En dan nu echt op het Tuylermarkerpad

De echte liefhebbers van dit pad hebben zich mogelijk al geërgerd aan mijn plaatsing van een onheus klompenpad eerder op de site van klompenpaden bij het Tuylermarkerpad. Een verslag van dit niet officieuze pad liep ik al een half jaar geleden. Een combinatie van het Fliertpad, de Deventer Worp stadswandeling en een piepklein stukje van het Tuylermarkerpad werd georganiseerd door goedbedoelde familieleden, dus de omgeving kende ik al wel een beetje. Een verslag van bovengenoemde wandeling, ik noemde het Husprawegpad, met de intentie dat de klompenpaden de grenzen van de provincie zouden moeten overstijgen. Eigenlijk vind ik dat heel Nederland in een groot klompenpad zou moeten veranderen. Mijn stelling werd deze middag maar weer eens bewezen op het Tuylermarkerpad in Terwolde.

Mooie huisjes en huizen langs de route, rust, veel vogeltjes en vogels en op zeker moment het altijd mooie Deventer op de achtergrond. Verder onverwachte kunstobjecten en natuurlijk de weilanden met daarin paarden, koeien en vooral veel schapen vandaag. Beesten die vanuit hun thuis de enthousiaste klompenpadgangers weer kunnen langs zien struinen.

Vanuit Terwolde staat het Tuylermarkerpad garant voor een fijne zondagmiddagwandeling. Jammer dat de fruitbomen nog net niet helemaal volop in de bloei stonden, anders had ik mogelijk met vijf foto’s van bloesemlandschappen kunnen pronken. Na vandaag dacht ik weer, waar kan ik aan armen trekken en mensen enthousiast maken om de klompenpaden uit te bereiden, te beginnen in Overijssel. Dit was mijn 55e klompenpad, maar als iedere provincie er nu eens 40 voor haar rekening neemt dan heb ik een levensvervulling en kan de rest van mijn leven coronaproof recreëren. Nu is het de planning dat ik medio 2023 klaar ben, maar met nog eens 400 wandelingen extra buiten Gelderland en Utrecht heb ik nog wel even, deo volente, te gaan. Rugzak op en klompen aan.

Kieken in Hattem, Hoenwaardsepad

20200805_110930

Nog net op tijd voor de aankomende hittegolf want ik had er geen zin meer in. Dat wil zeggen, in het werken. Volgende week begint mijn vakantie. Ik heb voldoende overuren gespaard en die moeten bij voorkeur opgemaakt worden schrijft het protocol voor. Ook de lijst met zaken die voor mijn vakantie afgewerkt moet worden is te overzien, dus wandelen maar. Ik had mijn zinnen gezet op Hattem, het Hoenwaardsepad. Lekker wandelen in mijn eentje met het vooruitzicht later die middag bij moeders pappot aan te schuiven. Ze woont immers in de buurt. 

20200805_113539

Nu vind ik ieder Klompenpad per definitie een cadeautje. Je komt in plaatsen waar je anders nooit komt, je ziet kleine en soms grote verrassingen tijdens het wandelen en wandelen is per definitie een ontspannende bezigheid. Dat laatste heb ik eigenlijk pas sinds een jaar ontdekt dus ik heb nog heel wat te winnen. Nu is het ook bij ieder Klompenpad, het is wat het is. Hier bedoel ik mee, als er weinig water is, dan moet je niet klagen dat er te weinig water is. Is er te veel asfalt volgens de hardline klompenpaders dan trek ik de conclusie dan zullen er geen andere mogelijkheden zijn. Is er op cultuurlandschappelijk of historisch gebied niet zoveel te zien, dan is het er gewoon niet. Toch kan de wandeling best mooi of ontspannen zijn. Het is zoals het is. Maar sommige paden hebben geluk en die hebben van zichzelf veel te bieden. Het Hoenwaardsepad is er zo één. Water, uiterwaarden, stadsgezicht, landhuizen, historische gebouwen en bos. Het was er allemaal. 

20200805_130350

Zoals gebruikelijk hanteer ik mijn mobiel om een stukje op mijn blog van een paar foto’s te voorzien. Een paar foto’s zijn meestal voldoende. De mooiste kiekjes deponeer ik op mijn Instagram account. (titiissprakeloos) Iedere keer ben ik nog in gevecht om de horizon recht te krijgen. Soms lukt dat, vaak ook niet. Het mag mijn pret niet drukken. Met de veelzijdigheid van de wandeling was er op dit pad veel te kieken. Overal zag ik wel weer een plaatje om mijn nog niet ontdekte fotografeertalent te kunnen etaleren. Het is nog niet zover gekomen, hoewel ik zelf tevreden ben hoe de soms wel veertig foto’s een mooie impressie geven van de dag. Zo weet ik over een jaar nog hoe ik de wandelsfeer heb beleefd. 

20200805_134625

 

De genoemde afwisseling was prachtig. Verrassend was echter dat het uiterste puntje van de Veluwe bij Hattem ligt, dat realiseer ik me nu pas. Hattem associeerde ik vooral met de rivier. Opvallend was de overgang van de uiterwaarden naar het bosgebied. Dat ging door de ‘buitenwijken’ van Hattem, de suburbs zullen we maar even zeggen. Het is er goed wonen in dit bosrijke gebied. Of hoe zeg je dat ook al weer een beetje dichterlijk, lommerrijk. Want je wandelt in een bos, maar als er huizen in staan heet het ineens lommerrijk. Goed en in één keer was ik in het bos, gewoon dus nog een stukje Veluwe. 

20200805_113347

Geveld door het Elsvoorderpad

20200530_131815

En met bovenstaande uitzicht starten we het Elsvoorder klompenpad in Veessen. Geen slecht begin zou ik zeggen. Terwijl mijn wandelgenote enthousiast op zoek gaat naar bruikbare ganzenveren, geen idee met welk doel, bekijk ik deze vier koeien net zo glazig als zij mij bekijken. Ook zittend in het gras bedenk ik dat het wel hele gelukkige beesten moeten zijn. Ze wandelen, relaxen, slapen, herkauwen en wat al niet meer, notabene in hun eigen voedsel. Vergelijk het met liggen in de boerenkool, of zwemmen in het bier. Het oer Nederlandse tafereel brengt rust in mij en heb zin in de wandeling. Als de ganzenveren bij elkaar zijn gevonden krijg ik het signaal dat we gaan. Het is een warme, winderige dag niets kan ons wandelplezier in de weg staan.

20200530_134241

Mijn vrouw vraagt, in mijn optiek volledig overbodig of ik geen last heb van hooikoorts. Objectief staan alle alarmsignalen op donkerrood, maar ervaringen uit de laatste weken hebben mij het groene licht gegeven. Ik lijk erover heen te groeien. Ieder jaar wordt het minder. Afgelopen week had ik met de aanhoudende droogte wel wat meer lichte verschijnselen. Voor de zekerheid had ik wel een pilletje genomen. ,,Geen zorg, ik voel me prima en die paar keer niezen overleef ik wel.”

20200530_141436

Nog geen kwartier later klopte het groeizame grasseizoen heel onbarmhartig mijn neusgaten binnen. Oef, toch een aanval. In mijn puberteit en ook nog later herinner ik me niesbuien van meer dan honderd keer per uur, 3 x oorontsteking op 6 juni, het symbolische hoogtepunt van de hooikoorts en natuurlijk altijd binnen blijven op de hoogtijdagen. Nee dan ziet het leven er nu anders uit met mijn klompenpadenplezier. Goed, ik herkende de signalen, maar dacht doorlopen maar, we slaan links af en komen daarmee een beetje uit de wind van de IJssel. Het werd niet minder en halverwege wist ik het zeker, een onvervalste hooikoortsaanval. Mijn rekenkundig inzicht had me nog niet verlaten, de weg terug is gelijk aan de weg vooruit. Dus gewoon doorgaan.

20200530_144812

Ondanks de misère heb ik genoten van het dorpje Vorchten. Hemelsbreed 16 kilometer, aan de andere kant van de IJssel ben ik opgegroeid, maar ik had er nog nooit van gehoord. Zelfs in moderne tijden is een rivier in veel opzichten blijkbaar nog een behoorlijke barrière. Ook Veessen, daar was ik trouwens wel eens doorheen gereden, heeft de potentie voor het maken van een scala aan mooie pittoreske foto’s. De omstandigheden zorgden ervoor dat ik geen puf meer had om een ommetje te maken om meer dorpskiekjes uit grootmoeders tijd met u te delen.

20200530_161734

Nog snel een ijsje en dan de auto in. Ik controleerde of de koeien er nog waren. Jaloers op hun ongecompliceerde leven met gras in de hoofdrol, de substantie waar ik die middag absoluut niet tegen kon, reden we weg. Het Elsvoorderpad heeft me geveld. Normaliter schrijf ik ’s avonds een blogje, maar niet vandaag. De dag erop aan het einde van de middag was ik genoeg mens om wat op te schrijven. Vandaag ben ik tot niets gekomen, totaal gevloerd heb ik op de bank gelegen. Veelal geslapen, ik was slechts in staat om wat flauwe grapjes met een artistieke neef te maken op Facebook. Het leven gaat op zo’n moment nergens over, hoewel buiten kijf staat dat mijn neef mooie kunstwerken maakt. Het verbeelde alles zoals ik me voel. Zon, wind en groen, als ziekmakende ingrediënten. De staat van zijn, mijn zijn dus, wordt verbeeld door de auto waarvan hij me het merk nog wel zal doorgeven.

kunstwerk Mark

Kunstwerk Mark Hurenkamp, mei 2020, meer van de kunstschilder op Instagram

PAPEGAAI VLOOG OVER DE IJSSEL/Kader Abdolah

 

Eerlijk is eerlijk, de prijs (slechts €12,50) en het woord IJssel waren voldoende om me over de streep te trekken om het boek van Kader Abdolah te kopen. En natuurlijk de eerste ervaring met de schrijver via het boekenweekgeschenk van enkele jaren terug. Papegaai vloog over de IJssel is een boek dat vanaf het eerste begin boeit. Ik was voorbereid op de neiging tot archaïsch taalgebruik, terwijl ik eigenlijk bloemrijk bedoel, maar de vertellingen die ik ken van Abdolah uit zijn eerdere werk, met name het teruggrijpen op Perzische vertellingen, fabels en sprookjes komen bij mij nu eenmaal wat ouderwets over. Al begint het boek met een klein verhaaltje uit het land van herkomst van de schrijver, over een papegaai, die een heimelijke boodschap door papegaait, de rest van het boek is beslist niet archaïsch, eerder heel eigentijds in stijl. Toch verliest Kader Abdolah geen moment zijn vertelkunst, integendeel.

Vader en zieke dochter komen per vliegtuig naar Nederland en weten zich vrij snel door de procedures van de vreemdelingenwet te wurmen, mede op basis van de ziekte van de 6-jarige dochter Tala. Het tweetal vestigt zich in het dorpje Zalk, jawel van Klazien, aan de IJssel. De schrijver neemt ons mee in de verwikkelingen van vader en dochter, de calvinistische plaatsgenoten uit Zalk en de andere dorpen langs de IJssel en Zwolle. Juist omdat ik hier niet ver vandaan opgegroeid ben, is het herkenbaar. Vader Mehmed, een Iraanse automonteur met voorliefde voor oldtimers is de rode draad door het verhaal. Maar ook alle passanten in het leven vanaf de aankomst met het vliegtuig van Mehmed spelen een rol in het boek. De passanten zijn landgenoten, medevluchtelingen, mensen werkzaam bij de verschillende diensten rondom vluchtelingen, maar nadrukkelijk is er ook een rol weggelegd voor de dorpelingen in en rondom Zalk. De dominee, de café-eigenaar, de plaatselijke toeristengids en natuurlijk Klazien uit Zalk. In het boek vertolkt ze de oude wijze vrouw die in landen als Iran veel meer gewaardeerd worden dan in Nederland. Met haar koolbladen voor hardnekkige wratten via haar verhaaltjes tijdens haar televisie-optreden heeft ze eerder een folklorisch imago. Ook Klazien heeft een papegaai die telkens in het boek terugkomt en zijn oneliners wereldkundig maakt. Hoewel Mehmed de hoofdpersoon is, komen alle personen gelijkwaardig naar voren. Allemaal nemen ze hun culturele, vaak islamische achtergrond mee in hun nieuwe vaderland. Ze koesteren het, ze vergelijken het met nieuwe verworven ervaringen en schudden het soms van zich af als hiermee nieuwe kansen op hun pad komen. Evenzo goed wordt de conservatief calvinistische omgeving van de IJsseldorpen en hun bewoners beschreven. Met de komst van Mehmed verandert er veel in Zalk. Ook de reacties van hen die hun omgeving langzaam maar zeker zien veranderen, zijn op zoek naar een nieuw evenwicht met de nieuwe landgenoten en hun rare gebruiken.
En altijd is er de IJssel, de trage Nederlandse rivier die een belangrijke rol speelt in de vele persoonlijke levens, ongeacht of je altijd al langs de rivier hebt gewoond of dat je van elders komt en voor het eerst met de rivier te maken hebt. De rivier heeft in veel landen van het Midden-Oosten de rol van luisterend oor om de verhalen en zielenroerselen mee te nemen. Zal de IJssel diezelfde rol spelen voor de nieuwe bewoners zoals rivieren in de landen van hun herkomst?

 

 

Kader Abdolah

Papegaai vloog over de IJssel

Prometheus 2015 8e druk

eerste druk 2015

Naast de interacties tussen de nieuwe Nederlanders onderling en met de oude Nederlanders en hun instanties, speelt in toenemende mate ook de politieke en sociale omstandigheden een rol. 9/11, de politieke moorden op Pim Fortuyn en Theo van Gogh worden benoemd en daarmee de veranderende relatie tussen oude en nieuwe Nederlanders. Kader Abdolah blijft vooral beschrijven zonder een oordeel te vormen. Hij blijft vooral oog houden voor de kleine intermenselijke verhalen tegen de nationale en zelfs mondiale achtergronden. Hoewel de analogie tussen de werkelijke gebeurtenissen en het boek van Abdolah overduidelijk is, komt dit pas op het einde nadrukkelijk aan de orde. Ik weet niet of je dit aspect weg zou hebben kunnen laten, maar zelf vond ik dit niet het sterktste deel van zijn boek. De vriendschappen, liefdes en misverstanden tussen de verschillende mensen vond ik veel interessanter en daarin komt de vertelkunst van de schrijver ook het beste tot zijn recht.

Als ik het boek zou moeten samenvatten dan is het als het ware een aaneenschakeling van kleine menselijke verhaaltjes, over liefde en mislukkingen, verlangens en verwachtingen in het leven van hele gewone mensen of ze nu uit Zalk, Wilsum, Zwolle of Teheran komen. Al deze verhalen worden door de schrijver als kleine pareltjes aan elkaar geregen tot een ketting die de natuurlijke wendingen van de meanderende IJssel kunnen volgen. Soms zal de ketting knappen en zullen de verhalen wanordelijk bij elkaar geveegd worden met al het menselijke leed en hoogtepunten tot gevolg. Maar gelijk de rivier na een overstroming, zal de ketting vroeg of laat weer in zijn oude luister herstellen.

Het einde van het verhaal begreep ik niet helemaal, ik citeer:
,,In die stilte vloog een jonge papegaai over de IJssel. Hij hield een oude wijsheid in zijn snavel verborgen, maar omdat zijn Nederlands nog niet zo goed was, kon hij het niet zeggen. Toch probeerde hij het en kraste in die stilte in het Nederlands:
”Ooooooookiiiiiiiiiiiiaaaaaaaaatvooooooooorbiiiiiiiiij””

Inderdaad, de papegaai sprak geen Nederlands, ik kan er dus niets van maken. Het laatste en 69e hoofdstuk, is blanco. En dat is dan heel mooi, want het verhaal langs de IJssel of welke rivier dan ook in Nederland is nog niet af. Sterker nog, soms lijkt het nog maar net te beginnen.

 

Een absolute aanrader, dus een ruime acht. (8+)

Andere Sprakeloze boekervaringen, volg de link