Een gros woorden voor de week (15 november 2020)

Deze week samengevat: Ik ben blij in Nederland te wonen. Natuurlijk zeuren we over mondkapjes en hoe we de kerst met oma moeten vieren. En als we niets meer te zeuren hebben halen we het ‘kwartje van Kok’ van stal. Peanuts vergeleken met de situatie in Amerika. Laten wìj ons gezond verstand maar gebruiken, al is dat een beladen term door de uitgifte van een suspect samenzweringskrantje met dezelfde naam. Of anders gezegd, dènk goed na. Maar ook dat is een verdachte uitdrukking omdat de Nederlandse Erdogan-partij van alle andere partijen te horen heeft gekregen: Democratisch tellen jullie even niet meer mee. Het is allemaal gekrakeel in de marge. Want wìj leven in een land waar onze Mark en Hugo het land besturen als Peppie en Kokkie (aanrader LUISTER) door op Facebook vragen te beantwoorden. Ik prijs ik me gelukkig en kan gerust slapen.

Joe in ‘the White House’ en ik op het Doesburgermolenpad

Ik weet niet of het portretrecht van toepassing is op bovenstaande foto, maar ik baal ervan dat ik niet nagedacht heb over de schaduw van mezelf. Ik had anders een heel mooi verhaaltje kunnen schrijven over kuieren in de nostalgie van de jaren twintig van de vorige eeuw. Niemand zou me geloven, maar dat boeit niet. Klompenpaden zijn een hobby aan het worden, nog 93 te gaan, maar een klompenpad zonder moderne middelen is natuurlijk onzin. De telefoon om te fotograferen is natuurlijk multifunctioneel tijdens de wandeling. De stappen worden bijgehouden en de App is standby als de moderne kompas om de weg te vinden. Ik besef dat je honderd jaar geleden niet eens zo’n wandeling kon maken en foto’s schieten te gelijk. Het gevaarte dat je toen moest meenemen om een paard en wagen te kieken was onmenselijk groot. Het zou in ieder geval een fijne ontspannen wandeling in de weg staan. Wat leven we toch in een bevoorrechte tijd.

De telefoon zorgt er trouwens ook voor dat de hele wereld, ook tijdens een klompenpad binnen kan komen. Normaal gesproken weet ik dat wel te filteren, maar nu liep ik met mijn zoon die met een oogopslag de pushberichten leest. Ze worden ongevraagd aan me medegedeeld. Met de Coronacijfers gaat het redelijk, maar de Amerikaanse president is formeel nog niet gekozen. Genoeg gespreksstof vanuit de buitenwereld, maar ook de wandeling zelf gaf reden genoeg om te keuvelen over de dingen die we zagen. De novemberzon was nog warm genoeg om met een T-shirt te lopen. En we waren niet de enige, het was zeker aan het begin en einde van de Doesburgermolenpad druk met wandelaars en fietsers. De parkeerplaats bij huize Kernhem was vol, dus Nederland was zich aan het ontspannen.

De fotograaf wil de eenzame herfstboom en molen op de achtergrond vereeuwigen. De boom is gelukt, de molen helaas minder goed.

Hoe zou dat volgend jaar zijn. Als de musea weer vol mogen stromen, De Efteleling de tienduizenden per dag weer mag ontvangen en iedereen in het weekend mag sporten. En natuurlijk de Horeca die nu gesloten is voor de wandelaar. Voor hoeveel mensen is een kleine wandelingetje slechts een schaamlap om koffie met gebak langs de route te legitimeren in goede tijden. Ja, hoe zal het volgend jaar zijn een klompenpad zonder Corona en naar ik nu weet met Joe Biden als president in het Witte Huis.

Voor meer foto’s zie ook Instagram account titiissprakeloos

Een gros woorden voor de week (25 oktober 2020)

De donkere maanden zijn begonnen, een uurtje extra om terug te blikken op de week. We kregen een inkijkje in de familieverhoudingen van de Oranjes. Willem-Alexander mocht van oma niet meedoen aan Juul’s amateurtoneel op paleis Soestdijk. Oma had het door, een onpeilbaar gebrek aan acteertalent. Met meel in de mond vergoelijken politici de wanprestatie van het koningspaar. En wij, de onderdanen? Wij buitelen verder over elkaar heen. De brute moord in Frankrijk moet meer aandacht zegt Fidan Ekiz, ze is een nestbevuiler zegt een ander. Nederland, niet meer dan het decor van een grotesk kooigevecht van 17 miljoen virologen. Ik zeg, stop de lockdown. De humanitaire schade door sociale media is vele malen groter dan de pandemie. Eén wintertijd geen Facebook en Twitter en het departement van de geestelijke gezondheid is niet meer nodig. Het goede nieuws is, ik heb 30 jaar verkering.

Mijn ideale sportavond

Ik weet wel hoe het zit in het leven. Uiteindelijk is er helemaal niets veranderd. Dat denken we, maar het gaat gewoon maar door. En omdat er niets veranderd, hanteren we ook maar weer de gewone oplossingsstrategieën. En daar hoort de sportschool voor mij niet bij. Coronatijd heeft bij mij geen levensomslag gemaakt. De rust heb ik niet gevonden, laat staan het licht. Anderen hebben dat wel als ik zo om me heen hoor, zeggen ze. Gelukkig is het ook niet zo dat ik er psychisch aan onderdoor ben gegaan. Zoals ik al zei, er is niet zoveel veranderd. Geen Coronakilo’s bij mij hoor, gewoon een beetje jojo-en in een bandbreedte van zo’n 3 à 4 kilo. Soms er een beetje onder, dan weer naar de bovengrens. En als die nadert, ben ik alert. In het verleden heb ik heel wat loze maandjes contributie voor de sportschool betaald. Dus dat doe ik nooit meer. Begrijp me goed, ieder zijn meug met Arie Boomsma voorop, maar de hedonistische cultuur in de sportschool is aan mij niet besteed. En het is zeker niet alleen om die randfiguren die er  zijn, dat is misschien nog wel het minst erg. Ook de kleedkamercultuur ervaar ik heel erg als zien en gezien worden met je hele hebben en houwen zullen we maar zeggen. Maar het allerergste vind ik misschien wel de wijze van sporten. Met zijn allen op de loopband, handdoekje om, koptelefoon op om je verder af te sluiten en maar kijken naar tv-zenders waar buiten de sportschool verder niemand verder naar kijkt. Bij mij komt het woord degeneratie boven. Bovendien hoe veilig zijn die sportscholen nu eigenlijk in deze coronatijd. Er gaan her en der wel geruchten dat de opkomende broedplaatsen daadwerkelijk van sportscholen komen, Arie Boomsma ten spijt. Ik ben niet het type dat nu gaat cancelen en tot een boycot op te roepen. Misschien is het maar een gerucht. Geruchten en fakenews zijn in tegenwoordig.

20200713_205704

Maar om helemaal veilig te zijn, heb ik mijn eigen sportcircuit voor vanavond uitgezocht. We fietsen een eindje tot buiten het dorp. Dat is stap één. We gaan even zitten om vervolgens met de fiets wat bicepsoefeningen te doen. Als ik oververhit raak kan ik altijd nog in een verse boerensloot springen. Met als ik met mijn fiets boven mijn hoofd sta, bedenk ik dat niemand mij gelooft. Snel een actiefoto, maar daar heb je een ander voor nodig. Een narcistische selfie is aan mij niet besteed en is ook zo onhandig met je fiets in de hand. De fiets maar even in de halter en wachten op een voorbijganger. Maar ik had echt een stil plekje gekozen. Ja wat auto’s, maar om die nu tegen te gaan houden? En dan slaat de twijfel toe. Is het wel een goed idee om op een bankje, bij de bosjes wildvreemden aan te spreken om een foto te maken van een powerliftende dikke man met zijn fiets boven het hoofd. Als er maar geen jonge meisjes langs komen. Die schrikken al bij het zien van een zittende man tegen de bosrand, laat staan als hij vraagt ‘dames mag ik u iets vragen’. Slecht idee, dus na twee sigaretten wachten geef ik het op om een superstrak blog te schrijven met bijbehorende foto.

20200713_211148

Maar het geluk is met me. Op weg naar huis kom ik langs een wetering waar ik even naar de zonsondergang kijk. Twee oudere dames fietsen langs. Ik was blijkbaar betrouwbaar genoeg, want ze stopten ietwat onzeker en wilde wel een foto maken. Met de fiets in de lucht poseer ik voor twee wildvreemde vrouwen. Alles voor de kunst zullen we maar zeggen, en alles voor de sportpromotie van mezelf. Ik ben tevreden met het resultaat en bedank de vrouwen. In onvervalst Duivens vragen ze ‘woar is dat veur?’ Ik zeg zonder blikken en blozen dat het voor de promotie is van de sportschool van Arie Boomsma. Een lege blik is mijn deel. ,,Dat was voor Arie Boomsma” zegt de fotografe die achter haar vriendin aanfietst. ‘Roare keerl’ is haar antwoord. Zou ze het nu over Arie hebben?

 

Ik beloof…….

In mijn maandelijkse column op het intranet van mijn werkgever (reclassering Leger des Heils) hieronder de weergave.

 

Bij mijn vorige column werd er al gemord: Kan het over iets anders gaan dan de coronacrisis? Nee, vond ik. Ook nu blijkt waar het hart van vol is. Dus ik ga niet beloven dat het niet over Corona gaat. Ter compensatie beloof ik niet over politiek, economie en voetbal te schrijven of dat ik als verdekt colporteur ga fungeren. Een faire deal. Toch?

Tijdens de lockdown werd uitgeroepen: ‘We komen er ‘ineens’ achter dat er onvoldoende opvang is voor dak- en thuislozen’. We wisten dat het beleid ruim onvoldoende was voor de inmiddels 40.000 mensen die onvrijwillig op straat leven. Met de slogan ‘Thuisblijven, hoe dan?’ vroeg het Leger des Heils aandacht voor de nood voor 10.000 structurele woonplekken voor de groepen die tijdelijk bivakkeerden in hotels en de ingerichte sporthalen. Onze directeur verscheen op diverse plekken in de media en ieder dag opende ik mijn computer nog met het bericht van de campagne. De overheid deed een belofte: in 2022 moet het doel gerealiseerd zijn. De campagne zou eigenlijk actief moeten blijven totdat de 10.000 woningen zijn gerealiseerd. Ik beloof hierbij dat ik ieder jaar voor de zomervakantie een vervolg zal schrijven op deze column, zolang het nodig is.

40.000 menselijke verhalen

Ik besef dat daarmee niet al het leed verdwenen is. Er zullen altijd Swiebertjes blijven, er zullen altijd mensen door pech tijdelijk huisvestingsproblemen hebben en ook verslavingsproblemen sluit je niet uit door 10.000 woningen. Achter de 40.000 daklozen schuilen 40.000 menselijke verhalen. Een aanpak op maat is nodig. En dan beloof ik je, dat het werk van de reclassering er anders uit gaat zien bij de realisering van de beloofde huizen. Mijn ervaring is dat bij tijdige constatering van (huisvestings)problemen en een passende huisvestingsoplossing veel mensen niet hoeven te stelen, wel een uitkering kunnen krijgen en hun leven al dan niet met tijdelijke ondersteuning opnieuw kunnen opbouwen.

Ook voor mensen met LVB of andere psychische problemen is het hebben van passende huisvesting sterk recidive verminderend. Ik word al helemaal blij dat er wordt gesproken over passende huisvesting met bijbehorende begeleiding in plaats van uitbreiding van maatschappelijke opvang. Maatschappelijke opvang is een pleister voor een te grote wond.

Fantoomgroei

Twee weken geleden wilde ik hiermee mijn column naar een einde brengen, totdat ik hoorde van het boek Fantoomgroei van de auteurs Sander Heijne en Hendrik Noten. Het boek heeft als ondertitel: ‘Waarom we steeds harder werken voor steeds minder’. Ik was op slag verliefd op het woord Fantoomgroei en uiteraard heel geïnteresseerd in de uitleg waarom de economie sinds de jaren tachtig van de vorige eeuw booming is, maar de meeste mensen niet meeprofiteren.

Overtuig jezelf

Ook ik dacht altijd ‘we hebben het toch goed’. Misschien wel beter dan dertig jaar geleden. Tegelijkertijd beseffen en voelen steeds meer mensen dat de publieke sector is uitgekleed. We zien het in het onderwijs, de stand van de verpleegkundige zorg, de ouderenzorg en hoe we met onze daklozen omgaan. Economische groei is dus niet gelijk aan welzijn. In dit zeer leesbare boek, ook voor niet politicologen, economen of historici, wordt op een duidelijke manier de vraag beantwoord waar het verschil tussen het gevoel van niet mee te kunnen komen en de exorbitante economische winsten die bij een beperkt deel van de mensheid terecht komt. Dit wordt dus fantoomgroei genoemd. Ik ga zoals beloofd geen economisch relaas houden, ook zijn de uitkomsten niet richting een specifieke politieke voorkeur geschreven. Overtuig jezelf maar.

Als je niet geïnteresseerd bent, moet je het vooral niet aanschaffen. Ik zeg niet aanschaffen! Ik wil het trouwens best uitlenen hoor.

Zoals een groot denker uit Amsterdam ooit heeft gezegd, ieder nadeel heb zijn voordeel. Zo is het misschien ook wel met de coronacrisis. Jammer dat die denker bij de verkeerde club speelde, maar zoals beloofd: ik ga het ook niet over voetbal hebben.


Sociologische overwegingen in de tuin

20200330_11473820200330_114835

Begin april beschreef ik de eerste stappen van inkeer in coronatijd middels noeste arbeid in de tuin. Het is goed voor de geest en voor je fysieke gestel. En de tuin vaart er ook wel bij. We zijn zeven weken verder en vandaag voorlopig de laatste hand gelegd aan dit gedeelte van mijn tuin. Ondanks de hooikoorts toch maar aan de slag gegaan. Wat is dat met tuinieren en de mens? Zelf ben ik geen echte tuinman. Dat wil zeggen, op zeker moment moet het omdat…..omdat het moet. Ik vind het ook niet zo erg als je eenmaal bezig bent, soms zelfs wel leuk. Heel leuk vind ik de ritjes naar de tuincentra, waar ik me gedraag als een kind in een snoepwinkel. Het verschil is dat ik zelf de rekening dien te betalen.

20200523_131137

Tot de maand juli kan ik het wel redelijk opbrengen, dat spelen in de volwassen zandbak. Daarna laat ik het meestal versloffen. Geen zin meer, het groeit te hard, het onkruid is niet bij te houden om over de grassen tussen de tegels maar te zwijgen. In de maand juni is de tuin volgroeid en dan kijk ik er bijna niet meer naar om. Het is maar goed dat ik dat niet heb met mijn volwassen kinderen.

20200523_131212

Ik werk ook niet heel hard in de tuin. Mijmerend over het leven hang ik op de schoffel of bezem. Dat dromen zorgt voor weinig efficiëntie in mijn tuinarbeid. Zo bedacht ik me dat mijn gang naar de tuin misschien wel een vlucht is voor belangrijke huiselijke bezigheden. Vluchten voor het huishouden, immers druk bezig in de tuin. Of andere kleine klussen die je zelfs met twee linkerhanden toch wel zou kunnen uitvoeren? Daar heb ik een broertje dood aan, want die klussen duren met die twee linkerhanden vaak nog best lang. Laat mij maar tuinieren als minst slechte alternatief voor echte klussen.

 

Een aantal jaar geleden ging ik in de plaatselijke kwekerij eens ver over mijn grenzen heen door de aanschaf van geraniums. Dat deed je toch niet als je nog vijftig moest worden. Een paar jaar later zijn ze niet meer weg te denken in mijn creatieve tuindecoratieproces. Rode geraniums horen erbij. Geen tuin van mijn hand zonder rode geraniums. Gisteren ging ik een tweede grens over. Ongeveer de lelijkste bloemen heb ik gekocht. Mijn overweging was de prijs. Voor slechts €3,- kocht ik 12 Afrikaantjes voor de plek met de meeste schaduw in mijn border. Als ze het niet zouden doen dan is er geen man overboord en kan ik de schuld geven aan deze Afrikaantjes.

20200523_155852

Met de Afrikaantjes is toch iets bijzonders aan de hand. Mogen ze nog wel zo heten heten vraag ik me af. Terwijl Sinterklaas het tegenwoordig met Pieten moet doen, een lekkernij van crème met een chocolade omhulsel in de vorm van een tiet moet nu zoen worden genoemd in plaats van n..zoen. Het is maar goed dat onze kinderbenaming niet algemeen is geworden want dan aten we nu tieten in plaats van zoenen. Maar voor de Afrikaantjes is nog geen grachtengordelclubje opgericht die ons wijst op ons achterlijke koloniale verleden. Alleen al het feit dat we blijkbaar niet door hebben dat Afrika uit meer dan 54 landen bestaat en wij niet eens de moeite nemen om te specificeren. Het zijn namelijk geen Tanzaniaantjes, Marokkaantjes of Angoleesjes. Misschien omdat ze vaak oranje zijn mag het daarom wel?

20200523_131251

Ik heb dus nu Afrikaantjes in mijn tuin, de volgende stap in mijn verouderingsproces. Ja ik heb zo mijn vooroordelen als het gaat om planten. Hoewel, ik herinner me in de tuin van mijn opa en oma dat er altijd een klein strookje gereserveerd werd voor snijbloemen. Die vind ik met terugwerkende kracht wel heel mooi. Ik moet mijn moeder toch eens vragen wat dat voor bloemen waren. Voor later als ik groot ben en mee mag doen met de ruziemakende 50+ partij. Dan neem ik zo’n boeketje bejaarden snijbloemen mee uit eigen tuin om te verzoenen.

Dat tuinieren brengt me veel goeds bedenk ik me nu ik de dag zo overzie.

 

 

 

Doddendaelpad in Beuningen met verrassende wendingen

20200509_110242

Wandelen is bewegen, is ontspanning, is inspanning, is nadenken, kortom een beetje retraite. En iedere wandeling is anders. Het weer, je eigen fysieke en mentale conditie en natuurlijk de omgeving biedt allerlei aanknopingspunten voor je eigen ontspanning, inspanning en daardoor het retraitegehalte. Daarom zijn klompenpaden een geweldige uitvinding die ik vorige zomer ontdekt heb en nu richting de twintigste wandeling ga. Deze keer is het Doddendaelpad in Beuningen aan de beurt.

20200509_144430

Als student in Nijmegen wist ik van het bestaan van Beuningen, maar ik moet u eerlijk zeggen, ik kan me niet heugen er ooit geweest te zijn geweest toen. Later, nog een tijdje in Nijmegen blijven plakkend en eenmaal in bezit van een auto, ben ik er wel eens geweest. Het heeft geen grootse indruk achtergelaten. Sterker nog, de weg van Nijmegen, langs Weurt, naar Beuningen vond ik nogal saai. Dat viel vandaag erg mee. Ik weet niet of dat komt omdat het lente was, de bomen in die dertig jaar meer gewicht aan de weg hebben gegeven of omdat ik een andere instelling heb gekregen. Kortom, de eerste hernieuwde indruk was niet verkeerd.

20200509_131846

Verandering van spijs doet eten. Dat geldt voor klompenpaden, maar ook voor wandelpartners. Meestal loop ik met mijn eigen meisje, maar vandaag liep ik met een vriend. Dat geeft meteen andere gesprekken, andere interesses en ook andere opmerkelijkheden in de wandeling. Buiten de gezamenlijke interesse in landschappen valt hem, net zo als mij, de inrichting meer op. We zien beide oude muurtjes en schuurtjes in het landschap of langs de Waal. We zien beide dat de rivier anders in het gareel wordt gehouden dan pakweg veertig jaar geleden. Er wordt gestreefd naar een meer natuurlijke oeverbeplanting en begroeiing terwijl de oude basaltstenen her en der nog langs de rivieroevers liggen.

20200509_134947

Beide waren we trouwens blij verrast dat we de primeur hadden dat er onderweg een cappuccino te koop was. Bij het landgoed Doddendael was er een drive-in, tevens walk-in, om koffie, drankjes en eten te kopen. Hiep-hiep-hoera de normalisering is ingezet. Of we nu naar het nieuwe normaal gaan of naar wat dan ook. Niets boven een goede cappuccino. Over het landgoed gesproken, nog even een saillant detail. Landgoed Doddendael, nooit van gehoord terwijl ik er hemelsbreed nog geen zeven kilometer vanaf heb gewoond. En elders in Nijmegen heb ik op een steenworp afstand gewoond van de straat Doddendaal. Er is nooit een lampje gaan branden. We mochten vanwege het coronavirus nog niet de binnenplaats op, maar wat een lieflijk stulpje.

20200509_120510

Het is mooi, bijna zomers weer. De zonnebrand had ik mee moeten nemen. De wandeling is verrassend mooi en veelzijdig, maar dat vonden wij niet alleen. Corona-technisch klopte het allemaal nog wel, maar het Doddendaelpad was wel een van de drukste die ik tot nog toe gelopen heb, zeker het stuk van Beuningen naar het genoemde landgoed. En zoals ik al zei, meer mensen en je hebt ook weer andere observatiemogelijkheden. Veelal vriendelijke medewandelaars, de wat oudere groep lijkt soms bedachtzamer wie ze tegenkomen. Of dat met corona heeft te maken of dat met het stijgen der jaren een door levenservaring opgebouwde mensenkennis meer wantrouwen met zich meebrengt. Ik weet het niet, het is zo maar een observatie. Mijn wandelgenoot, een vrij gezellige man wordt door de langkomende mensen weer op andere bezienswaardigheden  getrokken. Niet dat dit constant een gespreksonderwerp is, maar af en toe, al is het maar een kleine seconde, stokt het gesprek. Zijn aandacht ontsnapt even aan het ongetwijfeld interessante gesprek. Ik weet dat hij buiten de plantjes, de Waal met uiterwaarden, het coulissenlandschap en de oude gebouwen, ook let op wandelaarsters en wielrensters. Och het mag, zeker dit jaar waar rokjesdag niet officieel gevierd is volgens mij.

Het Doddendaelpad in meerdere opzichten verrassend en de moeite waard.

20200509_144057

Voor meer foto’s verwijs ik ook naar mijn Instagramaccount titiissprakeloos

Een vluggertje afwerken in Terwolde

20200506_103917

Een vrije dag, een bezoek aan moeder in Coronatijd gepland en ergens halverwege is er nog een kort klompenpaadje gevonden in Terwolde. 7 kilometer slechts, dus die moet maar even ‘afgewerkt’ worden. Het jammere van coronatijd is dat alle gelegenheden om even een cappuccino te nuttigen dicht zijn. De zekerheid is wel dat bij café Chez Mamma een uitstekende brunch staat te wachten. Ik kan haar er niet voor bedanken middels een bezwete knuffel van het wandelen want de anderhalve meter geldt ook voor alleenwonende moeders van bijna 85 jaar.

20200506_105009

Terwolde heeft dus een wandeling van 7 kilometer, het Woldermarkerpad. Op deze zonnige doordeweekse lentedag kan ik met zekerheid vaststellen dat Mark Rutte tevreden zou zijn, dik tevreden. Naast wat plaatselijke fietsers heb ik welgeteld 1 wandelaar gezien, een overduidelijk collega-klompenpad gebruiker. Heerlijk rustig dus. Terwolde ken ik niet echt, maar het is een bijzonder aardig plaatsje met een aantal prachtige huizen. De wandeling start en eindigt bij de kerk die helaas niet open was. Er zouden mooie muurschilderingen naar boven zijn gekomen tijdens een recente restauratie. Naast de kerk staat een plaatselijke kunstwerk van de rustende landarbeider. Ik denk dat dit beeld symbool staat voor de beleving van het Woldermarkerpad, dorpse rust en landelijkheid. Dit laatste resulteerde bijvoorbeeld in vers gemaaid gras wat voor mij als hooikoortspatiënt in remmissie een aangename ervaring is. Wel de geuren, maar nu slechts een paar niesjes die geen gevaar opleveren voor de niet aanwezige medewandelaars.

20200506_105149

20200506_110608

Ik had één bijzondere ontmoeting op de Zeedijk. Het zal wel aan de naam liggen. Ik vraag me trouwens af waarom er in Terwolde een Zeedijk is. Misschien wel omdat ik een vluggertje in Terwolde had gepland? De ontmoeting was met een dagpauwoog, een beauty, die bijna de hele weg langs de wetering voor me fladderde. Hij ging zitten met gespreide vleugels op het paadje, waarschijnlijk om zijn vleugels in de zon te warmen. Maar op het moment dat er een brute klompenpadder aan komt lopen met zijn lompe wandelschoenen, vloog het dier weer op. ,,Stom beest, dacht ik, ,,Ga dan achter me liggen zonnen!” Meer nee, paar meter vliegen en het procedé herhaalde zich gedurende honderden meters. Het is maar goed dat zo’n fladderaar geen eendagsvlinder is, want dan heb je een wezenlijk deel van je leven gespendeerd aan zo’n wandelaar en de rest van je leven moet je van je trauma af zien te komen. Gelukkig kunnen dagpauwogen relatief oud worden, dus het beestje zal het wel leren.

20200506_111408

Een fijne wandeling al met al. Ik ben niet in de positie om een algemene uitspraken te doen over de kwaliteit van ‘vluggertjes’ maar deze in Terwolde smaakte beslist naar meer.

20200506_122434

Voor meer foto’s van deze wandeling verwijs ik naar mijn Instragram account: titiissprakeloos

Klompenpad op zijn Wagenings

20200503_123803

Dichtbij en toch nooit echt kennisgenomen met de omgeving van Wageningen. Ik had gehoopt dat de wandeling langs de verwaarloosde voetbalvelden van de plaatselijke FC zouden gaan. Helaas, bij het wegrijden zagen we het stadion pas. Een volgende keer misschien, maar verder had het Wageningse Engpad alles wat er voor een klompenpad nodig is. Voor de goede orde, ik houd van idyllische ‘Ot en Sien’ wandelpaadjes, maar ik ben net zo gek op afwisseling met andere natuur, cultuur en infrastructurele verrassingen die het klompenpad te bieden heeft. Ook in Coronatijd.

20200503_125709

In de auto naar de Wageningse Berg hoorden we dat Henk Krol een nieuwe partij gaat oprichten met een dame die eerder was weggelopen bij de Partij voor de Dieren. De vijftig plussers worden verlaten en de ongewisse toekomst van Krol wordt gemaskeerd door de welluidende naam, Partij voor de Toekomst. De tijd zal het leren, onze toekomst voor het moment is het slechten van het Wageningse Engpad.

20200503_133326

Prachtige doorkijkjes vanuit de stuwwal naar beneden om dan weer op te kijken naar boven als je eenmaal beneden bent, gevolgd door jaloersmakende huizen in het buitengebied van Wageningen. Menig huis laat me wegdromen om er te willen wonen met een paar kippen, honden en een huisvarken. En natuurlijk een mooie moestuin. Dat laatste is in Wageningen wel een dingetje en natuurlijk niet zo vreemd met de Landbouw Universiteit binnen de gemeentegrenzen. Heel veel volkstuintjes doorkruizen onze wegen. Een klacht van andere wandelaars was dat het te veel was. Het past echter bij Wageningen. Het geeft couleur locale aan de wandeling. Bovendien, van moestuin naar klompenpad is maar een kleine stap.20200503_143609

Over couleur locale gesproken, ik vind het altijd wel lekker om mensen te duiden. In en rond de volkstuintjes waren heel veel potentiële kiezers van Henk Krol. Veel mensen die in de jaren zestig en zeventig op de toenmalige Landbouw Hogeschool hebben gestudeerd en in Wageningen zijn blijven hangen. Het is zomaar een indruk. Zouden die voor hun toekomst nu met Henk Krol meeverhuizen zeker nu er een zweem van groen mee gaat doen in de vorm van Femke Merel Van Kooten-Arissen. Maar ook de toekomst is vertegenwoordigd in de volkstuinencomplexen. Er wordt door menig student biologisch geakkerd en dat geeft vertrouwen.

20200503_152332

Als verrassende apotheose worden we door de Klompenpadenmakers geleid naar het Arboretum Belmonte. Een prachtig park met een zeer grote diversiteit aan rododendrons die in bloei stonden. Geheel onvoorbereid stonden we oog in oog met een ‘on-Hollandsche’ kleurenpracht. Ja, ze kunnen er wat van die jongens en meisje van de Wageningse Uni. En ineens herinner ik me een liedje dat door de Wageningse studenten werd gezongen: “Wij zijn de jongens van de Landbouw Hogeschool, we willen zaaien, wij willen zaaien.” (prijsvraag, zoekt u zelf de melodie er maar bij.)

20200503_155558

Het Wageningse Engpad, een aanrader. Vanwege de directe omgeving van Wageningen is het iets drukker dan een gemiddeld klompenpad, maar coronatechnisch leverde het geen problemen op, hoewel een wandelaarster driftig naar mij gebaarde dat we afstand moesten houden toen ik ergens een foto maakte. Ze zag op tijd de idioterie van haar actie, want ze kon mij aan beide kanten op zeer ruime afstand passeren als ze zich van haar oogkleppen zou ontdoen. Je hoeft niet altijd in een streep te lopen, een beetje flexibiliteit is vereist. Misschien een kandidate voor Henk Krol.

20200503_155430

1 mei Dag van Werk aan de Winkel

De dag waarvan je wist dat ie ging komen, 1 mei de Dag van de Arbeid, maar nu in Corona tijd. Ooit een dag opgericht door de Socialistische Internationale en voor het eerst gevierd in 1890 om de achturige werkweek af te dwingen, nu zien we het werken allemaal vanuit een ander perspectief. Werken thuis, heel hard werken in de zorg, hard werken om je zaak in stand te houden of werkeloos toe moeten zien hoe alles als sneeuw voor de zon verdwijnt. En dat is ook heel hard werken lijkt me. In coronatijd is er werk aan de winkel.

20200501_211620

Werk aan de winkel om de coronaschade op te ruimen? Misschien, maar veel meer is het nodig om de weeffouten van onze economie en ook het internationale bestel te herijken. En je kunt je afvragen of het wel weeffouten zijn en geen fatale constructiefouten die wij nu pas merken omdat we aan den lijve ondervinden dat alles niet zo vanzelfsprekend is en erger nog, niet logisch. Het is een open deur om aan te geven dat de publieke sector schandalig is verwaarloosd de afgelopen twintig jaar. We klappen onze handen blauw voor de zorgmedewerkers, maar is er de komende jaren geld voor een goede beloning? Het bedrijfsleven zegt altijd dat het geld verdient moet worden door hen. Voor een deel is dat waar, maar wat ze gemakshalve vergeten is dat goed onderwijs, zorg, rechtsspraak en infrastructuur toch het glijmiddel is voor de samenleving. Dus ook voor het bedrijfsleven. We hebben het dan nog niet eens over de klimaatgevolgen die een economie in een hypertoestand af weet te wentelen op de overheid en dus de belastingbetaler. Herstructurering op vele vlakken is een vereiste. En dat gaat niet van de een op de andere dag.

20200501_211340

 

En dan heb ik het nog helemaal niet over de internationale orde die ook aan herziening toe is. Globalisering is op veel fronten het toverwoord geweest voor het neoliberalisme, met de drogreden dat we allemaal rijk worden van vrije handel tussen landen en bedrijven. We weten al jaren dat dit onzin is, maar we voelden het niet omdat ook de meeste mensen in Nederland mondiaal gezien aan de goede kant van de verdelingsstreep hebben gestaan. Vraag maar eens in Bangladesh hoeveel profijt ze hebben gehad van de mondialisering van de economie. Overtuig eens een Afrikaanse gelukzoeker hoe profijtelijk de globalisering voor hen heeft gewerkt. Ik ken de antwoorden, maar weet niet de oplossingen. Werk dus aan de winkel.

De kramp waarin populisten schieten is natuurlijk ook een heel goedkoop riedeltje. Eigen land eerst en het liefst een autarkische maatschappij waarin we alles zelf maken en hebben. Olie, medicijnen, mondkapjes om maar eens een paar dingen te noemen. Er zal kritisch nagedacht moeten worden over goederenstromen. Wie verdient eraan? Wat kost het voor het milieu? En welke landen kunnen hun macht vergroten door andere landen afhankelijk te maken van bepaalde goederen. America first, Brasil primeiro of Nederland eerst. Met mannen als Trump, Bolsonaro of onze Baudet kunnen we de Internationale op een dag als vandaag bij het oud vuil neerzetten. En dan hebben we Poetin en Xi nog niet eens genoemd. Er zal iets moeten veranderen in plaats elkaar te bestoken met halve beschuldigingen en fakenews. Hoe ik weet het niet, maar dat er werk aan de winkel is moge duidelijk zijn.

 

Zelfs op kleinere schaal binnen Europa moet er gewerkt worden aan herstel. Maar herstel van wat in een sfeer waar over en weer beschuldigingen worden geuit. Italiaanse maffia profiteert van de coronacrisis, Nederland is hardvochtig en lomp, Frankrijk houdt essentiële goederen tegen voor andere lidstaten, Hongarije heeft overal schijt aan en Polen? En nog is Polen niet verloren, nog niet. Engeland gaat zich verder afscheiden middels de Brexit, maar hoe en met welke gevolgen is onduidelijk. Naast de socialistische Internationale kunnen we ‘Alle Menschen werden Brüder’ ook in het historische rariteitenkabinet zetten. Puinruimen en opnieuw formuleren hoe we ons als Europa gaan presenteren in de wereld. Een hele hoop werk aan de winkel.

20200501_211037

In navolging van Claudia de Breij die het Meezingplan voor 5 mei heeft gelanceerd, wil ik het Meedenkplan voor de Dag van de Arbeid introduceren in hopelijk het tijdperk van na de Corona. Te beginnen in Nederland. Wij hebben toch al een hele slappe cultuur als het gaat om de 1 mei viering. Ik stel voor dat we 1 mei 2021 bombarderen tot Dag van het Werk aan de Winkel. We starten die dag met een ander lied dan de Internationale om de slachtoffers van de Coronacrisis te herdenken. Van mijn part contracteren we Rachelle Hazes voor deze eerste herdenkings- en bevrijdingsdag die uiteraard een vrije dag gaat worden. Want naast herdenking moeten we ook ons zelf bevrijden van niet werkende oplossingen voor de publieke sector, de Europese order en uiteraard de internationale verhoudingen. Meedenken is daarbij van belang, niet vanuit rechtspopulistisch benepen perspectief, niet vanuit linkse betweterige dogmatiek en zeker niet vanuit de portemonnee van de zogenaamde 1 % van het grootkapitaal, wie dat ook mogen wezen.

 

Kortom, we gaan met zijn allen nadenken, luisteren naar elkaar en stapje voor stapje leren van de gemaakte fouten. Iedere jaar een Dag van Werk aan de Winkel op 1 mei. De winkel is dan de wereld. Lijkt me mooi, het is jammer dat ik niet het bereik heb van Claudia de Breij in de sociale media. En gezien de rotzooi die ze in het Twitterriool over haar heen krijgt is dat ook wel weer fijn voor mezelf. Ik kan er mee leven dat de Dag van Werk aan de Winkel er niet komt. Ik ben geen knip voor de neus waard als ik het niet voorstel middels dit blogje. Het is aan u.