Mijn ‘Occupy’ in Nijmegen vanuit de luie stoel

_______________________________________________________________

Het moest er toch maar eens van komen, een livebezoek aan de Occupybeweging. Voor mij de meest logische locatie is Nijmegen. Zaterdag 29 oktober 2011 was het zover.

 Altijd bevrijdende uitzicht vanuit het Valkhof richting Lent en de Ooypolder

___________________________________________________________________

Occupy in de VS

Wat heb ik met de occupybeweging? Aanvankelijk helemaal niets. Terwijl in New York het aantal demonstranten toenam, de stemming af en toe grimmig was, hoorden we in Europa hoegenaamd niets. Misschien dachten we nog ‘Eigen Schuld, Dikke Bult’ en ‘Het is toch maar aan de andere kant van de oceaan’. Want zo zijn mensen natuurlijk als de problemen in ‘Verwegistan’ zijn. We wisten natuurlijk wel beter, maar we voelden het nog niet. Het is me wat in de Verenigde Staten, daar waar het kapitalisme het vuige gezicht nog nadrukkelijker laat zien dan in veel Europese landen, waar het vangnet ondanks Obama, vaak tot op de grond komt, dus weinig soelaas biedt. Waar mensen soms drie banen hebben en nog geen fatsoenlijk inkomen. Kortom de witte middenklasse begon er echt last van te krijgen. Ik kan voldoende redenen bedenken om boos te zijn op de kapitalistische samenhang, de risico’s voor de gewone man en het gevaar op desintegratie van de samenleving als geheel. Dus de occupybeweging ontstond. De onvrede in de VS was als langer groot, met name door de enorme schade die Bush en zijn kornuiten heeft achtergelaten in de VS en de hele wereld natuurlijk. Maar het is ieder voor zich en God voor ons allen. Goed we stuurden wat soldaten om met de “Yanks” mee te vechten, zo geglobaliseert dachten we ook nog wel. Maar de crisis, was in eerste instantie een Amerikaanse crisis.

_________________________________________________________________

In Nijmegen verwacht ik natuurlijk geen New York en ook geen Amsterdam, maar Havanna aan de Waal zou toch zeker zijn aandeel hebben, Nijmegen kennende. Zelf heb ik er van 1984 tot 1999 gewoond, dus van die tijd ken ik de actiebereidheid van Nijmeegse studenten en andere actievoerders.

_________________________________________________________________

Europa ook in de bezettingsmood?

Heel langzaam gingen ook onze ogen open, want Europa bleek niet de financiële vesting die men dacht gebouwd te hebben. De fundamenten deugden niet, gevaar van instorting dreigde. Politici spreken grote woorden, economen buitelen over elkaar en Europa wordt geconfronteerd met de grote wereld, waarbij nieuwe economische grootmachten als China, India en Brazilië zich laten gelden. Hele serieuze concurrenten, terwijl we moeten constateren dat onze eigen winkel niet meer deugd. Populisten hebben hun wapens gevonden, naast de vreemdeling (lees Islam) is ook Europa de gebeten hond. Terecht? Ik weet het niet.

(persoonlijk intermezzo: Eigenlijk ben ik wel een voorstander van een verenigd Europa al stemde ik in 2005 tegen de Europese grondwet, tot groot ongenoegen van de ‘gevestigde politieke orde’. Voor mij was het vooral een stem tegen het ondemocratische gehalte van Europa zoals het voorgesteld werd en vooral ook tegen een Europa van alleen de grote bedrijven en minder voor de gewone Europeaan. De laatste tien jaar heb ik echt wel het gevoel dat Europa in principe een echte entiteit aan het worden is. Nu weten we dat het gestoeld is op onjuiste feiten en economische waarden, Griekenland was corrupt, dat wisten we, maar dat het ons zou bedreigen, had ik niet kunnen bevroeden. Zelf heb ik bijvoorbeeld Bulgarije en Roemenië bij de EU twijfelachtig gevonden, Turkije vond ik in veel opzichter logischer, in ieder geval slimmer in stategisch opzicht. Ik heb dan ook geen last van xenofobe gevoelens jegens moslims, al heb ik ook weinig sympathie voor fundamentalistische ideeën)

________________________________________________________________

 Leuzen bij de ingang van de Occupy beweging waarbij ik die over het privatiseren van de winst en het nationaliseren van de risico’s wel kan ondersteunen, dat wil zeggen dat de gewone burger vooral geconfronteerd wordt (gaat worden) met de negatieve gevolgen. Zelf valt me de de bijbelverwijzingen nu pas op, die ga ik nog opzoeken.

________________________________________________________________

Voor mij als gewoon burger, laten we zeggen Europeaan, begrijp ik het economische aspect van de huidige crisis echt niet. Goed, zoals gebruikelijk spelen grote ego’s en eigenbelang een enorme rol, dus daar zal de Europese economische, politieke en dus ook culturele crisis wel om gaan. De oplossing zal echter niet in dit blog te vinden zijn. De onvrede die ik op tal van vlakken heb deel ik met velen. De inkleuring van mijn onvrede is natuurlijk individueel, maar ik denk dat onvrede en onbehagen wel de kernwoorden zijn bij veel mensen. In Nederland gaat het relatief goed, maar toch heeft zich een populistische partij zich in het centrum van de macht zich gevestigd. Rechtse partijen zoals CDA en VVD schurken zich uit lijfsbehoud tegen de desintegrerende werking van de PVV aan. De onvrede bij mij groeit en daarmee sympathie voor de occupybeweging. Zie hier, een persoonlijk argument om te sympathiseren met de Nederlandse Occupybeweging. Maar ik niet meteen antikapitalistisch, integendeel, ik ben vooral tegen de uitwassen van het kapitalisme.

(persoonlijke intermezzo: Wie zei dat ook al weer in zijn milde tijd? ‘Ik ben niet tegen de Islam, ik ben tegen de uitwassen van de Islam.’ Nou, wie was dat? Juist Geert Wilders. Het kan verkeren, om eens een goede oude literaire meester van stal te halen. Van zijn afkeer tegen de uitwassen is het zover gekomen dat hij de Islam het liefst met wortel en al wil uitroeien, te beginnen in Nederland.)

Ik ben dus tegen de uitwassen van het kapitalisme, niet tegen het kapitalisme an sich, al lijkt het soms op een grote uitwas uit te draaien, dat hele Europa. Economische zwarte scenario’s worden ons voorgespiegeld, maar de meeste Nederlanders voelen het nog niet in hun beurs, al is de tweedeling toch al een tijdje gaande. Zolang de meerderheid denkt dat de storm overwaaid, of in ieder geval hun eigen huis voorbij gaat, is het gevoel van onvrede nog niet heel manifest. Goed we hebben Geert Wilders en zijn ongepolijste politieke troepen en nu dus ook de Occupybeweging in Nederland. En dan verbaast het me altijd weer dat de strak antikapitalistische sentimenten weer uit alle krochten komen.

________________________________________________________________

Ik weet niet of de occupybeweging een lang leven is beschoren en mogelijk onder de voet wordt gelopen door antisentimenten of gewoon omdat de tijd in Nederland er nog niet rijp voor is. De toekomst zal leren of de Occupydemonstranten met een gelijke nostalgie zullen praten over hun acties zoals de hippe vogels dat deden (en doen) ten aanzien van bijvoorbeeld de Maagdenhuisbezetting)

__________________________________________________________________

(Persoonlijk intermezzo: Ik ben niet tegen communisten, ik ben niet tegen grote joints, ik ben niet tegen dreadlocks met honden, ik ben niet tegen een overvloed aan tatoes, ik ben ook niet tegen krakers of zwervers met europils. Maar ik ben dit alles niet, als achttienjarige al niet, maar nu met mijn 45 jaar zeker niet. Ik kan me echter zo goed inleven in het gedachtengoed van individuele wereldverbeteraars, maar als groep heb ik me er nooit thuis gevoeld. AXIE, AKTIE, ACTIE ik voel me er ongemakkelijk bij, en toch is het goed dat ze er zijn, al zullen ze in deze vorm nooit grote groepen andere ontevreden meekrijgen. Toch is de discussie die de occupybeweging met zich meebrengt van belang voor dit moment. Of de beweging een lang leven is beschoren, waag ik te betwijfelen. Ook in een crisis is het ‘ieder voor zich en God voor ons allen’ helaas een oerdrift die juist nu bij veel mensen naar boven zal komen. ‘Houd ik mijn baan, kan ik de rekening betalen, kunnen mijn kinderen studeren’ etc. zijn de vragen die mensen bezig houden de komende jaren.)

Occupy vanuit de luie stoel

Ik ben dus typisch zo’n ‘occupyer vanuit de luie stoel’, maar wel een zonder oordeel over welke motieven de kampeerders in welke stad in Nederland ook mogen hebben. Een veel gehoorde klacht is van tegenstanders dat ze maar eens moeten gaan werken voor hun geld. Misschien wel, maar dan kun je niet ‘occupyen’ en geen boodschap uitdragen, een boodschap die in Nederland hard nodig is. Bovendien is dat een sentiment dat de ‘hippe vogels’ uit de jaren zeventig al hoorden en je weet hoe die generatie is terecht gekomen, allemaal in het centrum van de macht al gaan ze nu langzaam maar zeker met pensioen. Ook begrijp ik heel goed dat wanneer je tegen het huidige systeem bent, een arbeidsbijdrage ook wel heel moeilijk kan zijn, je draagt dan bij aan het systeem dat je het liefst wil afbreken. Mijn sympathie hebben ze in beginsel, maar ik zal mijn tent zeker niet opzoeken.

Meer occupy in Nijmegen die dag

Nabij het occupy gebeuren in Nijmegen op op het Valkhof (of in het Valkhofpark zo u wilt) werd er meer bezet. Een bank, niet zomaar een bank, een gemeentelijk bankje oftewel straatmeubilair. Vermaledijde hangjongeren met ‘hakkitakkimuziek’ zaten daar uiterst vredig te chillen met elkaar.

Ook altijd een bezettingssfeer heeft de zaterdagmiddag met mooi weer, met name vrouwen met soms chagrijnige mannen nemen bezit van winkelstraten en kopen zich suf. Het heeft weinig te maken met sentimenten tegen het systeem, integendeel.

 

Broerstraat in Nijmegen

 

Molenstraat in Nijmegen

 

 

 

 

 

Marikenstraat in Nijmegen

 

 

 

 

 

 Een daaiorgeldraaier bezet de winkelstraat om zo de inkomsten van zijn bedrijfje te vergroten

 

Het het symbool van bezetting in Nijmegen, Plein 1944. Sinds jaar en dag het ‘kale’ winderige hart van Nijmegen ter nagedachtenis aan de oorlogsjaren gedurende de Duitse bezetting en dan meer specifiek de fatale bombardementen van de geallieerden op Nijmegen in 1944.

Momenteel bezet door bouwactiviteiten al dan niet door speculanten aangedreven (?). Ik weet het niet, want voor de toevallige passant is het niet heel duidelijk wat de bouwputten gaan opleveren. 

Kakelkrant van Sprakeloos 33: Wortelen is liefde

Gewortelde kinderen, dat is een absurde term eigenlijk. In deze dagen hoor je het best vaak.

Je wordt geboren, een wonder waar je part noch deel aan hebt gehad. Goed, je was erbij, dat wel, maar de natuur ging zijn vrije loop en uiteindelijk kwam je uit de schoot van je moeder en meldde je als wereldburger. Aanstaande maandag zijn er al 7 miljard wereldburgers.

 

En dan is het je taak om heel hard wortel te gaan schieten, de voorwaarde om ergens te mogen of kunnen zijn. Veelal gaat dit proces buiten jezelf om. Hoe is de grond waarin je wortel moet schieten? Zijn de tuiniers een beetje kundig en hebben ze liefde voor het hoveniersvak? Ook als dat in orde is, kunnen zich nog tal van omstandigheden voordoen die ‘het wortel schieten’ bemoeilijken. Weersomstandigheden en vandalisme van buitenaf kunnen een mooie tuin verstieren en de kans dat de wortels dreigen te verpieteren is levensgroot.

Eenmaal verpieterde wortels, dus wortels waar het ‘schieten’ niet is gelukt, kunnen nog maar moeizaam elders wortel schieten. Het kan wel, maar het vraagt kennis, kunde, wilskracht en misschien wel het meest geduld en liefde. En je hebt natuurlijk toestemming nodig om ‘vreemde wortels te verbouwen. Moeilijk, maar het kan, heel goed zelfs.

Wat ik me nu zit af te vragen, zouden er religies zijn die investeren in excellente tuiniers? Het is heel hard nodig, want naast gewortelde kinderen, zijn er ook oneindig veel ongewortelde kinderen. En zoals bekend, wortelen is liefde, oneindige liefde.

Kakelkrant van Sprakeloos 32: Koppesneller en IJzervreter

TOT NADER ORDER BLIJFT DIT ARTIKEL ACTUEEL, DINSDAG 1 NOVEMBER 2011 d-DAY? DAN KAN RECTIFICATIE PLAATSVINDEN.

Iedereen met slechts een beetje verstand van de christelijke historie weet het, discussies over geloofszaken zijn heilloos. Interpretaties hebben alleen maar tot scheuringen geleid, te beginnen tussen de Roomse moederkerk en het protestantisme, om nog maar niet te spreken over de lappendeken van protestantse geloven. In dat woud van christenen was er blijkbaar toch een gemeenschappelijke deler die christelijke politiek mogelijk maakte, het bestaansrecht van het CDA, of beter gezegd dat was het bestaansrecht van het CDA.

Hoewel het voor mij als betrekkelijke leek ook moeilijk is om het christelijke geloof samen te vatten, zou ik dat willen doen met de woorden ‘medemenselijkheid, mededogen en waardigheid’. En natuurlijk kan ik niet in de harten, hoofden, of zo u wilt zielen, van de CDAers kijken wat hen bewogen heeft om met de PVV te gaan samenwerken. Ik snap het niet, maar er zullen ongetwijfeld sterke (politieke) machtsstrategieën aan ten grondslag hebben gelegen waarvoor de christelijke waarden en normen hebben moeten wijken.

In die christelijke machtstroom waren een aantal dissidenten (Ab Klink bijvoorbeeld) die hun twijfels uiteindelijk omzette in daden. Ze vertrokken, terecht, met in achtneming van de medemenselijkheid, het mededogen en de waardigheid. Twee anderen, de Kamerleden Koppejan en Ferrier, speelden de dissident, maar legde het af tegen de machtspolitici. Ondanks hun belofte dat ze als kritisch Kamerlid “Geert Wilders zullen ontmaskeren” is het er niet van gekomen. Dat weten we sinds vandaag.

 

Ad Koppejan en Kathleen Ferrier zijn verworden tot ‘koppesneller en ijzervreter’ in de zaak Mauro. Een grote bek, maar geen daden en zeker geen consequenties trekken uit hun huichelachtige woorden. Want wat is nog erger dan een stelletje CDA lamzakken die achter Geert Wilders kwijlen en hem consequent lippendienst bewijzen? Nou? Wel, dat zijn mensen die de dissident spelen, maar ondertussen hetzelfde gedrag vertonen. Zij hebben zich laten meesleuren door de Haagse werkelijkheid.

 

Haagse Werkelijkheid, was dat niet hetgeen Geert Wilders en zijn PVV zo verfoeiden? Zij zijn inmiddels de vleesgeworden Haagse werkelijkheid geworden. Een werkelijkheid die de meeste mensen niet meer snappen. En die Haagse werkelijkheid is nog zompiger en troebeler dan het ooit geweest is. Zij hebben het CDA en de VVD al meegetrokken. Mauro wordt geslachtofferd. Wanneer zien Henk en Ingrid het?

Koppesneller en IJzervreter, geen respect voor dit stel.

 

Kakelkrant van Sprakeloos 31: Als de hemel op je kop valt!

Is dit nu zo’n dag die je over twintig jaar zal bij blijven en dat je precies wist waar je was en wat je deed? ‘Toen Europa uit elkaar barstte, was ik …????.’ De meesten vraten uit hun neus en ook ik stond erbij en ik keek er naar.” Wat moet je ook anders, want volgens mij begrijpt niemand er meer iets van en er zullen nog heel veel economen, politicologen en historici afstuderen en promoveren op 26 oktober 2011, of misschien een dagje later, of twee.

Of is het voornamelijk de media die ons doet geloven dat al die dames en heren die we gekozen hebben, het voor ons allemaal gaan oplossen? Zelf roeptoeter ik ook dapper een deuntje mee via twitter en nu dit blog. Die angst voor de onzichtbare economie doet me denken aan de Galliërs, die hun leven lang dapper vochten, maar wel bang waren dat de hemel op hun dak zou vallen. Illusionaire angst, wie zal het zeggen.

We hebben tenminste wel een hardleerse minister die altijd kan zeggen: “Ik weet nog precies wat ik voelde, dacht en deed. Ik voelde de ranzige adem van een horde PVVers, ik bedacht me geen moment en schopte een weerloze Nederlands Limburgse uitvreter terug naar zijn geboortegrond in Angola.’

Zeker, midden in de eurocrisis neemt de Nederlandse regering de VOC mentaliteit aan en zorgt ervoor dat de winkel blijft draaien. Een fier besluit onder verantwoordelijkheid van minister Gerd Leers door de jongeman Mauro uit te wijzen. Voor hem is de hemel al op zijn plaat gevallen, dus het kan wel degelijk.

Dus doe ik voorlopig maar een plaat op mijn hoofd ter bescherming, voor als de hemel daadwerkelijk gaat vallen. En dat is altijd nog beter dan een plaat voor me kop.

Vertrutting of Verkutting

In 2007 schreef ik naar aanleiding van een documentaire van journaliste Sunny Bergman een blogje met bovenstaande titel. Op dit moment is Sunny Bergman met een vrolijker seksueel onderwerp bezig en dit legt ze uit bij Pauw & Witteman. Ik zal het in de herhaling bekijken, maar donderdag a.s. is haar documentaire Sunny side of sex op tv te zien. Er zit mogelijk wel weer een blogje in, maar eerst even een ‘gouwe ouwe’ op mijn blog gooien. (In het reageergedeelte, zet ik ook nog de reacties die het toen kreeg bij het volkskrantblog.)

UIT 2007: Vertrutting of verkutting, that’s the question. Na Sunny Bergman’s documentaire over de maakbaarheid van de mens, zijn er nieuwe groeperingen waaronder die van Myrthe Hilkens (zie bijvoorbeeld http://www.iaspm.nl/Opinie%20NRC.pdf ) die zich inzetten tegen de verseksualisering van de maatschappij. Vaak worden dit soort initiatieven door zich liberaal noemende mensen, of anderszins vastgeroeste hippe vogels, weggehoond. De initiatiefnemers worden gezien als moraalridders of preutse Victorianen. De persoonlijke vrijheid wordt ingedamd is hun argument. Nou, mijn persoonlijke vrijheid wordt ernstig belemmerd omdat een groep mensen die publieke ruimte in toenemende mate denkt te moeten gebruiken als één grote huiskamer. En ik wil niet weten wat iedereen doet, draagt of niet draagt in zijn eigen territorium, dus zeker niet op straat.

Minister Plasterk heeft zich geschaard achter de ideeën van deze nieuwe Victorianen. Plasterk bekent dus kleur. Daarvoor mijn nadrukkelijke hulde. Nu maakt Plasterk deel uit van een kabinet dat voor grote groepen in de samenleving toch al een spruitjesgeur uit de jaren vijftig met zich meedraagt. Veel commentaar is dus zijn deel nu de overheid zich bemoeit met vermeende vrijheden van individuen. Maar als nota bene Femke Halsema zich ook tot deze groep schaart, breekt mijn traditionele klomp. Zij vraagt zich af of dit een overheidstaak is en betwijfelt de effectiviteit ten zeerste.
Tegelijkertijd roept ze dat allerlei economische maatregelen en vergroting van maatschappelijke participatie van vrouwen hetzelfde resultaat zullen hebben. Graag wil ik Femke wijzen op het feit dat vrouwen in toenemende mate maatschappelijk deelnemen, al zal dat terecht in haar ogen nog niet voldoende zijn. Maar het lijkt erop dat hoe meer vrouwen maatschappelijk participeren, des te nadrukkelijker de verseksualisering van de maatschappij zich manifesteert. Een oorzakelijk verband? Nee, natuurlijk niet, maar het toont wel aan dat haar argumenten niet deugen en dat een uitspraak zoals die van minister Plasterk meer zoden aan de dijk zet. De maatschappelijke discussie wordt er mee aangescherpt.

Over vier jaar stem ik bovendien liever op mensen of partijen die ook op immaterieel gebied zaken uitdragen, al is dat truttigheid ten top. Leven Trut(h) Plasterk.

Kakelkrant van Sprakeloos 30: Je hebt zijksnorren en zijksnorren……

Het was vrijdag moeilijk. Als vader heb je soms verplichtingen, die geen verplichtingen mogen heten, om in gezamenlijkheid naar een tv programma te kijken. ‘The voice of Holland’ is zo’n programma waar mijn jongste zoon nog graag naar kijkt. De eerlijkheid gebied me te zeggen, het zit fantastisch in elkaar, amusementswaarde is goed en ik verveel me geen moment, al zou ik er nooit alleen naar gekeken hebben. Tegelijkertijd zaten de jongens van Voetbal International hun programma rondom de uitreiking van de Televisierring te maken. Mijn oudste zoon vindt dat dan weer leuk, maar sinds we “een kastje hebben dat alles kan” is dat geen probleem meer, dat kijken we later dan wel. Vindt de oudste ook leuk om samen te kijken. Voetbal International(VI) is ook zo’n programma dat ik nooit uit mezelf zou bekijken. Naar voetbal kijk je, daar lul je niet over. In de pauzes van belangrijke wedstrijden ben ik ook meestal niet aanwezig om naar de zogenaamde kenners te luisteren. Maar VI is geniaal, tenminste qua amusementswaarde, de combinatie voetbal en humor is voor mij perfect.. De chemie van de heren, met af en toe een dame (Barbara Barend) is met geen enkel duur betaald televisieconcept te vergelijken. Ik was verbaasd dat ze wonnen, maar tegelijkertijd verheugd, het zegt iets over de smaak van de Nederlanders.

Nog meer verbazing wekte het feit dat hele volksstammen, met Bert van de Veer voorop, vond dat VI niet de terrechte winnaar is. Sterker nog, hij wauwelt het volgende:

‘De tv-kenner vindt dat de stemprocedure moet worden aangepast. Anders is het een nutteloze prijs geworden. Een prijs die niets waard is.’

Ik vind dat Beun de Haas ook specifiek zijn eigen auto’s moet beoordelen door zijn naaste familie en dat voor de Televisierring slechts mensen woonachtig in Naarden, Blaricum, Bussum en omgeving mogen stemmen voor het programma dat de Televisierring in ontvangst mag nemen. En dan nog liefst een stemrecht dat gebaseerd is op censusstemrecht.

De publieke omroep is niet goed in de prijzen gevallen. Zelf ben ik een sterk voorstander van een kwalitatief sterke publieke omroep en hoewel geen vriend van de commerciële omroep kan een individueel programma wel heel goed kan zijn. Voetbal International bijvoorbeeld, ook als de ‘fine fleur’ van het Gooi hier anders over denkt.

Vanavond zitten de winnaars, maar ook Bert van der Veer bij Pauw & Witteman. Ik ben benieuwd of het noodzakelijk is om morgen een tweede stukje te schrijven. Voorlopig denk ik dat Johan Derksen zijn zijksnor maar moet ontmantelen en het overdoen van Bert van der Veer.

Congo, een geschiedenis van David van Reybrouck

Deze zomer las ik Congo van David van Reybrouck, niet op de minste plaats door de prijzen die het boek had gewonnen. Dat stond marketing-uitdagend op een stickertje: Bekroond met de AKO literatuurprijs & Libris Geschiedenis Prijs.

Die laatste prijs is eigenlijk zeer vanzelfsprekend, het staat immers in de subtitel, Congo, Een geschiedenis. Bovendien, ik kan het nu al verklappen, Congo evenaart de klasse van de boeken van Geert Mak ‘Een eeuw van mijn vader’ en ‘Europa’. Voor de liefhebber al voldoende reden om naar de boekwinkel te hollen. Dat David van Reybrouck ook de AKO literatuurprijs heeft gewonnen, pleit vooral voor het lef van de jury. Een ongewone keuze, maar daarom niet minder terecht. Wie meer dan 600 pagina’s weet te boeien met historische feiten, politieke structuren, mondiale verhoudingen en individuele verhalen van bekende en minder bekende Congolezen en anderen in de Congolese geschiedenis, verdient die prijs.

 

David van Reybrouck

Congo, Een geschiedenis

De Bezige Bij, Amsterdam

2011

De opbouw van het boek zorgt ervoor dat ik mijn ervaring gemakkelijk kan delen, maar een samenvatting is een schier onmoglijke opgave. Dat laat ik dan maar. Ook heb ik lang nagedacht hoe ik mijn boekervaring op papier moest krijgen. Nu weet ik het door de recente gebeurtenissen rond de ‘Occupybeweing‘.

Voor mijn gevoel heeft de geschiedenis van Congo, tot op de dag van vandaag, te maken met met geld, het grote geld en het massieve graaien. Dat weet je als je over Afrika spreekt, maar hoe Van Reybrouck dat heeft weten weer te geven, is fenomenaal. Hij begint feitelijk in 1870 met korte uitstapjes naar de periode ervoor, toen de Afrikaanse geschiedenis nog niet op papier stond. De Belgen beginnen een achterhoede gevecht om de gebieden die feitelijk nog niet gekoloniseerd werden en weten uiteindelijk van Belgisch Congo een groot Afrikaans land te maken niet in de minste plaats door een schat aan grondstoffen. Met name dat laatste maakt het land in Centraal Afrika in de moderne mondiale geschiedenis enorm belangrijk, want oorlog betekent behoefte aan grondstoffen. In iedere mondiale oorlog, beide Wereldoorlogen, Koude Oorlog en vele andere brandhaarden in de wereld, werd meteen gevoeld in Congo. Zelden is het ten goede gekomen aan de Congolezen zelf.

De geschiedenis van het land was voor mij compleet onbekend, met uitzondering van een boekwerkje van Jef Geeraert (Gangreen). Een mens kan ook niet alles weten, maar vanaf 1870 is er in Congo duizelingwekkend veel gebeurd. De opbouw van de Belgische kolonie, met daarbij het verlies van de eigen cultuur, of eigenlijk moet men spreken over het verlies van veelheid aan culturen in het land. Belgen gingen zich vestigen in Congo, Congolezen kwamen naar België. Tegen de tijd dat de Belgen door hadden, vanuit Europees perspectief, dat ze koloniale verantwoordelijkheden hadden, begon de dekolonisatie zich al te ontpoppen. En gelijk bijna iedere voormalige kolonie, is de zelfstandigheid niet vanzelfsprekend, in zoverre je over zelfstandigheid kunt spreken met nog steeds economische afhankelijkheid in eerste instantie van het Westen, later ook van Rusland en inmiddels vooral China. Het klinkt stom, maar ik besefte niet hoe ver China al in de hedendaagse Congolese economie is doorgedrongen en hoeveel Congolezen in China bivakkeren met handel. Wederom een blinde vlek die Van Reybrouck bij mij iets heeft belicht. Ook de gekte de leider Mobutu, met vreselijke gevolgen voor zijn bevolking en de diplomatieke ramp die hij moet zijn geweest voor menig wereldleider, wordt inzichtelijk beschreven. Bij Mobutu komt het vergelijk met de Libische leider Khadaffi boven. Hij had vrienden bij de vleet zolang men hem (olie) nodig had, maar gezien zijn wandaden wordt hij meteen verguisd. Zo is het ook Mobutu vergaan.

 

 Drie belangrijke leiders uit de Congolese geschiedenis met in het midden Mobutu, links Kabila en recht Lumumba

David van Reybrouck beschrijft zoveel in zijn boek, dat ik het zeker niet zou aandurven om ook maar een benadering van een samenvatting te maken. Als ik al in één zin zou moeten samenvatten dan is de recente geschiedenis van Congo vanaf pakweg 1870 als volgt de definiëren: ‘Een dramatische geschiedenis van een land, bestaande uit een vele volkeren, dat sinds het contact met de blanken noodgedwongen in de achtbaan van mondiale verhoudingen moest stappen, terwijl het van te voren mogelijk wist dat het louter narigheid zou opleveren qua politieke, economische, humane en culturele structuren.

Ik kan het boek aan iedereen met interesse in geschiedenis, sociologie, economie, psychologie, politicologie en culturele antropologie van harte aanbevelen. Ook voor hen die ‘slechts’ iets willen begrijpen van de positie van ‘zomaar’ en Afrikaans land zou ik zeggen, lees het vooral.

=================================================================

Mijn waardering voor dit boek in een cijfer uitgedrukt: 8

Meer boekervaringen zie ook het overzicht

Een Keukenmeidenroman van Kathryn Stockett

Als ik mezelf zou moeten omschrijven, dan weet ik dat ik niet voldoe aan de kwalificatie macho. Ik vind dat niet erg, maar een boek met de titel ‘Een keukenmeidroman‘ is nu niet meteen het boek dat ik ambieer om in de vrije tijd te lezen. En toch kwam het zo ver. Het boek stond in onze boekenkast en de achterkant gaf louter lovende kritieken. Dus het boek van Kathryn Stockett gaat onderdeel uitmaken van mijn boekervaring. Via mijn blog wil ik dat uiteraard weer graag met u delen.

Allereerst de voorkant, zo’n sfeervolle zwartwitfoto, zoals ieder zichzelf respecterend boek tegenwoordig heeft, is niet voor niets. Een foto kan de atmosfeer van een verhaal in een oogopslag weergeven. Een blond afwassend meisje, lakschoentjes en witte sokjes en een erg onhandige onderbroek geven spruitjeslucht en gezinsgeluk weer uit de jaren zestig. Niet meteen een aanrader, maar zoals gezegd, ik had de lovende kritieken reeds gelezen.

 

Een keukenmeidenroman

Kathryn Stockett

Mistral Uitgeverij

2011 (1e druk 2010)

Voor mij kwam het boek de eerste pagina’s wat langzaam op gang,. Zelf ben ik voorstander om snel in het verhaal te zitten. Het voordeel is dan dat het boek weg te leggen is, maar in je brein aanwezig blijft. Bij het verder lezen zit je er meteen weer in. Dat viel een beetje tegen, maar het thema was verrassend, de rassenverhouding in het zuiden van de Verenigde Staten vanuit in eerste instantie het perspectief van de huishoudelijke hulp Aibileen. Deze keukenmeid, werkzaam bij een wit middenklasse gezin, zoals nog gebruikelijk in de jaren zestig van de vorige eeuw, sleept de lezer met haar alledaagse beslommeringen mee in de sfeer uit die periode. Stocket beschrijft haar verhouding met de mevrouw, de liefde voor de jonge kinderen in het gezin, ze zijn immers grotendeels haar verantwoordelijkheid en ook de economische afhankelijkheid binnen de scherpe raciale tweedeling in de kleinsteedse omgeving. Ik denk dat de traagheid in het boek nodig is geweest om later in het boek echt meegezogen te worden.

Interessant in het boek vind ik ook de nadrukkelijk wijzigingen van het vertelperspectief. Waar Aibileen aanvankelijk nog de volgzame zwarte hulp in de huishouding is, die ook mededogen kent naar haar witte ‘onderdrukkers’, wordt een deel van het verhaal verder verteld door haar vriendin, de recalcitrante Minny. De derde personage is Miss Skeeter, representant van de blanke middenklassers. Haar liefde voor de zwarte vrouw die haar opvoedde als kind, diens plotselinge verdwijning uit haar leven en de confrontatie met ‘nieuwe’ keukenmeiden als jong volwassene bij haar vriendinnen brengen Miss Skeeter aan het denken. Dit bewustwordingsproces over de raciale verhoudingen en haar ambities om te schrijven, brengen haar tot een stoutmoedig plan om de levens van de verschillende keukenmeiden te gaan beschrijven. En stoutmoedig is het omdat Miss Skeeter zich (mentaal) moet losmaken van haar socialisatieproces, maar ook wordt er veel lef gevraagd van de keukenmeiden die hun verhaal wereldkundig willen maken. Bovenal wordt er veel gevraagd van de vrijwillige medewerking door Aibileen en de minder coöperatieve samenwerking met Minny.

 

De algemene lijn van de vertelling ligt dus bij de drie personages, die steeds vanuit hun eigen belevingswereld de lezer verder brengen in de sociale en maatschappelijke gebeurtenissen in het kleine stadje in het Zuiden van de VS. Naast lokale gebeurtenissen, komen ook de individuele zielenroerselen van de vrouwen aan bod. Maar ook de historische achtergronden met een Martin Luther King en J.F. Kennedy, maken dat het boek een realistische weergave is van een tijdsbeeld, de kentering van de officiële rassenscheiding in het Zuiden van de VS.

Ik heb het boek met plezier gelezen. De beklemming van de lokale verhoudingen worden beelden beschreven en met name de wisselende vertelperspectieven zijn een verrijking voor de lezer en geven daarmee een completer beeld. Het maakt voor de lezer weinig uit of het vertaal verder gaat vanuit Aibileen, Minny of Miss Skeeter, de spanning blijft aanwezig. Nu ik het boek uit heb, moet ik echter zeggen dat de Miss Skeeterrol toch nadrukkelijker blijft hangen. Mogelijk is dat omdat ik onwillekeurig de schrijfster Kathryn Stockett identificeer met Miss Skeeter. Mogelijk dat deze verbinding de schrijfster juist die rol op een meer natuurlijke wijze heeft kunnen schrijven en daardoor onbedoeld krachtiger is overgekomen. Al met al, een aanrader met een ontroerend einde, ook voor hen die niet meteen warmlopen voor de titel ‘Een keukenmeidenroman’.

======================================================================

Mijn waardering voor dit boek in een cijfer uitgedrukt: 7,5

Meer boekervaringen zie ook het overzicht

Kakelkrant van Sprakeloos 29: De middeleeuwse markt met Khadaffi

 

Onweerstaanbaar is het nieuws voor me, ook in de baas zijn tijd heb ik altijd wel een nieuwssite openstaan om snel even te kijken of ‘er nog iets gebeurd is’. En ja hoor, via twitter (heb ik ook vaak openstaan om even te kijken en soms te reageren) Mag waarschijnlijk niet van de mensen die de gedragscode hebben opgesteld voor internet op het werk, maar laat mij ook mijn onhebbelijkheden hebben.

Vandaag dus ‘hot news’ Khadaffi is in Sirte gevonden, belaagd en aan zijn verwondingen bezweken. Veel moeite hoef je niet te doen om te zien dat de beschikbare foto’s verschrikkelijke beelden zijn. Een man in doodsangst gaat de hele wereld over en we willen het blijkbaar zien? Er is behoefte aan bloed aan de muur en collectieve wraak.

Goed het merendeel van de tijd ben ik toch echt bezig met die taken waarvoor ik betaald wordt, dus doorzoeken naar het precieze nieuws doe ik niet. Maar ik vrees vanavond het nieuws, de actualiteitenrubrieken en vooral het internet. Hele rauwe beelden van weliswaar een nietsontziende dictator, in doodsstrijd, maar toch.

Ik zal het zeker zien, of ik wil of niet, want de nieuwshonger is groot. Maar wil ik het zien? Hoe lang is het geleden dat we met zijn allen op de jaarmarkt publieke executies of folteringen gadesloegen. Was dat in de middeleeuwen of nog veel later? Na de Franse Revolutie is er slechts een vernislaagje beschaving gekomen, maar het vernis is aan het bladderen en de behoefte aan onderhoud is blijkbaar beperkt.

Goed ik sluit de dag maar af en begeef me naar de middeleeuwse Markt, het is mooi geweest voor vandaag. Een mens moet zich tenslotte ook ontspannen.

 

Kakelkrant van Sprakeloos 28: Occupy, is dat bevrijdend?

Als wereldburgers zijn we het zat. Een kleine groep begon in New York, maar de Occupy beweging is zich aan het globaliseren. Dat is mooi, want ik ben een wereldburger, wie niet trouwens. Bovendien behoor ik tot 60% van de Nederlanders die sympathiseert met de Occupy-beweging. De aversie tegen banken, pathetische grootgraaiers en ander multinationaal gespuis is groot. In Nederland heb ik ook al andere ontevredenen gezien bij de beweging, ‘Free Palastina’ om maar eens wat te noemen. Er is ook zoveel om ontevreden te zijn, bijvoorbeeld bij de Italianen. De massademonstratie in Rome van afgelopen weekend is natuurlijk maar een slap aftreksel van de weerzin die Berlosconi oproept. Je premier zal maar van de Forza-Gnocca zijn, dat is mooi kut. Ik zou ook demonstreren.

 

 New York

Onvrede, verontwaardiging en bezorgdheid over de toekomst van de wereld en er iets aan willen doen, dat is de basis van de Occupy beweging. Ook ik vind het raar dat in Nederlandse verhoudingen de één twintig keer meer heeft dan de ander en dan hebben we het nog niet eens over de mondiale verhoudingen. Stuitend is het dat een goed draaiende economie om zeep wordt geholpen door zoiets banaals als geld, terwijl de schuldigen waarschijnlijk rijker worden en de gemiddelde belastingbetaler er voor op moet draaien. Maar mijn ontevredenheid reikt verder. Ik kan me bijvoorbeeld heel boos maken over de oneindige nutteloze bureaucratie in onderwijs en zorg. Ook ik begin, als politicoloog nota bene, steeds minder respect te krijgen voor veel politici en dan beperk ik me tot Nederland. Iemand die zich christen noemt kan zich eigenlijk niet vertonen als gedoger van dit kabinet. CDAers grimasseren tegenwoordig massaal bij ieder interview, want hetgeen hen gedicteerd wordt door de PVV, stralen ze non-verbaal niet uit. En Rutte, ze zeggen dat hij het goed doet, maar mind my words, over 10 jaar zijn er Rutte harlekijnpoppen. Maar goed we hebben ze zelf gekozen, evenals de PVV.

 

Rome

Over de PVV en de Occupy-beweging gesproken, ik zie grote overeenkomsten. Beide putten ze uit de beerput van ontevredenheid. En toch zijn er verschillen. Geert Wilders doet dat op een VVD manier, terwijl hij Henk en Ingrid laat geloven dat hij voor de kleine man zorgt. Een ander verschil is dat, hoewel de Occupy heel divers is, argumenten een belangrijke rol spelen. Daar heb ik de PVV als bijna grootste partij in Nederland nog niet op kunnen betrappen. En mijn ontevredenheid ten spijt, geen haar op mijn hoofd die denkt om PVV te stemmen. De Occupy beweging zie ik wel zitten.

 

 Amsterdam

Maar met welk spandoek zou ik willen rondlopen? Als ik ontevreden ben, denk ik dan dat het komt door de banken, door Berlosconi of de PVV? Nee, ik mag dan af en toe wat last hebben van weltschmerzen, maar gek ben ik niet. ’s Ochtends als ik opsta, denk ik niet wat een pipo is die Mark Rutte en daarom staat mijn dag op onweer. Zelfs de afkeer tegen bureaucratie, waarin ik zelf werk, zorgt niet voor onmiddellijke ontevredenheid bij het opstaan. Ik denk vaak wel, was ik de avond ervoor maar op tijd naar bed gegaan. Of als ik de trap oploop met een kloppend hart en ‘dikke benen’ omdat mijn conditie slecht is, ga ik niet zitten schelden op de tabaksindustrie. Dan ben ik ontevreden over mezelf. Maar met dit soort futiliteiten kan ik me toch niet vertonen bij een Occupy demonstratie? Ontevredenheid is in eerste instantie vooral een zaak van het individu. Maar hoe kun je je zelf nu bezetten, terwijl je je zelf eigenlijk zou moeten bevrijden? Dat is bijna een onmogelijke opgave. Het is gemakkelijker boos te zijn op de banken, hoe terecht dan ook, dan boos zijn op jezelf.

‘Selfoccupying-movement, het klinkt niet, maar je hoeft er tenminste niet de deur voor uit om jezelf te bevrijden’