Mijn Filmblik op: Aanmodderfakker

 

Het was zaterdagavond. We hadden geen plannen, maar de mood om een week werken af te wisselen met een avondje bankzitten was niet de bedoeling. ,,Zullen we naar de film gaan?” stelde mijn vrouw voor. In het filmcafé (Zevenaar) draait Aanmodderfakker. Ik had er van gehoord, want ik vond de naam wel aardig bedacht. Ze vertelt dat de film in de prijzen is gevallen, maar liefst drie gouden Kalveren waaronder voor de beste film. Dat bracht hooggespannen verwachtingen met zich mee, een feelgood van minimaal het niveau Alles is Liefde. Want laten we eerlijk zijn, uitgezonderd exclusieve Cult-liefhebbers met hele grote kapitalen zullen een film als Alles is Liefde niet weten te waarderen. Het is heerlijk vermaak voor een avondje film. Dat hadden we voor ogen met Aanmodderfakker.

Het was de eerste twintig minuten echt aanmodderen qua sensatie, maar de verveling sloeg pas echt toe na de pauze. Menig maal heb ik zitten met verbazing zitten kijken naar de verrichtingen van de acteurs. Misschien waren ze helemaal niet zo slecht en och Roos Wiltink en Gijs Naber (winnaar van een Kalf) speelden hun rollen misschien best aardig, maar het verhaal boeide voor geen meter, er kwam bij mij amper een vorm van identificatie, mededogen of herkenning naar boven, het bleef bij slecht uitgevoerde opeenstapeling van stereotypes, een eeuwige student (Thijs) en een vroegrijp en wijs, mooi meisje (Lisa). Op zich hoeft dat geen probleem te zijn, maar mijn lachspieren gleden niet uit over de geboden humor. Zelfs het zoeken naar een glimlach leverde niets op. Een enkele keer, geloof ik,  moest ik grinniken, maar ik weet niet eens meer op welk moment. De vele plotse wendingen in het plot gaven nimmer in een rollercoaster van emoties te zitten, integendeel het werd steeds vervelender. De eindverantwoordelijken moeten dat hebben voorvoeld, want ze laten een van de medewerkers van de Media-Markt (of iets dat er op lijkt, afhankelijk van de gulle giften van de sluikreclame) uitgroeien tot een grootst schrijver, die onverwacht uitgegeven wordt. Zijn grootste literaire verdienste zouden de plotselinge wendingen in het plot zijn. De crew zal ongetwijfeld veel lol hebben gehad bij het draaien en misschien nog veel meer bij de uitreiking van de prijzen. Maar ik begrijp echt niet wat de jury heeft bezield? Als dit het hoogtepunt is voor bijvoorbeeld Gijs Naber of Roos Wiltink, dan vrees ik voor hun carrière.

Het is een film om heel snel te vergeten. Het doet me verlangen naar Gooische Vrouwen 2. Het eerste deel heb ik kunnen uitzitten, maar ik heb dan enkele keer heel smakelijk gelachen. Dat bleef uit bij deze film. Helaas moet ik naarstig op zoek naar de azijnfles, ik voel me net een recensent van de Volkskrant, maar ik kan niet anders. Meer dan een vijfje zit er niet in.

Mijn waardering voor de film is een: 5-

Alle filmblikken van Sprakeloos bij elkaar, volg de link.

Mijn filmblik op ‘Rabat’

 

  • ‘Pa, we gaan Rabat kijken.’
  • ‘Rabat? Nooit van gehoord.’
  • Jawel, van die Marokkaanse man met die prijsuitreiking, het Gouden Kalf.’

Heette die film Rabat, dat was helemaal langs me heen gegaan. Natuurlijk heb ik de uitreiking meerdere malen gezien op tv, de mensen die ontroerd waren door acteur Nasrdin Dchar en diens enthousiaste reactie met een duidelijk politiek, maar vooral menselijk statement. Op twitter heb ik ook weer hele PVV volksstammen langs mijn tijdsbalk zien komen met opmerkingen waar de honden geen brood van lusten. Ik zelf vond de reactie wel aardig, authentiek zou je kunnen zeggen, mits je geen hekel hebt aan dat woord. Ik vind ‘authentiek’ zo’n raar woord als het over mensen gaat, wanneer is iemand authentiek en wanneer niet? Ik houd het bij aardig en dacht toen wel dat ik de film wel een keer zou bekijken. Vanavond dus hadden mijn vrouw en zoon bedacht.

  • ‘Pa, waar ligt Rabat?
  • ‘In Marokko natuurlijk.’
  • ‘Duhehh, maar waar, aan de kust of ergens anders?’

Verheugd over zijn gevoel voor nuances namelijk dat Marokko niet slechts een land is waar Marokkanen wonen, maar dat dat ook verschillen zijn onder andere topografische verschillen.

Met de gegoogelde kennnis schoof ik bij ze aan en zei tegen mijn zoon:

  • ‘Aan de Atlantische Kust maar nog wel zo’n 300 kilometer naar het zuiden op het moment dat je Marokko binnen komt.’

Vrij onbevooroordeeld bekeek ik de film. In het begin hadden we wat moeite met het geluid van de, via de kabelmaatschappij geleverde film. De dialogen gingen gepaard met veel achtergrondgeluid van feestende mensen, radio in de auto etc. Waarschijnlijk is dat in een bioscoop beter gefilterd. Gaandeweg de film werd er ook vaker Engels, Frans, Spaanse en uiteraard Arabische gesproken, dus dat kwam goed uit.

Het verhaal is eigenlijk heel simpel, een jongeman moet op verzoek van zijn vader een oude taxi naar Marokko brengen aan een vriend. Gaandeweg blijkt dat de auto een geschenk is ten behoeve van uithuwelijkingsonderhandelingen. Als kijker kom je daar pas later achter, tenminste, ik als kijker. Twee vrienden willen mee. Aanvankelijk was dat niet de bedoeling, maar uiteindelijk vertrekken ze gedrieën naar het Zuiden.

Tijdens de reis wordt de vriendschap tussen de mannen in beeld gebracht. Een inkijkje in de wereld van twee culturen, eigen verwachtingen en de verwachtingen van de familie, maar ook die van de Nederlandse samenleving.Gedurende de hele film komen vooroordelen op een grappige, soms subtiele, op andere momenten minder subtiele wijze naar voren. De ‘aard’ van de profiterende en stelende Marokkaan wordt net zo mooi belicht als de (botte) discriminatie van de Europeanen. Onderweg in Frankrijk nemen ze een lifster mee, die een feest heeft in Barcelona. De vrienden worden uitgenodigd, de Mercedes aan de vriend van de vader van de hoofdpresoon kan wachten.

Zonder de film te verraden is de stop in Barcelona belangrijk voor in ieder geval de hoofdpersoon. Het merendeel gaat echter over de reis, vriendschap en levensverwachtingen tussen de drie Marokkaanse jongens. En dat is mooi in beeld gebracht, soms een beetje rauw, soms ook neigend naar sereniteit.

Al met al, ik vond het een prettige film om naar te kijken en zonder weet te hebben van de concurrenten van Nasrdin Dchar vind ik een Gouden Kalf verdiend. Eigenlijk zouden alle xenofoben de film moeten gaan kijken, al weet ik ook zeker dat zij in de film hun bevestiging van hun vooroordelen zullen zien. Voor mezelf heb ik genoten van het meereizen naar Rabat alsmede met de vriendschap van de drie.

Volg de link voor de trailer van de film

 

Qua waardering kom ik tot een 7, 5 voor de film Rabat.

Mijn filmblik op: Gooische Vrouwen

Als de 21e eeuw het tijdperk van de vrouw wordt; als ik me moet aanpassen aan de Shevolutie en moet accepteren dat ik tot de menssoort behoor dat beperkt kan communiceren….. en Gooische vrouwen staat voor de humor die daarbij hoort, dan heb ik mijn beste portie humor in mijn leven inmiddels gehad. Ik heb zo ontzettend NIET moeten lachen….

Linda de Mol heb ik hoog staan, laat daar geen misverstand over zijn. Al is het maar dat ik met volle teugen kon genieten, terwijl ik achter de computer heel belangrijke dingen aan het doen ben, dat de kamer gevuld wordt met de ene na de andere lachsalvo van mijn vrouw bij het zien van de serie Gooische Vrouwen. Ik lachte vanzelf mee. Zelf ben ik niet zo’n Gooisch type, de ene ervaring heb ik vorig jaar aan het blog toevertrouwd, een cultureel antropologische verhandeling over Naarden, maar dit terzijde. Mijn vrouw en ik delen veel, maar Gooische vrouwen is voor haar. Ik vind dat goed……

Nu had ik stiekem wel gedacht, misschien moet ik de film wel gaan kijken in de bioscoop, maar honderd van die lachsalvo’s à la mijn vrouw kan mijn gestel niet aan, sowieso denk ik in zo’n oestrogenencircus nog subjectiever zal worden. Sinds deze week hebben we de mogelijkheid om films ‘on demand’ te kijken en in volledige harmonie kozen we voor ‘Gooische Vrouwen’. Dat viel niet mee. Mijn echtgenote had de film al gezien, dus genoot al voordat de eerste beelden langs kwamen. Ik heb heel hard mijn best gedaan om te genieten, maar ik moest niet lachen, nauwelijks glimlachen. Tja, het schijnt erg grappig te zijn om een donkere baby in een Burberry pakje te zien. Mij moest uitgelegd worden wat ‘Burberry’ was. Ook glijden mijn lachspieren niet uit bij een homo met een dalmatiërkapsel, laat staan als hij nichterig door Parijs loopt met een stokbrood handtas. Nee, ik moest niet lachen. Ja, één keer, toen het kunstzinnig busje op weg naar Parijs benzine nodig had en dus vaginaal bevredigd werd. Dat ik juist hier om moest lachen is wel echt iets van Mars.

 

Het einde van de film werd iets beter, een fractie. De verbale communicatie werd minder belangrijk en overgenomen door muziek en beelden. Mannen zijn blijkbaar visueler ingesteld, dus ik kan nog een beetje mee genieten met het feelgood gevoel.

Vrouwenfilms, ik ben er vaker ingetrapt. Nu was ik al op mijn hoede, dus echt teleurgesteld was ik niet. Dat had ik wel bij Bridget Jones Diary, waarbij ik na vijftien minuten echt afhaakte. Na vanavond weet ik het, een vrouwenfilm, niet meer aan beginnen. Wat ik trouwens wel humor vond is dat het Gouden Kalf voor de beste bijrol door Paul Muller als Martin Morero geschonken werd aan een kinderboerderij.

Mijn waardering in cijfers uitgedrukt. Moeilijk, ik vind een zes voor de moeite te veel, zelfs een magere 5,5 staat niet in verhouding tot het geboden amusement. Een 5, ondanks Linda de Mol.