56. ARNHEM CENTRAAL uit de serie de kabbelende 100

foto 1

Vandaag was het zover, na bijna twintig jaar. Het treinstation in Arnhem is officieel geopend. We zijn 163 miljoen verder, menig (politiek) crisis is doorstaan en de reiziger zal langzaam maar zeker moeten wennen aan enig comfort, want dat was de afgelopen jaren ver te zoeken. Zelf kom ik vanaf 1993 met enige regelmaat in of langs Arnhem voor mijn werk, maar het grootste deel daarvan had ik te maken met een hele grote bouwput. Het heeft er lang naar uitgezien dat er een hele vette vieze lelijke puist het stadscentrum van de stad blijvend zou ontsieren. Het is echter prachtig geworden. Met name het laatste jaar waarbij ik bijna dagelijks op het station moest zijn, werd het iedere dag een stukje mooier. Het station, de perrons, de gang naar de perrons en de directe omgeving van het station. Prachtig gewoon, een kniesoor die nog moet opmerken dat ze het in Rotterdam in de helft van de tijd doen.

foto 2

Vandaag dus de opening en vanochtend werd nog de laatste hand gelegd en de ramen werden gelapt.

Als eerste station buiten de Randstad mag het station mogelijk Arnhem Centraal heten. Het is de Arnhemmers gegund. In de volksmond worden namen als De Schelp of Wokkel ook al gebezigd. Ik vind dat erg oneerbiedig voor zo’n perfect staaltje esthetiek. In dit geval moet een station met deze allure een andere benaming krijgen met meer allure, passend bij de stad. Zelf zou ik willen voorstellen Port de Nijmegen, zoals in Parijs ook menig metrostation heet. Port de Nijmegen, proef dat maar eens goed. Dat klinkt. Bovendien hebben connaisseurs waar ik mezelf in dit geval onder schaar, een vooruit zienende blik gehad. Want op de vraag wat is het mooiste van de stad Arnhem, werd steevast geantoord: De plek waar de trein naar Nijmegen vertrekt. Nu, ik geloof met recht dat we hier niet meer onderuit kunnen. Port de Nijmegen is vandaag geopend.

 

Ik heb vandaag een aantal foto’s gemaakt die ik u niet wil onthouden, maar komt vooral zelf eens een kijkje nemen op Port de Nijmegen.

 

foto 3

Naar de perrons

foto 3a

Kijk op de stationshal

foto 4

Blik op de stationshal

foto 5

Blik op stationshal vanaf eerste verdieping, op voorgrond kunstzinnige verlichting

foto 6

voetgangersgedeelte van en naar het busstation

foto 7

Feestelijke uitdossing voor de opening

foto 8

Blik op het stationsplein met de WTC-torens

foto 9

Bezijden het stationplein, bioscoop Pathé, een van de grotere in Nederland met de onvermijdelijke McDonalds ernaast.

foto 10

Rondleiding vandaag & niet officiële opluistering door onze mede-Europeanen uit Zuid-Europa

foto 12

Op het perron naar de treinen.

55. INTROSPECTIEF ROKEN uit de serie de kabbelende 100

Heb ik het in de kabbelende 100 wel eens gebabbeld en gekabbeld over roken? Vast niet, al houdt het me iedere dag bezig. Weet je wat het voordeel van roken is? Het geeft je een aantal introspectieve momenten op de dag. Voor niet rokers heet dat dagdromen of nietsnutten, voor rokers zijn dat een aantal sacrale momenten die ik voor geen goud zou willen missen. Ondanks een tijdelijke vermindering van zuurstof, ook in mijn hersenen, heb ik oprecht het idee dat geniale vondsten bij mij vooral tijdens het roken plaatsvinden, en natuurlijk vlak voor het inslapen. In beide gevallen ben je ‘het ei van Columbus’ meestal snel weer kwijt. Bij het slapen gaan natuurlijk omdat je dan echt op een andere modus overstapt. Maar bij het roken, dwingt de realiteit zich weer aan en kost het mij moeite om de gedachten vast te houden, of ik zou natuurlijk moeten kettingroken. Er zijn trouwens schrijvers die beweren zonder sigaret geen roman te kunnen schrijven. Het is maar dat u het weet.

20151101_115533

Niet alleen scherpe gedachten, ook de opmerkzaamheid en het waarnemen van je omgeving wordt groter door roken. En daar dan weer van genieten is ook een kwaliteitsmoment van grote waarde. Zo had ik op zondagochtend de rozen in mijn eigen tuin nooit zo nadrukkelijk gezien en ervan kunnen genieten. Het voordeel van deze esthetische momenten is dat je ze vast kunnen leggen in tegenstelling tot gedachten die bij mij minder fotografisch blijven hangen. Zo ziet u, ieder nadeel heb zijn voordeel, al is de uitspraak van Johan Cruijff heden ten dage wel een beetje wrang natuurlijk.  De diagnose bij de nationale nummer 14 heeft mij ook wel weer aan het denken gezet, vooral denken tussen de sigaretten door en dat is gelukkig nog wel het grootste deel van de dag. Misschien moet ik eens een serie maken de ‘Rochelende 100’ over roken en niet roken? Dat is voor later. O ja, ik wil u een fotogeniek momentje niet onthouden, zeker als niet roker zult u er zelden mee van doen hebben. Ook dit geeft aanleiding tot overpeinzing. Mijn introspectieve momentjes tijdens het wachten op de trein.
20151030_174335

52. NAZAAT uit de serie de kabbelende 100

In het afgelopen voorjaar zag ik het ineens in mijn eigen huis. Ik heb een soort van schilderij van Vincent van Gogh in huis. Geen echte natuurlijk maar net zo mooi. Vanuit 20150516_115904de eettafel kijken we op de trompetterboom die ieder jaar een beetje schuiner gaat staan. Natuurlijk is het geen olijfboom, maar hij gedraagt zich er wel een beetje naar. Het feit dat ik dit ‘schilderij’ zie, maakt me wel een beetje kunstzinnig. Misschien heb ik wel een beetje bloed van de schilder in mij. Weet ik veel hoe hij naast zijn penselen ook ander instrumentarium heeft gehanteerd. Hoewel in de liefde was hij niet zo gelukkig. Ik wilde wel wat met deze compositie, ik overwoog zelfs even een schilderscursus. Wie weet? Het is er niet van gekomen en de boom eenmaal vol in blad, begon steeds schuiner te staan en blokkeerde inmiddels een normale doorgang. In de zomer zijn de bloemetjes trouwens mooi en kleurrijk, echt iets voor een schilder in een dop, maar daar is dan ook alles mee gezegd.

Inmiddels is heeft het najaar zijn intreden gedaan, hoewel het nog best groen is. Mijn eigen ‘olijfboompje’ zal er aan moeten geloven. Ik wilde vandaag een begin maken om de jonge loten er alvast af te knippen, dat scheelt over een paar weken een hoop blad. Over nazaten gesproken, als u ooit overweegt een trompetterplant oftewel een Campsis Grandiflora aan te schaffen, bezint eer ge begint. Het is echt waar onkruid, heel mooi maar het fokt zich ondergronds door. Meters verder komt het weer bovengronds en een paar weken van onachtzaamheid en een nieuwe boompje heeft zich al weer gevestigd en dan op meerdere plaatsen, over nazaten gesproken. Vandaag zou de eerste aanval op de trompetterboom gedaan worden, maar eenmaal bezig wist ik het. Het is genoeg, hij gaat er aan en wel nu. Dan maar geen schilderij à la Van Gogh. Genoeg is genoeg. Volgend jaar kijk ik wel in hoeverre hij zich stiekem toch herstelt. De nazaten van onze trompetterboom zullen nog in lengte van dagen in onze tuin melden.

20151010_151203

49. SPIJBELEN IN DEN BOSCH uit de serie de kakelende 100

Af en toe heb je dat zo op je werk, een teamuitje met alle collega’s in den lande, zo’n 300 bij elkaar. Of je dat nu leuk vind of niet, het is min of meer een verplichting. Meestal is het best aardig. Vandaag landden we in Den Bosch in theater De Parade. ’s Morgens een serieus programma met de nieuwste organisatie-ontwikkelingen en een spreker met een inhoudelijk verhaal met betrekking tot het werk. Was interessant en leerzaam, hoewel in zo’n grote groep worden er toch steeds ludische werkvormen aangedragen. De softe sector zullen we maar zeggen, maar ik heb er echt een schijthekel aan. ’s Middags is meer de ontspanning, maar ook dat moet steevast gepaard gaan met iets interactiefs. Driewerf gadverdamme, dus ik spijbelde voordat de echte ontspanning begon. Geen nood, de Sint Jan, misschien wel de mooiste kerk van Nederland, was in de beurt. Een aantal collega’s ging ook.

twin towers in Den Bosch
Ik kijk dan altijd even naar het alziend oog in de toren. ,,Dat is ook het teken van de vrij-metselaars” wist een collega te melden. Hij wees ook op een kunstwerk tegen een van de pilaren van de toren. ,,Een getordeerd baldakijn” wist een man op leeftijd te vertellen. Hij bleek een gidsfunctie te hebben en wist heerlijk te vertellen over allerlei ins en outs van de Bosche Kathedraal. Bijvoorbeeld dat in 1584 de bliksem in de toren sloeg en dat de honderd meter hoge toren nooit meer is opgebouwd in de oude vorm van vanwege geldgebrek. Het geld dat gereserveerd was voor twee torens aan de voorkant, gelijk de Kölner Dom, werd gebruikt voor de restauratie van de de kerk. Speciaal wees de ‘oude baas’ op een brandschildering bij de hoofdingang dat dateert uit 2007. Een voorstelling van hel, vagevuur en hemel van kunstenaar Marc Mulders. Links onderin, in het hel-gedeelte, verbeeld het vliegtuig dat in de Twin Towers in New York is gevlogen. Recente geschiedenis versmelt zich met eeuwenoude katholieke symboliek waarover de man vertelde. In de 16e eeuw kwamen de torens er niet en juist op die plaats wordt in het raampje links onderin tot uitdrukking gebracht waar twee andere torens ruim vierhonderd jaar later zijn weggevaagd. Het uurtje spijbelen heeft veel opgeleverd, een heel nuttig uurtje.

Ik realiseer dat fotograferen ook een vak is dat ik niet beheers. Met veel moeite kan ik het vliegtuig op mijn eigen foto’s onderscheiden, terwijl het in het echt goed te zien was. Volledigheidshalve maar een foto van internet geplukt ter verduidelijking.

twin towers in Den Bosch 2

48. DUBAI AAN DE WAAL uit de serie de kabbelende 100

Ik moest maar weer eens polshoogte gaan nemen in Nijmegen dacht ik afgelopen zondag. Over de oude brug rijdend zie ik al jaren lang allerlei activiteiten rondom weg, brug en water. Afgelopen juni heb ik voor het eerst aan de Lentse kant van de Waal gelopen. Veelbelovend, maar nog lang niet af. Aangemoedigd door een artikel in de Trouw over de overloopgebieden die dit jaar klaar moeten zijn o.a. in Nijmegen, ging ik met vrouw en hond richting misschien wel de leukste stad van Nederland. En wederom een verrassing en al weer een heel stuk anders dan een kleine drie maanden geleden. De contouren zijn duidelijk, maar de invulling moet nog komen. Maar wat een potentieel is Nijmegen daar aan het bouwen voor recreatie en toerisme, geweldig. O ja, ook de ruimte voor de rivier zal ongetwijfeld meegenomen zijn in de enorme bouwplannen.

20150913_131140
Als jongetje kun je alleen maar dromen van zulke hoeveelheden zand. Had ik maar een beroep geleerd dan zou ik misschien met mijn keepvrachtwagen de dagen heel anders hebben ingevuld. Ik heb andere keuzes gemaakt in het leven en ook als ik onverwijld mezelf moet omscholen dan zal niemand brood zien een penopauzer om te scholen tot een heuse zandgigant. Ik zou wel willen werken in Havanna aan de Waal. Hoewel Havanna? Ik denk dat de meeste rode gloed echt wel is verdwenen in Nijmegen en als het nu niet is, dan toch minstens bij de volgende verkiezingen. Ik mag dan geen keepwagenchauffeur zijn geworden, als politicoloog heb ik er wel kijk op vind ik zelf. En ook een niet-politicoloog moet wel stekeblind zijn om voor de nabije toekomst nog toekomst te zien voor de linkse politiek in Nederland, Nijmegen niet uitgezonderd. En kijkend naar de actualiteit rondom Europa, Rusland en natuurlijk de vluchtelingen maakt dat de gemiddelde mens niet linkser in het stemhokje. Met de mond zal er nog wel een humaan welkomsbeleid worden gepredikt, maar mind my words Havanna aan de Waal komt voorlopig niet meer terug. Vluchtelingen die letterlijk de Oversteek hebben gemaakt willen we toch niet in de achtertuin.

Misschien kan Nijmegen een positieve oase creëren in Dubai aan de Waal met ruimte voor vluchtelingen.

46. WAAR STAAT PAARS VOOR uit de serie de kabbelende 100

God, of wie dan ook straft meteen als je loopt te fucken met het koningshuis. Dat was mijn eerste gedachte gisteren 2 mei bij de volgende ronde in de tuin. Maak ik op 27 april nog 20150428_092802gekscherend gewag van een verwelkte oranje tulp als mijn ultieme bijdrage aan de Oranjeleut, mijn dag zou nog komen. Naast de verwelkte tulp stond een nieuw exemplaar op het punt van openbarsten, jong, krachtig en zo op het oog zeer rood. De Dag van de Arbeid zou snel gevierd worden overal in de wereld, behalve in het koningsgezinde Nederland. Ik kon niet wachten dat het gestaalde rode kader zich zou laten gelden in de vorm van een rode tulp. We zullen ze eens een poepie laten ruiken.
Nadat we 30 april gelukkig niet meer vrij zijn, heb ik op 1 mei ook hard gewerkt en me gekweten aan mijn dagelijkse bezigheden als loonslaaf. Niet gedacht aan (internationale) solidariteit, onderdrukking van de arbeidende klasse en andere revolutionaire gedachten. Niets van dat alles, gewerkt ten behoeve van de BV Thuis.

20150502_145855

Nu dat heb ik geweten, want dan neemt de voorzienigheid wraak, zoete wraak. De wannebee rode tulp weigerde rood te worden. Ik kwam erachter toen ik andermaal in de grond aan het wroeten was. Paars is het geval geworden, pimpelpaars en op dat moment wist ik het: Ik heb de Internationale Dag van de Arbeid verwaarloosd, niet alleen Oranjeleut langs me af laten glijden, maar ook de revolutionaire gedachten veronachtzaamt. Het schaamrood staat op mijn kaken, dat dan weer wel.

Waar staat paars eigenlijk voor? In de katholieke kerk heeft paars de betekenis van boetedoening. Paars als het broertje van rose heeft vaak ook een vrouwelijke betekenis. Tja, en dan de politiek, paars staat voor eens een onverwacht goed concept van samenwerking tussen de rooien en de liberalen. Das war einmaal! Tegenwoordig is het een impopulaire mix van verwaterde sociaaldemocratie en PVV-light liberalisme. Niemand lust het, maar we hebben geen alternatief. Een onverwachte aanwezige in de tuin. Ik geloof dat ik maar een rozenstruik met rode rozen ga planten, als boetedoening voor mijn (telepathische) afwezigheid op 1 mei en volgend jaar zal ik oogsten, rode rozen.

45. MIJN KONINGSDAG uit de serie de kabbelende 100

Ik heb zelfs geen oranje tompouce gekocht. Geen Oranjegekte dit jaar. Eigenlijk is dat al jaren zo, hoewel als vader van twee kleine kinderen ontkom je er niet aan om langs de plaatselijke vuilnisbelten te lopen die ze gemakshalve omdopen tot vrijmarkten. Eufemistisch taalgebruik is toch eigen aan Koningsdag, want onze vorst noemde het botendefilé ook Grande Parade. Ook heb ik twee jaar op zo’n dekentje moeten zitten om de handelsgeest van mijn eigen zonen op te krikken. De rotzooi op mijn eigen zolder werd daardoor wel even wat minder, maar de winst werd steevast uitgegeven aan troep die een ander verkocht. Inmiddels zijn mijn kinderen oud en wijs geworden, ze kunnen er zelf op uit. Bij terugkomst hoor ik van beide dat ze de massa in de stad verafschuwen en dus geen liefhebbers zullen worden. Ik weet niet of het opvoeding is of dat het in de genen zit. De kwestie nature or nurture is altijd al discussiewaardig. Ik houd ook niet van grote massa’s en ben diep in mijn hart ook nog eens republikein. In een recalcitrante bui komt dat republikeinse gevoel snel naar de oppervlakte en volg ik mijn grote held Simon Carmiggelt die van zijn rooie vader niet mòcht deelnemen aan de Oranjefestiviteiten in de jaren dertig van de vorige eeuw. Het werd afgedaan met flauwe Oranjeleut, en zo is het. Van mij mag Maxima best de eerste president worden, zo consequent ben ik dan ook wel weer.

20150428_092802

Ik was in het weekend begonnen om de tuin te fatsoeneren en van de wintertooi te verlossen. Het leek me voor Koningsdag een zinvolle dagbesteding om daar mee verder te gaan. Ik moest de schlagermuziek die vanuit het dorp de hele dag te horen was accepteren. Eenmaal op gang in de beschutting van de tuin, was het zelfs nog lekker in de zon, al was het amper tien graden. Dat is wel eens beter geweest in het verleden op Koninginnedag. Ik ben ook nog zo’n man die tot in lengte van dagen Koninginnedag blijft roepen.
De tuin zag er trouwens per uur beter uit en als mijn oudste zoon ook nog helpt om mos en gras tussen de stenen weg te halen, ben ik op het einde van de dag dik tevreden, al schalt Corry Konings, het zal ook niet op deze dag, dat ze een heel apart gevoel van binnen heeft.
Een uitgebloeide tulp trekt mijn aandacht, is die rijp om neergesabeld te worden, of mag de bloem nog even blijven staan? Goed, omdat ie oranje kleurt mag de tulp blijven. Daarnaast staat trouwens nog een exemplaar in de knop, het ziet er naar uit dat het een rode wordt. Die zal op 1 mei wel open gaan, maar dan is er geen vrij dag. Ik bedoel maar.

44. POEH HÈ, EEN SPREUK. SPANNEND…..Uit de serie de kabbelende 100

Met de krioelende massa loop ik de achterzijde Utrecht CS uit richting de trams. In mijn ooghoeken zie ik een groot blauwgrijs vlak, met een spreuk. Is tie er altijd al geweest? Of heb ik al die andere keren als een deformeerde blindganger naar de dagelijkse plicht gelopen? Ik weet het niet, maar mijn aandacht is getrokken en vanwege een te grote mate van kippigheid loop ik richting de muur, nieuwsgierig welke literaire wijsheid mij  ten deel valt.

EN HOE VERDER HIJ GING DES TE LANGER WAS ZIJN TERUGWEG

Ik herlees de spreuk, proef de woorden en als er geen klik komt, zoek ik naarstig in mijn referentiekader en kom uit bij A.A. Milne die Winnie de Poeh de meest lullige uitspraken laat zeggen met een onpeilbare diepzinnigheid. Tenminste dat vind ik. Op weg naar de dagelijkse plicht kan ik de diepzinnigheid niet vinden. Snel een foto maken en thuis maar googelen wie de bedenker is, want een zekere C.C.S. Crone ken ik niet. Op dat moment weet ik niet of ik me daarvoor moet schamen. Ik wandel naar mijn dagelijkse plicht waaruit geen terugweg is, want de kachel moet immers branden.

20150317_132846

Twee weken later zie ik de foto’s terug op mijn mobieltje en kom er achter dat Crone een Utrechtse grootheid is, die nooit echt groot is geworden. Zijn wiki-pagina leert me verder dat het nooit een echt feestnummer is geweest in zijn literaire werken en bovendien op 37-jarige leeftijd reeds gestorven is aan de gevolgen van kinderverlamming. Hij hoeft niet meer na te denken over een terugweg.

‘En hoe verder hij ging des te langer was zijn terugweg’. Ik kan er niets mee, behalve dan beamen dat als je weg gaat, letterlijk van A naar B of in figuurlijke zin je levenspad bewandelt, de uitspraak van Crone helemaal klopt. Maar er klopt wel meer, bijvoorbeeld een bus of een zweer. Bij mij rijst de vraag: Waarom zou je terug willen? Of als je dan toch zo opziet tegen die lange terugweg, waarom ga je dan sowieso, blijf dan gewoon thuis. En als je dan toch gaat, misschien valt de terugweg door ervaring en voortschrijdend inzicht best mee. Ik kan er niets mee en het appelleert aan mijn soms wat melancholieke inborst. Ik houd het liever bij een positieve levenswandeling, misschien met een beetje avontuur, maar ik wil me vooral niet druk maken over de terugweg.

42. AFGEDANKT, VREEMDGAAN EN ER METEEN OP uit de kabbelende 100

Soms gaat dat zo in een relatie, je hebt er genoeg van. Je ziet het aankomen en lang is er sprake van mededogen. De relatie verkeert zogenaamd in stilstaand water. Er gebeurt niets spannends meer, iedere vorm van constructieve samenwerking is verdwenen en houden van is een gevoel van wel heel lang geleden. In dit geval vraag ik me af of het er ooit geweest is, maar dat zeg ik met de kennis van nu. Weken, misschien al wel maandenlang20150225_174212 ben je op zoek naar het afvalputje waarmee je de relatie de final push kunt geven. Vandaag was het zover. Je had genoeg van het gekreun, ze staat krom op d’r benen en de rug staat op instorten. Ook van een fijn zacht huidje is geen sprake meer. Het is definitief klaar, over en uit. Zonder scrupules besloot ik deze morgen vreemd te gaan, zonder overleg of ruggespraak. Weerwoord zou toch geen zin hebben gehad, want A man has got to do what a man has got to do. En zo is het ook nog eens een keer.

Het is een struise Brabantse geworden en zoals dat gaat met prille liefdes, die worden veelvuldig geconsumeerd, zo ook deze. Bijna bij het perverse af ging ik er overheen deze middag, een soort van onuitputtelijke oergevoel kwam in me los. 18 keer, bijna zonder pauzes, hooguit 20150225_174239een romantische sigaret tussendoor. Maar na de korte rust, richtte mijn blik zich bijna met maniakale lust op de nieuwste verovering. Ze hield zich kranig onder mijn liefdevolle maar robuuste en trefzekere beroeringen. Maar na de 18e keer had ik het helemaal gehad. Mijn rug is naar de gallemiezen, ik voel me uitgewoond en van lust is geen sprake meer. Maar Madame bleef onaangedaan, ze zou nog uren verder kunnen. Maar dan wel zonder mij, besluit ik. Ze wordt opgeborgen in de kelderkast en wat haar daar dan overkomt, is gelukkig buiten mijn blikveld. Van jaloezie heb ik geen last.

Maar als ik dan het resultaat bekijk van de kortstondige relatie, ben ik blij. 18 fraai gestreken overhemden hangen gebroederlijk naast elkaar als ware liefdesbaby’s. Ja, ik ben me er eentje.

20150225_174149

39. De grote Stad uit de serie de kabbelende 100

Af en toe overkomt je dat. Terwijl het waterkoud miezert, loopt je op een plek die de plaatselijke VVV niet op de cover van een toeristisch reclameboekje zou zetten. Bovendien is het in Arnhem. Toch zie je de omgeving ineens anders. Of het nu komt door sporadische oplettendheid, autonome prettige gedachten of de belichting van dat moment? Ik weet het niet, maar ineens ben ik blij met de aanwezigheid van de techniek middels een mobieltje die mijn oplettendheid in combinatie met mijn prettige gedachten en de juiste belichting probeert vast te leggen. In eerste plaats voor mezelf, maar ook anderen gun ik het delen van mijn momentopname in de grote stad. De plek had bij het invallen van de avond iets heel kosmopolitisch.  Met mijn verlichte gemoed zag ik grootstedelijke lampen en een mooie symmetrie. Achteraf zie ik vooral dat ikzelf de fotograaf ben in de grote stad Arnhem.
20141216_165659

Met de voortschrijdende technische verfijning kan iedereen fotograaf spelen. De sociale media wordt vooral gevuld met allerlei groepjes vriendinnen die gezellig op de foto staan in een uitgaansgelegenheid, of voetbalmatties die stoer een clubje vormen op de gevoelige plaat. Het is niet anders dan vroeger alleen vluchtiger en iedereen kan het delen. Het mobiele gemak zorgt ook voor meer ‘kunstzinnige’ foto’s van wannebee artistiekelingen, soms niet eens onverdienstelijk. Zelf schaar ik me niet onder die groep kunstzinnigen, ik ken mijn beperkingen en wordt bij het eindresultaat hierin bevestigd. Toch voel ik ook de drive om ‘het moment’ te willen delen en op dusdanige wijze dat anderen mee kunnen genieten. Dat zij ook voelen, zien en ervaren wat ik op dat moment ervoer. Ik had geen last van de miezerige koude regen, mijn gedachten waren bij het zojuist opgehaalde rapport van mijn zoon en dat stemde tevreden. Ik was op weg naar een provisorische kerstborrel bij ons vrimibo-kroeg en voelde me één met het beton, asfalt en de lichtval van dat moment bij het Arnhemse station. Het vertalen en overbrengen van (kunstzinnige) gevoelens is toch echt een vak apart besef ik. Was het niet Winnie-the-Pooh die zei: “When you are a Bear of Very Little Brain, and you Think of Things, you find sometimes that a Thing which seemed very Thingish inside you is quite different when it gets out into the open and has other people looking at it.”

Misschien is dat wel het wezen van vele menselijke emoties en communicatie.