Mijn filmblik op ‘Unter Bauern’

Hoe lang blijft de Tweede Wereldoorlog actueel en hoe lang kiest een mens om ‘weer’ een film uit die periode te aanschouwen? De klassiekers heeft iedereen natuurlijk gezien: The longest day, Een brug te ver en meer recent Zwartboek en Oorlogswinter. Voor mijzelf blijft de geschiedenis tussen de beide wereldoorlogen en de Tweede Wereldoorlog heel intrigerend.

Bij de film Zwartboek had ik al heel nadrukkelijk dat het thema Goed en Fout nadrukkelijk geen lineair verband heeft en ik denk, als representant van ruim na de oorlog, dat geen enkele oorlog dat eigenlijk heeft. Wat is nu goed en wat fout? De definitie van heel fout is mogelijk te geven, maar de daden van de meeste mensen in oorlogssituaties zijn eerder in grijstinten te beschrijven, maar dan in allerlei variaties. In rigeoureus zwart/wit denken geloof ik niet zo erg.

Een nieuwe dimensie voor mij is de Duitse speelfilm ‘Unter Bauern’* geweest. Als we over Duitsers denken in die periode, dan denken we aan de massahysterie voor Hitler, het enthousiasme om de oorlog in te gaan, de deceptie die ook al snel volgde bij velen en het lijden van de bombardementen op de vele Duitse steden en de uiteindelijke val van het Derde Rijk in 1945. Een beeld van het gewone leven, dat ook in Duitsland op veel vlakken natuurlijk doorging, is niet iets wat op mijn netvlies stond. Nu inmiddels wel na het zien van de film.

Unter Bauern laat het leven zien op het platteland in de omgeving van Münster. En ook hier vooral grijstinten van goed en kwaad. Enthousiasme voor de ideologie van Hitler komt voor naast het onderbrengen van Joden in de boerderijen. De mensen leven naast elkaar, met elkaar en voor elkaar, maar soms met tegengestelde opvattingen. Uiteindelijk laat de film zien dat menselijke verhoudingen vaak belangrijker zijn dan de principes van het nationaal-socialisme, met als gevolg dat mensen achteraf heldendaden verrichten, zonder dit vooraf te beseffen. De film leert mij, dat het nemen van beslissingen in zulke dynamische episodes in de geschiedenis vaak ‘een weg zonder terugkeer’ is, met verstrekkende gevolgen. Misschien is dat je hele leven wel, maar ben je er niet altijd zo van bewust. In de film Unter Bauern wordt het nadrukkelijk in beeld gebracht. Iedere beslissing heeft gevolgen, maar levend in nazi-Duitsland zijn de gevolgen mogelijk veel groter dan je aanvankelijk had gedacht.

De film, onder regie van Ludi Boeken, laat het leven van een groot plattelandsgezin zien met jonge kinderen, waarvan de boer geconfronteerd werd met de problemen van zijn Joodse oorlogsmakker uit de Eerste Wereldoorlog, Menno Spiegel. Uiteraard wordt het gezin van Menno Spiegel geholpen. Zijn vrouw en dochter worden op de boerderij ingekwartierd, mogelijk als ‘reguliere’ vluchtelingen vanuit de gebombardeerde steden. Menno zelf vindt uiteindelijk ook onderdak in de omgeving, gescheiden van zijn gezin. De boer ziet met lede ogen toe hoe zijn zoon naar het Oostfront gaat en zijn dochter een amoureuze verhouding heeft met een fanatiek lid van de Hitlerjugend.

De film vertelt dat niemand er zonder kleurscheuren vanaf komt in deze vreselijke periode, maar het meest intrigerende van de film vond ik de beklemmende sfeer die heel indringend is neergezet. De kleine wereld van de boerengemeenschap wordt nadrukkelijk gevolgd, maar de grote boze buitenwereld is nadrukkelijk op de achtergrond aanwezig en speelt op sommige momenten even de hoofdrol. Voor zover ik er zicht op heb, vind ik de casting uitstekend en heel geloofwaardig. Een puntje van kritiek heb ik ten aanzien van de belangrijke bijrol die de kleine dochter van Menno Spiegel vertolkte. In de meer serieuze films waarin kinderen voorkomen, vind ik vaak dat er sprake is van overacting van die kinderen. Ze zullen ongetwijfeld hun best doen, maar ik word er af en toe wat kriegel van, zo ook in deze film.

Ik zal verder geen woorden vuil maken aan de acteurs en actrices, ik ken ze namelijk niet en kan niet bogen op eerdere bewuste ervaringen ter vergelijk. En misschien is een film daarom wel des te beter omdat je vooral de rollen ziet en minder de bekende acteur.

Al met al een film die ik de moeite waarde vond om te kijken en niet snel zal vergeten.

* De link leidt ook naar de trailer van de film.

Mijn waardering voor de film is: 7,5

Rare jongens, die goklustige Engelsen

Dat die Engelsen ‘rare jongens’ zijn, om maar eens een klassieker van Astrix en Obelix te gebruiken, staat natuurlijk buiten kijf. En om de klassieke uitspraak in een moderner jasje te gieten, wil ik er wel aan toevoegen dat ook de meisjes van het eiland raar zijn, want aan discrimineren doe ik niet. Links rijden, ondoorgrondelijke maten, behoud van de pond, rare kroegtijden om over het bier nog maar niet te spreken. Bovendien met zo’n keuken, moet James Oliver toch wel door God gezonden zijn. Maar het ontberen van fatsoenlijk voedsel weerhoud de Engelsen niet van het frequenteren van de pub en hun maaltijden. Dan moet je toch raar zijn. Maar verder wel aardig hoor. Met plezier heb ik een paar prettige weekjes doorgebracht bij die rare jongens en meisjes.

Gokken is ook zoiets dat blijkbaar genetisch de Noordzee niet is overgekomen, want dat lijkt bij de Britten wel een volksziekte. Ooit eens op een nette grote camping gestaan in het Noorden van Engeland? Ik wel, we hadden er, heel naïef een mobile home gehuurd. Je kent dat wel, zoiets doen ook hele volksstammen in Frankrijk en Spanje, dus waarom niet aan de andere kant van de plas. Voor de goede orde, er was niets mis met onze huisvesting ter plekke, integendeel. Voor de rest was het wel even een cultuurshock, want alle Engelse gezinnen die niet Engels zitten te wezen aan de Spaanse costa’s, hebben zich verschanst op dit soort parken blijkbaar. Zonder een waardeoordeel uit te spreken, kan ik u verzekeren. “Het is echt anders.”

De onvermijdelijke shoppingmall bij zo’n park, annex pub, animatie, take-aways en een zwembad is een cultureel antropologische belevenis. Maar het meest opvallende is toch de aanwezigheid van grote hoeveelheden videogames en een nog groter aantal gokkasten. Engelsen zijn gokkers, en ieder hoekje in het overdekte winkel- en vermaakcentrum bevatte een gokkast. Zonder overdrijven zou ik gokken op minstens 350 van die eenarmige bandieten. Ik zal die gok niet winnen, want ik ben geen Engelsman en dus niet raar. Maar het kan nog vreemder.

Gisteren werd ik gewezen op een site waar op van alles wat los en vast zit gegokt kan worden en je kunt ook zelf voorstellen doen. Sport is natuurlijk nadrukkelijk aanwezig op deze site, maar ook allerhande andere zaken kunnen voer zijn voor de Engelse goklustigen, ook lokale issues in andere Europese landen. Dus als je gisteren had ingezet dat er een splitsing zou komen in de partij van Rita Verdonk, dan was je vandaag misschien een stuk rijker geweest. Wie zal het zeggen. Ook de aanstaande bruiloft van de eeuw, tussen prins William en Kate Middleton brengt al veel ‘reuring’ met zich mee. Wie gaat er wel of niet huilen? Hoe lang is de sleep van de bruid? Welke muziek wordt er gespeeld en ‘last but not least’ de kleur van de hoed van koningin Elizabeth. Als je zou gokken op een geel hoofddeksel, dan is de kans om rijk te worden niet zo groot, maar denkt u dat Elizabeth in een jolige bui een zwarte hoed zal dragen, dan ziet u uw inzet met 250 vergroten. Het is maar dat u het weet.

Zoiets is in Nederland niet gangbaar, hoewel wij misschien ook best rare jongens zijn. Vandaag doet John de Mol een aanbod op o.a. SBS 6. De Mol heeft het nodig om nieuwe formats uit te proberen. Misschien dat een moderne versie van Wedden dat een optie is. Het moet dan wel platvloers dus boeren, scheten en botte seksgrappen zijn onvermijdelijk. Wie laat de hardste scheten, Wesley Sneijder of Jolanthe, uiteraard met de geheime camera als scheidsrechter. Wie van de oranjeprinsen is de echte homo? Welk ondergoed draagt Yvon Jaspers als ze het erf op komt van de boeren? Draagt ze sowieso wel ondergoed?

Volgens mij is dit een passend format voor succes tv, zoals we het al wel kennen, dus roeptoeter het door, het komt van mij, misschien zit er nog wel wat in voor mij. Voorlopig blijf ik me vooral verbazen over de Engelse goklust, maar eigenlijk wist ik het al: Engelsen zijn rare jongens.

Mattheus Passion, is dat toegankelijk voor een Sallandse Boer?

Voor de toevallige voorbijganger van dit sprakeloosverhalen-blog en zeker voor degenen die hier vaker op bezoek komen, weten inmiddels dat er geen sprake is van een 1 themablog. Ik heb over veel zaken een mening, al is dat vaak niet wetenschappelijk gefundeerd, al zit er wel een dosis gezond vertand achter, of in ieder geval oprechte verbazing of frustraties. Ook bespreek ik boeken en sinds kort ook films. Bovendien waag ik me met enige regelmaat aan een verhaaltje van eigen hand en ben ongeveer de enige in heel Nederland die verslag doet van kerkbezoeken. Och, je moet toch wat om je blog tot een soort van internetglossy te maken.  O ja, ik maak ook nog muziekcolumns, een verhaaltje bij een hitje of andersom, maar daar zit hem nu de kneep. Er zit geen klassieke muziek bij, terwijl die keren dat ik er de moeite voor nam, ik het best aardig vond, in ieder geval rustgevend. Ik weet er echter hoegenaamd niets vanaf en ik beschouw het niet als een gemis. Er zullen nu zeker mensen afhaken en de schrijver van dit blog een onbehouwen vlerk vinden of een dieptrieste cultuurbarbaar. Het mag zo wezen, maar een verhaaltje of een politieke mening heb ik dan wel weer vaak paraat. Toch gaat er in die onbehouwenheid toch een gemis schuil dat zich ieder jaar ontpopt en ieder jaar ook manifester wordt. Rond de paastijd hebben de cultuurliefhebbers, fijnbesnaarden en mensen die er voor door willen gaan het steevast over de “Mattheus Passion” van Johan Sebastiaan Bach.

Ik kan er niet over meepraten, het glijdt namelijk van me af al begint het sporen na te laten dat begint aan te voelen als een gemis. Is dat werkelijk zo geweldig? Air van Bach vind ik ook geweldig, maar daar hoor je niemand zo lyrisch over doen. Zo heb ik via mijn vader wel eens stukjes muziek gehoord van Sibelius of Grieg, prachtig. Per ongeluk stuitte ik eens tegen een stuk van Rachmaninov, dat klinkt heel zwaar, maar ik vond het prachtig. Ik weet niet meer wat het was, maar ook daar kan ik meeleven. Op zijn tijd luister ik naar Vivaldi en zijn ‘Vier Jaargetijden’ en ook ben ik niet vies van een moppie Strauss. Le sacre du printemps van Stravinsky vind ik trouwens bagger, het is maar dat u het weet.

Maar de Mattheus Passion, ik denk dat ik er na 44 jaar toch maar aan moet geloven. Dus ik roep een ieder op om kort aan te geven waarom het zo mooi is voor jou, waar ik op moet letten als cultuurbarbaar en misschien een suggestie voor de uitvoering die ik moet aanschaffen of kan vinden op internet. Misschien gaat het dit jaar lukken, of anders ben ik in ieder geval goed voorbereid voor Pasen 2012.

Bij voorbaat dank voor uw mededogen voor een Sallandse boer in culturele gewetensnood.

De eerste de beste heb ik van youtube geplukt

]

Misantropie, fade away

Indien misantropie als norm zich nestelt onder de huid

dan is er bijna geen enkel genezend kruid

ter bescherming

tegen misvorming

van het belaste ego

 haat krijg je dan cadeau

zover laat ik het niet komen

en zoek naar paradijslijke dromen

ter verdrukking

van persoonlijke mislukking

ter bevrijding van de belaste geest

druk op de onderstaande link en het is feest.

Een prachtige link, gekregen van Joshua, die het weer van Kitty kreeg, maar ook zij heeft het niet zelf gemaakt, kortom, muziek voor en van ons allemaal.

Bedompte lucht, oftewel hoe koppel ik Randy Crawford aan de NL politiek

Heel af en toe heb ik het wel eens, wegwezen hier. Dan praat ik niet over een enge buurt, een louche kroeg of dat ik met een shirt van mijn favoriete voetbalclub Feyenoord tussen Ajaxfans zit, de F-side bijvoorbeeld. Nee, ik zie het dan groter en doel op Nederland als geheel. Gisteren was zo’n moment bij het zien van de tronie van Geert Wilders en de scherpslijperij van advocaat Moszkowizc. In wat voor land leven we, denk ik dan. Ik hoor hele volksstammen dan zeggen, ‘och, zo slecht is het hier niet’ of ‘rot dan op als je het hier zo slecht vindt’. Het blijft ook het land waar ik geboren ben en mijn wortels heb. Echter die hele rechtszaak rond Wilders is wel een van de oorzaken dat mijn wortels af en toe wel los komen te zitten.

Hoe is het toch mogelijk dat honderden zichzelf serieusnemende politici zich laten gijzelen door een man die meent de mening van Henk en Ingrid te moeten vertolken? Vroeg of laat zullen Henk en Ingrid er wel achter komen, ik vrees toch laat. Maar het is niet alleen de PVV natuurlijk. Die partij bestaat ook alleen maar door heel goedkoop islamietje pesten en bij de gratie van onvoldoende politieke volwassenheid bij de andere partijen.

Zou Mark Rutte zichzelf nog serieus nemen met zijn ingestudeerde gesticulatie en verwrongen glimlach? ‘Ik ben premier, dankzij de PVV, hieperdepiep!’ Zouden de oude machtspolitieke wellustelingen van het CDA zich prettig voelen dat ze alleen nog maar mogen regeren door te kruipen voor het gedachtengoed van de PVV?

We krijgen natuurlijk de regering die we zelf verdienen, want je hoort mij niet zeggen ‘of je nu door de hond of de kat gebeten wordt, het zijn allemaal zakkenvullers.’ Integendeel, we zijn geen haar beter als ‘het gewone volk.’ We schreeuwen maar wat, zijn onbehouwen en we hebben in de zorg, onderwijs, politie en of welke publieke sector dan ook een bureaucratie weten te scheppen die zijn weerga niet kent. De helft van de mensen werkt er om de andere helft aan het werk te zetten, houden of te ondersteunen en dat moet dan ook nog weer massaal gecontroleerd worden. Passie en mededogen sijpelt langzaam maar zeker uit deze belangrijke overheidstaken, met als gevolg dat we met zijn allen alleen maar ontevredener worden.

Het antwoord komt dan van links, oftewel door de rechtse Telegraafpropaganda uitgeroepen Linksche Kerk? Ik geloof er niets van. GroenLinks onder Jolande Sap grijpt de eerste de beste aanleiding om de rol van ‘vijfde colonne op zich te nemen’, de PvdA lukt het al jaren niet om het neo-liberale gedachtengoed dat ze stiekem hebben omarmt van zich af te schudden en de SP bestaat alleen maar op basis van de onmacht van de sociaaldemocraten. En de rest? Een paar christelijke splinters en god beter het, een heuse dierenpartij om de doorgedraaide decadentie van onze westerse maatschappij nog maar eens te onderstrepen. En met bovenstaande opsomming mag D66 amper een redelijk alternatief heten.

Het zou toch mooi zijn als iedereen weer normaal doet. De liberalen gaan staan voor individuele vrijheden voor iedereen, de christelijke partijen moeten vooral de 10 geboden eens tot zich nemen en ter linkerzijde maakt een combinatie van deze twee uitgangspunten, noem dat dan maar sociaal-democratie. Dat zou mooi zijn. Ik moest er gisteren aan denken toen ik die slecht geregisseerde ‘Drei groschen Oper’ voorbij zag komen. Het liefst zou ik dan maar heel snel weggaan, in de hoop dat mijn azijnpisserij zal stoppen, want dat is zo slecht voor je gemoedsrust. Het nadeel van vluchten is dat je jezelf altijd meeneemt. Maar als je niet van opera houdt, dan is de dagelijkse portie vaderlands volkstoneel echt afzien. Voorlopig zal ik het nog wel volhouden en steek mijn kop maar in het zand, maar het moet niet gekker worden, dan vlieg ik erop uit.

One Day I’ll FLy Away

I make it alone
When love is gone
Still you made your mark
Here in my heart

One day I’ll fly away
Leave your love to yesterday
What more can your love do for me
When will love be through with me

I follow the night
Can’t stand the light
When will I begin
My life again

One Day I’ll fly away
Leave your love to yesterday
What more can your love do for me
When will love be through with me
Why live life from dream to dream
And dread the day that dreaming ends

One day I’ll fly away leave your love to yesterday
What more can your love do for me
When will love be through with me
Why live life from dream to dream
And dread the day that dreaming ends

One day i’ll fly away, fly away, fly away (repeat to fade)

HEER, Gadverdamme

‘Heer, wat kan ik voor u doen’  Na het uitspreken van zo’n zin door  bijvoorbeeld een marktkoopman krijg ik acuut rode pukkeltjes op de meest onverwachte en ongewenste plaatsen. Het liefst loop ik weg met een arsenaal scheldwoorden achterlatend bij de marktkraam. En ik kan u verzekeren, het zijn geen lovende woorden die ik er dan uit zou willen kramen. De arrogantie die nergens op gebaseerd is bij zo’n gast stuit me tegen de borst. Zelfs als ik standaard in een krijtjespak loop van een gedateerde snit, een vlinderdas draag en een overjarige potloodventerjas, zelfs dan vind ik de verachting die het woordje Heer met zich meebrengt ongepast. En ik draag helemaal geen pakken en stropdassen. Ik durf zelfs te beweren, zonder mezelf tekort te doen, dat het etiket ‘middle of the road’ qua uitstraling goed bij me past. Noem me dan gewoon mijnheer of begin van mij part gewoon te ‘jij-en’ en te ‘jou-wen’. Ik wil geen ‘Heer’ horen, gadverdamme.

Ik weet niet of dit voor de mannen die dit lezen herkenbaar is of zoek ik er te veel achter? Het gebruik van het woord Heer heeft zoiets van een achterhaalde klassenstrijd, maar dan andersom. Ik besef me terdege dat in vroeger tijden ‘het plebs’ de pet diende af te doen als iemand van de gegoede klasse langskwam. In het meest gunstige geval kregen ze van de ‘Heer’ in kwestie in minzaam knikje. Niet meer van deze tijd, maar ook met ‘Heer’ op de markt te worden aangesproken heeft iets heel vileins. Deze ‘Heer’ hoort niet tot ons soort lijkt het uit te stralen. Deze ‘Heer’ ziet eruit nog nooit gewerkt te hebben. Deze ‘Heer’ is zo’n typisch geval die de fijne handel niet begrijpt of zelfs dwarsboomt. Deze ‘Heer’ heeft natuurlijk lekker uitgeslapen op zaterdagmorgen terwijl ons soort, de marktkoopmannen al lang uit de veren waren. Kortom, ‘Heer’ is van een minderwaardig ras en dat zullen we hem ook nog eens laten merken. Is net zoiets als ‘mevrouwtje’ voor vrouwen alleen dan weer anders.

Voor het gemak en de herkenbaarheid noem ik de marktkoopman, maar ook in garages of de wat kleinere ‘Doe het zelf’ zaken kan je deze uitsluiting ten deel vallen.

Na het benoemen van de onderdelen die bij de grote beurt noodzakelijk vervangen moesten worden, kijk je ietwat wazig. Je vertrouwt erop dat alles netjes en eerlijk is gegaan. In een overmoedige bui stel je nog een kleine vraag ter verduidelijking. Het korte exposé dat volgt is al de aanloop naar een denigrerende afscheidsbegroeting.

‘Heer, uw auto is weer helemaal pico bello.’

Ik ga dan bijna over mijn nek en hiervoor is zeker niet de veel te hoge rekening verantwoordelijk. Het gilde der ‘mannetjes’ voor de klussen thuis, op zich al een gadverdamme-term ‘mannetjes’, die kunnen er ook wat van als je niet uitkijkt. In één oogopslag hebben ze je linkerhanden op waarde geschat en het dedain is dan niet van de lucht. ‘Heer, als ik zou U zijn, dan heeft het zijn voorkeur om ook de hele ketel maar te vervangen.’

‘Nou voorlopig is de lucht uit de radiotoren voldoende, toch?’

‘Zoals ù, wenst Heer.’ Op een bastoon wordt ‘Heer’ er bijna uitgebraakt.

Als misdienaar herinner ik me de volgende zinsnede in de missen. ‘Heer, ik ben niet waardig dat Gij tot mij komt, maar spreek slechts één woord en ik zal gezond worden.’ Tegenwoordig kan ik erg onpasselijk worden bij het misbruik van het woord ‘Heer’ en ik ben dan nog niet eens lid van de Bond tegen Vloeken.  Integendeel. HEER, driewerf gadverdamme.

 

Gerechtigheid / Stieg Larsson deel 3

Het is al weken geleden dat ik in het grote ‘Stieg Larsson’ gat viel. Na bijna 1800 pagina’s te hebben gelezen in een recordtempo, de echte wereld buiten sluitend, je naasten net niet verwaarloosd en je ongecontroleerd laten meevoeren op de vibes van de Millenniumtrilogie, dat kan niet anders dan een leegte met zich meebrengen. De lust om mijn boekervaring over deel 3 ‘Gerechtigheid’ met u te delen, was even niet aanwezig. Echter de druk om mijn blogtuintje te optimaliseren met de afronding van de trilogie, ook op het blog, won het uiteindelijk toch.

Stieg Larsson

 Gerechtigheid

 Millenniumtrilogie (3)

 uitgeverij Signatuur Utrecht 2008

 Na twee goede ervaringen, viel het me een beetje tegen dat het begin van deel 3 trager op gang kwam dan ik verwacht had. De lezer wordt langzaam maar zeker in het ‘Old boys network’ van de Zweedse spionage en contraspionage gebracht. De uiterst ingewikkelde onderlinge connecties en de ratio achter allerlei spionagezaken kostten enige moeite te begrijpen. Dat laatste heeft vooral ook te maken met mijn ongeduld dat het verhaal van Lisbeth en Mikael Blomkvist verder moest. Want er komt gerechtigheid beloofde de titel van dit boek. Als de verwevenheid van het oude mannenbolwerk met de persoon van Lisbeth Salander gaat blijken en ook de media via Millennium en andere landelijke bladen een geheel eigen dynamiek gaan krijgen in het verhaal, dan is het weer ouderwets smullen.

In het laatste deel komen echt alle ingrediënten die een misdaadroman en/of psychologische thriller moet hebben bij elkaar. Naast psychologische spelletjes en scherpslijperij zijn de gebeurtenissen rondom de hoofdpersonen soms knalhard en onmenselijk. De wereld van politiek, business en media worden met minutieuze precisie geweven rondom Lisbeth Salander en Mikael Blomkvist. Het blijft heel lang spannend wie de goede en de slechte rollen uiteindelijk gaan innemen. En als je in Scandinavische landen aan misdaad denkt, speelt in mijn gedachten de wereld van de motorbendes een prominente rol en ook die krijgen een zeer belangrijke rol in het boek. In mijn optiek zorgt het optreden van brute Vikingmannen op motoren voornamelijk een rol om de gebeurtenissen weer op een Aards niveau krijgen. Met die kanttekening dan dat de hardheid van hun optreden en het gebrek aan geweten je heel goed doet beseffen met keiharde onderwereldfiguren van doen te hebben.

Omdat de hoeveelheid personages en de verbintenissen met de twee eerdere boeken van dien aard zijn, is het voor mij een onmogelijke opgave om ook maar een poging te doen om in de buurt van een samenvatting te komen. Zoals ik in eerdere delen al heb gepropageerd, gewoon lezen. Ook diegene die niet van misdaadromans en thrillers houden en vooral de mensen die de neiging hebben om met een dedain allerlei hypes te omzeilen. Lees vooral.

 Lisbeth Salander & Mikael Blomkvist in de film

 Mevrouw Sprakeloos is met een vertraging van twee weken ook aan de slag gegaan met de boeken en raakte, ondanks een eerdere mislukte poging, in de ban van de Millenniumtrilogie. Vorige week, toen zij deel drie ook uit had, hebben we in de plaatselijke videotheek deel 1 op DVD gezien. Tja, en wat moet ik daar dan over zeggen. In eerste instantie was ik verheugd dat het Zweedse karakter goed is neergezet en dat de casting van de hoofdpersonen geweldig goed is gedaan. Er is specifiek niet gezocht naar mooie en onechte mensen, maar de menselijke maat is maatstafgevend geweest. In die zin, want volgens mij lenen de boeken zich voor Hollywoodachtige films, viel de film me erg mee. Maar met de boeken in het achterhoofd, vond ik filmdeel 1 te fragmentarisch. Als vers lezer van “Mannen die vrouwen haten” kon ik me niet aan de indruk onttrekken dat het een film van niets zou zijn geweest als je het boek niet had gelezen. De herkenbaarheid vanuit je eigen geheugen maakte voor mij het kijken de moeite waard. Voor mij is daarmee dan ook alles gezegd.

Voor deel 2 en 3 ga ik dus zeker niet naar de bioscoop

Ten aanzien van het boek ook nu weer een hoge waardering, maar omdat het begin moeilijk op gang kwam, een half puntje minder, dus een 8.

deel 1. Mannen die vrouwen haten

zie ook deel 2 

De vrouw die met vuur speelde / Stieg Larsson deel 2

Als de wereld om je heen verandert in een groot wespennest, niet alleen op het grote politieke front en de hoge heren, maar ook in je eigen omgeving; Als er alleen nog maar goed en kwaad is en alle grijstinten verdwijnen en waarbij het goede ver in de minderheid is; Als je achter iedere ruzie in je omgeving schaamteloze machtsspelletjes bevroed en als je je dan ook nog helemaal kunt identificeren met de hoofdpersoon in het verhaal, dan……..dan kun je stellen dat je een heel knap boek aan het lezen bent.

Ondanks het ziekbed, dat buiten vele nadelen, het voordeel oplevert dat je voor zover je fysieke ongerief het toelaat, veel kunt lezen. Het volgende deel van Stieg Larsson dus.

Stieg Larsson

De vrouw die met vuur speelde

Deel 2 van de Millennium Trilogie

Uitgeverij Signatuur Utrecht 2007

12e druk (februari 2010)

Deel twee van Stieg Larssons’ trilogie is qua spanning een evenaring van het eerste boek en op zichzelf is dat al een verdienste van ongekende klasse. In het begin van ‘De vrouw die met vuur speelde’ – wel een typische niet literaire titel die ik vind passen bij het genre van de misdaadroman – lijkt een geheel nieuwe episode te zijn aangebroken in de reeks. De hoofdpersoon, Lisbeth Salander, heeft haar draai gevonden in het leven na het avontuur met Mikael Blomkwist, journalist bij het maandblad Millennium. Ondanks de intensieve samenwerking tussen de twee en een kortstondige liefdesrelatie, is er van enig contact en communicatie (aanvankelijk) geen sprake meer. Integendeel, het wezen van Lisbeth, waarbij de verdenking van het syndroom van Asperger in het verhaal al wordt geopperd, staat geen gevoelens meer toe naar de veertiger Blomkwist. Zij slaat deze deur dicht en is daarin ook heel rigide, totdat de omstandigheden haar dwingen toch op haar wijze het contact weer aan te gaan.

Zoals gezegd, aanvankelijk lijkt een nieuwe episode te zijn aangebroken voor Lisbeth, maar ook voor de loop van het verhaal. Echter langzaam maar zeker komen de oude belevenissen terug in het tweede deel. Personen die in deel een nog een bijrol speelde, worden belangrijker en hoofdrolspelers krijgen bij ‘De vrouw die met vuur speelde’ voorlopig een passende bijrol.

In mijn boekervaring over ‘Mannen die vrouwen haten’ plaatste ik een kanttekening dat de titel suggereerde dat het bekende ‘Huiselijk Geweld’ een belangrijk thema vormde in het verhaal. Mijn idee was dat er eerder sprake was van een gestoorde en psychiatrische achtergrond van de daders die zich verlustigden op vrouwen en hen vervolgens vermoorden. In het tweede deel krijgt het moorden van vrouwen een grotere en internationalere dimensie. De georganiseerde misdaad, met name door het openen van de grenzen met het voormalige Oost-Europa, geeft de handel in vrouwen een grote vlucht. Buiten het leed dat dit betekent voor de vaak nog jonge slachtoffers uit met name de Baltische Staten, is er blijkbaar een grote vraag vanuit de Zweedse samenleving naar ‘onschuldig jong vrouwenvlees’.

Mikael Blomkvist komt in contact met een journalist en een promovenda die de vrouwenhandel ieder op hun eigen wijze aan de kaart willen stellen. Vooral ook de ‘afnemers’ van jonge Baltische vrouwen zullen in een van de volgende nummers van Millennium geopenbaard worden. Hooggeplaatste politici, journalisten en wetenschappers zullen aan de schandpaal genageld worden, een scoop voor het blad van Blomkvist is verzekerd, ware het niet dat nieuwe moorden het plaatsen van het ‘hete’ nieuws ernstig bemoeilijkt.

Als dan ook nog blijkt dat er een connectie is tussen de moorden en het psychische leed dat Lisbeth in haar jeugd is aangedaan, is de link tussen de hoofdrolspelers uit het eerste deel gelegd, zeker als Lisbeth in eerste instantie verdacht wordt van de moorden.

Ook dit deel is een reclame-uithangbord voor het volgende deel waarin de titel de afloop al een beetje verraadt. In ‘Gerechtigheid’  verwacht ik als lezer dat alles goed gaat komen. Ik verwacht ook dat de complexiteit verder zal toenemen, omdat de hint dat de veiligheidsdienst in Zweden betrokken is bij alle verwikkelingen rondom Lisbeth Salander, overduidelijk aanwezig zijn.

Voor degene die ‘into Stieg Larsson’ zijn heb ik nog een vraagje. Ligt het aan mij, maar de ‘ontsnapping’ van Lisbeth, helemaal op het einde van het boek, komt mij een beetje te onwerkelijk over. Het kan ook zijn dat ik nog niet helemaal gewend ben aan het genre misdaadroman. Het laat onverlet dat bij plaatsing van dit blog, ik al begonnen ben in deel 3.

Evenals het eerste deel, vind ik dit boek ongeëvenaard spannend en van gelijke kwaliteit, dus ook een 8,5

deel 1. Mannen die vrouwen haten

zie ook deel 3

Mannen die vrouwen haten / Stieg Larsson deel 1

Je moet vrouwen niet haten, dat is nergens goed voor. Vandaag werd dat maar weer eens bewezen. Toen ik voorvoelde dat het einde van het eerste deel van de Millenium trilogie van Stieg Larsson naderde, raakte ik al in paniek. Ik moest en zou deel 2 hebben en voor de zekerheid ook deel 3. En graag voordat de winkels hun deuren sloten.

 

Stieg Larsson

Ik rukte me los uit het ongemeen spannende verhaal en belde mevrouw Sprakeloos die aan het shopboodschappen was. Een combinatie van het nuttige en het aangename, dat wil zeggen de noodzakelijke boodschappen en het irrationele vrouwenshoppen. En zo blijkt maar weer dat vrouwen meerdere dingen tegelijk kunnen doen. Bovendien werd ze verzocht door mij of ze en passant deel 2 en 3 ook wilde kopen, shoppen dus voor Sprakeloos deze keer.

Geen probleem uiteraard en zo zie je maar dat je vrouwen niet moet haten, dat is nergens goed voor.

Het feit de zekerheid te willen hebben om Stieg Larssons’ deel 2 en 3 ook in mijn bezit te hebben, zou eigenlijk voldoende moeten zijn voor het openbaren van mijn boekervaring en dus het einde van dit blog. Hoeveel reclame heb je nodig en hoeveel nutteloze woorden moet je gebruiken om te zeggen dat ik het boek ‘Mannen die vrouwen haten’ van Stieg Larsson een geweldige ervaring vond.

Nu ik het boek uit heb, zit ik me af te vragen waarom het zolang heeft kunnen duren voordat ik het boek ter hand heb genomen. De hausse is volledig langs me heen gegaan, ik zou niet eens weten wanneer de hype is begonnen. De eerste druk was van oktober 2008 en ik heb een uitgave van augustus 2009. In eerste instantie heb ik mijn exemplaar cadeau willen doen aan een collega. Ik had namelijk de indruk op basis van de kaft en mijn vooroordelen dat het een trendy vrouwenboek was. Enige dagen later kreeg ik het terug met de mededeling dat haar partner diezelfde avond ook dit boek aan haar had gegeven. Nog weken heb ik het in mijn werktas gehad. Toen eiste mijn vrouw het boek op, maar was na enkele bladzijden niet meer geïnteresseerd. En dat is nooit goede reclame.

Van anderen hoorde ik dat je er even doorheen moest komen door de hoeveelheid namen, maar dat het dan wel spannend was. Onlangs griste ik een paar boeken uit de boekenkast voor een weekendje weg. Nog even een bladzijde lezen voor het slapen, waren voldoende om helemaal gepakt te worden.

Ik besef nu dat er ook films zijn en dat de auteur vlak voor de lancering van de trilogie in Zweden, is gestorven. Ook gaan er geruchten dat hij het boek niet zelf heeft geschreven, maar zijn vriendin. Wat ook de achtergronden moge zijn, het is een geweldig spannend boek dat is weggezet als een misdaadroman. En ik houd eigenlijk helemaal niet van misdaadromans.

Stieg Larsson

Mannen die vrouwen haten

Uitgeverij Signatuur 2009 (12e druk)

Waarom dit boek wel? Zijn het de hoofdpersonen, een vriendelijke vasthoudende middle-class onderzoeksjournalist en een instabiele anarchistische vrouw met een ogenschijnlijk gebrek aan empathisch vermogen, maar een zeer rechtlijnige kijk op de wereld en bovenal zeer intelligent? Is het mijn verbazing over de oneindige onderzoeksmogelijkheden van het internet? Of worden mijn onderbuikgevoelens gekieteld wanneer je doorkrijgt dat er pogingen gedaan worden om de vermenging van maffia en grootkapitaal aan de kaak te stellen?

Ik denk dat het een combinatie is tegen de achtergrond van ook een gezellig en kneuterig Zweden uit de jaren zestig en nu, middels de familie intriges van de familie Vanger die een industrieel familiebedrijf runnen dat al ver over het hoogtepunt heen is.

Tijdens het lezen heb ik lang geworsteld met de titel ‘Mannen die vrouwen haten’ en de onderschriften bij het begin van de seperate hoofdstukken waarin de lezer attent gemaakt wordt op de feitelijke gewelderupties waaraan vrouwen blootgesteld worden in de Zweedse maatschappij, die waarschijnlijk ook model staan voor de Nederlandse maatschappij. Door dit aanhangig te maken werd ik als lezer in eerste instantie erg op het verkeerde been gezet. Bij geweld tegen vrouwen denk ik in eerste instantie aan “Huiselijk Geweld” zoals dat nu een hot item is. Beseffend dat huiselijk geweld kan variëren van een eenmalige eruptie tot systematisch misbruik en (sexuele) vernedering, zijn de verwikkelingen bij Stieg Larsson soms bij het krankzinnige af. In het boek van Larsson is dat soms zeer plastisch beschreven, waarbij een religieuze achtergrond wordt opgevoerd. Omdat juist het onderzoek naar de verdwijning van een zestienjarig meisje van de genoemde Vanger dynastie centraal blijft staan, ontaard het boek nooit in een walgelijk satanisch document voor sadisten. Voor mij dus een goede reden om vanavond deel 2 te beginnen.

Boeken vergelijken en cijfers geven is moeilijk, maar de mate waarin het boek een zuigende werking heeft op de rest van het sociale leven is wel heel belangrijk, dus op een schaal van 1 tot 10 wordt het eerste deel van Stieg Larson een 8,5

zie ook deel 2 

zie ook deel 3

Wij Nederland, de pers en Alphen aan de Rijn

Zijn er protocollen bij een ramp voor de politie, brandweer en andere hulpverleners. Ja, ik denk het wel. Maar iedere ramp wijkt af van de bestaande kennis bij de hulpdiensten die ineens aan het werk moeten. Vandaag in Alphen aan de Rijn zullen zij ieder voor zich ontzettend hard gewerkt hebben. Achteraf, na dat ze hun werk hebben gedaan en hun eigen emotie hebben verwerkt, zullen protocollen worden geëvalueerd. Verbeteringen zullen aangebracht voor een volgende keer, waarvan iedereen hoopt dat die nooit zal komen.

Maar zijn er protocollen voor de nieuwsgaring en verslaggeving van professionals en de inmiddels honderdduizenden amateurs via de sociale media? Ongetwijfeld zullen er codes zijn voor journalisten, al liggen die niet meer zo vast als pakweg twintig jaar geleden. De wensen van het publiek zijn veeleisend. Het moet sneller en het liefst live de huiskamer in komen. En is het niet goed, dan doen we het zelf wel via de sociale media. Om de publieke snelheid bij te kunnen benen, lijken de protocollen en journalistieke zuiverheid ook op een helling te staan. Ook de serieuze journaals hebben hun mannetjes en vrouwtjes bij de ramp en moeten draaien om een verhaal maken. Wij eisen het gewoon, of niet?

Te beginnen met mezelf om even voor enen zat ik er lustig op los te twitteren en bezig met andere sociale media home-events, toen in mijn timeline het eerste bericht van, wie anders, Alexander Klöpping voorbij kwam. De zichzelf tot gadgetnerd uitgeroepen vlotte prater van De Wereld Draait Door was er uiteraard snel bij. Meteen zoekend naar nieuws dacht ik in een opwelling mee te moeten doen aan de moderne tamtam van nieuws, nieuwtjes, feiten, verdraaide feiten, meningen en meninkjes, allemaal over Alphen aan de Rijn. Ik heb het niet gedaan om de doodeenvoudige reden dat ik het een beetje gênant vond om mijn Twitterrelaties op de hoogte te brengen van iets dat ze zelf al hebben waargenomen. En wat moeten we dan, met zijn allen ‘och’ en ‘wee’ gaan zitten twitteren. Voor achten zag ik via een tweet via de Volkskrant dat er tot een tweetstilte is omgeroepen rond de klok van achten.

De hele middag heb ik het nieuws gevolgd en tijdens het koken hoorde ik dat er een terrorismedeskundige is opgeroepen, waarbij door de journalisten gesuggereerd werd dat de politie pas na twintig minuten op de plek zou zijn geweest. Is dit het moment om dat soort vragen te stellen? Worden er nu al schuldigen gezocht? Er is namelijk maar een hoofddader en dat is de 24 jarige schutter Tristan van der V. Er wordt dus nieuws gezocht of gemaakt door de zogenaamde professionals. Gelukkig gaf een van de omstanders aan dat het heel snel volliep met allerhande hulpdiensten.

Via het doorlopende journaal op internet zie ik een hijgerige correspondent, ene Jeroen, de wanhoop en vragen van het Alphense winkelpubliek herhalen, dat ze antwoord op hun vragen willen hebben. Ik begrijp de ontreddering van de Alphenaren heel goed en dat ze legio vragen hebben is niet meer dan normaal. Ik heb die vragen ook, met name de vraag wie is deze man, wat bezielt de schutter? Een huilende vrouw zegt heel terecht: ‘Je moet mensen dan ook wel heel erg haten.’ Maar een journalist moet in zijn verslag niet de suggestie wekken dat de antwoorden al klaar liggen, maar dat de autoriteiten dingen achterwege laten. Nee, ‘mijnheertje ik ben nog niet droog achter de oren’, de antwoorden zijn er nog niet en ik heb het volste vertrouwen dat het crisisteam, de hulpdiensten en politie hun stinkende best doen om alles op alles te zetten het werk naar eer en geweten af te ronden. Dan past het niet om de wanhopige kreten en vragen van de slachtoffers te vertalen in boosheid naar de autoriteiten. Misselijkmakende suggesties zijn dat van officiële publieke media die ten onrechte de overheidsdiensten bezoedelen.

En dan het gerucht dat de moeder van de dader onder de slachtoffers zou zitten, waarom moet dat rond geroeptoeterd worden, terwijl het nog niet is gecheckt. Het lijken wel hyperige twitteraars.

Een code voor de pers, of ook een code voor de Nederlandse nieuwsconsument? We zitten elkaar een beetje gek te maken. We eisen van alles van de overheid, de hulpdiensten en de media lijkt dat vooral te willen bevestigen, want nieuws is koopwaar en wat de consument wil horen, dat wordt dan maar gesuggereerd.

Voor mij zijn er een zee van vragen voor een nette journalistieke benadering en een oceaan van vragen over de motieven van de dader. Maar laten we toch niet met zijn allen op de voorste rij van een intens drama te willen zitten en laat de ruimte voor het oneindige verdriet dat is aangedaan.