Een persoonlijke tocht door stemmig Nederland……..nog 25 dagen te gaan

 

Mevrouw Edith Schippers, bedankt! Ik twijfel niet aan uw tomeloze inzet, inhoudelijk vind ik dat u een weinig sterke indruk hebt gemaakt, maar dat is tegenwoordig niet van het grootste belang. Ik herinner me in het begin van uw ministersperiode nog een uitspraak die vertaald kan worden met ‘de ontkenning’ van het DSM met name op het gebied van de geestelijke gezondheidszorg. Geen sterk begin en ik heb u nooit op kunnen betrappen op inhoudelijk verbeteringen.

 

Nee ik dank u voor een beleidsvoornemen dat afgelopen donderdag in de Trouw beschreven stond. De kop luidde ‘Depressie te lijf zonder extra geld’. Het streven is in 2030 de depressie met zo’n 30% te laten afnemen. Leuk trouwens, 2030 en 30%, een echte tekentafel-trouvaille. De tevredenheid zal enorm zijn geweest. Met de uitleg bij dit artikel wordt duidelijk gemaakt waar het in Nederland op zo veel gebieden in de publieke sector mis gaat, niet alleen bij de geestelijke gezondheidszorg. In mijn eigen woorden vat ik het artikel als volgt samen:

,,Het loopt de spuigaten uit met die depressie in Nederland, er moet wat aan gedaan worden. Het kost te veel, we laten de ministeriële teken- en rekentafel een plan opstellen. We duwen het de hotemetoten van allerlei belangen- en uitvoeringsorganisaties door de strot. Ze hebben geen keus en door te tekenen hebben ze zich gecommitteerd aan een onuitvoerbaar plan en zijn tevens verantwoordelijk voor  de uitkomsten. De vertegenwoordigers van de GGZ organisaties fulmineren voor de vorm nog wel, maar voor dat hun handtekening is gedroogd, denken ze al na hoe kunnen wij dit de organisatie verkopen? Op hun eigen niveau hebben ze ook hun denk-, teken- en rekengeniën om de inhoud van het werk van de professional te verkrachten middels nieuwe plannen, proefballonnen en pilots. Er komt geen geld bij, dat niet. De targets zijn duidelijk en die zullen gehaald moeten worden, linksom of rechtsom. En de inhoud is niet maatstafgevend. De professional op de werkvloer krijgt uiteindelijk te maken met de verwrongen beleidsplannen, raakt gefrustreerd en ziet zijn of haar professie uitgekleed worden. Dit is bij de geestelijke gezondheidszorg, maar even zo goed bij huisartsen, ziekenhuizen, de politie of het onderwijs. De planproductie heeft steeds meer weg van een Sowjet vijfjarenplan.”

 

Ik ben geen expert op het gebied van depressies, maar wat ik wel weet is dat er op genetisch vlak niet zo veel is uit te richten door de politiek met betrekking tot het bestaan van depressie. Kijkend naar mogelijke oorzaken of triggers zouden omgevingsfactoren genoemd kunnen worden. Nederland beschouwend, we gaan economisch weer goed, maar de onvrede is alom aanwezig. Een indicatie hiervoor is het losgeslagen electoraat. Ik denk dat het plan aan de hand van de minister wel eens depressieverhogend kan werken. Aan de ene kant door de onuitvoerbaarheid, dus mensen worden niet beter geholpen. Maar wat te denken van de werkvloer binnen de geestelijke gezondheidszorg? En zoals gezegd, dit geldt ook voor politie, onderwijs etc……….

 

Ik dank u dus om handen en voeten te kunnen geven aan de onvrede die wijd verbreid is in Nederland. Hier gaat het dus om.

 

 

26. WORK IN SPACE uit de serie de kabbelende 100

 

De volkswijsheid zegt dat er in een gezond lichaam een gezonde geest huist. De eerlijkheid gebied te zeggen dat het ‘gesundes Volksempfinden’ de plank nog wel eens misslaat. Echter in de kern is deze volkswijsheid in principe wel waar. Nadrukkelijk zeg ik ‘in principe’ want een gezond lichaam is nog wel te objectiveren. Maar wat is een gezonde geest? Na ruim twintig jaar ervaring in het werkveld van de GGZ is een antwoord op deze vraag niet zo eenduidig. Bovendien, je hoeft niet eens in de GGZ te werken om te constateren dat de Allesbestierende rare creaturen op de aardbol heeft rondstruinen. Ik heb dus geen allesafdekkende definitie van een gezonde geest, maar een beetje opgeruimd in het leven staan is mijns inziens een eerste voorwaarde, zonder daarbij met je geestelijke bagger een ander lastig te vallen. De term opgeruimd is gevallen, daarbij kom ik bij een tweede truttige volkswijsheid.

2014-02-28 20.35.25

Rommel uit je huis is ruimte in je hoofd! Nu gaat er iets knagen in mij. Zonder in details te treden, constateer ik dat mijn lichamelijke conditie niet ‘comme il faut’ is. Misschien heeft roken er wat mee te maken? Wat zegt dat over mijn geestelijke gezondheid? Als de volkswijsheid gelijk heeft, ben ik niet helemaal goed in mijn bovenkamer. Ik denk dat ik de gekte voor de buitenwereld nog wel kan verbloemen. Sterker nog, voor mijn zonen presenteer ik mezelf als het meest normale mannetje van de wereld. Diep in mijn hart weet ik dat dit waar is. Maar als ik mijn werk- en studieruimte bezie, dan constateer ik een vergaande staat van verrommeling. Er moet opgetreden worden, want als je conditioneel neigt te verworden tot een ingevallen kippenhok en bovendien je directe leefomgeving verrommeld dan dreigt het stadium van complete waanzin, volgens het gezonde volksempfinden. Wanneer komt het moment dat ik niet meer op straat mag verschijnen omdat de gekte me is aan te zien, misschien is een rechtelijke machtiging zelfs aanstaande. Om dat te voorkomen heb ik de stoute schoenen aangetrokken en een beetje rommel uit huis gesmeten om zo een opgeruimder gevoel te creëren. Tussendoor heb ik wel wat rookpauzes gehouden. Dat dan weer wel. Ik zit me trouwens af te vragen als ik nu heel erg op ga ruimen, op het neurotische af, zou dat een voorbode zijn om met plezier te gaan sporten? Misschien word ik geestelijk wel optimaal, of zelfs geniaal. Wie weet?

Sprakeloos Blogger Speakers-corner 2: Niet lullen maar poetsen

Ik ben slecht geluimd. Je hebt wel eens van die dagen dat het niet uit de vingers komt. Vandaag, nota bene een vrije dag. Het werk zeurt hevig op de achtergrond, bovendien heb ik te veel nieuws zitten flitsen op internet, Nederlandse politiek, maar ook Verwegisthan. Het maalt zonder er handen en voeten aan te kunnen geven. Eigenlijk weet ik wel wat er aan de hand is. (3 stapels was, de trap moet gedaan worden, de WC en buiten de herfstbladeren bij elkaar wegen). Vooral dat laatste is misschien wel de oorzaak, een najaarsdipje.

 

Ik moet gewoon schoonmaken in huis, want als dat gestructureerd is, zullen mijn gedachten ook wel weer geordend worden. Ik prijs me gelukkig met het feit dat ik niet de enige ben die aan de slag moet en schoonmaken. Rutte en de zijne moeten ook schoonmaken, want van wittebroodsweken is het niet van gekomen. Daarvoor in de plaats hebben we Spekman’s feest van de nivellering gehad. En dat is een lekker feestje geweest. Ik schat Hans Spekman wel dusdanig in dat hij in staat is om de nivelleringspolonaise in zijn eentje te gaan lopen. De liberalen doen in ieder geval niet mee, maar ik vrees dat veel sociaaldemocraten ook vol vertwijfeling zullen zijn, al zullen ze dat niet laten merken onder het mom: “It’s my party and I cry if I want to”. En voorlopig willen ze nog niet huilen en houden ze zich groot, want de Jan Modaal zit helemaal niet meer massaal bij de PvdA. Die zijn al overgelopen naar de SP of in een eerder stadium naar de PVV. De PvdA snijdt in het eigen vlees, de grote middengroep. In mijn soort dus eigenlijk al moet ik zeggen, er kan best een beetje af, letterlijk en figuurlijk.

Rekensommetjes leren mij dat een inkomensdaling van 10% niet ondenkbeeldig is. Ik ken de feiten natuurlijk niet, want ik mag nog helemaal geen sommetjes maken zegt het kabinet. Zelfs de Tweede Kamer moet nog bediend worden van de juiste doorrekeningen. Misschien word ik met mijn hulpverleningssalaris wel geconfronteerd met mijn eigen egoïsme. Mooie woorden over solidariteit bloggen dat kan ik wel. Maar als het er op aankomt, geef ik niet thuis? Dat is me een partijtje zelfconfrontatie. Aan de andere kant, wat levert die zorgpremie bijvoorbeeld op? Als zorgconsument voor mijn oudste zoon hebben wij de GGZ-wereld de afgelopen jaren gigantisch gespekt*. De premiebetaler heeft er behoorlijk voor krom moeten liggen om de onnodige bureaucratie in stand te houden. Van doeltreffende hulp is echter geen sprake geweest, we hebben het allemaal zelf mogen oplossen. Ik durf te beweren dat ik geen spekkoper ben geweest, integendeel. Misschien dat het daarom zo wringt met die zorgpremie. Laten ‘ze daar in Den Haag’ de bureaucratie als gevolg van de marktwerking maar eens opruimen. Hole frases over productie en doelmatigheid zijn een enorme schaamlap voor het disfunctioneren van de GGZ. Daar wil ik niet voor nivelleren en al helemaal geen feestjes vieren.

Maar ja, ik kan wel wijzen naar ‘hullie’ in Den Haag, ik zit nog steeds met mijn wasjes en de herfstbladeren buiten. Laat ik dan maar het goede voorbeeld geven en mijn eigen rotzooi eens opruimen. Mogelijk dat kabinet Rutte 2 dat dan ook wel doet. Een goed voorbeeld doet goed volgen.

 

 

* Een ouderlijk frustratieblog geeft inzage in de hoeveelheid geld dat de premiebetaler onnodig heeft uitgegeven de afgelopen jaren. We hebben het dan nog niet over onze energie en het lijden van een kind in ontwikkeling.

Om de 2e kamer in gejaagd te worden

DRIJFVEREN OF OBSTAKELS ?

Na de ideologische zelftoets en een kritische zelfanalyse om te kijken of ik een goed PvdA politicus in spé ben en dus de moeite ga nemen te solliciteren naar een zetel in de kamer, komt deel drie. Dat zijn de maatschappelijke drijfveren en mijn interesses. Zoals te lezen is zit het ideologisch wel goed, maar karakterologisch mankeert er veel aan mij als politicus in spé.

Zelf ben ik politicoloog, maar ook psychiatrisch verpleegkundige en werkzaam bij de reclassering van het Leger des Heils op dit moment. Mijn huidige baan, maar ook mijn hele CV, heeft mij veel geleerd, of in ieder geval ervaren. Als bestuurskundig politicoloog was ik voorbestemd om beleidsmedewerker te worden. Het is er niet van gekomen, maar ik heb een eerzame boterham verdient tot op de dag van vandaag in het (brede) veld van de GGZ. ‘Tjonge, jonge, jonge wat een bureaucratie.’ Hoe vaak denk ik niet, ik kan het veel beter dan alle die beleidsmedewerkers……..

Eenmaal als consument van de GGZ (zoon) werd het beeld van de bureaucratie versterkt, nee verdiept, of beter gezegd uitvergroot. De jeugdzorg en GGZ is niet een beetje bureaucratisch maar een regelrechte ziekmaker. Zie hier de drijfveer om de politiek in te willen. Als ouders hebben we een eigen weblog waar we af en toe eens spuien. (www.dolgedraaid.wordpress.com)

BLOG VOL FRUSTRATIES

Zo heb ik een flauw stukje geschreven om de bureaucratie te visualiseren middels de mythische figuur “Lange Wapper”. We noemen het natuurlijk de Hollandsche Lange Wapper. Ik heb een even warrig als pretentieus model gemaakt van de organisatie van de GGZ: De Zeven van Sprakeloos of ik vergelijk de GGZ met een heuse Volvo. Heel veel gelezen is mijn maatschappelijke verhandeling over autisme (of autismisering van de samenleving?) Ook wordt ons mikpunt van boosheid, het Leo Kannerhuis, onderworpen aan een kritische blik. We staan stil bij de vierde verjaardag van het niet handelen van duur betaalde professionals. Ook een open brief aan minister Schippers tekent de motivatie om de politiek in te gaan. Zo maar een greep uit onze frustraties.

VERSTANDIGE OUDERS

Gelukkig zijn wij evenwichtige en stabiele ouders en bovenal verstandig. Juist dit laatste is een goed argument om de Tweede Kamer in te willen. Maar is dat voldoende, waar eindigt gedrevenheid en wanneer begint rancune. Hoe blind kun je worden door je eigen negatieve ervaring en vergeet daarbij de grote lijnen te bezien. Kortom genoeg vragen te verwerken voordat ik aan mijn sollicitatie ga beginnen.

Gelukkig vind ik buiten de GGZ ook andere zaken interessant en belangrijk:

  • Internationale Zaken met name Europa
  • Sport (met name Feyenoord)
  • Ruimtelijke Ordening (met name mobiliteit)
  • Generatievraagstukken (met name gekeerd tegen Jeugd en Gezin, maar een ministerie van Demografie lijkt me erg zinvol)
  • Cultuur (met name alles en helaas te veel oppervlakkig)
  • Natuur en milieu (met name het behoud ervan)

etc.

Kortom, toch best veel interessegebieden en vooral (persoonlijke) gedrevenheid die noodzakelijk zijn voor het Kamerlidmaatschap. Tja, nog maar zestien uur te gaan en dan moet de sollicitatie weg zijn. Een hele kluif nog.

Eerder verschenen:

Zal ik Tweede Kamerlid worden?  en Ideologisch geslaagd bij zelfonderzoek Tweede Kamerlidmaatschap PvdA. en Qua karakter een onvoldoende voor het kamerlidmaatschap

De NS als metafoor voor de zemelende Nederlander

We kunnen naar de maan en nog veel verder. Op grote afstand weten we precisie-bombardementen uit te voeren en de gemiddelde mobiele telefoon is een toverkastje, maar de NS laat het traditioneel afweten bij de eerste de beste tegenslag. Beloftes worden jaar in jaar uit gebroken met als gevolg briesende ministers en staatssecretarissen die met het schaamrood zich moeten verantwoorden bij de Tweede Kamer.

 

En als een pavlowreactie keert de hele Nederlandse opinie zich tegen de Nederlandse Spoorwegen en/of Prorail. Het zijn hoogtij dagen om onze Nederlandse volksaard tot wasdom te laten komen: zeuren, zeiken en zemelen. Off the record, een goeden tip voor de heer Wilders om niet met het onzalige idee te komen de Elfstedentocht tot nationale feestdag uit te roepen, maar de dag dat de eerste stremmingen bij het spoorwegverkeer zich openbaren. Dan ben je ieder jaar verzekerd van een feestje op nationaal niveau: De verenigde nationale ontevredenheidsdag.

Ik ga de NS in winterse dagen zeker niet vergoelijken, integendeel, want het verbaasd mij ook, al besef ik dat in Nederland de spoordichtheid ongeëvenaard is. Maar als we eens naar de essentie van van het probleem gaan. Vroeger had een NS-er een zekere status, kinderen wilden conducteur of treinmachinist worden, de werknemers hadden een baan voor hun leven, waarbij je je kon afvragen wie belangrijker was de partner of het spoor. Ik herinner me eind jaren tachtig nog goed, mijn inmiddels Poolse schoonzus prepareerde zich altijd op tijd voor een treinreis, want je wist maar nooit wanneer de trein zou komen. Wij lachten haar uit, de trein rijdt gewoon op tijd. We twijfelden niet eens. Goed, het was wel een staatsbedrijf en dat is heel erg.

Sindsdien zijn er inhaalslagen gemaakt onder de noemer van privatisering, rationalisering, specialisaties met als gevolg meer directeuren en (deel)verantwoordelijken. Communicatie tussen de verschillende onderdelen wordt steeds belangrijker want binnen de grote moloch Nederlandse Spoorwegen blijken enorme belangentegenstellingen te ontstaan. We gaan vooruit met al die modernisering, maar niet als er een vlokje sneeuw valt. De essentie van het probleem is volgens mij het ontbreken van bezieling. Niemand heeft meer overzicht ondanks de vergaande digitalisering, of misschien wel dankzij de digitalisering. Werknemers zijn niet meer betrokken genoeg. Ze voeren hun deel uit en zijn klaar. Ze kunnen (of mogen) niet meer over de muur van een andere afdeling kijken. De NS is ontzield en heel Nederland constateert dat en met slecht weer komt er een tsunami van klachten.

Maar ik wil het volgende vragen aan de hulpverlener in de geestelijke gezondheid, of aan de docent op de middelbare school, of aan de politie-agent, eigenlijk allen die gebruik maken van de Nederlandse Spoorwegen en lustig mee-ageren tegen de NS. Kijk naar uw eigen beroepspraktijk. Hoeveel docenten klagen niet over het feit dat ze niet meer aan les geven toekomen? Het is geen zeldzaamheid dat een mentor van een middelbare school in geval van een ‘probleemkind’ zijn kostbare lestijd moet opofferen voor gesprekken met wel vijf verschillende instanties zonder dat het iets oplevert. We gaan vooruit met die modernisering, maar het onderwijs wordt niet beter. En dan de treinreizende hulpverlener in de GGZ (mijn stokpaardje). Ze moeten zeker iets in bovenstaand verhaal over de NS herkennen: Geen bezieling, fragmentatie van de werkzaamheden, ‘succesjes op deelgebieden’ maar het zicht op de context kwijt zijn. En misschien wel het allerergste, berusting door onmacht, want het is niet anders.

Gelukkig zijn wij als Nederlandse bevolking niet zo, wij berusten niet en klagen er lustig op los als het om de NS gaat. Maar is er niet een bijbelse wijsheid dat je pas klaagt over de splinter bij een ander als je je eigen balk verwijderd hebt? Ik zou zeggen aan alle lezers, doe wat aan die balk.

(NB. En ik heb het zeker niet over het Friese Balk, een van de crisisplaatsen voor de elfstedentocht)

 

 

Omdat ook de GGZ ter sprake komt,  zal dit stuk ook geplaatst worden op ons weblog http://www.dolgedraaid.wordpress.com

 

Kakelkrant van Sprakeloos 4: De eeuw van de vrouw?

Hedenochtend hoorde ik het voor het eerst, een aanzet tot een openbaar debat over gescheiden scholen voor jongens en meisjes, in ieder geval in het middelbare schoolonderwijs. Je zult mij niet horen zeggen: ‘Hè, hè, dat werd tijd.’ Ik denk namelijk helemaal niet dat dit de oplossing is voor de toenemende uitval van jongens in het onderwijs. Cynici beweren, hun totale onkunde etalerend, dat: ‘Tegenwoordig moeten ze allemaal wat bijzonders hebben, ADHD, ASS-problematiek, hypergevoelig of bij voorkeur nog een combinatie van de drie.’ Vaak komen dit soort commentaren van lieden die zich uit gebrek aan empathisch vermogen of uit economische overwegingen. Het is ook knap lastig om dat alles maar te financieren, laat staan het te begrijpen voor de normale mens. Het huidige kabinet heeft al een kranige voorzet gegeven om tal van bijzondere maatregelen voor ‘bijzondere’ kinderen te schrappen.

Toch baart die uitval van met name jongens dus zorgen. In een kamerdebat zou Minister Marja van Bijsterveld hebben gezegd: ‘De 21e eeuw wordt de eeuw van de vrouw.’ Als man ben ik niet bang voor die toekomstbespiegeling van de minister. Ik denk alleen dat het een illusie is. Er komt geen ‘eeuw van de vrouw’ zolang er een steeds grotere groep testosteron niet mee mag doen. Sterker nog ik denk dat we vroeg af laat de rekening van het wanbeleid gepresenteerd zullen krijgen. En het ergste is dat dit niet alleen een financiële rekening zal zijn, maar vooral ook een rekening van ontwrichting en veel menselijk leed, voor mannen èn vrouwen. Want wat doe je als je op school al niet mee mag doen, omdat je anders bent, niet in de mal past? Het onderwijs feminiseert, in aanpak en bezetting, en dat schijnt niet ten goede te komen aan het mannelijk talent.

Op dezelfde internetpagina lees ik dat het onderwijs uit zijn voegen barst. Klassen worden te groot vanwege het (gedwongen) vertrek van leraren. Dat kunnen we er nog wel bij hebben, denk ik dan. Om in die grote klassen een beetje regelmaat te krijgen, zal de grootst gemeenschappelijke deler de maatstaf worden. Ik vrees nog meer uitval, zeker van jongens, maar ook van meisjes hoor. En nog meer ouders die noodgedwongen met hun kind het GGZ-circuit ingeduwd worden.

En is de GGZ dan de oplossing? Zeker niet, want de hele GGZ is gericht op handhaving van de eigen organisatie. Ze zijn handig ingesprongen op de behoefte van ouders om hun kind te etiketteren. Niet omdat de ouders dat willen, maar hun kind past niet in de steeds engere mal van het onderwijs of de maatschappij. En zonder diagnose geen hulp. En tot overmaat van ramp zijn de aanzetten van de nieuwe DSM 5 alarmerend. Nog meer ‘normaal’ gedrag wordt afwijkend verklaard, dus nog meer druk om normaal te worden. Maar wat is normaal? Het is in ieder geval niet normaal dat we als maatschappij steeds meer kinderen laten uitvallen, in dit geval veel jongens. En de GGZ moet zich hiermee niet rijk rekenen, want hun bezuinigingstaak is al aanstaande en de nieuwe hausse aan uitval zal ook de jeugdzorg niet kunnen pareren.

 

Jongensscholen en meisjesscholen, leuk, we hebben het geld er niet voor, maar het is in ieder geval de discussie waard in het kader van hogere doelen namelijk dat zoveel mogelijk mensen NORMAAL mee mogen doen.

OPEN BRIEF (light) aan directeur GGZ

Aan de directeur GGZ Nederland

De heer P. van Rooij

p.a. Sociale media

 Duiven, 18 juni 2011

 Betreft: Uiting bezorgdheid naar aanleiding van uw lezing bij de conventie van Achlum

Geachte heer Van Rooij,

Woord Vooraf

Onlangs schreef ik u een open brief, eigenlijk te lang, vandaar een OPEN BRIEF light. Dezelfde strekking, iets hoekiger verwoord.

Inleiding

Fijn dat onze minister duidelijk is, we weten nu dat ze een deel van de DSM 4 ontkent ende psychiatrie niet serieus neemt. Leven is immers lijden en daarmee geen taak voor de overheid. Door de vakinhoud te ontkennen is het gemakkelijk beleidmaken en bezuinigen. Als we het kabinetsbeleid ridiculiseren, zie ik kansen voor bezuinigingen bij hart- en vaatziektes of oncologie. Leven is immers ook doodgaan, operaties zijn daarom overbodig.

Achlum

Bij de conventie van Achlum zei u: ‘Er is werk aan de winkel om de buitenwereld te overtuigen van het belang van de GGZ.’ U had gelijk, want met ‘vrienden’ als deze minister, heeft de GGZ geen vijanden nodig. Bedrijfseconomisch levert een goede GGZ op termijn geld op, bijvoorbeeld door vermindering van het arbeidsverzuim en criminaliteit. Bovendien is preventie altijd beter dan genezen. Ik schrijf deze brief echter vanuit humanitair oogpunt. Tegenstanders van het kabinet Rutte noemen dat beschaving. Ik ben graag een radertje in het beschavingsoffensief.

In Achlum maakte u bovendien cijfers bekend: ’40 % van de psychiatrisch zieken worden niet bereikt, 30 % maakt oneigenlijk gebruik van de voorzieningen. Ik wil een derde groep toevoegen, zij die wel bereikt worden, maar waarvoor de GGZ niets wil, durft of kan doen. In deze brief zult u merken dat naast professionele betrokkenheid, wij ten aanzien van onze oudste zoon soms het absolute failliet van de GGZ willen proclameren. In ieder geval heeft de GGZ nog heel wat te reflecteren, zoals de titel van uw lezing was.

DE GGZ HEEFT EEN MISSIE

GGZ Nederland bevordert de goede geestelijke gezondheid(szorg) en komt op voor alle randvoorwaarden die noodzakelijk zijn om dit te bereiken.

Met minister Schippers zeilt de GGZ tegen de wind. Maar moeten we louter naar de boze buitenwereld kijken? Intern is er ook een wereld te winnen, want mijn indruk is dat de arbeidssatisfactie bij veel medewerkers en daarmee goede de cliëntenzorg, snel afneemt. ‘Verbeter de wereld, begin bij jezelf.’

Onlangs kreeg ik een boekje onder ogen van een bestuurder van de Riagg Rijnmond, Jos Lamé e.a.1 Op de achterkant staat het volgende:

‘Jos Lamé, bestuurder van de Riagg Rijnmond, is volgens de Rotterdamse wethouder Jantine Kriens een spookrijder in zijn kritiek op het overheidsbeleid (NRC 17-7-2010). “De weg waarop hij rijdt is inmiddels verlegd.”

Zoals zo vaak wordt een ‘scheldnaam’ als geuzennaam gehanteerd. Zal GGZ Nederland meegaan in het bitter noodzakelijke spookrijden, of accepteert het dat ‘de weg waarop het moet rijden verlegd is’ met desastreuze gevolgen voor cliënten en medewerkers en daardoor voor de maatschappij? Als professional schaam ik me soms kapot voor de GGZ, als ouder moet ik alle zeilen bijzetten om te voorkomen dat de GGZ een psychisch smetje niet ombouwt tot onherstelbare vervuiling.

Dus ik heb ook een missie namelijk:

  • Het schrijven van blogs

  • Professionaliteit inzetten om geconstateerde misstanden onder aandacht brengen.

  • Opkomen voor onze zoon en met hem vele duizenden, afhankelijk van goede GGZ zorg

Mijn professionele bezwaren tegen de GGZ wereld

Slechts één woord bureaucratie en ik zal massaal collegiale bijval krijgen. Er volgt geenaanmatigend lesje bestuurskunde, ik volsta met een opsomming van gerelateerde oneliners: verkokering van de zorg, regelzucht, controlezucht, productieeisen, productieafspraken, overhead, externe adviezen, indicatiebesluiten, geldstromen, vermarkten, timemanagement, protocolliseren, meer met minder etc.etc.

Ik ervaar bij steeds meer collega’s berusting, langzaam overgaand in een overlevingsstrategie van vervlakking en cynisme. Dat kan niet goed zijn voor cliënten. Met name bij jonge collega’s zie ik, mochten zij zich handhaven in de geestelijke gezondheidszorg (!!) dat zij in toenemende mate bevreemd zijn met het ‘object van zorg’ en zich gaan vereenzelvigen met de bureaucratische eisen.

Met de missie van GGZ Nederland in het achterhoofd, is er intern een wereld te winnen. Pas dan kun je je op een ordentelijke manier naar de buitenwereld presenteren. En dat betekent niet een paar procentpunten minder bezuinigen in de onderhandelingen met de overheid, of het openhouden van een enkele voorziening. Dat is winst voor de bühne. Jezelf profileren als een gezonde GGZ organisatie, begint bij je eerste vertegenwoordigers, de werknemers op de werkvloer. Zonder hen, geen geestelijke gezondheidszorg, want in het contact met cliënten is hun mededogen van belang. In bureaucratische en megalomane fusie-organisatie zie ik het mededogen verdwijnen. Mededogen is niet alleen iets voor de werkvloer, mededogen is voor de hele organisatie, inclusief minister, wil het effect sorteren.

Persoonlijke noot.

Als het gaat om mijn ervaring als consument, permitteer ik me minder terughoudendheid. De bejegening van individuele professionals en gerenommeerde instellingen classificeer ik als volgt: Ondeskundig, leugenachtigheid, niet aan afspraken houden, niet aansluiten bij cliënt, lompheid en de bureaucratie als schaamlap hanteren.

Soms komt persoonlijke rancune bovendrijven. Ik wil dan het liefst enkele professionals en vooral een gerenommeerde instelling openbaren, maar onze zoon is er niet meegeholpen. Mede door toedoen van de niet te noemen instelling, de wachtlijsten en valse verwachtingen, lukt het al drie jaar niet om de aansluiting met het onderwijs te bereiken. De GGZ staat dit in de weg in verband met het uitblijven van adequate behandeling. De PR van genoemde instelling is uitstekend en de website gelikt. Voor wie? Niet voor de cliënten. De PR is om de politiek te paaien en geld te krijgen met handhaving van de eigen organisatie als doel. De missie van GGZ Nederland kennen ze niet.

Ik wijs u op een rapport van de Nationale Ombudsman?2 Daarin trof ons het volgende citaat

“…De boos ebt weg, de vermoeidheid van ons als ouders is dan wat rest. De energie die overblijft hebben we hard nodig om de BV Thuis drijvende te houden. En dat lukt tot op heden in emotioneel en in materieel opzicht, maar ten koste van veel (…) Momenteel valt T. tuseen wal en schip als het gaat om hulpverlening en scholing. Het lukt niet om naar school te gaan en we wachten al heel lang op hulp. We zijn als gezin de gevangenen van de beperkingen van onze zoon en dat zou niet nodig zijn geweest indien er beter naar ons, de ouders, was geluisterd en/of afspraken beter waren nagekomen. …” schrijven de ouders van een andere thuiszittende zoon in een brief in oktober 2010 aan de Nationale Ombudsman.

En het is niet zo raar, want als ouders hebben wij de Nationale Ombudsman geschreven en hen het recht gegeven indien nodig passages uit onze brief te gebruiken. Aldus geschiedde.

Zonder onze professionele ervaring waren wij mogelijk minder kritisch. In de volle wetenschap dat we niet de enige zijn in Nederland zou deze brief ook niet geschreven zijn, aan pathetisch gedrag hebben we een hekel. Eigenlijk willen wij helemaal geen klaagweblog. We kunnen onze tijd wel beter verdoen, echter we oordelen dat er iets wezenlijks fout is in de geestelijke gezondheidszorg.

AFRONDING

Wij hopen dat onze zoon zijn plek gaat vinden in de maatschappij, mogelijk zonder hulp van de GGZ. Want enkele positieve ervaringen ten spijt, is het aan ons als ouders te danken dat de BV Thuis nog draait. Wij hebben alle ondeskundigheid tot op heden kunnen pareren om onherstelbare schade door de GGZ te voorkomen. Toch weten wij al jaren dat wij het niet alleen kunnen. Drie en half jaar wachten op deskundigheid heeft uiteindelijk geleid tot een ‘drol van een behandelingsaanbod’, niet afgestemd op onze zoon, enkel om geld te verdienen. Onze zoon past blijkbaar niet in hun mal. Wij laten hem niet misvormen door gebrek aan een adequaat aanbod. Zorg op maat blijkt geen zorg voor de individu, het beperkte aanbod van de zorgaanbieder is maatstafgevend.

 Als wij over tien jaar tot de conclusie komen: ‘Thank God, we hebben het gered zonder de GGZ’, kunt u zich voorstellen dat wij geen constructief kritisch houding meer hebben. In dat geval zullen wij alsnog een ode brengen aan minister Schippers. Voorlopig wil ik er nog niet aan denken, maar er moet echt werk verzet worden voor een gezonde geestelijke gezondheidszorg in Nederland.

Geachte heer Van Rooij, met Achlum als aanleiding en mijn persoonlijke drijfveren als motor, is deze brief tot standgekomen. Ik heb geprobeerd me te beperken, want ik zou een boekwerk kunnen schrijven doorspekt met vermakelijke maar trieste anekdotes uit privé- en werksfeer. Ik doe dat niet. Ook besef ik dat u niet verantwoordelijk bent voor de toestand van GGZ Nederland de afgelopen jaren, u bent wel verantwoordelijk voor het huidige GGZ beleid en daarom het aanspreekpunt. Deze light versie breng ik u andermaal onder aandacht en hoop via de sociale media op suggesties ter verbeteringen. Ik ben ervan overtuigd dat een inhoudelijk goede GGZ organisatie alleen dan kan functioneren als het kritische geluiden vanuit het werkveld op een organische manier kan integreren. Pas dan is het mogelijk om stupiditeiten van de minister te pareren.

Ik dank u voor uw aandacht en roep andere lezers op te reageren of deze brief verder te verspreiden.

Met vriendelijke groet,

SprakeloosID

brief is ook verschenen op dolgedraaid met twitteradres @donderwolken

Noten:

1. SPOOKRIJDERS in de zorg, Pleidooi voor een gezondheidszorg zonder meldplicht, privacyschending, afbraak van instituties, en zonder megalomane systemen. Uitgeverij Eburon, Delft 2011

2. Hoera, ik ga weer naar school. Leerlingen met psychische of gedragsproblemen die thuiszitten, Nationale Ombudsman 24 januari 2011

OPEN BRIEF aan de directeur GGZ Nederland

Aan de directeur GGZ Nederland

De heer P. van Rooij

p.a. Sociale Media

Duiven, 13 juni 2011

Betreft: Uiting bezorgdheid naar aanleiding van uw lezing bij de conventie van Achlum

(Voor mensen die schrikken van de lengte van de brief, hier een verkorte versie)

Geachte heer Van Rooij,

INLEIDING

Voor ik start over de aanleiding van deze brief, namelijk de conventie van Achlum waar u een lezing hebt gegeven met als titel ‘De directeur van GGZ reflecteert’, wil ik graag beginnen over de actualiteit. Het zal u niet ontgaan zijn. Voor mij een ‘mediahoogtepunt’, maar voor de GGZ ontegenzeggelijk het dieptepunt, is de uitspraak van onze minister van

VWS mevrouw Edith Schippers. Zij vindt dat het psychiatrisch ziek zijn, meer geaccepteerd moet worden als een onderdeel van het leven. Tja, leven is lijden en dit kabinet wil er niet voor betalen. Met één uitspraak, uiteraard een hele domme vinden wij als kenners van de GGZ, wordt een deel van de DSM 4 teniet gedaan. Psychiatrisch ziek zijn wordt door deze minister niet als ziek zijn beschouwd. Zo zie ik tenminste de uitspraak van mevrouw Schippers. Nu is het in dit gedoogkabinet niet ongewoon om belangrijke boeken, bijvoorbeeld de Koran te decimeren tot de Donald Duck, maar van een VVD-er had ik toch meer inhoud verwacht. Stel dat er nog verder bezuinigd moet worden, moet volksziekte nummer, hart- en vaatziektes, er aan geloven? Ga maar eens na, dat in 2012 besloten wordt dat 50% van de hartoperaties niet meer uitgevoerd mogen worden. Bij leven hoort immers ook doodgaan, dus het verlengen van het leven door dure operaties wordt niet meer gezien als een overheidstaak. Ik kan doorgaan in de redenatie van mevrouw Schippers en het hele overheidsbeleid gaan ridiculiseren, maar dat is wat minister Schippers zegt over het psychiatrisch ziek zijn. Er is dus werk aan de winkel voor GGZ Nederland.

ACHLUM

En dat er werk aan de winkel is, vermeldde u al op de bijeenkomst in Achlum. De bezuinigingen pakten zich al als donkere wolken boven GGZ land. U gaf te kennen dat uw organisatie moest werken aan het imago bij de beleidsmakers, dat een goede geestelijke gezondheidszorg op termijn meer geld oplevert voor een land, dan dat het geld kost. Ik ben geen bedrijfseconoom, maar ik denk hierin met u mee te kunnen gaan als het gaat om het voorkomen van langdurig werkverzuim, criminalisering in de maatschappij en dat preventie per definitie altijd goedkoper is dan genezing. Ik wil het echter in deze brief vooral bekijken vanuit de humanitaire kant. Tegenstanders van het kabinet Rutte noemen dat beschaving. Ik ben graag een radertje in het beschavingsoffensief. Als inleiding van uw reflectie die dag gaf u een aantal getallen, bijvoorbeeld dat 40 % van de psychiatrisch zieken niet bereikt worden en dat 30 % oneigenlijk gebruik maakt van de voorzieningen. Ik wil daar een derde groep aan toevoegen, namelijk de groep die wel bereikt wordt, waarvoor de GGZ gelden ontvangt, maar voor wie de GGZ niets kan, wil of durft te doen. Hoe groot deze groep is, durf ik niet in percentages uit te drukken, alleen bij de jeugdigen zijn er velen die hierdoor bijvoorbeeld niet naar school kunnen. In de loop van deze brief zult u tussen de regels door bemerken dat een persoonlijke motivatie voor het schrijven van deze brief is, al zal ik nooit ‘man en paard’ noemen omwille van de privacy van onze oudste zoon.

U vertegenwoordigt 85.000 mensen, werkzaam in de geestelijke gezondheidszorg. Met o.a. een achtergrond als psychiatrisch verpleegkundige en in het dagelijks werk veel van doen met de GGZ, is dat de tweede motiverende reden om in Achlum speciaal bij u op bezoek te gaan. Want ik ben van mening dat de GGZ nogal wat te reflecteren heeft.

DE GGZ HEEFT EEN MISSIE

De missie van GGZ Nederland is: GGZ Nederland bevordert de goede geestelijke gezondheid(szorg) en komt op voor alle randvoorwaarden die noodzakelijk zijn om dit te bereiken.

Dat is niet mis en na de uitspraak van minister Schippers is deze missie nog eens substantieel zwaarder geworden. De randvoorwaarden zijn verslechterd, nota bene door onze eigen minister. Wil de inhoud van het werk in de GGZ voorop staan, dan moet er keihard gewerkt worden tegen het politieke gezag in. Zit dat opgesloten in de missie van GGZ Nederland, of zijn de verslechterde randvoorwaarden goed genoeg? Tijdens de bijeenkomst op 28 mei 2011 vroeg ik u of u als directeur weet wat er daadwerkelijk op de werkvloer afspeelt en hoe de gemiddelde werker in GGZ het hedendaagse werk ervaart? Ik heb zelf wel een idee en daarbij zijn de nieuwste bezuinigingen niet verdisconteert. En hoewel mijn idee niet gebaseerd is op wetenschappelijk onderzoek, heb ik slechts de dagelijkse werkpraktijk als uitgangspunt. En ik kan u mededelen dat ik heel veel hardwerkende collega’s zie, met het hart op de juiste plaats en ruim voldoende opleiding en ervaring, maar bij wie de werksatisfactie langzaam maar zeker wegsijpelt. Er is wat mij betreft werk aan de winkel, zowel naar de ‘boze en kortzichtige(politieke) buitenwereld, maar zeker ook intern. Misschien wel allereerst intern, want zelf ben ik opgevoed met de slogan: ‘Verbeter de wereld, begin bij jezelf.’ En soms zijn oneliners heel treffend en werkzaam.

Onlangs kreeg ik een boekje onder ogen van een bestuurder van de Riagg Rijnmond, Jos Lamé e.a.1 Op de achterkant staat het volgende:

‘Jos Lamé, bestuurder van de Riagg Rijnmond, is volgens de Rotterdamse wethouder Jantine Kriens een spookrijder in zijn kritiek op het overheidsbeleid (NRC 17-7-2010). “De weg waarop hij rijdt is inmiddels verlegd.”

Onder de geuzennaam ‘Spookrijders in de zorg’ vond Lamé in korte tijd een groot aantal wetenschappers en praktijkmensen bereid om in hun bijdragen zichtbaar te maken dat hij bepaald niet alleen staat in zijn zorgen over het gewelddadig overheidsoptreden.

Zal GGZ Nederland, na ook eerst de hand in eigen boezem te hebben gestoken, meegaan in het bitter noodzakelijke spookrijden, of accepteert het dat ‘de weg waarop het moet rijden verlegd is’ ook al is de kennis aanwezig dat die weg langs diepe ravijnen loopt en waarbij met zekerheid velen in de afgrond zullen vallen, medewerkers en cliënten?

Ik denk dat we het eens zijn dat de GGZ nog een wereld te winnen heeft in de Nederlandse maatschappij, te beginnen bij de onwetendheid van de minister. Dat neemt niet weg dat ik als professional me af en toe groen en blauw erger aan de werkwijze van de GGZ, zowel op institutioneel vlak en dientengevolge ook op het niveau van de individuele werknemer, maar bovenal heb mogen ervaren als consument (als vader van een zoon met een psychisch smetje) welk een rampzalige lompigheid de GGZ ook in zich herbergt.

MIJN MISSIE

Mijn aanwezigheid op de conventie van Achlum was vooral ter ontspanning en van nieuwsgierigheid. Geheel onverwacht kreeg ik een uitnodiging en ik zag de mogelijkheid een aantal blogjes te schrijven voor mijn weblog  www.sprakeloosverhalen.wordpress.com . Schrijven is een hobby van me. Voor alle bijeenkomsten een passend verhaal is het doel, zo

ook ‘de directeur van de GGZ reflecteert’. De vorm waarin het verhaal gegoten wordt, is altijd een verrassing, ook voor mezelf. In dit geval drong zich langzaam maar zeker de open brief-vorm bij me op. En dat kan u nauwelijks verbazen, mocht u de tijd hebben gehad om op mijn (ons) andere weblog te kijken. Ik heb u immers na afloop mijn kaartje gegeven met alle gegevens erop. Als gevolg van kennis van de geestelijke gezondheidszorg als professional (ook bij mijn echtgenote) was de praktijkervaring die we meemaken ronduit onthutsend, de aanleiding om onze ervaringen van ons af te schrijven. Ongenuanceerd soms, recht uit

het hart, maar bovenal met als functie al schrijvend een uitlaatklep te hebben. Een beetje kennis van de menselijke psyche leert dat dit een gezonde manier is om ongezonde gevoelens kwijt te geraken. Ons blog www.dolgedraaid.wordpress.com heeft geen wetenschappelijke pretenties, maar wij zijn ervan overtuigd dat onze ervaringsdeskundigheid niet zomaar uit de lucht gegrepen is. Het is in ieder geval lezenswaardig voor hen die in de GGZ werken. Deze open brief is derhalve het samengaan van een aantal persoonlijke missies te weten: de wens om te schrijven, op te komen voor ons zoon en hart voor de GGZ in het algemeen.

WAAR ZIJN WE NU IN GODSNAAM MEE BEZIG?

Twee drijfveren zijn er om een ‘ventilatie’ blog te schrijven en dus deze open brief aan u. Allereerst uiteraard vanuit mijn professionele kijk op de GGZ, ten tweede wordt deze brief gevoed door persoonlijke ervaringen. Te beginnen met mijn (onze) professionele kijk op de geestelijke gezondheidszorg.

Ik hoef slechts een woord te noemen en menig collega zal me bijvallen, te weten bureaucratie. ‘Als er geen bureaucratie zou zijn, konden we gewoon ons werk doen.’ Iedereen ervaart de dagelijkse bureaucratie natuurlijk anders en vooral gaat er anders mee om. Ik ga in deze brief geen aanmatigend lesje bestuurskunde geven, nog daargelaten of ik dat op een objectieve wijze kan. Ik volsta met een opsomming van gerelateerde woorden en begrippen: verkokering van de zorg, regelzucht, controlezucht, productie-eisen, productie-afspraken, overhead, externe adviezen, indicatiebesluiten, geldstromen, vermarkten, timemanagement op de werkvloer, protocolliseren etc.etc.

Ieder individu gaat er anders mee of ervaart het anders. In eerste instantie lijkt het heel gezond om alle bureaucratische belast van je af te laten glijden als werker in de GGZ. ‘Het is nu eenmaal een gegeven in de hedendaagse samenleving.’ Als overlevingsstrategie kun je dit natuurlijk een tijdje volhouden, maar hoe ver kom je dan af te staan van je eigen gevoel en/of professie. De beleids- en managerscultuur gaat in toenemende mate de inhoud van het werk bepalen. Het is mijn ervaring dat het aantal managers met inhoudelijke kennis steeds minder wordt dan wel opgeslokt wordt door de eisen van de zelfstandige dynamiek van de ‘bureaucratie’. Het meest levendige bewijs is in deze brief al genoemd, de minister zelf.

Ik ervaar bij steeds meer collega’s berusting, langzaam maar zeker overgaand in een overlevingsstrategie die een vervlakking met zich meebrengt die niet goed kan zijn voor cliënten. Bij anderen zie ik nog wel enige passie, maar ik moet tot mijn spijt constateren dat

het dan vooral het ‘bevredigen van de bureaucratie’ is. Zij lopen in de pas met de actuele eisen, maar zoals gezegd, heeft het steeds minder met de daadwerkelijke inhoud van de geestelijke gezondheidszorg te maken. Met name bij jonge collega’s zie ik, mochten zij zich na enkele jaren kunnen handhaven in de geestelijke gezondheidszorg (!!) dat zij in toenemende mate bevreemd zijn met het ‘object van zorg’ en zich steeds meer gaan vereenzelvigen met de protocollen en andere bureaucratische eisen. Ik constateer een robotisering van de geestelijke gezondheidszorg, in een pessimistische bui wil ik het zelfs de autismisering van de zorg willen noemen.

En natuurlijke zijn er onverbetelijke optimisten, maar ook zij zullen moeten constateren dat het zoveel beter kan, misschien wel met hetzelfde geld. Het moge duidelijk zijn dat ik mezelf niet onder die optimisten schaar als het de geestelijke gezondheidszorg betreft.

Met de missie van GGZ Nederland in het achterhoofd, denk ik dat er intern nog een wereld te winnen is, wil je in staat zijn om je naar de buitenwereld inhoudelijk te presenteren. En daar bedoel ik niet mee het winnen van een paar procentpunten minder bezuinigen in de onderhandelingen met de overheid, of het openhouden van een enkele voorziening. Dat is winst voor de bühne, maar jezelf profileren als een gezonde GGZ organisatie, begint bij je eerste vertegenwoordigers, de werknemers op de werkvloer. Zonder hen, geen geestelijke gezondheidszorg, want in het contact met cliënten is naast opleiding en ervaring vooral mededogen van belang. In bureaucratische en megalomane fusie-organisatie zie ik het mededogen verdwijnen. Mededogen is niet alleen iets voor de werkvloer, mededogen is iets dat door de hele organisatie moet zitten, wil het effect sorteren.

DE PERSOONLIJKE NOOT

In het bovenstaande spreek ik niet over ondeskundigheid, ongeïnteresseerd gedrag en respectloosheid van collega’s naar cliënten toe, als gevolg van door mij gesignaleerde ontwikkelingen in de geestelijke gezondheidszorg. Het zal met zekerheid wel gebeuren, maar ik zie hier vooral de actuele ontwikkeling als veroorzaker. In de meest positieve

benadering is de verzakelijking van de bedrijfscultuur de veroorzaker van het ontnemen van het noodzakelijke mededogen naar cliënten. In de literatuur wordt in deze ook wel gesproken van parallelle processen in de organisatie. Als het gaat om mijn ervaring als consument, permitteer ik me toch minder terughoudendheid. Persoonlijk getroffen door de bejegening van individuele professionals en gerenommeerde instellingen kan ik ook nu met een rijtje begrippen en classifiseringen komen: Ondeskundigheid, leugenachtigheid, niet aan afspraken houden, niet aansluiten bij cliënt, lompheid en vooral het bedienen van de bureaucratie, niet de inhoud van de geestelijke gezondheidszorg volgend.

Af en toe komt persoonlijke rancune bovendrijven en het liefst zou ik enkele persoonlijke professionals en vooral een gerenommeerde instelling nadrukkelijk willen benoemen. Niets liever dan dat. Maar onze zoon is er niet meegeholpen, maar mede door toedoen van de niet te noemen instelling, gehanteerde wachtlijsten en worsten die voorgehouden zijn, lukt het al drie jaar niet om de aansluiting met het onderwijs te bereiken. De GGZ staat dit in de weg in verband met het uitblijven van adequate behandeling. De PR van genoemde instelling is waanzinnig goed, de website gelikt, maar het blijken loze beloftes, misschien alleen voor de bühne, om centen los te krijgen van de minister, met als doel handhaving van de organisatie in plaats van het bedienen van de missie van GGZ Nederland.

Onze persoonlijke ervaring dus als drijfveer. Kent u het begin dit jaar verschenen rapport van de Nationale Ombudsman2 ? Daarin trof ons het volgende citaat:

 En het is niet zo raar dat deze passage ons trof, want als ouders hebben wij de Nationale Ombudsman geschreven en hen het recht gegeven indien nodig passages uit onze brief te gebruiken. Aldus geschiedde.

Zonder onze professionele ervaring waren wij mogelijk minder kritisch geweest. Zonder de wetenschap dat er duizenden kinderen als onze zoon in Nederland zijn, ieder met een eigen verhaal, zouden wij waarschijnlijk helemaal niet in de pen geklommen zijn op enig moment. Wij weten als geen ander dat pathetisch gedrag geen goede probleemoplossende ingrediënten bevat. Eigenlijk willen wij helemaal geen weblog met als titel www. dolgedraaid.wordpress.com , integendeel. We kunnen onze tijd wel beter verdoen. We voelen en weten dat er echter iets wezenlijks niet goed gaat in de geestelijke gezondheidszorg. En trouw aan mijn eigen opvoedingsnormen,verbeter de wereld en begin bij jezelf.

Met mijn persoonlijke missies als drijfveren, is deze open brief tot standgekomen.

AFRONDING

Soms hebben wij vergezichten. De ene keer zijn ze donkerder gekleurd dan de andere keer. Wij hopen dat het onze zoon over tien jaar goed gaat en dat hij zijn plek heeft gevonden in de maatschappij. En misschien heeft hij die plek wel gevonden zonder de GGZ. Want naast ook enkele positieve ervaringen met individuele begeleiders, is het aan ons als ouders te danken dat de BV Thuis het hoofd boven water kan houden. Wij hebben alle ondeskundigheid tot op heden kunnen pareren zodat het psychische plekje bij onze zoon, niet uitgroeit tot onherstelbare vervuiling door de GGZ. Toch weten wij al jaren dat wij het niet alleen kunnen, maar drie en half jaar wachten op deskundigheid heeft uiteindelijk geleid tot een ‘drol van een behandelingsaanbod.’ Het is toch te gek voor woorden dat geestelijke gezondheidszorg in een mal moet passen om zodoende op beleidsniveau beheersbaar te kunnen zijn en dat er niet meer gekeken kan worden naar de persoon die hulp nodig heeft. Zorg op maat is geen zorg toegespitst op het individu, bij zorg op maat is vooral de aanbodzijde maatstafgevend geworden. Als zorgaanbieder meten zij de maat.

Als wij over tien jaar tot de conclusie komen: ‘Thank God, we hebben hem niet laten misvormen door de GGZ’, kunt u zich voorstellen dat wij geen constructief kritisch houding meer hebben. In dat geval zullen wij mogelijk alsnog een ode brengen aan minister Schippers. Ik kan het me nu nog niet voorstellen, maar er moet heel veel gebeuren met een gezonde geestelijke gezondheidszorg in Nederland.

 Beste mijnheer Paul van Rooij, met Achlum als aanleiding en mijn persoonlijke drijfveren als motor, is deze brief tot standgekomen. Ik hoopte vooraf me te kunnen beperken tot een brief, want ik zou een boekwerk kunnen schrijven doorspekt met vermakelijke maar eigenlijk zeer trieste anekdotes uit privé- en werksfeer. Ik doe dat niet. Ook besef ik dat u niet verantwoordelijk bent voor de toestand van GGZ Nederland de afgelopen twintig jaar, u bent echter wel verantwoordelijk voor het huidige GGZ beleid en daarom een gemakkelijk aanspreekpunt. En ondanks de lengte, mogelijk te lang voor een weblog, hoop ik dat de open brief gelezen zal worden en via de sociale media verder verspreid gaat worden en dat er meerdere mooie suggesties voor verbeteringen gaan komen. Want ik ben ervan overtuigd dat een inhoudelijk goede GGZ organisatie alleen dan kan functioneren als het kritische geluiden vanuit het werkveld op een organische manier kan integreren. Pas dan is het mogelijk om stupiditeiten van de minister te pareren.

Ik dank u voor uw aandacht en roep andere lezers op om te reageren of deze brief verder te verspreiden (via direct mail op twitter, zal ik me alsnog aan u bekend maken, mocht u mijn kaartje niet meer hebben. In verband met privacyredenen, onderteken ik met mijn twitternaam)

Met vriendelijke groet,

SprakeloosID

Op beide blogs is de brief geplaatst

www.sprakeloosverhalen.wordpress.com

corresponderend met twitteradres @sprakeloosID

www.dolgedraaid.wordpress.com

corresponderend met twitteradres @donderwolken

1SPOOKRIJDERS in de zorg, Pleidooi voor een gezondheidszorg zonder meldplicht, privacyschending, afbraak van instituties, en zonder megalomane systemen. Uitgeverij Eburon, Delft 2011

2Hoera, ik ga weer naar school. Leerlingen met psychische of gedragsproblemen die thuiszitten, Nationale Ombudsman 24 januari 2011

Klein uitstel open brief GGZ Nederland

Mijn Conventie van Achlum

Een enthousiast blogger en een starter op andere sociale media zoals Facebook en Twitter, that’s me. Niets bijzonders, maar er zijn momenten dat ik de onverwachte genoegens van bijvoorbeeld Twitter erg kan waarderen. Aanvankelijk stonden Facebook en Twitter in dienst om mijn blog te promoten. Zo ook afgelopen woensdag. In mijn hoofd zat een stukje tekst en dat kwam er vlot uit. Over Andrée van Es, Bart Spruyt en hoffelijkheid. Geen wereldschokkend stukje tekst, maar toch het kreeg niet de aandacht die het ik vond dat het verdiende, dus maar een beetje twitteren met die handel.

 

‘Hè, de conventie van Achlum gaat over de toekomst van Nederland, daar gaat mijn stukje ook over, op mijn manier dan. Ik twitterkoppel dat lekker aan elkaar. Weinig enthousiasme. ’s Avonds herinner ik me mijn eigen blog over de kerkdienst van Achlum en ik promoot ook dat stukje maar even.’

 

 

 

 

 

De volgende dag onverwacht de vraag of ik interesse had om te komen. En ja hoor, de toezegging om op de Conventie van Achlum aanwezig te mogen zijn, kwam in de loop van donderdag. Nog even in de stress omdat het vouchersysteem ‘op’ was, maar we stonden op de gastenlijst, dus even vragen naar T. of M. Ondanks op de media verspreidde waarschuwingen van strenge controle en geen toegang zonder voucher, liep alles gesmeerd.

En dan, kom je ineens terug in Achlum, mijn vakantieoord van 2010, is nu omgedoopt tot een grote snoepdoos van sprekers van heel divers pluimage. ‘Waar ga ik naar toe?’ ‘Heb ik interessante vragen?’ en ‘Wat zijn interessante onderwerpen om over te bloggen?’ Vooral dat laaste is een belangrijke drijfveer. En misschien loopt het op de dag zelf wel helemaal anders. Schrijvers, wetenschappers, politici en bestuurders uit heel Nederland zijn uitgenodigd mee te denken over: ‘Staat en de toekomst van Nederland.’ En dat allemaal omdat verzekeringsmaatschappij Achmea haar 200 jarige bestaan viert en terugkomt bij de bron van haar ontstaansgeschiedenis ACHLUM. O ja, Bill Clinton is ook een van de sprekers. En ik mag er naar toe. Mijn zwager offreer ik ook de snoepdoos van sprekers en uiteraard maakt hij zijn eigen keuze. De avond vooraf vind ik het nog steeds moeilijk te kiezen. Ik weet één ding zeker, als ik terugkom, zal ik op me achterhoofd wrijven vanwege alle sprekers en nieuwe inzichten die ik niet heb mogen ervaren.

De Conventie van Achlum heeft in ieder geval gezorgd voor vier blogs (in mijn hoofd) en via dit introducerende blog geef ik mezelf de opdracht om tussen de bedrijven van het normale leven door, de stukjes te schrijven, over ‘De staat en de toekomst van Nederland.’ Ik wil daar rustig de tijd voor nemen en om te voorkomen dat ik ellenlange epistels ga schrijven, immers ‘In die Beschrenkung zeigt sich der Meister’ , echter via een beloftedatum gooi ik de druk erop om wel door te werken.

31 mei 2011

Opening, sfeer en verloop van de Conventie van Achlum.

3 juni 2011

Ben ik pensioenproof op mijn 45e? Kan mij het schelen.

Aanleiding is het gesprek tussen Mei Li Vos, Kees de Lange en Nynke de Jong.

5 juni 2011

Vind ik de moderne vrouw wel zo leuk?

Aanleiding is het interview door Arie Boomsma met Aaf Brandt Corstius

10 juni 2011

Open brief aan de directeur van GGZ Nederland

Aanleiding is de lezing van Paul van Rooij over de reflectie van de GGZ

Uiteraard ga ik mijn best doen mijn belofte waar te maken. U kunt me voor de zekerheid ook volgen op Twitter via @sprakeloosID om de stukken van uw voorkeur niet te missen. Want vooral Twitter blijft een belangrijke bron van reclame. En je weet maar nooit wat er van komt, misschien zijn er nog veel meer conventies?