Begrip, van de dag (176) Veelzijdig stukje grond

20160529_201134

 

 

VEELZIJDIG STUKJE GROND

 

Mijn gedachten laten waaieren over een palet van zaken tijdens het tuinieren, brachten me bij de middeleeuwen. Bij het klaar maken van een piepklein stukje grond voor gras, schiet mij de term wisselbouw naar boven. In de Middeleeuwen begrepen ze al dat je niet ieder jaar hetzelfde gewas op een stuk grond moest verbouwen anders wordt de grond eenzijdig geexploiteerd. Je moet steeds een stuk opschuiven. Dit werd tijdens de geschiedenisles verteld, maar omdat de basisschool (toen nog lagere school) in een agrarisch gebied lag, wisten veel jongens en meisjes van hun eigen landbouwpratkijken thuis te vertellen. Het is me dus bijgebleven en moest er aan denken bij de zoveelste bestemming voor een klein stukje tuin aan de straatkant.

Aanvankelijk stonden er wat onbeduidende planten, volgens mij wisten de vorige bewoners ook niet zo goed raad met dit stukje grond. Woonachtig in een appelbuurt, heb ik een heuse appelboom geplant met naar het zich laat aanzien veel vruchten dit jaar. Op de voorgrond staat een zusje van een boom verderop, ineens was ze er en binnen drie jaar al flink op lengte. In een hebberige bui ook twee conifeertjes gekocht, ooit om toch iets te maken van het onkruidperkje en ook die groeien lekker door. Maar de rest van de grond, het bleef behelpen.

Drie jaar geleden kreeg ieder bewoner van Duiven een zakje bloemzaad van de afscheidnemende burgemeester Zomerdijk die fervent imker is. Het gaat slecht met de bijenstand, dus we zaaien de gift van de burgemeester onder de appelboom. Rotzooi kwam er van, geen weelderige bloemenpracht. Vorige jaar veel onkruid, zevenblad zeggen verontruste kenners. Ik heb het weg gespit. Dit jaar weer wat anders, smeerwortel. Kruidenvrouwtjes als Klazien uit Zalk zullen er gek mee zijn, maar ik heb er genoeg van. Ik wil gras om de appels zacht te kunnen laten vallen in het najaar. Kortom een veelzijdig stukje grond…….. Grond. Wat wordt het volgend jaar?

Begrip, van de dag (175) Alleen is maar alleen

 

20160525_142929

 

ALLEEN IS MAAR ALLEEN

 

En toen was er licht na twee dagen van grijze luchten en miezerige regen. Het klinkt cliché, maar met een waterig zonnetje ziet de wereld er anders uit. Je ziet zaken anders, intenser of in ieder geval vanuit een ander perspectief. Het spreekwoord is niet voor niets er een ander licht op werpen. Met het licht in mijn yurt wil ik niet beweren dat ik het licht zag, maar ik ontdekte wel dat ik die dagen niet alleen ben geweest in mijn yurt. Boven in de nok van de tent, daar waar het grijze daglicht naar binnen siepelde, was een enorm spinnenweb. Ik had het nog niet eerder gezien. In het centrum van het web zat een spinnetje, niet eens zo heel groot. Hij moest nog veel onschuldige beestjes vangen om een grote afschrikwekkende engerd te worden met harige poten.

Ik stel me zo voor dat het over me gewaakt heeft zonder dat ik het wist. En dat heeft hij goed gedaan, want ik heb goed geslapen, of zoals mijn oma altijd bad voor het naar bed gaan, dat ik zacht zou slapen met een hele trits engelen een hoofd- en voeteneinde. Nu heeft de spin het overgenomen van de engelen, want engelen bestaan niet, spinnen wel. Je ziet hem in zijn web en volgens mij heeft hij een hapje gevangen en al behoorlijk met zijn draden ingepakt.

Overigens ik zeg hem, maar volgens mij zijn het vrouwtjesspinnen die de spinnenwebben maken en beestjes vangen. Ik weet het niet zeker hoor, maar volgens mij doen mannetjesspinnen niet veel meer dan waar mannetjesmensen spreekwoordelijk heel vaak aan denken en daarna worden ze opgegeten. Nogmaals ik weet niet of de spinnennatuur echt zo eng is, maar voor de zekerheid moet je het maar even googelen. Ik stel me aan het beestje voor. Ze zegt niets terug hoor, twee dagen bivakkeren in de tent heeft me niet gek gemaakt. Ik noem het beestje Bartiene, of eigenlijk Bart en/of tiene. Bart omdat ik in het land van Bartje zit, Bartiene omdat het misschien wel een vrouwtjesspin is. Maar omdat ik het niet zeker weet moet het maar door het leven met BARTENOFTIENE. ,,Dag Bartenoftiene, bedankt voor je gezelschap. Ik hoop dat je als ik weg ben, mag blijven voor de volgende bewoner. Misschien zien ze je wel over het hoofd bij de schoonmaak. Zo niet, we hebben in ieder geval de foto’s nog.”

Begrip, van de dag (174) Echt oud

 

 

 

ECHT OUD

Over het feit dat ik vijftig jaar en één week ben, zal ik niet zeuren. We gaan over tot de orde van de dag. Dat had ik mezelf voorgenomen en dat lukt best goed. Maar ik las vanochtend toch een stukje in de Trouw dat me deed beseffen dat ik echt oud begin te worden. In een van de bijlages werd gesproken over de terugkeer van een trend uit de jaren negentig. Met name meisjes en jonge vrouwen laten hun enkels opsieren met een enkelketting. Dat kan een zilver kettinkje zijn, kralen of schelpen, fijn of grof, maar in ieder geval boven een witte sportschoen. Nu weet ik best dat vrouwen kettinkjes om hun enkels dragen, ik kijk niet op of om als mannen dat ook doen, ieder zijn meug. Maar Trouw spreekt over terugkeer van een trend, ja zelfs RETRO!!!

Op het moment dat je weet dat er (nog) niets mis is met je geheugen, maar moet constateren dat er in de jaren negentig in trend was, je was toen tussen de 24 en 34, die op dit moment als retro wordt gekwalificeerd, dan wordt je echt heel oud. Zaken uit de jaren vijftig en zestig kunnen retro zijn in kleding en muziek. Of typische jaren zeventig mode, ik haal het er zo uit inclusief de meest onhandige accessoires. Zelfs de jaren tachtig, met een NO FUTURE look kan ik zo bestempelen als retro. Dus ook de jaren negentig zal ongetwijfeld iets hebben.

Ik denk diep na, en kan komen tot Flippo’s, de opkomst van de mobiele telefoon en verder de gameboy. Maar op het moment dat een gezaghebbende krant zoals de Trouw melding maakt van een retrotrend, de enkelkettinkjes, en er gaat geen lampje branden bij je, dat betekent dat je je scherpte meer dan twintig jaar geleden al bent verloren. Die constatering doet mij beseffen, vijftig jaar of niet, dat ik echt oud ben. Moet nog even nadenken of ik dat erg vind.

 

De boot niet missen

Niemand wil dat, de boot missen, zeker niet als het essentiële zaken betreft. Dat kan een passie zijn, mogelijkheden voor een nieuwe baan of sowieso mee kunnen met de maalstroom van de maatschappij. Grote groepen witte mannen zijn de boot aan het missen. Tenminste dat wordt beweerd door het fundamentalistische gedeelte van de grachtengordel. Ze zijn benepen, niet pro Europees, zij koesteren tradities zoals die van de Zwarte Piet-figuur en als ze dan niet al te hoog opgeleid zijn en generaties lang aan de onderkant van de maatschappij verkeren dan kun je stellen dat ze de boot hebben gemist; of dreigen te missen; of bang zijn te gaan missen. Een verderfelijke, maar groeiende groep van bange witte mannen, die het immorele deel van de Nederlandse maatschappij vertegenwoordigd, staat tegenover de ethische superioriteit van de Jeroen Pauw’s, Mathijs van Nieuwkerken, Sylvana Simons’, Jürgen Raymanns of last but not least Freek de Jonges.

Erik van Muiswinkel beseft als geen ander dat je de Sinterklaasboot niet mag missen en heeft besloten zijn functie van Hoofdpiet vacant te stellen. Het vermeende discriminatoire karakter in het Sinterklaas-journaal wordt niet hard genoeg weggepoetst, dus door Zwarte Piet te blijven, staat van Muiswinkel symbool voor de de bange witte man die door de fundamentalistische roeptoeters zoals Quincy Gario groter en groter wordt gemaakt. Van Muiswinkel wil de boot niet missen, stelt zijn functie van Hoofdpiet beschikbaar en springt op de gondel van de grachtengordel. Een bootje dat vaart in een parallelle wereld, afgezonderd van de rest van Nederland. Een bootje dat fungeert als baantjesmachines voor Hilversum en als je er niet opspringt en lippendienst bewijst aan het verheven gedachtegoed van de grachtengordelgondel, dan kom je niet bij de wereld draait doorrrr, Pauw of andere types die losstaan van de dagelijkse werkelijkheid.

 

 

 

En het zal me een worst wezen of Van Muiswinkel ook meevaart in de verheven grachtengordelgondel van ‘wij zijn beter en zullen het wel even vertellen’. Ik gun hem zijn broodwinning, hij mag de boot dus niet missen en zal lippendienst moeten bewijzen. Zo zit de wereld in elkaar. Net zoals het me een worst is of antiracisme in de wij-zijn-beter-gondel tegenwoordig samengaat met Turks nationalisme en ander bedenkelijke ideeën, maar als Sylvana Simons denkt dat het doel de middelen heiligt, OK. Ze is niet de enige die Machiavelli heeft gelezen.

Waar ik me door de opstelling van, ook nu weer Van Muiswinkel ongelooflijk zorgen over maak is het ongeveer monopolie dat de reizigers van de grachtengordelgondel hebben in de traditionele media Door hun show van morele verhevenheid en het beschuldigende vingertje vanuit een parallelle wereld, geven zij steeds meer voeding aan onrust in de gewone wereld. Ik vraag me dan af hoeveel PVV stemmen zo’n actie van Van Muiswinkel gaat opleveren? Een moreel kompas hebben we nodig, maar laten we dan gegidst worden vanuit open communicatie en gelijkwaardigheid, niet vanuit een omgekeerde VOC-houding. Als de geest van slavernij en het kolonialisme nog door de grachten rondwaard, los het daar dan ook op en besprenkel niet Nederland met je giftige domineespraatjes die Geert Wilders alleen maar groter maakt. Sluit aan, stoot niet af.

Begrip, van de dag (173) Ideale begraafplaats

de uithof

IDEALE BEGRAAFPLAATS

 

 

Alles wat op internet staat blijft voor de eeuwigheid bewaard! Of je dat nu wil of niet, zo wordt mij verzekerd. Met deze kennis ga ik ook maar eens gebruik maken van Big Brother. Dus Facebook, Twitter en wat al niet meer, let op. Hierbij komt mijn revelatie voor vandaag. Ik weet waar ik begraven wil worden. Zet dat goed vast. Niet vandaag hoor. Ik wil nog een tijdje mee. (een duiveltje op mijn schouder zegt dan ‘moet je wel stoppen met roken”) Ik negeer al mijn stemmen en ben verheugd op mijn laatste rustplaats. Ooit. Hoewel ik al jaren niet meer aan begraven denk, ben ik van mening veranderd.

 

Graag reserveer ik een plaatsje in Oosterhesselen in de veengronden aldaar. Misschien dat ik eeuwen later als veenlijk nog dienst kan doen in een of ander oudheidkundig museum. Maar daar doe ik het niet om. Ik doe het voor mijn publiek op de dag dat ik het tijdelijke met het eeuwige verwissel, zeg 25 mei 2056. Dan heb ik net mijn 90e verjaardag gevierd (ja, ja, ik weet het wel, mits ik gestopt ben met roken). Ik heb de begraafplaats niet eens gezien, maar tegenover de weg er naar toe staat een allerliefst vakantiehuisje met de even lieflijke naam De Uithof.

Nu leek het me een geweldig idee dat iedereen tegen die tijd een snipperdag opneemt en heerlijk vakantie gaat vieren. Met een plaatje in de tuin om mij als toekomstig veenlijk te zien worden weggereden met paard-en-wagen naar mijn laatste rustplaats. Misschien dat de naam dan ook nog veranderd kan worden in Uitkijkhof of misschien wel Kijk-uithof (Had je maar niet moeten roken). Nog even smoezen met de Dela of e.e.a. gefinancierd kan worden. Oosterhesselen dus en zet 25 mei 2056 maar vast in je agenda. Als het later wordt zal ik het laten wetenT

 

Begrip, van de dag (172) Drentse moerasgeesten

moesasgeest

 

DRENTSE MOERASGEESTEN

 

Het is niet onwaarschijnlijk dat je in Drenthe wordt meegezogen, de zompige diepte in. Moesasgeesten liggen op de loer, witte wieven lokken je naar onheilspellende godverlaten plekken en je wordt beneveld door de meest giftige en bedwelmende moerasgassen. Je geestesvermogen wordt aangetast en je kan alleen maar hopen dat het allemaal goed gaat komen met je. En het ergste van alles, je wordt aangetrokken door de schoonheid van het landschap en de bijna hoorbare stilte en de lieflijke panorama’s. Schijn bedriegt. Terwijl het spel van donker en licht tegen het nauwelijks zichtbare groen je doet betoveren, liggen de gnomen, dwergen en geesten op de loer. Het is maar dat je het weet.

 

De plek kwam ik tegen tijdens een wandeling niet ver van mijn yurt. De serene rust en de prachtige compositie vragen om een foto. Of je nu in een Allesbestierende gelooft of een heftig aanhanger bent van de evolutie-theorie, in beide gevallen is er vakwerk afgeleverd. Je kunt je voorstellen dat je een wordt met de omgeving, de energie is er schoon. De geest wordt rustig en je concentreert je op het licht, en laat de donkerte achter je. Immers, de kwade geesten liggen op de loer. Dan loop je verder, niet naar het licht, om de donkerte te vermijden. Gewoon verder.

 

Een Drentse ven heeft veel overeenkomsten met het echte leven. Licht en donker. Je kunt genieten van het licht als je niet zo vreselijk bang bent voor de donkerte. Een parallelle wereld van donkere gedachten maken angstig. Al lijken ze waarachtige, ze zijn net zo echt als de moerasgeesten en andere monsters uit de zompige moerassen van Drenthe.

Begrip, van de dag (171) Brandnetelteven

brandnetelteef

 

BRANDNETELTEVEN

 

Als er iets is dat de echte man met een mengeling aan gevoelens toetreedt is het wel het proces van een auto kopen. Buiten dat je afscheid moet nemen van je oude ‘vriend’ die je overal mee naar toe heeft genomen, is het altijd een aanslag op je portemonnee.  Als deze fase is overwonnen komt het zoekproces op gang. Niks leuker dan dromen over een andere auto, rekensommetjes maken en met je partner langs garages gaan. Heerlijk! Ik heb verder niets met auto’s en mijn ego (of andere onderdelen) veranderen ook niet wezenlijk bij een bepaald model. Eenmaal bezitter van een nieuwe vierwieler, ga ik over tot de orde van de dag. Ik rijd van a naar b en meestal vind ik dat best leuk.

 

Het is weer zo ver, want de belofte van onze garagehouder dat er onkosten aan zitten te komen van bijna een maandsalaris noopt ons tot heroverweging van ons mobiele park. Afgelopen week zaten we aan tafel met een heuse verkoper. Een aardige man, daar niet van, maar hij werd pas echt toeschietelijk en amicaal toen bleek dat er echt wat te verkopen was. Nadat hij inschatte dat er geen oude Japanner verkocht hoefde te worden, vroeg hij naar onze achtergrond. Bij ‘reclassering’ spitste hij zijn oren en vond interessant te melden dat hij bij zijn vorige huis heel veel junkies had zien lopen. ‘’Erg toch?!” Dat vonden wij ook. Voor zijn goede beeld hielpen we hem maar uit de brand dat de statistieken van hun vrouw meppende autoverkopers de laatste jaren ook uit de hand begon te lopen.

 

Hij vroeg ook of er niet al te veel brandnetelteven werkten. Daar had hij namelijk een hekel aan. Besmuikt keek hij onder tafel of ik mijn geitenwollensokken wel aan had. Hij stelde vast dat dit niet zo was en ging over op zijn professie, het verkopen van auto’s aan ons. Tja, mijn levensgezel kan met haar yoga en aanverwante zaken in zijn optiek een echte brandnetelteef zijn. En ik? Ik schrijf mijn stukje in een yurt op retraite. Bij aankomst kreeg ik een kopje thee, geen idee van welke substantie gemaakt. Gelukkig heeft hij geen idee wat onze sector denkt van de gemiddelde autoverkoper. Och en het was best een aardig jong hoor, hij zou zijn vrouw nooit slaan. Dat deed je toch niet, maar hij zal dan ook geen brandnetelteef tussen de lakens hebben.

Begrip, van de dag(170) Retraite

yurt binnen

yurt buiten

RETRAITE

 

Op wikipedia heb ik even opgezocht wat ik aan het doen ben. Retraite is volgens wiki: een afzondering voor spiritueel zelfonderzoek en geestelijke oefening. Spiritualiteit is volgens de wikimeesters: in de breedste zin heeft spiritualiteit te maken met zaken die de geest (Latijn spiritus) betreffen. Het woord wordt op vele manieren gebruikt en kan te maken hebben met religie of bovennatuurlijke krachten, maar de nadruk ligt op de persoonlijke innerlijke ervaring. En dan komt mijn wetenschappelijke achtergrond naar boven, bij een goed onderzoek hoort een vooropgezet plan? Ik vind trouwens dat politicologie, mijn afstudeerrichting, weinig met spiritualiteit heeft te maken. Wel bedenk ik dat politici meer aan geestelijke oefening zouden moeten doen.

 

Een vooropgezet plan is er dus niet, misschien uitrusten maar dat heeft weinig te maken met spiritualiteit en we zeggen ’s avonds ook niet ik ga met retraite als je je bedstee opzoekt. Wat ben ik dus eigenlijk aan het doen? Gewoon even uit de realiteit stappen, de extra gewerkte dagen opsouperen en geen verantwoordelijkheid dragen dan alleen voor mezelf en dat is best gemakkelijk. En wat we dan vinden aan zelfonderzoek of geestelijke oefening dat zien we dan vanzelf wel. Misschien kunnen we een onderzoeksvraag vinden de komende dagen en die over een tijdje gaan uitwerken in een nieuwe retraite week. Strak plan lijkt me zo.

 

Toch was de weg ernaar toe best heftig. Met de fiets in de trein is niet supercomfortabel al had ieder station gelukkig een lift. Per ongeluk de verkeerde trein gepakt die niet in Hoogeveen stopte, dus in Assen met het boemeltje rechtsomkeer. Twintig kilometer in miezerige regen met een aanzienlijke tegenwind was niet gepland. Mijn baggerconditie ten spijt, het is me wel gelukt. De behuizing en omstandigheden waarin de retraite moet plaatsvinden zijn goed. Een gerieflijke yurt, geestelijke en niet-geestelijke bijstand, dat wil zeggen natje en droogje zijn geregeld. Nu alleen het weer nog. Wat hoor ik, het is droog kan ik lekker een sigaretje roken buiten. Roken, misschien kan ik daar iets mee de komende dagen. Zou een fijne bijkomstigheid zijn.

Begrip van de dag(169) Rite de passage

 

20160521_134903

 

RITE DE PASSAGE

Markeringspunten of piketpaaltjes, zo heet dat in managersjargon. Dat is zoiets als vergezichten via doelen en tussenmomenten naar je toe trekken, met de idee-fixe dat je er dan grip op krijgt. Tonen dat je grip krijgt op de situatie is het begin om zelf te geloven dat je anderen kunt sturen of aansturen zoals dat in de managersbijbel heet. Naast individuele benadering van belonen, straffen en overtuigen zijn er ook heel opzichtige rituelen die de groep moet overtuigen of warm stomen voor allerlei organisatorische vooruitgang. In mijn optiek is het sturingsvermogen in normale organisatie zonder nadrukkelijk druk via dictatuur of stenguns zeer beperkt. De meeste organisatie modderen maar wat aan. Eigenlijk go with the flow, maar dat is te soft. Bovendien waarvoor zijn er dan nog managers nodig?

Een van de geijkte middelen, maar zo triest en doorzichtig, is de meepraatsessie, waarbij mensen hun denkbeelden mogen geven, meningen mogen ventileren en even geloven dat ze invloed hebben. Net zoals managers, heeft ook de werkvloer op de flow normaliter geen enkele invloed. De meepraatsessie is een soort van rite de passage, om iedereen mee te krijgen naar de volgende fase. Dit begrip las ik laatst in een uiterst interessant boek van Braun&Kramer, De Corporate Tribe. De term is ontleent aan de culturele antropologie. Rite de passages zijn vaak duidelijk bij filmpjes uit ‘donker Afrika’, maar in onze samenleving hebben we ze ook. Te denken valt aan ontgroening bij studentenvereniging, maar ook in de leeftijdsfases wordt bij bepaalde situaties stil gestaan. Geboorte, huwelijk of begrafenissen zijn van die voorbeelden, waarbij een feestje of bijeenkomst met rituelen vereist is. Ik ben daar niet zo van, de volgende dag is gewoon weer hetzelfde en bewegen we ons met de flow mee.

Ik verzet me altijd een beetje tegen die rite de passages. Er zijn mensen die me daarom een partypoeper noemen of het met me oneens zijn. Dat moet dan maar. Toch twijfel ik wel eens of die starheid om maatschappelijke markeringspunten of piketpaaltjes te ontkennen wel slim is. De meeste mensen vinden rituelen toch wel belangrijk. Ik denk dan, je weet nog steeds niet waar het daarna naar toe gaat. Uiteindelijk natuurlijk naar je laatste ademstoot en verder moet ieder het maar voor zich zelf bedenken. Ik ga maar eens een week op zoek naar de mosterd in mijn eentje op de Drentse hei, de flow even ontkennend, kijken of ik de rest van mijn leven gewoon verder wil zonder piketpaaltjes.

 

Begrip, van de dag (168) Is weg

 

 

 

IS WEG

Dôar lig tuss’n Déénkel en Regge ’n laand

oons mooie en neerige Twèènte

“Neerig” (ijverig) zijn ze wel geweest die Tukkers, zo ijverig dat de financiële huishouding van dè FC uit Enschede door de mand is gevallen. Ik kan niet oordelen of dat terecht is en dat doe ik ook niet. Jammer is het wel voor het Nederlands voetbal, want FC Twente hoort daarbij. En zo mogen van mij ook wel weer ‘eenmaal’ kampioen worden. Als dat maar niet ten koste van Feyenoord gaat tenminste. Dit terzijde, maar het blijkt maar weer eens dat kampioenschap in het voetbal gekocht kan worden. Eerder was dat bij AZ en ook het kampioenschap van FC Twente krijgt een luchtje. En dat is jammer, zeker voor al die supporters.

Ik zou wel eens willen weten hoe ze in Zeist zouden reageren als dit 020 zou zijn overkomen. Is het instituut Ajax dan te groot om aan te pakken? Bij studio Ajax zouden ze er blijvend over hebben gesproken. Nu is het de vraag, wel of niet in hoger beroep gaan? De een zegt wel om gerechtigheid te halen, de ander waarschuwt want zelfs de licentie kan worden afgepakt. Mijn gevoel zegt, gaan met die banaan. Als het kan zo snel mogelijk opnieuw beginnen en dan met echte Tukkers in het elftal de weg naar boven zien te vinden.

Het begrip van vandaag zou dus eigenlijk FC Twente moeten zijn, maar vooralsnog is het maar de vraag of dat ooit nog een begrip zal blijven, vandaar dus maar ‘Begrip van de dag’ IS WEG? Natuurlijk is FC Twente niet weg. Zoals het onvolprezen volkslied al zegt op het einde: Ons hart blijft toch altijd in Twente oftewel oons hat blif toch aaltied in Twèènte. Zo is dat met het land tussen Regge en Dinkel met alles wat daarbij hoort, dus ook FC Twente.

(Even overwoog ik het clublied van FC Twente hieronder te plaatsen, ik houd het bij het Twentse Volkslied)