Begrip, van de dag (199) Zo zijn vrouwen

20160707_221607

 

 

ZO ZIJN VROUWEN

 

Ja hoor, dan is er een keer een fijne voetbalwedstrijd en dan is er weer een vrouw in de buurt die alle aandacht opeist. Zo zijn vrouwen nu eenmaal. Stereotypisch denken? Nee, hoor want het bewijs is vanavond weer geleverd. Een goed voetballend Duitsland en een iets minder goed Frankrijk in de eerste helft, een aangenaam spektakel. En zoals het altijd gaat, dan winnen de Fransen. Nu ja, het spreekwoord gaat iets anders, maar dat was pas op het einde van de tweede helft. Ik was nog intensief aan het kijken en keuvelde met mijn zoon over allerlei voetbalwetenswaardigheden. Het opzichtig drentelen begon al vroeg. Dat was al een aanwijzing.

Eerst bij mijn zoon liggen en aandacht vragen, maar al snel was ik aan de beurt. Precies in het gezichtsveld keek ze me indringend aan op een wijze van “Nu gaan we het er maar eens over hebben, ik wil een goed gesprek!’ Op het moment dat ik terugkeek of beter nog, langs haar een probeerde te kijken, keek ze weg. Maar iedere keer als ik weer een nieuwe positie had gevonden, manifesteerde ze zich weer als een verwijtende dame die haar natuurlijke aandacht opeist. Natuurlijk vanuit het vrouwelijke gezichtspunt, want er is niets natuurlijks aan het storen van een voetbalkijkende man. Een goed gesprek is trouwens sowieso niet aan een man besteed, mannen voelen het wel aan. Een blik, een enkel woord of een gebaar zegt meer dan een oeverloos gesprek zoals vrouwen dat wensen. Issues worden dan meestal gemaakt, niet opgelost.

Om niet meteen in oorlog te geraken, dwong ik haar tot een liggende, misschien ietwat onderdanige positie en beroerde haar warme oren, betaste haar mond, kriebelde haar borstkast en voor het ruigere werk klopte ik haar op de flanken. Maar dat houd je als man nooit lang vol, zeker niet als er een mooie wedstrijd gaande is. Zodra ik stopte, likte ze dwingend mijn hand, dicteerde met haar poot waar ik wezen moest en als dat niet hielp ging ze weer rechtop zitten. Tja, en dan kon ik weer opnieuw beginnen. Om de wedstrijd te volgen moest ik weer opnieuw paaien en aaien, want ik was me ten volle bewust dat je in deze gemoedstoestand van de vrouw in kwestie nooit kan winnen.

 

 

Mijn Filmblik: Bon Dieu

 

Kerst 2014 is officieel afgesloten, net zoals die begonnen is, met een Franse Film. Twee dagen terug met veel plezier na Samba gekeken in het filmhuis, vandaag de geneugten van een film uit je televisie trekken. Bon Dieu werd onze keuze. We hadden de voorfilmpjes al gezien, of eigenlijk heet de film Qu’est-ce on fait au Bon Dieu. Laat ik het maar vrij vertalen in wat gebeurt er in hemelsnaam! (de google vertaalmachine vertaalt wel heel letterlijk, daarmee zou je een zwaar kerkelijke discussie verwachten: Wat gebeurt er in de Goede God!) Bon Dieu was beslist geen zware film, integendeel.

 

Met Franse lichtvoetigheid wordt een heel arsenaal aan stereotyperingen over rassen en klassen in het scenario gegooid. Een plattelandsgezin van goede komaf heeft vier huwbare dochters. In plaats van te matchen met de andere notabelen, vinden de dochters een Noord-Afrikaan, een Jood en een Chinees als huwelijkspartner. De ouders hebben de hoop gelegd bij hun vierde dochter. Een goed katholieke schoonzoon is welkom en die gaat er ook komen belooft de dochter. Een dingetje heeft ze verzwegen, de roots van de goed katholieke schoonzoon liggen in Ivoorkust.
Als dan blijkt dat de bruiloft in gezamenlijkheid met de Afrikaanse familie georganiseerd moet worden, bij de vooroordelen en verwachtingspatronen ook gebaseerd zijn op stereotyperingen, zijn alle ingrediënten aanwezig voor een aangename komedie.

Een film die ik iedereen kan aanraden als de focus gericht moet zijn op de lichtheid van het bestaan, bijvoorbeeld na het zware tafelen tijdens twee  kerstdagen. Over de cast kan ik weinig vertellen, de grootheid van de acteurs ken ik niet. De huwbare dochters zijn met name gekozen om hun maatje richting anorexia, wat zijn ze allen ontzettend mager. Het is blijkbaar een dingetje in het Franse filmcircuit. De heren die de schoonzonen vertolken zijn ongeacht hun afkomst allemaal ideale schoonzonen. Humor is mijns inziens een sterk middel om vooroordelen en onderliggend racisme aan de oppervlak te brengen.

Mijn waardering voor de film is een 7 +.

Andere filmblikken

Urlaub wie der Kölner Dom

Een niet winnend verhaaltje over vakanties in Duitsland. Niet winnend, maar wel weer een verhaaltje dus…..

Hans en Elze, vrienden van mijn vader, waren lieve mensen. Hij kende ze sinds 1956 toen hij in Köln werkte. Door hen vierden we ieder jaar vakantie in Duitsland. Sauerland, Moezel of Schwarzwald, altijd kwamen we ‘noodgedwongen’ langs Keulen. Even “Kaffee mit Kuchen” of genieten van een uitgebreide maaltijd bij Önkel Hans en tante Elze, of  aardappelkoeken bij de Dom, vaste prik in de jaren zeventig. Voor mij was ‘de Duitser’ synoniem voor aimabele mensen die van goed eten en drinken hielden.

De wereldkampioenschappen van 1974 gaf een rimpeling in dat beeld, maar ondanks allerlei Nederlandse  karikaturale geluiden over fietsen die werden opgeëist, had ik als kind een louter positief beeld van onze oosterburen. Duitsland was exotisch, Duitsland was Pommes mit Wienerschnitzel en vooral veel bergen. Natuurlijk droeg mijn vader bij aan het positieve beeld. Hij wilde zijn Duitse taalkennis testen. Volgens mij kregen we altijd een ijsje als zijn Duits werd geprezen met de vraag of hij uit de buurt van Bremen kwam.

Hoe anders was het in 1982 te Grafenhausen. Een ervaring die mijn positieve beeld deed wankelen. Jaren tachtig, crisis, een gezin moest op de kleintjes letten en een hotel was duur. Naast Duits, was mijn vader ook goed in rekenen. Hij had bedacht dat de kinderen misschien wel zin hadden in ‘zelten’. Dat scheelde een hotelkamer. Omdat wij hem niet tegenspraken, volhardde hij. De hoteleigenaresse wist via de burgemeester dat bij het meer verderop, kamperen mogelijk was.
We togen er naar toe, niet dat mijn broer en ik zin hadden, een groot Duits bed sliep gerieflijker. Een plekje was snel gevonden. Er waren hoegenaamd geen mensen, laat staan tenten. Hoewel dit vreemd was, hadden we geen argwaan. De hotelhoudster had het immers aangegeven.

Mijn vader regelde de hotelformaliteiten, terwijl wij de tent opzetten. In de verte hoorden we blaffende honden. Een man met jagershoedje, strenge bril en dito gezicht, kwam in stevige pas aanlopen. Een Herder en een Dobberman stonden hun baasje bij in het ‘vies kijken’. Op onaangename wijze snauwde hij dat we niet mochten kamperen. In mijn beste Duits verwees ik naar de toezeggingen vanuit het dorp. Zijn ogen spuwde vuur, mijn moeder kreeg nog iets toegebeten en hij verdween. We haalden de schouders op en met ons morele gelijk gingen we verder. Vijf minuten later, de tent stond inmiddels, stoof een politie-auto in onze richting. Twee grote blonde agenten stapten uit en op vijftig meter afstand lieten ze op brute wijze weten dat we moesten oprotten. Nog sneller dan ze kwamen, verdwenen ze. Hun woorden ‘verschwinde’ en ‘schnell’ echode nog tussen de dennenbomen.

Verbouwereerd braken we af. Vader kwam kijken hoe het ‘zelten’ vorderde, maar begreep al snel dat de vakantie duurder zou uitvallen. Mijn broertje en ik waren, ondanks de  bevestiging van alle karikaturen over Duitsers, erg blij. Een groot Duits bed lonkte.

Vele bezoeken en vakanties verder is de onaangename smaak gewist. Een vakantie in Duitsland staat nog steeds als de “Kölner Dom”.

Een goed fout lijstje

Dit stuk schreef ik in februari 2009 op het volkskrantblog, is er veel veranderd?

Jarenlang heeft Nederland zichzelf geprofileerd als een gidsland voor de rest van de wereld. Als klein, maar belangrijk land moesten we een voortrekkersrol gaan vervullen. We waren immers groot genoeg om iets in de pap te brokkelen, maar niet groot genoeg om een bedreiging te vormen voor de grootmachten in Europa en/of de rest van de wereld. Nu dat kwam mooi uit, want het schizofrene karakter van enerzijds de dominee, anderzijds de koopman, zat ons toch al in het bloed.

Nu is Nederland, of we nu willen of niet steeds meer aan het opgaan in Europa. Ook de rest van de wereld, in positieve en negatieve zin, is akelig dichtbij aan het komen door de voortschrijdende globalisering. Het is het oude Europa geweest waardoor twee wereldoorlogen zijn ontstaan. En naast de bekende oorzaken (verdrag van Versailles, dood van troonopvolger van de Keizer in Sarajevo etc., etc, etc…) en de schuldvraag die wordt gelegd bij Nazi-Duitsland, waren natuurlijk ook tal van instabiele factoren in andere Europese landen aan te wijzen.

Dat doet bij mij de vraag opkomen, hoe zit dat nu in Europa? Hoe zit het met de losse onderdelen van de Europese Unie, de aparte lidstaten? Hoe stabiel zijn ze economisch en politiek? Die vraag is des te interessanter omdat we als Europa wel menen van alles te mogen zeggen over de rest van de wereld als het gaat om democratische normen en mensenrechten. Maar als we onszelf als Europeanen eens goed in de spiegel bekijken, wat zien we dan?

Voor mezelf heb ik eens een rijtje gemaakt van alle Europese lidstaten en een aantal landen die daar (nog) niet bijhoren. Op basis van wetenschappelijke inzichten of gedegen kennis? Wel nee, op basis van stereotypen, krantenkoppen en de waan van de dag.

Zo zie ik dus de verschillende Europese lidstaten op dit moment: (in alfabetische volgorde)

België: Ogenschijnlijk stabiel met belangrijke Europese instituties binnen de landsgrenzen, maar al jaren heel erg diep verdeeld. Vlamingen en de Walen vreten in hun strijd de schatkist leeg en de politieke instabiliteit is enorm met de afwezigheid van een serieuze regering. Voor de buitenstander is het onbegrijpelijk dat het nog zo’n welvaart heeft. Bovendien klagen ze op grond van hun eigen wetgeving alles en iedereen in de wereld aan die niet deugd.

Bulgarije: Corrupt en bureaucratisch of beter gezegd bureaucratisch en corrupt. Van enige economische ratio bij de overige lidstaten van Europa is geen sprake geweest bij hun toelating. Slechts lid geworden van de EU om Rusland te pesten en/of de Bulgaarse afkeer tegen moslims te misbruiken. Bovendien hebben ze geen humor want ze worden heel boos als een kunstenaar Bulgarije afbeeld als een Turks toilet.

Cyprus: Instabiel tot op het bot. Turken en Grieken die daar al decennialang een toneelstuk opvoeren en daarmee hun onderlinge rivaliteit aan de wereld tonen. Vast een mooi vakantie-eiland, maar voor een stabiele factor in Europa niets waard.

Denemarken: Een klein land met nuchtere mensen. Zelden komt het land in het wereldnieuws, maar als ze dit halen dan doen ze het ook goed. Geheel ten onrechte vinden allerlei geloofsfanaten het nodig om in Islamitische landen onnozelaars te laten figureren voor hun eigen haat. Denemarken deugt volgens hen niet. Ik vind Denemarken een oase van rust en een van de weinige stabiele factoren in Europa.

Duitsland: Een belast verleden, maar momenteel wel een premier (Angela Merkel) die goed ligt in Europa, maar minder in haar eigen land. Duitsland is economisch en politiek het belangrijkste land van Europa al zullen de Fransen dit beslist niet zo zien. Ook geografisch strategisch is het natuurlijk een land dat centraal ligt en waarbij de veelal kleinere buurlanden nauwlettend kijken wat hun grote buur aan het doen is.

Estland: Klein en onbeduidend in het grote geheel en voor mij als buitenstander vermoed ik dat de invloedsfeer van de Russen nog lang niet weg is. Vele Russen wonen er nog en dat loopt volgens mij niet lekker.

Finland: Al jarenlang voor mij het meest autonome land van Europa. Je hoort ze niet, je ziet ze niet en ze zijn er toch en doen lekker mee, economisch dan. Waar ze voor staan is me een groot vraagteken.

Frankrijk: Met Sarkozy krijgt Frankrijk weer het stereotype beeld van: La France, c’est le monde. Bij de wat nationalistische Fransen zal dat een positieve uitwerking hebben, maar het wekt wrevel, heel veel wrevel. Zo’n 200 jaar geleden is ook een heel klein Frans mannetje ten onder gegaan aan een overdreven compensatiedrang. Te grote bek, maar te weinig positieve daden.

Griekenland: Letterlijk aan de rafelranden van Europa. Een instabiele democratie bleek onlangs nog, waarbij het militaire verleden nog heel vers in het geheugen van de Grieken leeft. Door het jarenlange militaire bewind lijken de Grieken zich nu pas bewust te worden van burgerlijke vrijheden die ze mogelijk onvoldoende hebben. De jaren zestig moeten nog plaats vinden in Hellas.

Hongarije: Oorspronkelijk een land dat vanuit het Oostblok het meeste op het Westen gericht was. Af en toe hoor ik van dit land het een en ander over ernstig nationalistische politici. Roma in eigen land en Hongaarse minderheden in buurlanden (met name Roemenië) zijn dan het gespreksonderwerp. Stil, maar zeker niet heel stabiel.

Ierland: Een van de oudere leden van de EU. Heel lang het lelijke eendje van de Europese Gemeenschap, maar de laatste jaren economisch ontzettend gegroeid. Met de huidige crisis moet blijken hoe stabiel die groei is geweest. De kans op heel hard terugvallen is erg groot.

Italië: In de jaren ’90 leek Italië heel hard mee te doen met de rest van Europa. Het maffiatintje verbleekte of werd bestreden. Het aantal regeringswisselingen was nog buitenproportioneel, maar dit ter zijde. Recentelijk heeft Berlosconi weer de absolute macht. De wijze waarop hij de comapatiënte Eluana verdedigde en daarmee haar familie en de rechterlijke macht bruuskeerde was ongemeen gênant. Bovendien is Italië het land waarbij advocaten veroordeeld worden omdat ze zwijggeld hebben aangenomen van een president die vrijuit gaat. Italië stinkt op dit moment zoals bijna geen ander land in Europa. Wat dat betreft is de vuilnisproblematiek in Napels en omgeving maatstafgevend voor heel Italië.

Letland: zie Estland

Litouwen: zie Estland

Luxemburg: Een rijke oase van rust. Ik weet niet of de rijke belastingdeskundigen daar ook zo over denken, maar als de rest van Europa een kopie zou zijn van dit kleine hertogdom dan zou ik me geen zorgen maken.

Malta: Buiten het feit dat Britse gebruiken nog aanwezig zullen zijn, is er weinig opzienbarends over dit eiland te zeggen. Een duur maar mooi vakantieland?

Nederland: En nu even kritisch zijn. In de huidige omstandigheden mag het geen gidsland zijn. De onderbuikgevoelens komen nadrukkelijk naar boven. Op zichzelf is dat geen probleem, maar om dit nu als fatsoenlijke politiek te beschouwen i.t.t. de oude politiek gaat te ver. Toch is deze neiging er wel. Als Nederland relatief niet zo’n klein land zou zijn, denk ik dat de rest van Europa of de wereld zich ernstige zorgen zou maken. Waar gaat het heen?

Oostenrijk: In grootte heel erg onbeduidend en het oerconservatieve is gebaseerd op democratische principes dus wie kan daar iets verkeerd over zeggen? Zolang het grote buurland Duitsland stabiel is, kabbelt het lekker door in Oostenrijk zonder dat de rest van de wereld ervan opkijkt.

Polen: Oerconservatief tot zelf reactionair katholiek en dat is geen vrolijke duo, dat intens belijdende katholicisme en conservatisme. Een land met een getraumatiseerde geschiedenis en een land waar vele landgenoten hun geluk elders proberen te vinden. Hoe hartelijk zullen de denkbeelden over Europa zijn van al die Polen die misbruikt worden en mogen opzouten nu het slechter gaat met de economie. Zo lekker zitten die Polen toch al niet in Europa. Hun afkeer van de Russen is slechts het enige dat ze in staat stelt om uiteindelijk hun politieke onfatsoen jegens Europa in beetje in te binden.

Portugal: Arm, ondanks het jarenlange lidmaatschap van de EU. Wat ze fout doen, ik zou het niet weten, maar dat ze iets fout doen is zeker. Ook met de aanstormende crisis zal de lethargie weer opvallend zijn.

Roemenië: Net als Bulgarije nog lang niet klaar voor de EU en nu ze eenmaal binnen zijn, is de behoefte omdat alsnog te gaan worden niet meer aanwezig. De prikkel om ergens te komen is door de voormalige dictator Ceausescu er wel hardhandig uitgeramd. Hun grootste exportproduct is naast een opgepimpte Oostblok auto onmiskenbaar de Roma die het nog slechter hebben dan de Roemenen zelf.

Slovenië: Een soort milde kopie van Oostenrijk met een vleugje Italië en in het achterhoofd nog een pietsie Oostblok. Desalniettemin een land dat na de val van de muur zich snel ontwikkelde en het goed lijkt te doen.

Slowakije: Af en toe wat rechtse sentimenten en als het slechter gaat zullen die sentimenten luider worden of de roep om het socialisme zal nadrukkelijker tot uiting komen. Het steekt de Slowaken dat ze het minder goed doen dan hun voormalige landgenoten, de Tsjechen.

Spanje: Lijkt heel goed uit de Franco-tijd te zijn gekomen, zowel economisch als politiek. De Basken blijven een ‘pain in the ass’, maar mogelijk doemen zich er nog grotere problemen op. De economie doet het heel slecht en de werkeloosheid vliegt harder omhoog dan elders in Europa. Een ‘in-de-gaten-houdertje’ dat Spanje.

Tsjechië: Een relatief welvarend land in vergelijking tot veel andere Oost-Europese landen. Het neigt misschien wel tot arrogantie, zeker jegens de Slowaken, maar ook naar de rest van Europa. Hun kunstzinnig aanmatigende houding onlangs toen ze voorzitter werden van de EU sprak boekdelen.

Verenigd Koninkrijk: Een land dat nog steeds niet beseft dat de globalisering doorgaat en dat die luttele 32 kilometer die hen scheidt van Frankrijk en daarmee de rest van Europa echt niets voorstellen. Zorgelijk is dat in tijden van voorspoed de Labour-klasse groot blijft en dat er in dat land door de grote rijke bovenlaag nog nooit iets is ontstaan als het stimuleren van een echte arbeidersemancipatie. Nu het economisch slechter gaat zal de armoede in de Engelse steden als eerste hele nare plaatjes kunnen gaan opleveren.

Zweden: Eigenlijk een van de weinige landen, zo niet het enige land dat langdurig stabiel en welvarend is. Ook politieke problemen (moord op belangrijke politici) worden bijna rimpelloos opgevangen door de Zweedse maatschappij.

Ik vind het bovenstaande lijstje niet iets om echt vrolijk te worden. Als we daar de landen van het voormalige Joegoslavië en Albanië nog eens bij rekenen dan word ik niet zo vrolijk van Europa. Landen als Zwitserland, Noorwegen en IJsland kunnen dit gevoel niet compenseren, zeker IJsland niet.
Europa daar kom je verder mee.

(lees ook het positieve lijstje als vervolg hierop)