsnog de centen de beperkende factor zijn, niet het verlangen naar werk.

De wereld draait door……..

Eindelijk mochten we weer, onbekommerd, tenminste dat gevoel had ik. Weliswaar mondkapje bij de hand en QR-code mee, want je weet maar nooit hoe de regels elders precies geïnterpreteerd worden. Een lang weekend gepland met reisgenoot en oud-collega. Uit de vele opties kozen we de Franse Ardennen. Ik mocht het organiseren en dat had ik met de kennis achteraf best aardig gedaan. Maar mochten we wel echt? Op de dag van vertrek stond de wereld in brand. Niet onze vakantiewereld, nog niet, maar wel op ons eigen continent. Als nieuwsjunk met in ieder geval basale historische kennis vlogen er meteen honderdduizend doemscenario’s door mijn hoofd. Zo gek is dat toch niet? Ik zal de details besparen, ze zullen de afgelopen dagen op de conventionele media, maar vooral ook op de sociale media, ruimschoots gepasseerd zijn. Ik weet het niet, want ik was op vakantie. Naar de Franse Ardennen met de opdracht vooral niet te veel met het nieuws bezig te zijn. Ik ken mezelf, je kunt het nieuws volgen, maar in de tijd van informatie, desinformatie en vooral tegenstrijdige informatie kun je met een zweem van Weltschmerzen je kop helemaal gek mindfucken. En zoals ik geleerd heb na twee jaar Corona, de mensheid is in staat om een heleboel onzin te creëren en erger nog, erin te geloven en er naar te handelen. Waarom zou dat nu anders zijn?

Ik weet slechts dat ik met ‘gek’ worden er geen invloed op kan uitoefenen. Ik heb maar een heel klein percentage informatie van wat de hoofdrolspelers weten. Hoe kan ik oordelen, behalve dat er een gevaarlijke situatie is ontstaan en dat er nu al miljoenen mensen daadwerkelijk lijden. En hoeveel er nog bijkomen? En toch ga ik op pad. De wereld, onze wereld draait gewoon door. Er is een strak blauwe lucht, fris maar zonnig, al deze dagen. Af en toe krijgen we flarden nieuws mee ’s Avonds even de high lights doornemen en deze even kort bespreken. Het voelt dubbel, je neemt het nieuws ongewild toch mee in je gemoedstoestand, maar grote delen van de dag ben je gewoon een lang weekend weg. Lunchen in Thorn, het witte stadje. Onderweg door België, waar we nog wel even een paar fikse hagelbuien meekrijgen. Aangekomen in de stad van onze bestemming, Charleville-Mézières, betrekken we een appartement dat ons bevalt. De eerste zon op een terras pakken, een museum bezoeken en op zondag een prachtige wandeling langs de Semoy. Op de terugweg koffiedrinken in Bastogne en wederom een eenvoudige lunch in Steyl, Limburg. Het kan allemaal, het mag allemaal en de wereld draait door en ik kan terug zien op een geslaagd weekend. Tja.

Thorn, het witte stadje, ligt er rustig bij op vrijdagmorgen. Van Carnaval, dat ook gewoon doorging, is nog weinig te merken.

Zaterdagmiddag, terwijl we genieten van de cappuccino op het zonovergoten prachtige plein van de stad, vormt zich een kleine groep mensen. Blauw en geel is zichtbaar en de kleine groep groeit langzaam uit tot zo’n 150 mensen. Wij gaan er bij staan, krijgen een pamflet van de Franse onafhankelijke democratische arbeiderspartij, en blijven erbij staan. Op de achtergrond draait de permanente draaimolen door.

In het Ardennenmuseum, leren we over de geschiedenis van de streek, kunstwerken van lokale kunstenaars uit het verleden, maar ook een afdeling gewijd aan de kunst van het marionettenspel. Wie trekt er aan de touwtjes? Zou de wereld er anders uitzien als dat inderdaad een vrouw zou zijn die de ‘mannetjes’ zou kunnen leiden via wat ‘onzichtbare’ lijntjes.
(kunstwerk van Édouard Louis Henry Lerolle, 1900)
De zon scheen uitbundig in de Franse Ardennen bij de zondagmiddagwandeling in Tournavaux. Waar schijnt de zon nog meer in Europa?
Bastogne, een tank ter nagedachtenis aan de verschrikkingen in de Ardennen, waar één van de meest bloedige veldslagen in West-Europa tijdens de tweede wereldoorlog heeft plaatsgevonden. Het was toeval dat we Bastogne hadden uitgekozen. Of toch niet?
Met een bord patat en twee kroketten eindigden we in Steyl……Een prachtig kloosterdorp aan de Maas. Ik moest denken aan het door mij hoogstgewaardeerde liedje van Ellen Ten Damme, Alles draait!!!

We beginnen waar we zijn geëindigd….

Omdat we geen kilo extra zijn aangekomen, mogen we de start van de vakantie geheel in traditie beginnen. Na natuurlijk een ritje op de Autobahn en een bezwete wandeling om de stad een beetje te ontdekken. Schnitzel, pommes en een groot glas koud bier…….De vakantie is begonnen. Zum Wohl!

20200811_190825

 

De eerste indruk van Kassel? Tja, de eerste indruk is niet van Kassel zien en dan sterven, maar goed het kan verkeren. Morgen gaan we naar Wilhelmshöhe, schijnt mooi te zijn en het is een jeugdherinnering van mijn egaa, dus die gaan we samen herbeleven. In de verte zagen we het al, dat wordt niet lopen hebben we al besloten.

20200811_201052

Onder het lopen een oud gebouw gezien, was indrukwekkend.

20200811_184301

Volkskunst natuurlijk op de meest onwaarschijnlijke plekken.

20200811_181524

Wat u verder moet weten over Kassel. Ze hebben sinds 1971 een universiteit, de Kassel Huskies spelen een aardig potje ijshockey en de plaatselijke FC (KSV Hessen Kassel) bakt er al jaren niets van en speelt geen rol van betekenis. Verder link ik maar even, heel lui, Wiki voor de ware geïnteresseerden.

O ja, natuurlijk ga ik me morgen figuurlijk onderdompelen in de geschiedenis van de gebroeders Grimm die hun sporen hebben achtergelaten in Kassel. Mogelijk dat we als een ware Hänsel und Gretchen de geest te pakken krijgen en de gebroeders Grimm laten verbleken. In 2088 misschien een standbeeld van ons.

20200811_200010

Tot morgen en namasteetjes!!!!!

Ik hoor er bij

20170815_224250Als toetje, of zo u wilt de kers op de taart drie dagen Lissabon. Na Santarém, Castelo de Vide, Évora, Moura, Mertola en Santiago de Cacém eindelijk weer in de bewoonde wereld. Dat is trouwens niet helemaal waar, want in welke stad of plaats je ook komt, altijd verbaas ik me weer dat er leven is. En dat leven is voor een belangrijk deel herkenbaar en Europees. Maar nu dan Lissabon. Om de taxi uit te sparen zijn we gewoon met het openbaar vervoer naar één van de oude populaire volkswijken getrokken. Alfama kenden we al en het hotel ook. We wisten dat het van het eindpunt van de metro lijntje blauw (linha azul) even flink doorbijten is. De vorige keer was het negen uur ’s avonds en flink afgekoeld. Nu op het heetst van de dag met zo’n 30 graden. Toen met een handkoffertje, nu met een volwassen rolreiskoffer. Per persoon wel te verstaan. De luchtmaatschappij Vueling doet niet kinderachtig, dus de maximale 23 kilo’s zijn gevonden. Wij moeten ook niet kinderachtig doen met stijgingspercentages lopen richting de 25% of trappen beklimmen met ons halve kledingkast. Schaamteloos kwam ik kletsnat aan in het hotel, maar na een douche kan de pret beginnen.

20170816_103158

 

Het viel me al op dat de drukte anders was dan in april of november. Maar de eerste wandeling door de wijk leerde me dat Lissabon een beetje op Amsterdam begint te lijken. Bijna geen Portugees meer te zien, of ze rijden in de honderdduizend tuk-tuks voor de luie toeristen. Wat een hoop Italianen, Spanjaarden, Duitsers, Engelsen, Fransen en natuurlijk Nederlanders. Je haalt die er trouwens zo uit zonder dat ze hun muil opentrekken. Op een van de plekken in de buurt van het Castelo de S. Jorge was het zo druk. Gillend gek werd je van dat toeristenvolk, zeker na zeer rustige oorden de dagen ervoor. Het kan geen toeval zijn dat ik op de muren bij een van de haltes van de toeristentreintjes de volgende tekst zag staan.

20170815_120329

Niets is minder waar kon ik hardgrondig beamen. Maar, zorgt massatoerisme nu voor vervuiling, zowel voor de omgeving als ook voor de cultureel-maatschappelijke normen en waarden. Of zorgt het massatoerisme voor de vervuiling van de mensen? Of toch door de mens? En betreft het dan de toeristen zelf die zichzelf te kakken zetten of moet ik nu medelijden hebben met de Lissabonners (hoe zeg je dat trouwens?)  Voor al die tuk-tukrijders, kelners, restauranthouders, straatartiesten, koffiehuisuitbaters en vooral ook die oude besjes en mennekes die er tussen door schuifelen.

20170815_184933

 

Ik weet het niet, het viel ons een beetje rauw op het dak. Zo rauw dat we gedachteloos bij het biermuseum snel een biertje namen om de bittere smaak een beetje weg te spoelen. In Portugal naar het biermuseum met 500 man op een veel te duur terras zitten met ons biertje dat een kilometer verder op 25% van de prijs is. Ongewild ben je zo onderdeel van die onnadenkende massa die verantwoordelijk is voor de menselijke vervuiling. In welke zin dan ook. Toch blijft Lissabon een mooie stad en rustige plekken zijn echt wel te vinden. Toch, eerlijk is eerlijk. Nooit meer in de zomer naar Lissabon als uitknijpcitroen voor de lokale economie en gelijk hebben ze. In voor- of najaar, van mijn part in de winter heb ik het gevoel dat je iets meer een welkome gast bent em casa Portugues. Of dat zo is weet ik niet, maar die illusie wil ik graag behouden.

Babbelen en bubbelen

 

20170802_085144.jpg

Ieder zichzelf respecterend intellectueel, semi-intellectueel of hypegevoelige ziel doet het tegenwoordig. Babbelen over bubbelen. We zijn allemaal geland in een bubbel. We zijn ons niet meer bewust van andere meningen, andere levenswijze en andere nieuwsgaring. En als we er iets van vernemen is het gelogen, fakenieuws of anderszins regelrechte onzin, of zelfs staatsgevaarlijk. Ieder zijn eigen bubbel met OSM (ons soort mensen) en we worden lekker bevestigd in het vanzelfsprekende gelijk van onze waarneming. Bubbelen is eigenlijk het nieuwe multiculti. Maar leeft iedereen wel in zijn eigen bubbel. Ik leef in veel meer bubbels.

20170802_090144

In mijn steeds crimineler wordende nicotine-bubbel, een van de rookhokken op Schiphol. Wel mooi gemaakt trouwens.

 

Ik neem u mee in een paar van die bubbels, andere laat ik onbesproken, is beter voor mezelf en u als lezer. Buiten mijn dagelijkse bubbel, begeef ik me nu in de vakantiebubbel. Natuurlijk doe ik dat niet alleen maar met mijn lief. Maar ook daarin creëer ik zo mijn eigen privé bubbels zoals in de oase op Schiphol met andere mafkezen die roken. In de lucht zijn we weer met een nieuwe groep een eigen bubbel en eenmaal in Portugal probeer ik me in te voegen in de lokale bubbel der Portugezen. Een stapje langzamer. Het lukt me aardig, hoewel ik niet weet of de Portugezen met accepteren als bubbelgenoot. Ze verstaan overigens heel goed wanneer ik een asbak wens. ‘Tem um cinzeiro, por favor?’ En altijd krijg ik een asbak met een glimlach toegestoken.

Heel soms leef ik in een heel tijdelijk privébubbeltje bij het zien van humor op straat. Ik vind het dan humor en misschien ik alleen wel met mijn verdorven geest.

20170803_133221

Saìda is trouwens uitgang, het is maar dat u het weet.

 

Ik neem u verder maar even mee in onze vakantiebubbel met een paar foto’s.

20170802_185913

20170803_134002

Hierboven een indruk van Santarém, hieronder bubbelen we in Castelo de Vide.

20170804_195222

pensao destino

De laatste foto is hedenmiddag gemaakt. Het was zo’n 38 graden Celsius met een wind die amper afkoelde. Op ons huidige adres kunnen we even uitbubbelen. Pensao Destino, pensao met een vlaggetje trouwens, maar die kan ik in dit programma niet zo snel vinden. Pension (eind)bestemming is een geweldig pension aan een verlaten spoorlijn even buiten het plaatsje Castelo de Vide. Volledig stil met uitzondering van wat honden in de verte en een leger aan krekels. Na dit stukje ga ik eens nadenken over het woord multibubbel. Volgens mij is dat beste levensvatbaar. Vanuit mijn bubbel groot ik alle andere bubbels.

 

 

Begrip, van de dag (198) Ik wil met vakantie

 

 

 

IK WIL MET VAKANTIE

 

Natuurlijk wil ik op vakantie, wie niet? En zoals altijd wegen de laatste loodjes het zwaarst op het werk en ook de boel thuis moet een beetje netjes achter blijven. Hoewel, na 21 jaar zonder kinderen die deels thuis blijven, geeft een bepaalde spanning of een huis dat netjes achtergelaten is, ook netjes aangetroffen wordt bij thuis komst. We zullen zien, daar maak ik me nu nog niet druk om.

Er is echter een klein probleempje, dat het komende uur opgelost kan worden. Ik wil niet in Portugal zijn, want daar gaat de reis heen, als de Portugezen de finale moeten spelen aankomende zondag.

Twee jaar geleden was ik in Berlijn toen de Duitsers wereldkampioen werden in Brazilië. Dat vond ik niet zo heel erg, want ze waren over de hele linie genomen gewoon de beste met goed voetbal. Maar wat moet ik met de Portugezen? Ik vind Portugal misschien wel het leukste land van Europa, maar dat voetbal van die gasten. Afgrijslijk veel viespeukerij in het spel van dit team, maar ook van hun voorgangers. Ronaldo ten spijt, maar mannen als Sanchez en Fonte mogen toch helemaal niet meer op mijn beeldscherm te zien zijn na een pogingen tot zware mishandeling.

Kan ik mijn antipathie tegen het Portugese team voor me houden? Ik hoop het wel, maar meejuichen dat gaat echt niet. Dus ik op dat Wales ze afdroogt vanavond. Trouwens, mocht Portugal kampioen worden met mijn aanwezigheid in de land, dan voorzie ik een trend die ik misschien in geld kan uitdrukken. Laat mij op vakantie gaan in een deelnemend land en de kans op een kampioenschap voor dat land is zeker. Ik wil in 2018 best wel naar Chili of de Verenigde Staten op kosten van een bijgelovige voetbalbond. Kampioenschap is dan verzekerd leert de recente ervaring. Zo zie je maar weer, om in voetbaltermen te blijven. Ieder nadeel heb zijn voordeel.

Wandelen rond de hoogmis. Neder. Herv. Kerk te Achlum

Even buiten Achlum (Fr) was ons vakantieverblijf, ’t Nije Bûthús, een woning op het Friese platteland. Bijna iedere avond probeerde ik de ideale foto te maken van de ondergaande zon, met het kleine dorpje en de kerk als middelpunt in de skyline. De eerste avond was de rode ondergaande zon overweldigend, een vuurrode bal, direct naast het dorp. Enkele minuten later was de bal verdwenen en een felrode gloed verscheen als een soort ‘Heilige Geest’ boven Achlum. Helaas had ik geen fototoestel bij me. De poging de zon te vangen was voor mij de reden om op 22 augustus 2010 de Nederlands Hervormde kerk te bezoeken in mijn reeks ‘Wandelen rond de hoogmis’.

 

 

 Aanvankelijk wilde ik een katholieke kerk bezoeken, want voor mij geldt een beetje ‘onbekend maakt onbemind’. Naast een aantal oecumenische diensten heb ik slecht één keer een protestantse dienst meegemaakt. Een beetje drempelvrees was er wel. Ik wilde me beter voorbereiden, dus aanvankelijk koos ik voor de katholieke kerk aan de haven in Harlingen. Maar ja, de zon bleef maar ondergaan in Achlum. Dus het diepe maar in en ik toog naar de Nederlands Hervormde Kerk van Achlum.

 

 

 Tijdens de vakantie bezocht ik de elf steden in Friesland. De provincie, maar ook rondom Achlum, viel me de gemoedelijkheid al op. In Achlum groette bijna iedere automobilist of fietser. Achlum is een zeer kleine gemeenschap, die heel hard moet werken om het dorp leefbaar te houden. Een eigen website moet een bijdrage bieden. In het achterhoofd heb ik het boek van Geert Mak over Jorwerd en hoe God er verdween. God is in Achlum nog niet verdwenen, de Hervormde kerk staat midden in de gemeenschap, al is er geen supermarkt of snackbar meer. Dat is allemaal geschiedenis. Trouwens de historie van Achlum is prachtig gedocumenteerd door Klaas van der Pol, eveneens op internet te vinden. Een absolute aanrader voor geschiedenisfreaks.

 

Zondagmorgen dus, en ik mag mezelf een schouderklopje geven voor de plichtsbetrachting. Ik geef u te doen om half negen op te staan in de wetenschap dat vijf uur ervoor het laatste borreltje nog verorberd werd. Eigenlijk best calvinistisch dat plichtsbesef, niet die biertjes natuurlijk, dat was eerder Bourgondisch.

Alleen de buurvrouw was bezig in de tuin, verder was het stil, alsof de ochtend voor de mensheid nog niet begonnen was. Een wandeling van een klein kwartiertje was nodig om de kerk te bereiken en halverwege klonken de kerkklokken. Ik zou zeker op tijd komen. 

 

De historie van de kerk in Achlum gaat ver terug.

 Via de zijdeur kwam ik in een gangetje en aan het einde links de kerk in om zo spoedig mogelijk in de laatste kerkbank kruipen om een totaaloverzicht te hebben. Een compleet andere kerkindeling bracht me ernstig van mijn stuk. Over de hele lengte stond een soort van tribuneopstelling met zicht op de preekstoel. Licht verbouwereerd liep ik de hele kerk door en wilde zo snel mogelijk de achterste kerkbank induiken, maar de klapdeuropening was aan de andere kant. Een vriendelijke Friese kerkganger onderbrak zijn gesprek en wees me de weg. Nog even werd ik opgehouden door een knipje om het deurtje te kunnen openen, maar dan kon ik toch plaatsnemen op de tribune, mijn luister- en observatiestek voor de komende tijd. Ik was namelijk op de hoogte van de spreekwoordelijke lengte van de preken, dus de gebruikelijke drie kwartier in de katholieke kerk kon ik op mijn buik schrijven. 

 

Foto uit het archief van website van en over Achlum zelf. Mijn eigen foto’s waren mislukt, te veel beweging. Maar deze is ook bijzonder mooi en veel is er nog niet veranderd volgens mij. 

De dominee kwam met vijf casual geklede mensen binnen. Twee van hen, een man èn een vrouw, bleken later met de collectezakjes rond te gaan. Een lange blozende en gebruinde man heette de gemeente welkom. Hij is met zekerheid een ouderling, maar kwam toch ontspannen over. De gezangen en Psalmen waren via een schoolbord bekend en ik was alert genoeg het gezangenboek mee te nemen in de consternatie bij binnenkomst. Toen de organist inzette bij het eerste gezang dacht ik:

‘De volumeknop mag wel een beetje zachter.’

Maar tot mijn verbazing wist de gemeente er wel weg mee en de pakweg vijftig aanwezigen galmden lustig mee, alsof ze een wedstrijdje deden met de organist. En gezien de leeftijd van de meesten, weliswaar iets jonger dan ik gewend ben in de katholieke kerk, een hele prestatie. De meeste liederen waren ouder dan 200 jaar, dus hier geen gedoe dat de liedjes te nieuwbakken zijn. Het zal beslist interessant zijn om de kerkelijke historie van de gezangen aan een inspectie te onderwerpen. Ik besluit me echter te richten op de preek, die als ik goed heb opgelet door dominee Kroon uit Beetgemermolen ‘Verkondiging’ werd genoemd.

Na de dienst hoorde ik dat hij niet de vaste voorganger is, maar deze week mevrouw Reitsema-Ferwerda vervangt.

 

Dominee Kroon kondigde tijdens de opening aan dat hij Genesis 3 wilde bespreken. Een hele uitdaging. want heel lang heeft hij niet over Adam en Eva durven preken.

‘Het roept zoveel vragen op.’

Dat klopt, want met een beetje logistieke en biologische kennis is de geschiedenis van Adam en Eva gemakkelijk te ontkrachten. Ik ben benieuwd. De voorganger memoreerde nog de heerlijkheid van de stilte in de kerk, in tegenstelling tot de drukte van alledag. Ik kan het beamen, al vind ik Friesland behoorlijk stil.

In de preek kwam hij terug op de stilte, het Huis van Stilte, in dit geval de kerk van Achlum. De heer Kroon veralgemeniseerde de wens tot stilte tot de maatschappelijke context.

 

‘Wanneer ben je maar met één ding bezig in een tijd van multitasken? Wie gaat er tegenwoordig in de tuin zitten en doet niets, geen radio, geen boek en geen telefoon?

Niemand, we luisteren niet meer naar één stem, er zijn altijd meerdere stemmen aanwezig.

 Ik kan niet meer met hem eens zijn, we zijn druk, druk, druk. We stapelen de prikkels op en als we niet uitkijken, worden we horendol. In eerdere stukken op mijn blog heb ik al eens afgevraagd of autisme nu toeneemt of dat de maatschappij autistisch wordt. Een eensluidend antwoord op die vraag heb ik niet, maar ik weet wel dat de maatschappij rusteloos is met negatieve gevolgen voor veel mensen. Een contemplatief moment in de kerk kan ik dus erg waarderen.

 

Op momenten dat ik niet naar de dominee keek of geen aantekeningen maakte was dit het beeld dat ik had. Een model van de kerk op een oude piano.

 

‘Zelfs in de kerk zijn we vaak met meerdere dingen bezig, al is het maar om het pepermuntje te zoeken.’

 

Ik had geen pepermunt, maar ben wel bezig met mijn nek. Ik vond de preekstoelopstelling niet prettig. Ik kijk graag naar de plek waar het geluid vandaan komt en moest constant schuin naar boven kijken, een belasting voor mijn nekspieren. De volgende keer ga ik hoger zitten. Ik vind het trouwens sowieso vervelend, een dominee boven de gemeente, maar dat is vast een kwestie van wennen. Desondanks lukte het me goed te luisteren en vooral veel aantekeningen te maken, ik durf alleen niet te beweren of dit de gewenste ‘stilte’ is.

 

 

 ‘Adam en Eva in de Tuin van Eden kenden al meerdere stemmen, naast de stem van God was er de stem van de slang. Toen waren er al twee stemmen door elkaar. En ik vertel dit verhaal niet om nog eens aan te tonen dat de hedendaagse last allemaal veroorzaakt wordt door de slang die Eva zou hebben verleid. Het verhaal van de slang is niet dat de mens hopeloos verloren is, machteloos in zijn doen en laten en troosteloos in het lijden. Dat is niet de boodschap.’

 

Goed zo. Ik ben allang over het stadium dat alles uit de Bijbel letterlijk genomen moet worden. Er moet gezocht worden naar symboliek en levenswijsheden.

 

‘Veel mensen, net als Eva, horen meerdere stemmen en kunnen zich niet meer concentreren op die ene Stem. En dat is niet dankzij het lot, de natuur, de Goden of God zelf. Je hebt je lot in eigen handen om die Stem te horen. We worden te veel afgeleid door andere stemmen in het leven.’

 

Nu begrijp ik dat de core business van dominee Kroon is mensen te overtuigen van die ene Stem en ik vind dat hij dat beeldend doet met een consistent verhaal. Ik haal eruit, op basis van mijn eigen levenservaring dat luisteren naar die ene Stem heel belangrijk is. Of die stem nu God is of eerlijkheid en zuiverheid naar jezelf en je medemensen, de kern van het leven, doet niets af aan de preek. Een mens is snel afgeleid van hetgeen wezenlijk is in zijn of haar leven. Ik denk namelijk, al zou er één Stem zijn, dat de mensen die ene Stem ieder op hun eigen manier interpreteren zonder dat de ene uitleg beter of slechter is. Iedereen moet op zoek naar zijn eigen Stem. De dominee en ik zijn het hier niet helemaal met elkaar eens, maar ik kan dominee Kroon nog steeds goed volgen. Zeker als hij zegt:

 

‘Hebben Adam en Eva bestaan? Ze bestaan nog steeds, hier en nu. Heeft de slang daadwerkelijk gesproken? In 1926 heeft dit tot een van de vele scheuringen in het protestantisme geleid naar aanleiding van de bevindingen van dominee Buskus. Maar dit terzijde, ook de slang spreekt nog steeds in vele gedaanten. Maar ook God bestaat nog steeds en spreekt nog immer.’

 

Wijze woorden en een constructieve preek, maar als de dominee met een voorbeeld komt over de vele stemmen in ons leven, frons ik mijn wenkbrauwen.

 

‘Wat doe je als een collega die niet in God gelooft, vriendschap met je wil sluiten. Je vrouw is tegen, maar je accepteert de vriendschap. Je luistert naar een andere stem dan die ene Stem.’

 

Wat zegt dominee Kroon nu dan, begrijp ik het niet helemaal? Natuurlijk kan ik niet buigen op goed onderbouwde Bijbelkennis, maar mijn kennis van de Nederlandse taal is ruim voldoende. Moet de man naar zijn vrouw luisteren? Hoewel ik dit grappig vind, is dit niet conform gangbare Bijbelse opvattingen. Of mag je geen vriendschap sluiten met een niet gelovige omdat zoiets zou afleiden van die ene Stem? Als hij dat bedoelt, dan ben ik het er niet mee eens, sterker nog, ik denk dat mijn Stem de vriendschap zou aanmoedigen. Vriendschap sluiten kan nooit aanleiding zijn voor het doof worden voor de Stem.

 

 

Ik weet niet hoe hij het heeft bedoeld, ik kan het niet meer navragen. Nadat de laatste combinatie van zang en orgel wegstierven, stelde de dominee zich bij de kerkdeur op en gaf iedereen een hand. Terwijl ik de foto’s maakte, merendeels mislukt helaas, ben ik te laat om nog uitleg te vragen. Eenmaal buiten werd ik aangesproken of ik van de pers ben. Na mijn ontkenning, meld ik wel dat ik een blogje maak over de dienst en deze zeker richting Achlum, de gemeente en naar dominee Kroon zal sturen.

 

Mijn eerste niet katholieke wandeling rond de Hoogmis zit er op, na één uur en tien minuten sta ik weer buiten. Ik moet zeggen dat van de dienst werk is gemaakt. Het begin, de preek en de afsluiting hadden een duidelijk verband, hiervoor hulde. Er zat voldoende stof in om over na te denken en het is nu eenmaal zo als je veel s()preekt, is er voor de buitenstaander ook veel om het niet eens te zijn, of niet te begrijpen.

 

Terug naar ons tijdelijke huis, is het nog steeds stil en de zon schijnt niet. Gelukkig heb ik enkele foto’s kunnen maken van de zonsondergang boven Achlum al verbleken die bij die ene foto in mijn hoofd. Helaas kan ik dat niet delen, maar de wandeling wel.

Andere wandelingen:

Hoe het begon; H. Remigius, Duiven; Andreasparochie, Groessen; Pauluskerk, Raalte; Abdij Sion, Diepenveen; Werenfriduskerk, Westervoort ; St. Antonius Abt Parochie, Loo; St. Stevenskerk, NijmegenMartinuskerk, Twello ; St. Mary -Star of the Sea Church, Hasting (GB); Ned. Herv. Kerk, Achlum; Kölnerdomkirche, Keulen; Stephanuskerk, Borne ; Vrij Katholieke Kerk ChristusPantocrator, Raalte, Stephanuskerk, Heel