Juffrouw Ooievaar?

20180612_211345

Je hebt een nieuwe fiets, je moet van de dokter afvallen en je denkt het nuttige met het aangename te verenigen door je fietsavonturen wereldkundig te maken. Even overnieuw, ja ik heb een nieuwe fiets, ik moet van mezelf afvallen hetgeen door de huisarts met klem is aangeraden en mijn avonturen zijn natuurlijk heel betrekkelijk. Hoewel a dirty mind is a joy forever zeggen ze wel eens. En toch moet het anders, want schreef ik in mijn eerste fietstochtje insinuerend over bizar schapengedrag, bij de tweede wilde ik de hele muggengemeenschap dwingen tot algehele seksuele onthouding en het laatste ging over hengstendriften. Deze keer maar op zoek naar iets onschuldigers. Misschien over de prachtige uiterwaarden of als ik geluk heb over iets filosofisch al is dat dan wel de eerste keer. Of gewoon niet, dat kan ook.

20180612_211410

Het fietsen gaat lekker dus ik besluit een extra grote lus te maken en rijd over een van de mooiste dijken van het Gelders Eiland. Vaak rijden we er met de auto over om te kijken of de ooievaar op zijn nest zit. Nu met de fiets kan de blik op de ooievaar misschien nog intenser zijn. Een stemmetje in mijn hoofd zegt ‘Oppassen!’ Want waar moet je over schrijven als je de ooievaar centraal gaat stellen? Dat kan maar naar één ding leiden of ik zou de Fabeltjeskrant moet aanhalen. Welke onbewuste preoccupatie zorgt voor deze onderwerpen in mijn blogs op dit moment?  Het stikt hier van de ooievaars trouwens. Je zou bijna denken dat het bewust regeringsbeleid is om de vergrijzing op termijn te keren.

20180612_211621

 

Geconcentreerd zoek ik naar leven op het ooievaarsnest, maar niets. De jongen kunnen nog niet uitgevlogen zijn en van vader en moeder ooievaar geen spoor. De kuikens zullen wel slapen nu ze niet hoeven te eten. Jammer geen statige vogel op het nest. Ineens trap ik volop op de rem. Op een lantaarnpaal vlak voor me zit één van de ouders. Of het vader of moeder is weet ik niet, misschien leven de ooievaars in al in een gender-neutrale maatschappij? Wie zal het zeggen? Ik bewonder het enorme beest daar op de lantaarnpaal dat zich rustig laat fotograferen. Na vijf minuten fiets ik door in de wetenschap dat de kuikens reageren op het geklepper van het exemplaar op de lantaarnpaal. Even steken de kopjes boven de rand uit. Nu nog veilig langs het dier, want de peristaltiek van een ooievaar is niet spreekwoordelijk, maar zou dat wel moeten zijn. Zonder vogelpoep op mijn overhemd fiets ik verder. Ik moet toch eens uitzoeken waar de fabel van de ooievaars vandaan komt. Of laat het mij of de andere lezers hieronder weten.

20180614_114905

De jongen zitten nog op het nest zag ik vandaag.

Begrip, van de dag (184) Vroeger was alles beter

 

 

 

VROEGER WAS ALLES BETER

 

Als ik ergens een hekel aan had, dan is het de opmerking: Vroeger is alles beter. Meestal zijn het zuinige zuurpruimen, uitgedroogde wentelteven of een categorie babyboomers, of een combinatie van deze. Sinds gisteren had ik het ook op de lippen. Ik kon me net inhouden. Ondertussen denk ik het wel. Wat is het geval? Zoonlief was gevallen donderdagavond, sprintend de trein halen om naar zijn lief te gaan. Een gladde putdeksel was hem fataal. Volgens zijn zeggen had hij zich mooi op zijn arm laten vallen een doorgerold. Ik was er niet bij, maar hij deed zich voor als een professional. De volgende dag was zijn elleboog dik geweest. Uit eigen beweging heeft hij een afspraak bij de huisarts gemaakt. Dit volwassen gedrag kan ik waarderen.

Tien voor drie bij de huisarts. Uitloop van twintig minuten, kan gebeuren. Arts in opleiding, weet het niet. Misschien een scheurtje? Toch maar foto’s maken in het ziekenhuis. Half vijf gaat de afdeling fotografie dicht. Er is acuut geen auto ter beschikking, bellen naar werkende vrouw kost tijd en levert op korte termijn niets op. Doktersassistentie bitst tegen minderjarige zoon dat vervoer zijn probleem is. Vijf voor vier besluit ik auto van buuf te lenen, haal mijn zoon bij huisarts en krijg de optie Arnhem of Zevenaar, kan beide. Voor Zevenaar komen we zeker op tijd, richting Arnhem betekent file. We zijn de laatste, mijn zoon glimlacht bij het maken van de foto’s, dat staat leuker. Mogelijk vocht, waarschijnlijk niet gebroken maar doorverwezen naar Arnhem. Vanaf vier uur is er geen beoordelend arts meer, bovendien is de EHBO-post gesloten. Een verzorgingsgebied van bijna 80.000 is niet meer rendabel voor de basiszorg. Op naar Arnhem!

Auto terug naar buurvrouw, eigen auto inmiddels gearriveerd, zoonlief met vriendin als een taxichauffeur gebracht naar Rijnstate. Pondskaart was gelukkig in Zevenaar gemaakt, dus in een streep naar Spoedeisende Hulp. Eerste Hulp Bij Ongelukken is toch een treffender naam. Door een man met weinig arbeidsvreugde worden we achterdochtig binnengelaten en verwijst ons naar de incheckbalie. Een iets vriendelijker dame die laat blijken dat ze de vrijdagavond toch anders had gezien, verwijst ons naar de wachtkamer. Na een twintig minuten komt de intake van een paar minuten. De ernst wordt ingeschat en dan is het wachten in een andere wachtkamer. Geschatte wachttijd is ongeveer anderhalf uur. Met kwetsuren van divers pluimage wachten we ruim twee uur. Dan is hij aan de beurt, samen met potentiële schoondochter, een lief meisje, wachten we op behandeling en definitieve uitslag. Misschien een scheurtje? Drukverband en een stoere blauwe hangsling met de mededeling volgende week terugkomen, er wordt nog een afspraak naar hem toegestuurd.

We hebben zeker dertien medische professionals ontmoet. Om negen uur was ik thuis, we moesten dus wel friet halen. Volgens mij liet vroeger een huisarts de vriendelijke doktersassistent een mitella aanleggen, zo nodig een paracetamol en volgende week verder kijken. Je hoort mij niet zeggen dat vroeger alles beter was. Echt niet. Het gaat overigens al een stuk beter met zoonlief.