Het lot van de familie Meijer door Charles Lewinsky

Eerlijk is eerlijk, ik heb bijna twee maanden gedaan over het boek ‘Het lot van de familie Meijer’ van de auteur Charles Lewinsky. Normaliter is dat geen reclame voor een boek. In dit geval is dat zeker niet het geval. Door tijdgebrek en andere omstandigheden, had ik niet de mogelijkheid door te lezen. Te veel onderbrekingen bij een boek is vaak de doodsteek om het einde te behalen, soms zelfs voor niet eens onaardige boeken. Ondanks het feit dat ik soms maar een paar bladzijden las, vlak voor het slapengaan, heeft Charles Lewinksy me tot het einde toe weten te boeien. Door zijn manier van schrijven wist ik de ‘film’ dag in, dag uit levendig te houden. Ik zou willen beweren dat voor mij Lewinsky zo’n goede schrijver is dat je je als lezer niet eens zo’n ‘grote regisseur’ hoeft te zijn, om de literaire pareltjes tot een prachtig filmisch geheel te laten vervloeien.

Het lot van de familie Meijer

Charles Lewinsky

uitgeverij Signatuur/Utrecht

2007

Dat wist ik eigenlijk al van Lewinsky, want eerder had ik ‘De verborgen geschiedenis van Courtillon‘ ook verslonden.Wat ik het meest bewonder in ‘het lot’ van Lewinksy dat hij de grote en kleine verhalen zo moeiteloos met elkaar weet te verbinden. Het grote verhaal is natuurlijk de familiegeschiedenis van de Joodse familie Meijer in Zwitserland tegen de achtergrond van de (wereld)geschiedenis. Dit is in zijn geheel een prachtig epos geworden dat de lezer een goed beeld geeft van wijdverbreide anti-joodse gevoelens, ook buiten het latere oorlogsgebied gedurende beide wereldoorlogen. Als lezer werd ik meegenomen in menselijke overlevingsdrang, psychologische lotverbondenheid van de personages onderling en met hun eigen tijd.

Echter het meest genoten heb ik van het vermogen van de schrijver om in ieder episode en met ieder tafereel een levendige voorstelling te maken. De optelsom van al deze kleine verhalen, eenakters en filosofische beschouwingen maken het een gigantisch boekwerk.

 Om mijn positieve waardering beter onder woorden te brengen geef ik een aantal voorbeelden.

p.537 e.v. Een heel ingetogen beschrijving van Arthur Meijer en zijn nicht Désiree Pomeranz, beide vrijgezel op dat moment, hoe zij gezamenlijk af en toe de maaltijd gebruiken. Magnifiek beschreven, mogelijk totaal niet van belang voor het grote verhaal, maar een heerlijkheid van enkele bladzijden.

p.536 De schrijver werpt de vraag op wat je van elkaar bent als je geen vriend noch vijand van elkaar bent, wat ben je dan wel als er toch lotsverbondenheid is? Hij beschrijft het aan de aan van de lotsverbondenheid tussen Hillel Rosenthal en een arme boerenzoon met nationalistische sympathieën. Ze zijn klasgenoten van elkaar.

p.538 Een prachtig citaat, dat in mijn optiek heel eigentijds geïnterpreteerd kan worden:

‘Aan de andere kant van de grens, slechts een paar kilometer van Zürich vandaan, was de wereld uit zijn voegen gerukt, de cafépolitici waren van de stamtafel naar de regeringsbanken verhuisd en publiceerden hun grot-geschut-leuzen nu als wetsteksten.’ Wat moet ik hier nu verder nog over zeggen?

p.579-580 Rachel Kamionker, ook nog vrijgezel, spreekt met vluchteling Grün uit Duitsland op het dak van een stadswoning. In twee pagina’s wordt de onderliggende (aanstaande) relatie tussen beide beschreven maar ook de lijdensweg van joodscaberetier Grün en tevens een college wat humor is.

Er is zoveel op literair, psychologisch, historisch en filosofisch gebied veel te genieten van het boek en ook in zeer hoge dichtheid aanwezig, zodat geen enkele bladzijde verveelt. In het begin moest ik een beetje wennen aan de grote hoeveelheid Jiddische uitspraken. Verder blijft minimaal één vraag bij mij achter. In het hele boek komt een oom Melnitz voor, die heb ik nog niet echt kunnen plaatsen. Is dat het geweten, een fictieve biechtvader van de familie of wel de naamgeving van het lot van de familie Meijer? Ik durf het niet met zekerheid te zeggen, maar een boek mag ook geheimen vasthouden voor mij.

Mijn beoordeling voor dit boek is een: 8,5

Voor alle andere Sprakeloos boekervaringen, volg de link

Het zwijgen van Maria Zachea – Judith Koelemeijer

Soms is een idee om een boek te schrijven erg eenvoudig, voor de handliggend simpel zelfs. De sleutel tot simpliciteit heeft Judith Koelemeijer gevonden in haar werk: “Het zwijgen van Maria Zachea.” Een boek lag al enige jaren bij ons in de kast zonder mijn warme aandacht. Waarom weet ik eigenlijk niet. Hoe besluit een mens om een boek te lezen?

Allereerst op aanraden van zijn omgeving of door de bekendheid van de schrijfster. In het geval van Koelemeijer ging dat niet op. Soms is een wervende tekst op de achterkant of een spectaculaire voorkant het duwtje in de rug om een boek op te pakken. Uiteindelijk heeft de ondertitel van dit boek de doorslag gegeven, namelijk, ‘Een ware familiegeschiedenis’. De laatste tijd heb ik meerdere romans gelezen die de ontwikkeling van families schetsten. Dat is goed bevallen. De foto op het boek van Koelemeijer, een zwart-wit foto van kinderen in ouderwetse badkleding, brengt spruitjeslucht naar boven. En hoewel zwart-wit foto’s op dit moment erg ‘hot’ zijn, was mijn vooroordeel niet ten onrechte. Echter, goed klaargemaakt zijn spruitjes soms erg lekker. In het geval beschouw ik Judith Koelemeijer als een goede kokkin.

Wat zijn de ingrediënten? Een eenvoudig recept dus. Men neme een zieke dame op leeftijd die op toerbeurt verzorgd wordt door haar twaalf kinderen. Naast een summiere weergave van de activiteiten van de verzorging, komen de verhalen van ieder kind en hun relatie met hun moeder, hun overleden vader en de andere broers en zussen voorbij. Omdat de eerste in 1934 is geboren en de jongste in 1953 komt er een prachtig tijdsbeeld voorbij, misschien inderdaad te beginnen met spruitjeslucht, maar als de jongeren voorbij komen, dienen andere, meer wereldse geuren zich aan.

Omdat de bereidingswijze misschien simpel is, mag volgens mij niet zomaar aangenomen worden dat er niet secuur te werk gegaan moet worden. Ik vind dat Judith Koelemeijer er in geslaagd is de familieverhoudingen mooi weer te geven, een hardwerkende tuindersfamilie met een groot potentieel tot studerend vermogen. De kansen voor de oudsten waren anders dan die voor jongeren. Meisjes en jongens hebben ook een andere kijk op het familiegebeuren en hun eigen rol in het geheel.

Eigenlijk zou iedereen met een pietsie schrijfvermogen iets soortgelijks moeten doen. Dan zou er een prachtig pallet van familiegeschiedenissen in Nederland ontstaan en daarmee een bijzonder beeld over de 20e eeuw. Want wie heeft er niet een heel scala aan ooms en tantes. Als ik naar mijn eigen familie kijk, waren ze bij mijn vader thuis met acht kinderen, bij mijn moeder met een minder.

Ogenschijnlijk hele normale families, net als de familie Koelemeijer, waarbij ik zeker weet dat meningen, opinie en kijk op het verleden van de verschillende broers en zussen aanleiding tot dynamiek zal geven en dus een potentieel boekwerk.

Een oud Nederlands spreekwoord zegt immers ‘Ieder huisje heeft zijn kruisje.’ Dat was te lezen bij het boek van Judith Koelemeijer en ten aanzien van het lief en leed bij de families van mijn ouders anders zijn. Zal er een rode draad te vinden zijn in het gemeenschappelijk geheugen? Zullen er ‘onbekende zaken’ boven komen?

Ik zal het niet te weten komen, want mijn inschatting is dat de belangstelling bij de verschillende ooms en tantes niet zal overstromen. Judith Koelemeijer heeft het gelukkig wel gedaan en verschafte mij daarmee veel leesplezier en het gevoel dat ik niet zover zal komen.

Het zwijgen van Maria Zachea

(Een ware familiegeschiedenis)

Judith Koelemeijer

Plataan 2001